1. 1

    Hulp door een betonnen reservoir en houten platforms te bouwen zodat het tillen van de emmers en het leeggieten makkelijker zou gaan.

    Een klein windaangedreven pompje erbij?
    Misschien op wat zonne-energie?

    Maar ja, die mensen zingen zo mooi hè.
    Dat kun je toch niet om zeep helpen met een mechanisch pompje!

    Ik heb ontwikkelingshulp nooit begrepen en bij het zien van dit filmpje wordt dat er niet beter op.

  2. 2

    Carlos en Crachat zijn vast niet op de hoogte van de etymologische herkomst van het woord ‘emmeren’, anders zouden ze het in dit verband echt niet gebruikt hebben.

    Ik zal het uitleggen.

    Het is van alle tijden dat als legers langdurig onderweg waren soldaten last hadden van overkokende sexuele behoeften. In de moderne tijd van een gemengde krijgsmacht heeft dat zoals we weten herhaaldelijk geleid tot exessen met vrouwelijke militairen.

    Maar pakweg een eeuw geleden waren er geen vrouwelijke soldaten, maar beschikten een deel van -met name- de cavaleristen wél over een trouwe partner die bovendien nooit iets verder zou vertellen: hun paarden! (volgens een oud-cavalerist die ik heb gesproken waren merries misschien daarom geliefder dan ruinen)

    Dan kon het gebeuren dat iemand in de avond wegsloop, iets meenam wat te gebruiken was als opstapje en zich vergreep aan een van de paarden.

    Het meest voor de hand liggende opstapje was een emmer, en aangezien in die tijd er geen plastic maar zinken emmers waren hoorden de andere soldaten in de stille avond het zachte rammelen.

    En dan stond er dus iemand “te emmeren”.

    Als ik dus een foto van een rij koeien zie met als opschrift: “emmeren” krijg ik absoluut geen associatie met ontwikkelingshulp!

    Of zijn ik en Midas Dekkers de enigen?

  3. 3

    Nou, Carlos en Crachàt hebben in hun tentje naast de Singin’ Waterdragers overnacht – en je wil niet weten wat die herders voor soort lawaai maakten op hun halve vaatjes.