Welkom in de sukkelstaat

Het was een ontnuchterend gesprek met het hoofd van het centrum Jeugdgezondheid bij het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Het ging over de commotie in de pers en de Tweede Kamer rondom de Basis Data Set. Die set is een standaardlijst met vragen die hulpverleners in het Elektronisch Kind Dossier (EKD) kunnen invoeren. De Tweede Kamer kwam er ineens achter dat die vragen toch wel erg persoonlijk waren. Hoe belangrijk is het om de observatie ‘donkere, gekrulde beharing rond basis penis’ heeft, of ‘haartjes licht, lang en ongekruld ’ 31 jaar in het EKD te bewaren? Het hoofd zei hierop: ,,Vanuit de jeugdgezondheidszorg hameren we erop dat het EKD niet anders is dan de huidige papieren dossiers. Het verschil is dat in een papieren dossier een hulpverlener observaties in eigen bewoordingen opschrijft. In het EKD hebben we een standaardlijst, de Basis Data Set, opgesteld en dus de zaken benoemd.’’ Een digitaal dossier is niets anders dan de huidige papieren dossiers. Ik had het minister Rouvoet ook al een paar keer horen verkondigen. Dat jan in de straat niet begrijpt dat digitalisering informatie losmaakt van zijn dragers en die informatie daarmee fundamenteel verandert, is nog te billijken. Maar van de verantwoordelijke voor het beheer van de Basis Data Set verwacht je toch meer. Dit sombere besef, de idee dat veel overheidsdiensten nog geen idee flauw benul hebben hoe hun praktijken onder invloed van de informatierevolutie zijn veranderd, is de rode draad in het actuele en zeer noodzakelijke rapport iOverheid van de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid (WRR).

Door: Foto: Sargasso achtergrond wereldbol
Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Laten we ons leiden door angst…of door beleidsevaluaties?

Deze bijdrage is van Bart de Koning, publicist en schrijver van het zojuist verschenen Operatie blauw: weg met de bureaucratie bij de Nederlandse politie en Alles onder controle.

politie autoToegegeven: je moet er een beetje een nerd voor zijn, maar het lezen van beleidsevaluaties kan héél leerzaam zijn. Achter een beresaaie titel kan een wereld van ellende schuilgaan. Neem bijvoorbeeld het Onderzoek samenwerkingsafspraken politie 2008, van de Inspectie Openbare Orde en Veiligheid.

Toen ik afgelopen zomer bezig was met onderzoek voor mijn boek over de politie Operatie blauw: weg met de bureaucratie bij de Nederlandse politie, zoemde het al rond in het politiewereldje: de Inspectie heeft een ver-nie-ti-g-end rapport geschreven over de automatisering bij de politie en op het ministerie zitten ze er enorm mee in hun maag. Hoewel het rapport al heel lang klaar was, verscheen het pas heel stilletjes op de site van de Inspectie rond het weekend van de verloren WK-finale. Die timing had het gewenste effect, want het rapport is tot nu toe buiten het politiewereldje bijna niet opgemerkt.

Wie het leest begrijpt waarom ze er op het ministerie zo mee in hun maag zaten.

Er staat met zoveel woorden in dat de grote computercrash -waardoor de politie in Noordoost-Nederland begin dit jaar dagenlang zonder computers zat- te wijten is aan mismanagement. De Inspectie stelt ook vast dat korpschefs bewust de invoering van landelijk werkende informatiesystemen bij de politie hebben gesaboteerd. Er is sprake van ‘omzeil- en vermijdingsgedrag’: ‘Dit tast de kwaliteit van de opsporing en de handhaving aan en heeft daardoor gevolgen voor de effectiviteit van het politiewerk.’ Dat zijn snoeiharde conclusies. Bij misdaad is het Haagse recept al jaren hetzelfde: meer geld, meer agenten en vooral méér bevoegdheden voor de politie. Het nieuwe kabinet zet die traditie dapper door en wil bijvoorbeeld preventief fouilleren en cameratoezicht uitbreiden- waar Dimitri Tokmetzis al terecht de vloer mee aanveegde.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

OLO @ WABO

Op Sargasso bieden we regelmatig ruimte voor gastbijdragen. Dit maal wederom een bijdrage van MB.

In het kader van het voortdurende streven naar deregulering en een transparantere overheid heeft de rijksoverheid besloten dat een aantal vergunningen wordt samengevoegd. Dit voornemen wordt verankerd in de Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht (Wabo) en het gaat hierbij om vergunningen die je moet aanvragen wanneer je iets op een bepaalde plaats wilt doen. Denk aan een bouwvergunning, monumentenvergunning, sloopvergunning, milieuvergunning, aanlegvergunning etc. Al deze vergunningen worden – voor de burger – samengevoegd tot één omgevingsvergunning.

De voordelen zouden zijn dat burgers en bedrijven minder last hebben van allerlei verschillende vergunningtrajecten, de procedures worden verkort en dat er geen tegenstrijdige voorschriften meer worden afgegeven. Een aanvrager krijgt dus te maken met één loket en één vergunning. Dat is op zich natuurlijk niet slecht. De bureaucratie is verdwenen, het leven gemakkelijker, de overheid betrouwbaarder en de kans op persoonlijk geluk weer wat vergroot.

Althans, zo zou het moeten gaan. Het probleem zit hem op het moment als zo vaak bij grootse plannen van het rijk weer in de ICT, in het geval van de WABO het OmgevingsLoket Online, kortweg OLO. Als onderdeel van de WABO moet het mogelijk worden een vergunning volledig digitaal aan te vragen en te verlenen. Weg met het papier is de gedachte. Ook daar kun je – in de meeste gevallen – maar moeilijk tegen zijn.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Pimp my EPD

Heeft u wel eens ‘De grote beurt‘ gezien? Dit is een auto-programma kloon van MTV’s ‘pimp my ride‘ waar oude auto’s een makeover krijgen om ze weer hip&cool te maken. Probleem bij al het opleuken dat in deze programma’s wordt gedaan is dat onder de nieuwe lak en glimmende velgen het een oude auto blijft die z’n beste tijd gehad heeft. Zo is het ook met het EPD.

Zo’n 10 jaar geleden werd onder leiding van Minister Els Borst het plan opgevat een nationaal elektronisch patiënten dossier te realiseren. Een dergelijk dossier zou medicatie- en andere fouten door informatieachterstand bij zorgverleners voorkomen en zo vele mensenlevens redden. Het waren tenslotte de jaren ’90 en er was niets dat IT niet leek te kunnen oplossen.

In 2002 werd stichting Nictiz opgericht. Deze, door het ministerie van VWS gefinancierde non-profit-zonder-macht, zou het nationaal EPD gaan realiseren. Al vrij snel werd besloten dat er geen echt nationaal EPD zou komen maar een soort zoekmachine die data uit alle systemen brokjes data over een specifieke patiënt trekt. Zo’n zoekmachine oplossing is veel complexer dan een centraal systeem. De beschikbaarheid en volledigheid van data is in een dergelijke architectuur niet afhankelijk van 1 systeem maar van alle aangesloten systemen die relevante data bevatten. En welke dat zijn weet niemand want als we dat wisten was het EPD op deze wijze niet nodig. Aangezien de informatie uit het EPD gebruikt wordt voor levensreddende handelingen moet het altijd real-time beschikbaar zijn en volledig correct. Een EPD waar cruciale data uit ontbreekt (omdat een deel-systeem even offline is of omdat de data in dat deel-systeem niet correct zou kunnen zijn) is onbruikbaar voor de trauma-arts die geen seconde meer kan wachten.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Lezen: De wereld vóór God, door Kees Alders

De wereld vóór God – Filosofie van de oudheid, geschreven door Kees Alders, op Sargasso beter bekend als Klokwerk, biedt een levendig en compleet overzicht van de filosofie van de oudheid, de filosofen van vóór het christendom. Geschikt voor de reeds gevorderde filosoof, maar ook zeker voor de ‘absolute beginner’.

In deze levendige en buitengewoon toegankelijke introductie in de filosofie ligt de nadruk op Griekse en Romeinse denkers. Bekende filosofen als Plato en Cicero passeren de revue, maar ook meer onbekende namen als Aristippos en Carneades komen uitgebreid aan bod.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

System Failure: Overheid en ICT

De ICT bij de belastingdienst verknalde zevenhonderdduizend aangiftes. Daarmee is de discussie over falende ICT bij de overheid gelijk weer voorpaginanieuws. En uiteraard klinkt dan de roep om snelle maatregelen. Echter, dit is iets dat niet met wat eenvoudige, vlotte ingrepen kan veranderen. Het eerste evaluatierapport van de rekenkamer kwam eind 2007 al met een aantal stevige conclusies (zie kader onderaan). Er ontbreken echter nog een paar zaken aan die extra duidelijk kunnen maken waarom het wel even duurt voor alles beter gaat.

De jaarlijkse begrotingscyclus
Vrijwel de gehele overheid werkt met begrotingen voor één jaar. En op alle niveaus wordt men gestuurd op het halen van deze begrotingen. Het exact uitgeven wat begroot was, is belangrijker dan het resultaat. Iedereen heeft wel eens de voorbeelden gehoord waarbij de overheid laat in het jaar plotseling nog wat zaken aanschaft omdat anders de begroting niet gehaald wordt. Enerzijds is men bang dat men anders het volgende jaar minder krijgt, anderzijds wil men niet zichtbaar hebben dat men slecht kan begroten.
Maar dit heeft op ICT project soms een funest effect. Veel ICT projecten lopen over meerdere jaren. Het is al lastig om in te schatten wat een project in zijn geheel gaat kosten. Het is net zo lastig om dan ook nog eens in te schatten wat een project in een specifiek jaar gaat kosten. Maar als de schatting gemaakt is, wordt er wel op gestuurd. Dit levert soms vreemde beslissingen op.
Projecten die hun jaarbudget niet opmaken bijvoorbeeld door een vertraging, krijgen dat stuk van het niet gebruikte budget in het daarop volgende jaar niet altijd terug. Uiteindelijk moeten ze het dus met minder doen of hard knokken voor “extra” geld.
Maar het kan ook als gevolg hebben dat een project aan het eind van het jaar tijdelijk wordt stilgelegd. Het geld voor dat jaar is op en de verantwoordelijk budgetambtenaar wil niet dat juist in zijn onderdeel er een tekort is. Het gevolg is echter wel dat projecten soms na twee maanden moeten doorstarten. Mensen die goed in het project zaten, zijn soms niet meer beschikbaar. En er gaat sowieso tijd en geld verloren met het weer op gang brengen van het geheel.
Het komt zelfs voor dat een project in zijn geheel niet de eindstreep haalt omdat het niet binnen de begroting is gebleven. Maar daarmee is het probleem nog niet uit de wereld dat het project had moeten oplossen. Vaak na een jaar, soms twee, discussiëren komt er dan weer een nieuw project dat precies hetzelfde gaat doen. Misschien met wat nieuwe technologie en wat uitgebreidere specificaties, maar in essentie hetzelfde. Het reeds geïnvesteerde geld is daarmee uit het raam gegooid.
De begrotingsdiscipline van de kabinetten van de laatste 20 jaar heeft ervoor gezorgd dat alle ambtenaren niets anders kunnen dan binnen de grenzen te blijven, ook al betekent dat dat er in latere jaren extra geld nodig is om zaken te compenseren.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

KSTn – Grote ICT projecten en geld

Logo kamerstukken van de dagHet is even door de zure appel heen bijten, maar de informatie over de kostenoverschrijdingen bij grote ICT projecten komt nu toch echt wel boven tafel. Dat levert niet zo’n fraai beeld op overigens.
Voor ik de overschrijdingen per ministerie geef, zoals genoemd in deze bijlage die de Tweede Kamer afgelopen week ontving, eerst even een toelichting. Het gaat bij vrijwel alle projecten over een termijn van meerdere jaren. Overschrijdingen worden dus ook over meerdere jaren gemaakt. Bij een aantal projecten is de gegeven overschrijding ten opzichte van een eerste ruwe schatting. Die is vaak te voorzichtig omdat de politiek er in de loop der tijd nog wat aanvullende of veranderen eisen bovenop gooit.

Dit gezegd hebbende hier het lijstje (slechtste nieuws eerst) met verwachte overschrijdingen:
Ministerie van Financiën: €203 miljoen
Ministerie van Defensie: €122 miljoen
Ministerie van Justitie: €106 miljoen
Ministerie van Verkeer en Waterstaat: €62 miljoen
Ministerie van Binnenlandse Zaken: €7 miljoen
Ministerie van Onderwijs en wetenschap: €7 miljoen
Ministerie van Economische Zaken: Verwijzen naar andere documenten
Ministerie van Jeugd en Gezin: Nog geen overschrijding, maar het EKD ligt stil
Ministerie van SZW: Hebben geen flauw idee, maar er ligt een stevige bom daar
Ministerie van VROM: Zit op budget
Ministerie van VWS: Weten het nog niet zo net.
Ministerie van Landbouw en Visserij: -€10 miljoen (onder budget dus!)

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.