Waarom Rutte de natiestaat als lichaam presenteert

door Levi van Veurs (Redacteur Kosmos Uitgevers) “Nederland is nu een patiënt. En die patiënt moet behandeld worden,” zei premier Rutte afgelopen 12 maart tijdens een persconferentie over de maatregelen tegen het coronavirus. Rutte haakt daarmee in op een metafoor die in ons cultureel geheugen gegrift staat en ons denken beïnvloedt, namelijk: de figuurlijke relatie tussen natiestaat en lichaam. Deze metafoor baant een weg voor politieke besluiten. Hoe dient ze Ruttes agenda? Als je het ene zegt, maar het andere bedoelt Als je ooit Il Postino (1995) over Pablo Neruda hebt gezien, kun je je waarschijnlijk het glunderende gezicht van Massimo herinneren als bij hem het kwartje valt na Neruda’s uitleg van het begrip ‘metafoor’: “Een metafoor, dat is als je het ene zegt, maar het andere bedoelt.” Een talig trucje dus. Leuk voor een dichter, maar geen directe aanduiding van de dingen zelf. Waarom zegt Rutte niet gewoon waar het op staat?

Door: Foto: © NOS schermafbeelding persconferentie 12 maart 2020
Foto: brett jordan (cc)

Oude bekende

COLUMN - Al twee maanden was ik zo moe dat ik vrijwel elke dag een middag- of avonddut nodig had en niet langer dan drie minuten op mijn benen kon staan. Het vrat aan me. Had ik nu alwéér iets, na de MS, de hersenbloeding en de borstkanker? Na weer zo’n dag dat ik bijzonder wankel was geweest, belde ik de huisarts voor een algehele check-up. Daarna dook ik voor de zoveelste keer met een boek in bed.

Ik wilde niet opnieuw ziek zijn. In stilte nam ik me voor: als het wéér kanker is, laat ik me ditmaal niet behandelen. Er zijn immers grenzen.

Onderwijl speelde iemand plukbas op een spier diep in mijn middenrif, een paar uur achter elkaar. Die spier had duidelijk de hik: kramp, loslaten; kramp, loslaten. Poek… poek… poek…

Ineens ging me een licht op. Verhip – dat kénde ik. En had ik de laatste weken niet al een paar keer gemerkt dat ik mijn ogen ineens totaal niet kon focussen? En waarom brandden mijn voeten en enkels de laatste tijd zo?

Verdomd. Het was de MS, ik had een nieuwe aanval – de eerste sinds 2001. Toen ik er eenmaal op ging letten, wist ik het zeker. Slappe benen. Spieren die hun spanning niet konden vasthouden en na tien seconden overgingen in gehakkel. Een knie die bij het minste of geringste knikte. Te makkelijk mijn evenwicht verliezen. Een voorvoet die ineens op de grond klapte in plaats van zich netjes af te wikkelen. Idioot veel moeite hebben om overeind te komen. Armen die elk gewicht al teveel vinden, en dan ijverig gaan bibberen.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: @Doug88888 (cc)

Wees gegroet

COLUMN - Gezond zijn we hooguit tijdelijk; sommigen zijn het zelfs nooit geweest.

Ooit heb ik geprobeerd uit te rekenen welk percentage van de bevolking met een chronische ziekte of handicap leeft. Al kun je het aantal mensen met diabetes, astma, reuma, aids of vaat- en hartziektes niet simpelweg optellen bij de aantallen mensen die blind, doof, verlamd, spastisch, autistisch, dementerend of manisch-depressief zijn (nogal wat mensen hebben meerdere kwalen): je komt tot schrikbarende cijfers. Zowat de helft van de bevolking heeft serieuze fysieke problemen. En wie nu niks heeft, komt later geheid aan de beurt.

De montere kant van die morbide cijfers is dat we er kennelijk vrij goed in slagen om, mét al onze lichamelijke makke, een redelijk leven op te bouwen, Met soms wat extra moeite slagen de meesten erin gewoon te werken, lief te hebben, te reizen, sporten, reizen en uit te gaan. Aan veel mensen zie je van buitenaf niet eens dat ze iets hebben.

In de publieke sfeer valt ziekte daardoor buiten het zicht. We hebben een blinde vlek voor lek & gebrek. Dat – plus de enorme aandacht die er is voor behandeling, herstel en gezond leven in het algemeen – maakt het soms verrotte lastig om uit te zoeken hoe je dat nu eigenlijk doet: fatsoenlijk verder leven met een serieuze, blijvende ziekte of beperking.

Foto: Techniker Krankenkasse (cc)

Werk kan psychisch zieke werknemer beter maken

ACHTERGROND - Hoe help je mensen met overspannenheid of een psychisch probleem (weer) aan het werk? Er valt veel winst te behalen als er beter wordt afgestemd tussen professionals, en: we moeten af van het idee dat werk belastend is voor de psychisch zieke werknemer.

Ziekteverzuim door psychische problemen als overspanning, angst, depressie, en burnout is een serieus probleem in Nederland. Het komt veel voor, eenderde van het langdurige verzuim is het gevolg van psychische problematiek, en het kost de samenleving jaarlijks 2,7 miljard euro. Behalve kostbaar is het ook heel vervelend voor alle betrokkenen. Voor werkgevers die een zieke werknemer moeten vervangen. Voor collega’s die moeten zorgen dat op het werk alles gewoon doorgaat. En vooral ook voor de werknemer zelf, met wie het niet goed gaat, en die kans loopt om zijn werk te verliezen.

Bij overspanning, wat vermoedelijk de lichtste psychische aandoening is, blijven werknemers doorgaans langer dan 100 dagen thuis. Ongeveer 20 procent van hen is na een jaar nog niet hersteld. Vooral hun toekomst ziet er somber uit, want wie niet binnen zes maanden weer aan de slag gaat, heeft een grote kans zijn baan te verliezen. En dat heeft verstrekkende gevolgen. Het betekent namelijk ook het verlies van alle goede dingen die werk met zich meebrengen zoals dagstructuur, inkomen, groei en ontwikkeling, sociale contacten, afleiding, status en identiteit. Kortom, ziekteverzuim door psychische oorzaken is een serieus probleem voor iedereen. Daarom is het wonderlijk dat er niet al veel meer onderzoek is gedaan naar hoe we mensen met psychische problemen zo snel mogelijk weer aan het werk kunnen krijgen. En dat werkwijzen waarvan we weten dat ze werken nog zo weinig gebruikt worden in de praktijk.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Anas Qtiesh (cc)

Tijd

COLUMN - Wie leeft met een chronische ziekte, moet zichzelf eindeloos aanpassen. Het goede nieuws? Mensen zijn daar keien in.

Wat een chronische ziekte lastig maakt, is niet zozeer dat-ie nooit meer over gaat en je er dus je verdere leven mee blijft kampen. Ons vermogen om aan omstandigheden te wennen is immers groot, ook als het om akelige dingen zoals een handicap gaat. Wanneer je maar lang genoeg slechtziend of belazerd ter been bent, verzin je in de loop der tijd een slim arsenaal aan trucs om toch (bijna) weer te kunnen doen wat eigenlijk niet goed meer gaat.

Binnen een paar jaar vind je je eigen, inmiddels langzamere, looptempo volkomen normaal. Je herinnert je nog amper dat je vroeger werkelijk kon rennen, laat staan hoe dat nou voelde. Dravend over de straat vlieden of een spurtje trekken om de trein of bus te halen, komt je ineens buitenissig voor. Knap dat anderen dat kunnen, heel handig ook, maar voor jou is het iets abnormaals geworden. Je kunt je eigenlijk niet goed meer voorstellen dat je ooit anders liep dan je nu doet.

Dus ja, handicaps wennen, al kost dat soms verduveld veel tijd en moeite.

Foto: Eric Heupel (cc)

ADHD: valse epidemie of reële misère

Een gastbijdrage van Studium Generale Utrecht, geschreven door Rick Berends naar aanleiding van een lezing van Timo Bolt die hier te zien is.

adhdIn iets meer dan vijftien jaar is het aantal diagnoses ADHD (Attention Deficit Hyperactivity Disorder) meer dan verhonderdvoudigd. Van 1275 diagnoses in Nederland in 1992 tot 139.000 diagnoses in 2008. Is er sprake van een ware epidemie? Of zijn we doorgedraaid in het vaststellen van ADHD? Timo Bolt MA (Julius Centrum UMC) kwam met vier mogelijke verklaringen voor de toename.

Sommigen mensen zien ADHD als modeverschijnsel. ‘Nee’ zeggen anderen, ‘het ligt aan de moderne tijd waarin kinderen teveel achter de computer zitten.’ Optimistischer zijn mensen die de medische vooruitgang als verklaring zien. Er zijn niet meer kinderen met ADHD, medici kunnen de ziekte alleen beter diagnosticeren. Ook dat is het niet volgens de vierde groep, er vindt medicalisering plaats van afwijkend (anders dan ‘normaal’) gedrag, zeggen zij. De medische sector overstijgt haar eigen kunnen door complexe sociale problemen op te vatten als medisch mankement. Wie heeft er gelijk? Danken we de enorme toename aan een van deze vier ‘M’s’: mode, moderne tijd, medische vooruitgang of medicalisering?

Lezen: Mohammed, door Marcel Hulspas

Wie was Mohammed? Wat dreef hem? In deze vlot geschreven biografie beschrijft Marcel Hulspas de carrière van de de Profeet Mohammed. Hoe hij uitgroeide van een eenvoudige lokale ‘waarschuwer’ die de Mekkanen opriep om terug te keren tot het ware geloof, tot een man die zichzelf beschouwde als de nieuwste door God gezonden profeet, vergelijkbaar met Mozes, Jesaja en Jezus.

Mohammed moest Mekka verlaten maar slaagde erin een machtige stammencoalitie bijeen te brengen die, geïnspireerd door het geloof in de ene God (en zijn Profeet) westelijk Arabië veroverde. En na zijn dood stroomden de Arabische legers oost- en noordwaarts, en schiepen een nieuw wereldrijk.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.