Zoekresultaten voor

'privacy'

Foto: copyright ok. Gecheckt 11-02-2022

Hoe voorkomen we een nieuwe WODC affaire?

OPINIE - Één op de zes ambtenaren wordt onder druk gezet tot niet-integer handelen. De WODC affaire zou daarom wel eens de kanarie in de kolenmijn kunnen zijn. Het is dus wachten tot een nieuwe affaire zich aandient. In deze gastbijdrage doet Gjalt-Jorn Peters een voorstel hoe een nieuwe affaire kan worden voorkomen.

Onderzoek is een methode om iets te leren. Overheidsbeslissingen en -beleid moeten gebaseerd zijn op feiten, dus overheden en semi-overheden moeten vaak onderzoek doen om verstandig te handelen. Het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (het WODC) zou zulk onderzoek moeten doen voor de overheid. Echter, in 2014 is onder andere door een moedige klokkenluider de klok geluid over WODC-onderzoeken die niet tot feitenkennis, maar tot mogelijk schadelijke misinformatie leidden doordat er politieke belangen meespeelden. Ironisch genoeg gold hetzelfde voor het onderzoek dat vervolgens is ingesteld. In deze tekst doe ik een voorstel om te voorkomen dat dit in de toekomst weer gebeurt. De hoofdpunten:

  • Gebrek aan transparantie kan leiden tot ineffectief en zelfs schadelijk beleid;
  • Open Science principes zijn praktisch gratis en eenvoudig te implementeren;
  • Open Access, Preregistratie, Open Materialen en Open Data besparen geld en voorkomen beïnvloeding van onderzoek;
  • Als onderzoek door en voor (semi-)overheden altijd volgens Open Science principes plaatsvindt, verbetert dat beleid, bespaart dat geld, en redt het levens.
Foto: Bron: pixabay.com

Slimme meter?

COLUMN - Ik ben de installateur van de “slimme meter” al een paar keer misgelopen. Toen hij – volgens een keurige brief – zou komen, kwam hij niet. Later vond ik op verschillende andere tijdstippen bericht dat hij langs was geweest, toen ik niet thuis was. Maar ik ben niet zo happig op dat ding, dus ik ben er niet achteraan gegaan. Maar Liander wil het blijkbaar heel erg graag, want pas geleden kreeg ik weer zo’n brief dat ik nu toch echt binnen 4 weken een afspraak moet maken. En ik was van plan dan toch maar overstag te gaan, want je kunt de verbinding (waar ik dus een probleem mee heb, want privacy en hacken en ik wil dat soort shit gewoon niet in mijn huis, rot op met je Internet of Things) ook uitzetten. Het is tenslotte best ouwe meuk wat hier in de meterkast hangt.

Kassa

Na de uitzending van Kassa van afgelopen zaterdag ga ik eerst maar even uitzoeken welk merk Liander gebruikt. En of dat allemaal wel veilig is. Want een jaar geleden werd al geconstateerd dat de slimme meters van Landis & Gyr niet voldoen aan de eisen, waarna minister Wiebes gesommeerd heeft al die krengen stante pede te vervangen. Dat is voor een groot deel inderdaad gebeurd, maar het blijkt dat de netbeheerders het probleem niet heel erg serieus hebben genomen. Ze hebben daarna Honeywell-meters ingekocht en geplaatst, die zo mogelijk nog gevaarlijker zijn. Het gaat bij beide modellen om niet passend schroefdraad op een onderdeel, waardoor er gas zou kunnen gaan lekken.

Foto: Hossam el-Hamalawy (cc)

Godgeklaagd

COLUMN - Zei secretaris-generaal Joke Brandt van het ministerie van Buitenlandse Zaken vorige week in het blad Binnenlands Bestuur: ‘Je kunt dan wel heel erg je best doen om mensen binnen te halen om een meer diverse en inclusieve organisatie te worden, maar als mensen zich niet thuis voelen of zich niet veilig voelen, kun je ze toch niet vasthouden.’ Er klonk een flinke dot gelatenheid uit haar woorden: je kunt nog zó je best doen, maar als mensen zich niet senang voelen, sta je gewoon met lege handen.

Twee dagen later bleek hoe de vork in de steel zat. Over een hoge ambtenaar op BuZa – hij adviseerde over subsidies – waren door externe organisaties liefst acht klachten ingediend wegens pesterijen, seksuele intimidatie en chantage. Zes van de acht klachten werden toegewezen. De man, die onder meer contacten onderhield met vrouwenrechtenorganisaties, had medewerkers daarvan nadien nota bene gedreigd dat hij hun geldkraan zou dichtdraaien als ze hun mond niet hielden over het gebeurde.

De man werd na het onderzoek naar een andere afdeling overgeplaatst, met behoud van rang en salaris. Hij had wel een berisping gekregen. Een berisping. Uit respect voor de privacy van de ambtenaar kon men niet zeggen hoe de schoft was berispt. ‘Joris, echt nooit meer doen hoor’?

Foto: Rene Adamos (cc)

Grip op data in de digitale stad

DATA - De belofte van de digitale transformatie houdt voor de overheid in dat data een sturingsmiddel zijn; gebrek aan data maakt een overheid machteloos. Over de digitale visie van Amsterdam, Airbnb en een deelfietsenplan.

Onze economie wordt steeds meer een data-economie en ook overheden willen hier graag aan meedoen. Daarom heeft Amsterdam een visie opgesteld op het informatievraagstuk (zie verderop) en komen er geleidelijk concrete datatoepassingen naar buiten. Een voorbeeld daarvan is het dataportal Amsterdam City Data, waarmee data van en over de gemeente Amsterdam beschikbaar worden gesteld via één loket, bereikbaar voor publiek, ketenpartners en ambtenaren. Dat portal biedt data uit een aantal basisregistraties, in samenhang met omgevingsfoto’s, gebiedsinformatie, basisstatistieken en data over onder meer parkeren, milieu, externe veiligheid, monumenten en onderwijs.

Verder zit er van alles in de pijplijn, want Amsterdam wil met behulp van technologie en open data de stad leefbaarder en duurzamer maken. Hiervoor zijn meer dan 100 projecten in het leven geroepen. Zo wordt bijvoorbeeld samengewerkt met start-up Olisto (een soort If This Than That ofwel IFTTT) voor het vinden van parkeerplekken en het slim gebruiken van laadpalen.

Ronkende verhalen over data

Gemeente Amsterdam ziet grote mogelijkheden met data: zowel voor zichzelf – de interne organisatie en de samenleving die bediend wordt – als voor de markt. De gemeentelijke I-visie is bedoeld om kaders te stellen voor de wijze waarop de gemeente de komende jaren haar informatievoorziening inricht en omgaat met informatie. Het document bevat veel ronkende taal over hoe onze samenleving digitaliseert: “Het internet genereert een groeiende hoeveelheid big data om te analyseren en te combineren. Door de slimme (geautomatiseerde) analyse van interne en externe data ontstaan nieuwe inzichten die van grote waarde kunnen zijn. De data uit de fysieke en sociale infrastructuur van de stad kunnen worden benut voor maatschappelijke en economische doelstellingen. Burgers en ondernemers worden in staat gesteld om met innovatieve oplossingen gebruik te maken van data (…).”

Foto: SFEPbancourt (cc)

Hoe de financiering van het hoger onderwijs slachtoffers maakt op de woningmarkt

ANALYSE - Hoger Onderwijs instellingen willen zoveel mogelijk studenten binnenhalen. Dat leidt in universiteitssteden tot verstoring van de woningmarkt, meent S. de Beter in dit eerste deel van zijn gastbijdrage

Ieder jaar eind augustus is het weer raak in studentensteden: Nederlandse maar vooral buitenlandse studenten die naarstig – soms zelfs wanhopig – op zoek zijn naar woonruimte. Vaak doen ze de eerste weken noodgedwongen een beroep op campings en hostels.

In Groningen loopt het dit jaar helemaal de spuigaten uit. Medio juni is bekend dat het aantal aanmeldingen fors is gestegen. Bij Nederlandse studenten is de toename 11 procent, maar bij buitenlandse studenten is de toename veel groter: zo zijn er 50 procent meer aanmeldingen van studenten uit Europa, en nog eens 31 procent meer aanmeldingen van studenten buiten Europa. Wie denkt de Rijksuniversiteit Groningen (RuG) voor die tweeduizend extra studenten voldoende huisvesting gaat regelen, vergist zich deerlijk. “Wij zijn een academische onderwijsinstelling, geen woningcorporatie”, moeten ze bij de RuG hautain hebben gedacht. Tegenover de bezorgde Universiteitsraad erkent universiteitsbestuurder Jan de Jeu dat het aantal aanmeldingen hoger ligt dan de RuG verwacht had. “Maar we weten nog niet zeker hoeveel van deze studenten ook daadwerkelijk naar Groningen komen.”, zegt hij sussend. Dat iedereen in september een kamer heeft gevonden, durft hij niet te garanderen. ‘Maar een slaapplek, dat verwacht ik wel.’

Foto: Stock Catalog (cc)

Een beetje Europa in Californië

COLUMN - California heeft een nieuwe privacywet die Europees aandoet.

Begin deze zomer werd AB 375, de California Consumer Privacy Act of 2018 aangenomen in Sacramento, de hoofdstad van de staat. Met deze nieuwe wet zijn internetbedrijven verplicht alle consumenten in Californië (waar 40 miljoen mensen wonen) te vertellen welke data ze over jou verzamelen, en met wat soort derde partijen ze dat delen (dat zijn vooral advertentieverkopers). Onder de nieuwe wet mag je een bedrijf ook verbieden jouw data door te verkopen, al jouw data vernietigen en een bedrijf mag jou niet anders behandelen dan andere klanten als je daarvoor kiest.

De totstandkoming van de wet is bijzonder. Het Californisch parlement besloot over te gaan tot een verstrekkende privacywet omdat een rijk individu uit Oakland, Alastair Mactaggart, de afgelopen twee jaar aan een initiatiefwet had gewerkt die genoeg steun had gekregen om in november op het stembiljet te komen (in Californië en veel andere staten kun je met genoeg geld en tijd wetten indienen waarover de bevolking tijdens de verkiezingen kan stemmen). In de peilingen deed Mactaggarts wet het goed, tot groot sjagrijn van bedrijven als Facebook, Google en Amazon, die een leger aan lobbyisten inzet in zowel Washington DC en Sacramento (en andere staatshoofdsteden) om dit soort wetgeving te voorkomen (Facebook gaf goedkeuring aan de wet na het Cambridge Analytica-schandaal). Maar de Californische wetgevers, die flink wat geld in de zakken hebben van Big Tech, zagen wel aankomen dat Mactaggarts initiatiefwet wel eens werkelijkheid zou kunnen worden, en werkten met hem een compromis uit. Dat werd AB 375, en het verschilt in feite alleen van Mactaggarts oorspronkelijke wet in dat het consumenten niet het recht geeft een bedrijf aan te klagen als het niet voldoet aan de privacywetgeving, en in dat techbedrijven niet elke derde partij aan wie ze data verkopen specifiek hoeft te benoemen.

Foto: K2 Space (cc)

In het ‘open’ kantoor kan niemand zich verstoppen

Carla werkte op een middelgroot kantoor. Ze vond haar werk leuk, maar aan één ding kon ze moeilijk wennen: ze voelde zich voortdurend bekeken. Vreemd was dat niet, want haar werkplek bevond zich in één grote ruimte waarin tientallen collega’s zaten. Als ze geconcentreerd wilde werken, verkaste ze soms naar een van de stilteruimtes. Maar ook daar was ze niet veilig voor de nieuwsgierige blikken van voorbijgangers. Alle wanden waren gemaakt van glas.

Op een dag zei het afdelingshoofd tegen Carla: “We moeten praten.” Samen liepen ze zijn kantoor binnen. Net als de stilteruimtes had het iets weg van een reusachtig aquarium. Iedereen die langsliep kon zien wat zich binnen deze glazen kubus afspeelde. Het afdelingshoofd gebaarde haar te gaan zitten. Hij zuchtte nog eens diep en zei toen: “Het spijt me, maar je contract loopt af. Je bent ontslagen.” Carla barstte in tranen uit. En de hele afdeling keek mee.

Parasol naast je bureau

Carla’s verhaal is niet uniek. Als schrijver van een boek en een handvol artikelen over het ‘open’ kantoor heb ik zo’n beetje alle klachten over dit type werkplek voorbij zien komen. Meestal gaan ze over luidruchtige collega’s, ongewenste geuren en te warm of te koud afgestelde verwarmingen. Maar ook de klacht “ik voel me bekeken” scoort hoog, vooral onder vrouwen en medewerkers met taken die wat minder routineus zijn en veel denkwerk en creativiteit vereisen.

Foto: ThomasThomas (cc)

De rode en de blauwe pil van de tv

COLUMN - Voor het eerst vertelde iemand op de Nederlandse tv zo uitgebreid over de commons: mensen die naar vermogen samenwerken, samen iets beheren, het vruchtgebruik van hun arbeid en kennis met anderen delen, en niet uit zijn op winst of expansie. Denk aan de oude meent, of iets moderner: de coöperatie.

In de digitale wereld stikt het ervan. Wikipedia is het bekendste voorbeeld: mensen die zonder geldelijk gewin hun kennis over zowat alles delen, die onbaatzuchtig elkaars werk verbeteren, verfijnen en updaten, en die kennis gratis beschikbaar stellen. Wikipedia is groter en actueler dan elke andere encyclopedie, en hoewel het systeem niet perfect is, is het een monument van kennis en het mooiste bewijs denkbaar van de menselijke hang naar samenwerking. En allemaal om niet.

De aflevering van Zomergasten waarin Marleen Stikker dit weekend schitterde, zette samenwerking centraal. Samen hacken, samen bouwen, samen onderzoeken, samen delen, samen brainstormen. In fragmenten en verhalen liet ze zien hoeveel mensen kunnen bereiken wanneer ze zich gemeenschappelijk op een klus werpen.

Nee, ze had het niet over de deeleconomie. Uber en Airbnb zijn bedrijven die er met alle informatie en het leeuwendeel van de winst vandoor gaan. Zulke platforms stimuleren vooral de gig economy, de los-vaste, onzekere banen, en bevorderen de economisering van alle hoeken en gaten van ons dagelijks leven. Stikker zette de schijnwerper op mensen die zelf uitzoeken hoe je je spullen kunt repareren en daar vervolgens handleidingen voor op internet zetten. Op mensen die nadenken hoe je alle data die een stad genereert kunt aanwenden voor de bewoners en bezoekers van die stad, zonder haar over te leveren aan bedrijven die met die data aan de haal gaan en uitbaten.

Recensie Zomergasten met Marleen Stikker

RECENSIE - De Zomergastenrecensie wordt vandaag verzorgd door Frank Meeuwsen. Hij werkt vanaf 1996 in de internetindustrie en was onder andere medeorganisator van de blogaward de Dutch Bloggies. Hij publiceerde in 2010 het boek ‘Bloghelden’ over de Nederlandse blogosphere van 1995 tot 2005, waarin hij de pioneersdagen van internet en bloggen in Nederland beschreef.

“Jammer dat ze niet méér mag vertellen”, het is een vrij unanieme zucht die over Twittererend Nederland gaat als we voor de tweede maal Moritat van Gisela May horen, bij de aftiteling van de derde aflevering van Zomergasten seizoen 2018. Marleen Stikker is de gast van de avond. Oprichter van de De Digitale Stad, waarmee ze Nederland kennis liet maken met het Internet. Ze is eveneens mede-oprichter en directeur van de Waag Society, waar ze zich bezig houdt met de sociale en culturele impact van nieuwe technologie.

Gedurende de avond werd duidelijk dat Stikker in het kamp van de Mogelijkheidsmensen zit.

De Digitale Stad was er nog niet in 1993, maar ze kon het zich wel voorstellen. Een stad, gerepresenteerd in een computer-netwerk. Waarom zou het niet kunnen? Dus ging ze aan de slag, samen met onder andere Felipe Rodriquez, een Nederlandse hacker van het eerste uur, die we eveneens in het fragment van de documentaire Hacks voorbij zien komen. Tegenover de Mogelijkheidsmensen heb je de Werkelijkheidsmensen. “Daar hebben we er in Nederland genoeg van”, verzucht ze. Zij nemen de technologie zoals hij is, de werkelijkheid zoals hij is, en gaan er van uit dat ze er niets aan kunnen veranderen. Ze berusten in hun lot. Zo niet de Mogelijkheidsmensen. Die onderzoeken, gooien systemen open, kijken onder de motorkap. Om er van te leren en om dat weer te delen. Net als Neo zal ook een Mogelijkheidsmens de rode pil nemen in het eerste fragment van de avond, uit de film The Matrix.

Foto: Esther Vargas (cc)

Uw volgende bank: Facebook

COLUMN - Grote techbedrijven zoals Amazon, Facebook en Google proberen steeds nieuwe markten te verzwelgen. Waar Amazon begon met boeken en films, en daar later wasmachines en schoenen aan toevoegde en tussendoor allerlei techbedrijfjes opkocht (een weg die ook het Nederlandse Bol.com volgt), hebben ze de laatste jaren nogal ‘afwijkende’ bedrijven opgekocht. Denk aan de overname vorig jaar van Whole Foods Market, een Amerikaans-Britse supermarktketen voor biologische producten. De laatste aanwinst, nog geen anderhalve maand geleden: PillPack, een online apotheek die tevens beschikt over grote hoeveelheiden patiëntengegevens.

Google heeft een tijdlang geprobeerd haar eigen versie van patiëntendossiers op te zetten (Google Health), en tracht daarnaast al een tijdje zijn voet tussen de deur te krijgen op het vlak van de kleine betalingen, via Google Wallet. Tot nu toe hebben ze PayPal niet kunnen wegvagen, maar de markt van onderlinge betalingen – van privépersoon naar privépersoon – is een zeer verleidelijke. En het wordt er steeds drukker.

De nieuwste mededinger op dat vlak: Facebook. Vanwege veranderingen op zowel de Europese als de Noord-Amerikaanse regelgeving over data-uitwisseling en open data, mogen derde partijen banken tegenwoordig vragen hun allerlei gegevens over hun klanten ter beschikking te stellen. Zowel Facebook als Amazon zijn daarin zeer geïnteresseerd.

Foto: Bankenverband - Bundesverband deutscher Banken (cc)

Oplichting loont, helaas

COLUMN - Het was een heterdaadje geweest, schreef hij. Hij had mijn computer gehackt en had zowel opnames gemaakt van de vunzige sites die ik bekeek, als van de dingen die ik deed terwijl ik daarnaar keek. Voorts had hij al mijn contacten van mijn computer geplukt. Als ik niet binnen twee dagen 3600 dollar zou overmaken op zijn bitcoin-account, dan stuurde hij al die mensen de video in kwestie op. Ging ik op zijn eisen in: zand erover, niets aan de hand, prettig zaken te hebben gedaan.

Nu schrik ik niet snel, en bezoek ik zelden sekssites. Masturberen achter de computer doe ik ook nooit, want mijn bureau staat pal naast het raam. Bovendien is mijn webcam afgeplakt.

Waar ik wel van schrok, was de titel van de chantagemail: die bevatte een oud wachtwoord van me, voor LinkedIn. Verhip. Dus die klojo wist wel iets van me.

Ik dacht even na. De feiten klopten niet, de chanteur mailde geen bewijs voor zijn claims – zelfs geen screenshot van mijn desktop, of van mij – en het wachtwoord was oud. Wacht: was LinkedIn niet een paar jaar geleden gehackt, en daarna had ik dat wachtwoord toch veranderd? Bovendien: hoe ver komt iemand met mijn wachtwoord daar, aangezien ik overal een ander wachtwoord gebruik?

Vorige Volgende