Ich bin ein Berliner

Een systeemkaart waarvan er dertien in een dozijn gaan, en waar met rode inkt iets op staat gekrabbeld: ik heb er honderden staan in een bakje op m’n bureau. De kaart op de foto hierboven zou er niet in opvallen. Trivialer kan het niet.
Maar het is wel degelijk het spiekbriefje dat president Kennedy in 1963 – over een paar weken een halve eeuw geleden – gebruikte tijdens zijn beroemde toespraak in Berlijn. Ik fotografeerde het in het Kennedymuseum dat ligt bij de Amerikaanse ambassade en hét symbool van Koude Oorlog: de Brandenburger Tor.
Een kleine twee jaar voor Kennedy’s bezoek aan Duitsland hadden de Sovjets Berlijn door de bouw van de Muur in tweeën gesplitst. De Koude Oorlog was op z’n koudst toen Kennedy duidelijk maakte dat er over Berlijn niet viel te onderhandelen. Gegeven het belang van de toespraak, is ze eigenlijk opvallend kort: 674 woorden. Er staan schitterende zinnen in:
Freedom has many difficulties and democracy is not perfect, but we have never had to put a wall up to keep our people in, to prevent them from leaving us.
Zelfs als Kennedy een ander, namelijk burgemeester Willy Brandt, citeert, klinkt het prachtig:
While the wall is the most obvious and vivid demonstration of the failures of the Communist system, for all the world to see, we take no satisfaction in it, for it is, as your Mayor has said, an offense not only against history but an offense against humanity, separating families, dividing husbands and wives and brothers and sisters, and dividing a people who wish to be joined together.