Gaat door het leven als Stephan Okhuijsen.
Studeerde ooit wiskunde/informatica en later ook nog even filosofie. Maar zonder resultaat. Lang werkzaam in de ICT als project/programma/interim manager. En doet nu ook nog wat datadingen via Datagraver.
Bestuurlijk actief geweest in een sportvereniging, een jongerenvereniging, een journalistenvereniging, in alle lagen van de organisatie van de SP en nu weer op een school.
Bloggend opgevallen met zijn serie over de Europese Grondwet. Daar nooit meer van hersteld.
Houdt zich bezig met alternatieven voor het huidige politieke en maatschappelijke systeem, klimaat en privacy.
Nieuwsjunk, datamartelaar en informatieverslinder. Online sinds 1993.
Was ook even columnist bij RTLZ.
Mastodon: https://mastodon.green/@Steeph
Kunst op zondag – Ars. Semionov

Ars. Semionov, Green House, 1963.
Weekendquote – Realpolitiek
“Hij zei: ‘De PvdA wil maar één ding en dat is rotzooi maken tegen het kabinet. En dat kan ik niet hebben, met alle economische hervormingsplannen die ik wil doorvoeren.’ En daarin moest ik hem gelijk geven: dat was van groter belang voor Nederland.”
Aldus Ben Bot, oud minister van Buitenlandse Zaken, in het NRC van vandaag.
Dit gaat over 2005, het jaar waarin Ben Bot de uitspraak deed dat de invasie in Irak een vergissing was. Die uitspraak moest hij terugtrekken van Jan Peter Balkenende. Bovenstaande is de motivatie van Jan Peter Balkenende uitgesproken tegen Ben Bot. Waarop Ben Bot zijn uitspraak introk. Niet dat hij niet vond dat het zo was, maar de waarheid had minder waarde dan het politieke belang van het CDA. Een onterechte oorlog is ondergeschikt aan economische hervormingen.
Dat is realpolitiek toch?
Voorpagina artikel in NRC en uitgebreid interview met Ben Bot in NRC
Vrijdag Vraag – Postsinterklaasschoonmaak

Welk Sinterklaascadeau heeft u onmiddelijk in de prullenbak gegooid, waarom en welk gedicht zat erbij?
Nieuwe Code voor de Journalistiek gaat niet werken
Maarten dwong me vorige week om het ontwerp voor nieuwe Code voor de Journalistiek te lezen. Met deze zin zijn gelijk al een aantal regels uit die code overtreden. Waarschijnlijk is het nog wel naar de intentie van de Code, maar zeker niet naar de letterlijke regels. En dat is dan ook gelijk de aanleiding voor conclusie dat die Code niet werkt.
Een van de redenen waarom men met een nieuwe Code wil komen, is dat de nieuwe media, internet en burgerjournalistiek het hele journalistieke werkveld in een ander daglicht plaatsen. En men wil graag een Code die met de nieuwe realiteit rekening houdt.
Maar het uitgangspunt is dat er kennelijk een Code nodig is. Journalistiek is niet wettelijk aan strakke regels en papiertjes gebonden zoals dat bijvoorbeeld geldt voor artsen. Iedereen kan zich dus journalist noemen en “nieuws” de wereld in schieten. En de beroepsjournalisten zouden graag zien dat duidelijk is wat het kaf is en wat het koren. Zeggen dat je je houdt aan de Code zal straks de rechtvaardiging zijn om jezelf een “echte” journalist te noemen.
Dat is om meerdere reden kolder. De belangrijkste reden is nog wel dat het vrijwel onmogelijk is om de Code volledige na te leven. Neem bijvoorbeeld de eerste regel:
Geen toekomst voor de wetenschap in Nederland
De deltatwerken zijn geen marketingcampagne, de CD is niet bedacht door juristen, zonnecellen worden niet ontworpen door managers, ons drinkwater blijft niet kwalitatief goed door de juiste accountantsverklaring en het benzineverbruik van auto’s verbetert niet door een sociologische studie. Harde wetenschap zorgt voor een belangrijk deel van de ontwikkeling van ons land.
Gisteren verscheen het OECD onderzoek naar de schoolprestaties, PISA 2006. Nederland zat weer in de gebruikelijke kopgroep qua prestaties. Iedereen opgelucht, kennelijk is ons onderwijssysteem toch nog niet zover afgegleden dat we op internationaal niveau niet meer mee kunnen.
Maar er zitten een aantal zorgwekkende cijfers verborgen in de enorme berg statistieken. De Nederlandse jeugd mag dan nog steeds wel aardig presteren qua rekenen en taal, de wetenschap doet ze niet zoveel meer. Kijkend naar de landen van de OECD scoort Nederland het laagst qua plezier in wetenschap (tabel 3.9) en het op éénnalaatst qua belangrijk vinden van wetenschap (tabel 3.5). Ook wanneer aan de jeugd gevraagd wordt of ze op hun dertigste denken een carriere in de wetenschap te hebben, zitten we consequent in de onderste regionen.
Dat is een zorgwekkende constatering. Het mag dan nu zo zijn dat we nog aardig scoren, maar als iedere opvolgende generatie minder interesse heeft in wetenschap, zal het onderwijs daar stilaan ook onder lijden. Het aantal enthousiaste en beschikbare leraren zal teruglopen. En de consequenties voor Nederland als kennisland laten zich raden.
Maar wat veroorzaakt deze opmerkelijke score? Is het de generatie geitenwollensokkenhippies die nu het onderwijs bestieren, met hun nadruk op de zachte kant van zaken de aandacht voor harde wetenschap hebben laten versloffen? Of is het toch ons huidige onderwijssysteem dat het leren debatteren boven het weten waarover je praat stelt, het leren opzoeken van informatie belangrijker vindt dan de feiten paraat hebben en het constant gebruiken van praktijken uit alle dag als enige manier ziet om leerlingen het nut van een formule bij te brengen?
Het berenmysterie
“You can’t blame car drivers every time a child goes missing,”
Er zijn twintig (20) bruine beren verdwenen in de Alpen. De jagers worden verdacht en verdedigen zich met bovenstaande uitspraak. Maar als zij niets gedaan hebben, wordt het vast een spannend ski-seizoen.
Beren blijven Europa bezig houden.
