Liefde voor lezen
De zaterdagcolumn van Felix Rottenberg uit de papieren editie van het Parool verschijnt iedere zondag, maandag of dinsdag op Sargasso.
De razende literaire reporter van de Volkskrant, Michael Zeeman, schreef gisteren een meesterlijk artikel over de journalist David Remnick, hoofdredacteur van de The New Yorker. Dit blad is één van de beste magazines ter wereld en met een oplage van één miljoen exemplaren kan het zich permitteren alle modieuze journalistieke mores te negeren.
Nergens lees je zulke indringende en uitvoerige analyses over politiek en macht, een aantrekkelijke combinatie van essayistiek, reportages en interviews. Alleen vraagt het geduld en zitvlees van de lezer. Het liefst koop ik ’s ochtends de nieuwe New Yorker, neem dan de trein naar Brussel zodat ik drie uur ongestoord de belangrijkste stukken kan lezen, eet mosselen bij het simpele maar befaamde Au Vieux Bruxelles, bezoek de tweedehands boekwinkels en neem ’s avonds de laatste trein terug om de New Yorker helemaal uit te spellen. Heerlijk!
Zeeman zocht Remnick op, omdat deze week de Nederlandse vertaling van zijn verzamelde artikelen is verschenen (Reporter, uitgeverij De Bezige Bij). Al mijn favoriete stukken staan erin, met als hoogtepunt het artikel over de laatste campagne van Tony Blair.
Als een radioloog gaat Remnick te werk, hij laat zien hoe Blair langzaam door zijn voorgekookte en routinematige manier van optreden een politieke robot wordt. Want partijen beschouwen zich tegenwoordig als ‘brands’, merken en leiders zijn als popsterren, idolen die verkocht moeten worden. Politieke strijd, zeker in campagnestrijd, wordt in toenemende mate gedomineerd door commerciële rituelen. De effecten daarvan zijn zeer schadelijk, vooral omdat morele regels vervagen.
Zonder hooghartigheid of cultuurpessimisme vertelt Remnick aan Zeeman hoe de wijze waarop mensen lezen is veranderd. “De afleiding en de verleiding zijn nu ontegenzeggelijk anders.(..) En dan is de stap naar het raadselachtige, indringende van een boek er één die het aflegt tegen de luiheid.”
Dit is dus precies waar alle leraren elke dag mee te maken hebben. Het is één van de belangrijkste redenen waarom het onderwijs verschraalt. De klassieke manier van kennis overdragen is niet opgewassen tegen de dominantie van de mediacultuur, die het gedrag van alle burgers aantast. Dus worden de onderwijssystemen voortdurend aangepast met leerhuizen, nieuwe lespakketten en zelfsturende studieprogramma’s.
In Frankrijk leidde het een paar jaar geleden tot een opstand van scholieren en het aftreden van een onderwijsminister. In Nederland wankelde Karin Adelmund als staatssecretaris van Onderwijs in 1999 omdat het studiehuis grote onvrede teweegbracht: docenten hadden geen lesuren meer over om grammatica te onderwijzen.
Nu is opnieuw, voor de zoveelste keer, een onderwijscrisis uitgeroepen. Toen de Volkskrant dinsdag voor een parlementair onderzoek pleitte, werd dat idee als de sodemieter door de PvdA overgenomen. Ik hoopte nog even dat de nieuwe Kamervoorzitter, Gerdi Verbeet, zou ingrijpen. Zij komt uit het onderwijs en weet als geen ander dat een parlementair onderzoek de onderwijzers en leraren nu niet van dienst zal zijn.
Die zeggen allemaal in koor: “Laat ons met rust, geef ons goede gebouwen om daarin samen te werken met maatschappelijk werkers, psychologen, hulpverleners en klassenassistenten, zodat wij de tijd hebben om bij leerlingen liefde voor het lezen aan te kweken.” Ze hebben helemaal gelijk!
Felix Rottenberg
Columnist Het Parool en associate-redacteur VPRO Tegenlicht.

