serie

Goed volk

Foto: © Sargasso logo Goed volk
Foto: © Sargasso logo Goed volk

Goed volk | Een middeleeuwse wereldkroniek

COLUMN - In de Romeinse tijd en gedurende Middeleeuwen werden gebeurtenissen en historische feiten chronologisch genoteerd in zogenaamde annalen, de libri annales. Deze jaarboeken waren thematisch van opzet. Ze behandelden bijvoorbeeld ontstaansgeschiedenissen van Rome en andere Italiaanse steden, of later de stichtingsgeschiedenissen van kloosters. Naast deze specifieke thema’s werden gebeurtenissen als natuurrampen en oorlogen beschreven. Vanaf de achtste eeuw n.Chr. werd de inhoud uitgebreider en ontwikkelden de annalen zich tot kronieken.

Wereldkronieken

Vanaf de Late Middeleeuwen en met name na de uitvinding van de boekdrukkunst ontwikkelde zich een specifiek soort kroniek: de wereldkroniek. Deze heeft twee hoofdeigenschappen: ze bevatten stukken geschiedschrijving die uit de hele (toenmalig bekende) wereld afkomstig zijn en soms zelfs een poging tot een integrale geschiedschrijving, en ze laten de geschiedenis beginnen bij Adam en Eva of soms de geboorte van Jezus Christus. Na de eerste helft, in wezen een parafrase van de Bijbel, gaat het verder met de geschiedenis van Byzantium, de opvolger van het oorspronkelijke Romeinse Rijk.

De wereldkronieken werden in de regel geschreven in opdracht, waardoor de inhoud niet bepaald objectief en genuanceerd is: vaak diende de opdrachtgever goed uit de verf te laten komen. Ook werden ze in de regel in het Latijn geschreven, maar ze werden al snel vertaald, soms door dezelfde schrijver, en uitgegeven als incunabel (wiegendruk), met wel of niet met de hand ingekleurde illustraties.

Foto: © Sargasso logo Goed volk

Goed volk | De wandelende Jood

COLUMN - Het motief is bekend, zeker voor wie het boek van de Vlaming August Vermeylen uit 1906 heeft gelezen: een man met de Latijnse naam Ahasverus gedraagt zich grof tegenover Jezus op zijn weg naar Golgotha en wordt er vervolgens toe veroordeeld om tot het eind der tijden c.q. de wederkomst van Christus rusteloos over de aarde te zwerven, een motief dat doet denken aan de sage over de Vliegende Hollander. De Wandelende Jood is overigens een spijtoptant: na zijn foute bejegening van Christus krijgt hij spijt, bekeert zich en gaat over tot het doen van goede daden, maar de vervloeking blijft intact.

De legende zelf dateert aanwijsbaar uit de 13 eeuw, maar omdat het hier over een motief gaat (zie de catalogus van Aarne-Thompson waar het motief onder het gedeelte ‘God Rewards and Punishes’ geregistreerd staat als ATU 777 ‘The Wandering Jew’ en als enige variant de ‘Vliegende Hollander’ staat aangegeven, heeft de legende de nodige ‘voorlopers’ met hetzelfde motief gehad waarbij het nog maar de vraag is of en in hoeverre deze voorlopers de Middeleeuwse legende hebben beïnvloed. Sommige schijnen er met de haren te zijn bijgesleept, zoals een boeddhistische voorganger.

Bijbelse voorlopers

Foto: © Sargasso logo Goed volk

Goed volk | Een verdronken klooster

ACHTERGROND - Het IJsselmeer is historisch gezien één van de interessantste gebieden van Nederland. Rond 500 vóór Christus was het niet meer dan een binnenwater dat bekendstond als Flevomeer. Een groot deel van wat nu water is was destijds land, al bestond het voor een groot deel uit veengronden. Toen de Friezen die in de Middeleeuwen afgegroeven, ontstond een opening, het Vlie, waardoor het zeewater, geholpen door een stijging van de zeespiegel tijdens het Middeleeuws klimaatoptimum, het gebied kon binnenstromen en veel land blank kon zetten. De binnenzee kwam nu A(e)lmere te heten. Later sloeg het water middels diverse vloeden met vernietigende kracht toe en kwam het water Zuiderzee te heten, tot het uiteindelijk na vele eeuwen in 1933 werd getemd door de Afsluitdijk en het IJsselmeer werd genoemd.

In mijn blog van 11 februari j.l. schreef ik al over hoe een compleet eiland (Nagele) in die tijd onder de zeespiegel verdween. Het land dat overspoeld werd was dun bevolkt, maar van de dorpjes is niets teruggevonden en alleen een paar namen zijn in documenten overgeleverd: Espele, Tollebeek, Luttelgeest, Marenesse, Sevenhusum, Lemmerbroek, Kunresyl, Sileham, Ruthe, Algoterp en nog een paar meer, met dank aan het negende-eeuwse klooster Sint Odoluphus te Stavoren dat al deze namen geboekstaafd heeft, maar over dit klooster straks meer.

Foto: © Sargasso logo Goed volk

Notre-Dame: middeleeuwse wetenschap, muziek en legenden

Ik ben altijd geneigd de Notre-Dame van Parijs in kwantitatieve en niet in kwalitatieve termen te beschrijven. De kerk mag dan een uniek voorbeeld zijn van vroeg-gotische bouwkunst, verder is alles gewoon alleen maar groot. De kerk zelf is groot, het hoofdorgel is groot maar klinkt niet echt mooi en er is in de loop der tijd het nodige aan gesleuteld, net als aan de kerk zelf.

In 1845 heeft de thans omstreden architect Eugène Viollet-le-Duc de kathedraal volgens de mode van die tijd behoorlijk opgeleukt, bijvoorbeeld met de vieringtoren, de ‘Flèche’, die bij de recente brand zo dramatisch brandend neerstortte en die tot mijn persoonlijke voldoening niet als zodanig herbouwd zal worden.

Daarnaast is de Notre-Dame naast een enorme toeristische trekpleister (gemiddeld 10 miljoen bezoekers per jaar) symbool van Parijs – alsof de Eiffeltoren nooit gebouwd is – of zelfs van geheel Frankrijk, een stuk Frans chauvinisme waar wij Nederlanders, op de francofielen na, toch weinig mee hebben. Er zijn diverse kerken in Parijs en kathedralen in Frankrijk die als gebouw fraaier en interessanter zijn en belangwekkender kunstschatten en orgels bevatten. Voor mij schuilt de waarde van de Notre Dame van Parijs in heel andere dingen en daarvoor ga ik terug naar zijn tijd van ontstaan, de Middeleeuwen.

Foto: © Sargasso logo Goed volk

Middeleeuws recht en de ‘Sachsenspiegel’

ACHTERGROND - Wat is recht?

Over wat ‘recht’ in de zin van ‘rechtspraak’ is en hoe het gehanteerd moet worden valt een behoorlijke boom op te zetten, iets wat men in de discipline die ‘rechtsfilosofie’ heet dan ook doet. Wat men onder ‘recht’ verstaat is tijd-, plaats- en cultuurgebonden. Je hoeft het begrip ‘sharia’ maar te laten vallen en zowel voor- als tegenstanders zijn meteen klaar wakker. En wordt met een volksgericht ook recht gedaan?

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd door de bezetter in Nederland ook ‘recht gesproken’, wat door de gemiddelde Nederlander echter niet als ‘recht spreken’ ervaren werd. Anderzijds zijn er door diezelfde bezetter wetten en regels geïntroduceerd die na de bevrijding bewust niet werden afgeschaft. ‘Recht’ is dus een relatief begrip.

Bijna iedereen in Nederland zal als individu weleens te maken hebben gehad met de rechtspraak, al was het alleen maar in verband met een verkeersboete die men ‘heeft laten voorkomen’. Als vervolgens de boete door de rechter gegrond wordt verklaard, resulteert dat meestal in een minachtend gesnuif van de wetsovertreder, niet alleen omdat de gemiddelde aangeklaagde vindt dat hij of zij per definitie gelijk heeft, maar ook ‘omdat er recht is gedaan’ op basis van een wet die door een externe instantie is opgelegd, ook in een democratische rechtsstaat als Nederland.

Foto: © Sargasso logo Goed volk

Goed Volk | De zeemeermin van Fiji – achtergronden bij een broodjeaapverhaal

ACHTERGROND, LONGREAD - De zeemeermin is waarschijnlijk het meest aansprekende zo niet populairste fabelwezen dat er bestaat. Net als de centaur is het een ‘androcefaal’, half mens half dier, maar in tegenstelling tot de mythische centaur (al komt de Fenicische visachtige godin Atargatis als mythisch wezen een eind) vindt de zeemeermin haar oorsprong hoogstwaarschijnlijk in onjuiste waarnemingen van de doejong of Indische zeekoe, één van de zeedieren die vroeger door vissers en zeelieden aangezien werd voor een vreemdsoortig creatuur dat nu eenmaal thuishoorde in de chaos die oceaan heet. Daarnaast bestaat er ook nog de ichtyocentaur (vissencentaur), maar dit terzijde.

Hoewel al in de 16e eeuw anatomisch redelijke correcte afbeeldingen van zeekoeien bestonden – bijvoorbeeld van Guillaume Rondelet in zijn vissenboek van 1558 – bleek het geloof in zeemeerminnen hardnekkig.

In de romantische 19e eeuw maakte men het helemaal bont toen er verhalen opdoken over zeemeerminnen die op een rots aan de kust bevallig hun haren kamden, zoals in 1809 toen de Schotse miss MacKay voor de kust van Caithness een zeemeermin waarnam die haar kapsel aan het bijwerken was, hetgeen bevestigd werd door de plaatselijke schoolmeester Munro die het voorval vermeldde in een brief aan de respectabele krant The Times, die het bericht zonder schroom plaatste.

Foto: © Sargasso logo Goed volk

Goed Volk | De Golem – een inventarisatie

ACHTERGROND - In het verlengde van mijn laatste blog over bezielde materie, hierbij het verhaal van de Golem, de uit klei geformeerde kunstmens, leven ingeblazen middels de scheppingskracht van de Godsnaam. Het bekendst is ongetwijfeld de Golem van Praag, maar het fenomeen is ouder en vooral complexer. Om te spreken van een archetype gaat mij te ver, maar van een topos of motief is hier zeker sprake.
cc Flickr Luciano photostream Praga magica. Il Golem. La forza delle parole. Il nome di Dio.

De Golem kent drie tradities: de oorspronkelijke legenden, de orale traditie en de literaire traditie met als hoogtepunt de gelijknamige roman van Gustav Meyrink (1915). Ook kent de Golem diverse functies: van persoonlijke hulp tot verdediger van de gettojoden. De ontwikkeling van Middeleeuwse legende naar literaire traditie is vergelijkbaar met dat van een ander bekend motief: ‘Ahasverus’ of ‘De wandelende Jood’, maar heeft daar verder niets mee te maken. ‘De wandelende Jood’ is geen Joods maar een christelijk motief dat vergelijkbaar is met ‘De Vliegende Hollander’. Daarover in een later blog, niet voor niets vlak na 4 mei.

Etymologie en kabbalistische achtergrond

Een afgeleide vorm van de betreffende Hebreeuwse stam komt voor het eerst voor in één van de psalmen: het 16e vers van psalm 139: גלמי (golmi), het vers dat zowel in de NBG- als in de NBV vertaald wordt met “Uw ogen zagen mijn vormeloos begin”. ‘Golem’ verwijst dus naar vormeloos, ruw materiaal. In de vroeg-middeleeuwse Babylonische Talmoed is de betekenis geëvolueerd naar ‘onvoltooide schepping’. De Kabbala put voornamelijk uit de Talmoed. De Golem heeft een onverbrekelijke link met de Kabbala, vandaar dat alle Golem-verhalen doortrokken zijn van mystiek en magie.

Foto: © Sargasso logo Goed volk

Goed volk | Bezielde materie

ACHTERGROND - Dat de mens een ziel heeft, staat over het algemeen buiten kijf. Aansluitend kan dan de vraag gesteld worden wat een ziel is en wat het essentiële verschil is tussen ziel en geest. Mensen die van mening zijn dat er überhaupt een verschil is wijzen er op dat de geest een functie van het bijbehorende lichaam is en dat een ziel een afzonderlijke entiteit is en het eigenlijke bewustzijn. Materialisten beweren dat de ziel niet bestaat en dat de geest de bron van het bewustzijn is en derhalve met de dood de betreffende mens ophoudt te bestaan.

Om het nog complexer te maken zijn er ideeën dat de mens meerdere lichamen heeft: een zuiver materieel zij het organisch lichaam en een onstoffelijk etherisch lichaam. Rudolf Steiner onderscheidde zelfs meerdere etherische lichamen. In dit blog gaan we noodgedwongen uit van de aanname dat de ziel een afzonderlijke entiteit is, anders wordt het onderwerp onbespreekbaar. Over de ziel is het nodige gefilosofeerd en in religies geopenbaard, maar dat valt buiten het bestek van deze blog.

Experimentele wetenschap aangaande de ziel kan niet worden beoefend (of het moet in verband met z.g.n. ‘bijna-doodervaringen’ zijn), aangezien de ziel zich samen met al het buiten-materiële onttrekt aan de huidige wetenschapscriteria die uiteindelijk begrensd worden door onze zintuigen en denkvermogen. Materialisten trekken gemaks- en veiligheidshalve dan ook de conclusie dat de ziel niet bestaat. Dat in de discussies ‘ziel’ en ‘geest’ vaak door elkaar worden gebruikt, maakt het geheel er niet transparanter op.

Foto: © Sargasso logo Goed volk

Goed Volk | De basilisk van Warschau

ACHTERGROND - De basilisk is een vanwege zijn kwaliteiten nogal angstaanjagend fabeldier waarvan men tot ver in de Late Middeleeuwen en zelfs in een paar eeuwen daarna geloofde dat het echt bestond. Dat het geloof in dit ondier zo lang heeft stand gehouden komt voornamelijk doordat het voorkomt in de bijbel en wel in de Nederlanden in de 17e eeuwse Statenvertaling die op zijn beurt zwaar leunt op de Deux-aesbijbel uit 1562.

In die tijd had men geen enkele moeite met het bestaan van dit soort wezens. De vertaling van het Hebreeuwse woord צפע is tot op heden niet volledig duidelijk, maar heeft te maken met het verbum ‘sissen’. De statenvertalers hebben om hun ampele redenen dit woord uit Jesaja (vier keer) en Jeremia (een keer) vertaald met ‘basilisk’.

In latere vertalingen, als de basilisk letterlijk naar het rijk der fabelen is verwezen en de kennis van het Hebreeuws is toegenomen, wordt het Hebreeuwse begrip vertaald met termen als ‘serpent’ of ‘giftige slang’ en de vertaling met ‘basilisk’ als foutief of ongelukkig beschouwd, net als bijvoorbeeld een Hebreeuws woord dat met ‘eenhoorn’ was vertaald.

De Nieuwe Bijbelvertaling uit 2004 heeft het gewoon over ‘slang’ of ‘adder’. Dat de Joden uit de tijd van de twee genoemde profeten (op zijn vroegst rond 750 v. Chr.) de basilisk hebben gekend is overigens niet geheel uit te sluiten aangezien het dier al in het oude Egypte bekend was.

Foto: © Sargasso logo Goed volk

Goed volk | Maria Lichtmis

COLUMN - Hoe meer je je met volkscultuur en (historische) etnologie bezighoudt, hoe meer de hele cultuur aan elkaar lijkt te hangen van seizoensfeesten en de daarmee verbonden vruchtbaarheidsriten. De komst van het christendom maakte het er niet simpeler op met door de kerk opgelegde kersteningen links en rechts en heidens gebruiken die doodleuk naast of tijdens het christelijke feest bleven bestaan aan waar niemand moeite mee scheen en schijnt te hebben. Met name de insulaire gebieden zijn hier goed in.

Bovendien kent de volkscultuur fenomenen met talrijke zijtakken die weer in de zijtakken grijpen van andere volksfenomenen. Wie had bijvoorbeeld gedacht dat het feest van Maria Lichtmis, dat twee dagen geleden gevierd is, samen zou hangen met het oprichten van de Sint Brigida-den in Noorbeek? Maar laten we bij het begin beginnen.

Maria Lichtmis: het christelijke feest

Het feest dat tegenwoordig meer bekendstaat onder de benaming de ‘Opdracht (of Presentatie) van de Heer in de Tempel’ is in het westen niet één van de bekendste christelijke feesten, behalve in de Oosters-Orthodoxe Kerk, waar het gevierd wordt als één van de twaalf grote feesten en vanouds Hypapante (“ontmoeting”) genoemd wordt. Men moet dit Maria-feest niet verwarren met het feest van de ‘Besnijdenis van de Heer’ dat op 1 januari wordt gevierd, hoewel alleen nog in Rooms-Katholieke parochies die de oude Tridentijnse Ritus volgen.

Foto: © Sargasso logo Goed volk

Goed volk | Middeleeuwse monsters

COLUMN - Het dierenrijk is grofweg te verdelen in drie categorieën: (1) levende c.q. bestaande dieren, (2) uitgestorven dieren en (3) fantasie- fabel- en mythologische dieren. Om deze laatste groep gaat het in deze blog en ik zal ze in het vervolg voor het gemak kortweg ‘fabeldieren’ noemen.

De toch al simpele onderverdeling is bovendien niet zo consistent als het lijkt, want er zijn de nodige dieren die vrolijk heen en weer wippen tussen deze categorieën. En dan gaat het niet zozeer om de reële kwaliteit van het betreffende dier, maar hoe het door onderzoekers beschouwd wordt. Zo werd in 1938 in Zuid-Afrika een levende Coelacanth gevangen en in 1998 nabij Indonesië een tweede, een vis waarvan de wetenschap van mening was dat die zo’n 65 miljoen jaar geleden was uitgestorven. De Coelacanth promoveerde vervolgens van categorie 2 naar categorie 1.

In Siberië was al geruime tijd door inscripties op stèles een imposant dier bekend dat door onderzoekers naar het rijk der fabelen was verwezen, tot het een paar honderd jaar later een skelet van het beest werd gevonden; het bleek ‘gewoon’ een onbekende dinosaurussoort te zijn en zo promoveerde het dier van categorie 3 naar 2.

Foto: © Sargasso logo Goed volk

Goed volk | Met Indiana Jones naar Sentinel

COLUMN - Volkeren en stammen die sinds hun ontstaan tot op de huidige dag geheel of bijna helemaal geïsoleerd hebben geleefd, is er iets spannenders denkbaar voor etnologen, antropologen en geografen? Vragen die ik zou stellen: hoe hebben deze schriftloze mensen hun traditie doorgegeven? Wat is hun wereldbeeld en met name boven- en onderaardse beeld? Welke taal spreken zij? En misschien wel de belangrijkste vraag: in hoeverre zijn de kenmerken van hun huidige situatie te extrapoleren naar andere oervolken in heel andere delen van de wereld die wel allang zijn uitgestorven, zoals onze eigen Hunebedbouwers, zodat wij meer inzicht in hun gedachten en handelen krijgen?

We kennen allemaal de (soms letterlijke) indianenverhalen over ‘verloren stammen’ in het Amazone-gebied en Nieuw-Guinea (1938: ontdekking Dani-Papoea’s in de Baliemvallei), maar wat is daar qua geïsoleerdheid nog van over? En als zo’n volk eenmaal is ontdekt, hoe ga je daar vervolgens veldonderzoek doen, mocht daar überhaupt toe besloten worden? Stel je gewoon een wetenschappelijk team samen of is het voor de veiligheid beter eerst Indiana Jones of Lara Croft er op af te sturen?


John Allen Chau op Sentinel

Pas na de commotie over de Nashville-verklaring realiseerden zich velen dat er nog steeds groepen van extreem-orthodoxe christenen bestaan. Ze bleken niet uitgestorven, maar hun aantal is juist stijgende, ook in Nederland. Zo fronsten ook velen hun wenkbrauwen toen in november vorig jaar bekend werd dat er op een afgelegen eilandje in de Indische Oceaan de Amerikaanse zendeling John Allen Chau met pijl en boog was vermoord.

Vorige Volgende