#Dezeweek | Lekker reien
COLUMN - De honderdste Tour is nu bijna twee weken oud en het is een bijzondere editie. Er wordt niet alleen een jubileum gevierd, maar het is ook de eerste keer dat het publiek zich ervan bewust is dat het al jaren en masse naar een klassiek tragedie zit te kijken. Vol van de dope (schande!) proberen overmoedige renners het lot in eigen hand te hebben en boven hun kunnen uit te stijgen, om minstens een paar keer per week een Franse Olympos te beklimmen.
Geen wonder dat Zeus je dan van je fietsje flikkert.
Ondertussen wordt het hele schouwspel lyrisch bezongen door onze nieuwe poëet des vaderlands, Maarten Ducrot, die bij vlagen welhaast halve alexandrijen weet te produceren: ‘Ten lange leste in de chasse patate // gaat er alweer een renner op z’n gat.’ Alsof dat nog niet genoeg is, oreert Mart Smeets elke avond ook nog eens alsof ‘ie uit Delphi komt. Hij weet wel waar het heen moet met de sport.
Het schijnt overigens dat er zich in het peloton ook nog een stel gereformeerden uit de Biblebelt bevindt; de overstap van een Utrechtse heuvel naar een Franse Alp is immers niet al te groot. De groep werd lange tijd geïmiteerd door Duitse volgelingen: ook het niet inenten is blijkbaar een virus dat zich onder grote groepen mensen kan verspreiden. Deze hardlerenden gingen dan ook nog lang op voor de rode bollen maar schikten zich uiteindelijk rustig in de gebruiken van de wielerwereld door verboden middelen hun bloedbaan in te spuiten. (Schande!!) Dit alles om niet meer afhankelijk te zijn van het credo “mazzel of de mazelen”.