Dreigen echtscheidingen de EU te verscheuren?

Echtscheiding (Foto: Flickr/timoni)

Binnen EU-kringen is er op dit moment enige heisa over plannen om op Europees niveau de regels rond echtscheiding (enigszins) te harmoniseren. Nu zullen eurosceptici wellicht meteen over nutteloze Brusselse bemoeizucht beginnen, maar dat is niet helemaal terecht. Van de circa 845.000 echtscheidingen die jaarlijks in Europa plaatsvinden zijn er zo’n 170.000 van echtparen met verschillende nationaliteiten.

Dat kan complicaties opleveren. Want als een Fransman met een Finse trouwt en vervolgens in Polen gaat wonen, onder welk nationaal recht vallen ze dan? En om het nog complexer te maken, wie heeft er recht op het vakantiehuisje in Spanje? Welk recht van toepassing is maakt nogal uit. Onder Frans recht heeft bijvoorbeeld de minst verdienende partner veel minder rechten op gezamenlijk bezit dan in Finland. En in Frankrijk maakt het bijvoorbeeld ook veel meer uit of een van beide partners is vreemdgegaan. Als onze Fransman welgesteld is en zijn Finse liefde met iemand anders in bed is gedoken heeft hij er dus behoorlijk voordeel bij de echtscheiding onder zijn eigen nationale recht te laten vallen, terwijl zij natuurlijk liever naar een Finse rechtbank stapt. In de praktijk geldt nu vaak dat de rechtbank die het eerst van de echtscheiding hoort, beslist, wat sluwe partners dus een mogelijkheid geeft hun verloren liefdes een juridische loer uit te draaien.

Dit geeft nationale rechters een hoop kopzorgen en daarom is het niet vreemd dat op Europees niveau nagedacht wordt over manieren om het overzichtelijker te maken. Helaas zijn de onderhandelingen nu stukgelopen op de grote verschillen tussen de lidstaten. Grootste dwarsliggers zijn het superconservatieve Malta (waar echtscheiding niet bestaat) en het progressieve Zweden (waar het erg gemakkelijk is). Hierdoor is het niet gelukt een EU-brede deal te krijgen. Overigens is het niet absoluut noodzakelijk dit Europees te regelen. Nederland heeft al ingevoerd dat in dit soort gevallen het recht van het land waaronder het huwelijk is gesloten in principe geldt. Dat betekent dus dat als je als Nederlander zo onverstandig bent om met je Belgische vriendin in Malta te gaan trouwen, je er misschien niet meer vanaf komt (al is dat misschien een erg extreem voorbeeld). In principe zouden alle EU-lidstaten dit gewoon ook kunnen doen. Nederland behoort dan ook tot de groep landen die niet zo happig is op harmoniseren.

Er zijn echter nog twee redenen waarom dit voorbeeld interessant is. Het laat namelijk het probleem van harmoniseren vrij duidelijk zien. Harmoniseren is erg prettig als je ongeveer gemiddeld bent qua regelgeving, omdat dan iedereen ongeveer hetzelfde zal doen als jij. Behoor je echter tot een uiterste, zoals Zweden en Malta hierboven, dan zul je je behoorlijk moeten aanpassen. Dat klinkt misschien niet zo dramatisch, maar er zijn genoeg zaken waarin bijvoorbeeld Nederland een vreemde eend in de juridische bijt is, en we ons niet zo graag zouden willen aanpassen aan de rest. Denk bijvoorbeeld aan drugsbeleid, prostitutie, abortuswetgeving, homohuwelijk, pensioenfondsen, kraakrecht, woningbouwcorperaties, etc., etc. Dat is ook de reden waarom ik vind dat we erg voorzichtig zouden moeten zijn met het verder harmoniseren van wetgeving in Europa, helemaal waar het om strafrecht gaat.

Het andere aspect dat dit interessant maakt is dat een aantal Europese landen, Oostenrijk, Frankrijk, Griekenland, Luxemburg, Hongarije, Italië, Roemenië, Slovenië en Spanje, besloten hebben zonder de andere Europese landen toch met elkaar verder te gaan harmoniseren op het gebied van echtscheidingsrecht. Dat heet in lelijk eurojargon het “Europa van twee snelheden“, waarbij een deel van de EU verder gaat met integreren in zaken waar andere landen nog niet klaar voor zijn. Het Europa van twee snelheden is in het verleden vaak gebruikt als een soort dreigement, onder andere tegen Ierland vanwege haar stemmen tegen de grondwet. Maar in Brussel is men helemaal niet enthousiast over dat idee, omdat het recht tegen de ideologie van een ongedeeld federaal Europa ingaat. De vrees bestaat dat als clubjes landen dingen op zichzelf gaan doen dit de EU in het algemeen zou ondermijnen.

Maar eerlijk gezegd zie ik het probleem niet zo heel erg. Als Denemarken en Ierland besluiten niet mee te willen doen met militaire samenwerking, als Slowakije en Letland geen zin hebben om politiegegevens te delen, of als België en Griekenland er niets in zien om op buitenlandse toppen door de EU vertegenwoordigd te worden, is het toch geen enkel probleem als ze niet mee doen? Een intern wat flexibelere EU zou het juist een stuk gemakkelijker maken consensus te bereiken en bovendien het (niet altijd onterechte) beeld van de EU die koste wat het kost haar beleid door de strot van onwillige lidstaten wil drukken wat wijzigen. Niet een Europa van twee snelheden, maar een Europa van honderden snelheden. Overzichtelijker wordt het er niet van, maar misschien wel een stukje democratischer.

  1. 1

    Jaaa, eenheid, maar toch niet helemaal! Zo lekker ambtelijk. Niks consequent kunnen/willen doorvoeren. Reorganisaties die niks verbeteren, niks duidelijker maken. Harmonisering, maar toch dissonanten toestaan. Vergroten we toch de ambtelijke moloch nog een keer?

  2. 2

    @1: In principe zijn dat toch regelingen buiten de EU om? Het is niet in EU-verband dat de Echtscheiding-negen (E9?) hun regels harmoniseren. Heeft dus verder geen invloed op de “EU-moloch”, terwijl er nationaal al ambtenaren zitten bij de betreffende parlementen (die zullen normaal bezig zijn met de eigen echtscheidingswetten uit te voeren). De enige kosten zullen gemaakt worden door wat ministers en ambtenaren die bijeen moeten komen in E9 verband, maar die worden neem ik aan nationaal betaald. Het wachten is op de Wiet4, Homohuwelijk5 en Abortus8.

    Je vraagt je wel af waar dan zo’n verdrag van Lissabon voor nodig is, dat bomvol wetten en wetjes staat.