De strijd om de onderkant van de energiemarkt

De winstgevendheid van energiecentrales op kolen en gas in Europa, de VS en Australië staat in toenemende mate onder druk door de opkomst van hernieuwbare energie. Net als de tabaksindustrie verleggen mijnbouw- en oliebedrijven hun focus naar ontwikkelingslanden. Zowel Peabody Energy Inc. (een van de grootste kolenbedrijven van de  VS) als Exxon Mobile verklaarde recent dat fossiele energiebronnen belangrijk zijn voor een betaalbare energievoorziening voor de armen. Het enige probleem voor bedrijven in olie, kolen en gas is dat de marktontwikkeling ze niet meezit. Een recente studie van Kepler Chevreux laat zien dat deze bedrijven zelfs onder het business as usual-scenario van het Internationaal Energie Agentschap, dat wil zeggen zonder klimaatbeleid, forse verliezen kunnen verwachten. Paradoxaal genoeg worden die verliezen alleen maar hoger als de prijs van fossiele brandstoffen stijgt. Dus hoe hoger de olieprijs, hoe hoger het verlies volgens Kepler Chevreux wordt.

Nederland is een fossiel landje

Alle retoriek over duurzame energie en het Nationaal Energieakkoord ten spijt: Nederland is volgens het Internationaal Energie Agentschap (IEA) een fossiel kikkerlandje.

Het totaal aan levering van primaire energie (TPES Total Primary Energy Supply) voor Nederland in 2012 was 78.6 Mtoe (Million tonne of oil equivalent – het equivalent van de hoeveelheid energie die vrijkomt bij het verbranden van een miljoen ton olie). Het aandeel van hernieuwbare energie was 5.3% van het TPES. Daarvan komt 4.7% van biobrandstoffen en afval, 0.5% van windenergie en 0.1% zonne-energie. Daarmee scoort Nederland onder het gemiddeld van 8,8% hernieuwbare energie van de bij de IEA aangesloten landen.

Foto: Ian Britton (cc)

Minder, minder, minder

ANALYSE - ‘Ik ben noch optimistisch, noch pessimistisch, maar realistisch. We kunnen iets doen aan de opwarming van de aarde, maar dat vergt een heroïsch morele houding.’ Met die woorden opende prof. dr. mr. Herman Philipse zijn betoog in de laatste lezing in de serie ‘Klimaatverandering’. Waar bestaat die heroïsch morele houding uit? Wat moeten we doen om de opwarming van de aarde tegen te gaan, om zo versnelde klimaatveranderingen te voorkomen?

Uitstoot verminderen

In zijn eerste lezing liet Herman Philipse al zien wat ons te wachten staat. Wanneer de aarde een paar graden opwarmt, zal het klimaat op een voor de mensheid ingrijpende wijze veranderen. Vervolgens liet hij zien dat het klimaatprobleem een moreel probleem is, omgeven met allerlei moeilijkheden over hoe te handelen.

Maar wat kunnen en moeten we doen wanneer we inderdaad besluiten de opwarming van de aarde te vertragen? Philipse stelt dat we allereerst een duidelijke doelstelling moeten formuleren. ‘De temperatuur niet verder laten stijgen dan 2 graden Celsius’ is dat niet. De manier waarop dat doel moet worden gerealiseerd, is immers allesbehalve duidelijk.

Een concretere doelstelling is om de CO2-concentratie in de lucht in 2050 te beperken tot vijfhonderd deeltjes per miljoen delen. Maar als we die doelstelling willen bereiken, zouden we onze mondiale CO2 uitstoot met vijftig procent moeten reduceren ten opzichte van het niveau van 1990. Ter illustratie: op dit moment stoten we zestig procent meer CO2 uit vergeleken met dat jaar. Ieder persoon op aarde zou dan maximaal twee ton CO2 per jaar mogen uitstoten.

Foto: John Wardell (cc)

Gecalculeerd gokken

ACHTERGROND - We weten niet precies wat de gevolgen van klimaatverandering zullen zijn. Moeten we dus wel of niet preventief ingrijpen?

Mensen houden wel van een spelletje. Echte gokkers kunnen dan ook hun hart ophalen bij het klimaatcasino, waar onzekerheid op onzekerheid gestapeld is. Wat is de kans dat het klimaat de komende honderd jaar drastisch verandert wanneer we niets doen aan onze uitstoot van broeikasgassen? Is niets doen niet de meest onverstandige gok om te nemen? Prof. dr. mr. Herman Philipse sprak in de lezingenreeks Klimaatverandering over hoe te handelen in situaties van onzekerheid.

Preventief handelen of later aanpassen?

Willen we iets doen aan de klimaatverandering, zijn er ruwweg twee opties: actief of reactief handelen. Een actieve vorm van handelen is mitigatie. Mitigatie houdt in dat de uitstoot van broeikasgassen wordt teruggebracht. Een andere mogelijkheid is adaptatie: je aanpassen aan de veranderende omstandigheden. Nederlanders kunnen bijvoorbeeld de dijken verhogen, of – als ons land onder water loopt – verhuizen naar hoger gelegen buurlanden.

Maar een aanpassing is in veel opzichten, zoals bij de oceaanverzuring, niet eenvoudig. Armere landen, waar vis een belangrijk deel van de voedselvoorziening is, kunnen niet gemakkelijk andere voedselbronnen aanboren. Het actief terugbrengen van de uitstoot van broeikasgassen is daarom wenselijker dan een passieve reactie achteraf.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: NWFblogs (cc)

Klimaatverandering is een moreel probleem

Juist de morele vragen rondom klimaatverandering staan eenvoudige oplossingen in de weg.

‘Wat kan mij het klimaat nou schelen? Wanneer de grootste veranderingen intreden ben ik toch al dood!’ Dat is een veelgehoorde reactie wanneer je mensen op hun verspillende, onduurzame gedrag aanspreekt. Onterecht. Want ook voor mensen van nu is klimaatverandering een urgent probleem: een moreel probleem, zo stelde prof. dr. mr. Herman Philipse tijdens zijn tweede lezing in de serie Klimaatverandering.

Morele vragen

Moeten we minder broeikasgassen uitstoten om zo de klimaatverandering zo min mogelijk te belasten? Of moeten we juist maatregelen nemen om onszelf te weren tegen mogelijke bedreigingen die met klimaatverandering samen gaan? Dat zijn volgens Philipse de vragen die wij ons moeten stellen. Tenminste drie morele kwesties daarbij een belangrijke rol.

Ten eerste is er de vraag hoe wij de aarde voor toekomstige generaties achter behoren te laten, zodat ook die op een leefbare wereld terecht komen. Daarnaast is er de vraag hoe de verdeling van de CO2-uitstoot moet worden geregeld. Moeten landen die vroeger veel broeikasgassen hebben uitgestoten ook de lasten daarvan dragen? Of moeten juist opkomende economieën getemperd worden in hun drang om steeds meer fossiele brandstoffen te verstoken?

Foto: Julia Manzerova (cc)

Energiekennis als bokshandschoen

ACHTERGROND - We kunnen veel leren van Duitse stakeholdersdialoog: daar speelt wetenschappelijke kennis een hele andere rol in het energiedebat dan in Nederland.

Inspiratie haal ik tegenwoordig bij onze oosterburen, ik schreef dat al eerder. Winkelen in Duitsland is niet alleen interessant als het om hernieuwbare energie gaat, ook op het gebied van fossiel kunnen we nog van Duitsland leren. We kunnen leren hoe het niet moet, en leren hoe het wel moet.

Hoe het niet moet: fossiele energie, in het bijzonder bruinkool, bevorderen. Bij de huidige randvoorwaarden en beleidsmaatregelen ontwikkelt de energiehuishouding in Duitsland (maar ook elders) zich schizofreen: duurzame energie groeit hard, maar (bruin)kolencentrales blijven vooralsnog behoorlijk overeind.

De winning van bruinkool wordt in Duitsland sinds jaar en dag met allerlei directe en indirecte en verborgen regelingen bevorderd. De duurzame-energiewetgeving heeft tot een nieuwe, perverse prikkel geleid: de elektriciteit die gebruikt wordt bij de bruinkoolwinning is vrijgesteld van de heffing waarmee hernieuwbare energie wordt gefinancierd. Alsof de exploitanten van een bruinkoolmijn anders bij Venlo de grens over zouden gaan om daar verder te graven.

Leerzaam: zo moet het niet. Maar kom als land maar eens los van zo’n benadering, die van oudsher gesteund wordt door onder meer de vakbonden en de SPD.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Olieopslag bedreigt natuurgebied en drinkwatervoorziening

Al veertien dagen borrelt er olie op in het nabij Enschede gelegen Duitse natuurgebied Amtsvenn. Volgens Tubantia wijzen de onderzoeken op een lekkage van een zoutholte waarin 140 miljoen liter ruwe olie is opgeslagen. Inmiddels zijn olierestanten aangetroffen in grondwater en sloten, is een kikkerpoel vervuilt en zijn 6 koeien overleden na het drinken van water met olie.

Akzo en Argos hebben plannen om onder het Enschedese industriegebied Marssteden 70 miljoen liter gas en olie op te gaan slaan in zoutcavernes.

Vorige Volgende