Jona Lendering

636 Artikelen
15 Waanlinks
322 Reacties
Studeerde geschiedenis en vertelt er graag over. Scepticus, recensent, fietser, webmaster (LiviusOrg), Don Quichot, blogger (Mainzer Beobachter) en beheerder van GrondslagenNet. Reist regelmatig in het Midden-Oosten, schreef een paar boeken, gruwt van de zelfmoord van de geesteswetenschappen en droomt van een eigen huis in Downtown Beiroet.
Foto: Post-Atheïst

Post-atheïst | Hoera, Pasen zit er weer op

COLUMN - Het fijne aan Pasen is dat het op een gegeven moment weer voorbij is. Er is geen christelijk feest dat nog ergerlijker is.

Om te beginnen zenden de EO en de KRO “The Passion” uit, gezongen door celebrities, omdat die extra publiciteit genereren. Het is evangelisatie met hedendaagse middelen en dat mag, maar het is, zoals ook door Prediker werd geconstateerd, tandeloos. Als je écht aandacht wil vragen voor het menselijk lijden, doe dan iets rond de executie van Muath al-Kasasbeh. Maar dáár krijg je geen miljoenenpubliek mee: dat zouden we immers smakeloos vinden. Dat de EO en de KRO met The Passion wél drie-en-een-half miljoen kijkers trekken, bewijst dat Jezus’ lijden niet meer schokt of aan het denken zet. De twee omroepen geven als signaal af dat het christendom nog slechts een cultureel dingetje is, een variéténummer. Je moet er iets van weten omdat je anders de schilderijen in het museum niet snapt, maar ontregelend is het niet meer.

Eigenlijk kan ik hetzelfde zeggen van de Matthäus Passion. Ik heb elk jaar weer medelijden met de NOS-cameraploeg die in Naarden moet gaan voxpoppen en het ene na het andere cliché registreert. “Erbarme dich, ik ben er elke keer weer door ontroerd,” hoor je dan, en je weet: zelfs die huilende Noord-Koreaanse nieuwslezers hebben meer authenticiteit in hun pink dan zo’n Naardense Bachliefhebber in z’n hoofd.

Jemen

OPINIE - Robert Fisk is een van de bekendste journalisten in het Midden-Oosten. En hij heeft iets te zeggen over de Saoedi-Arabische inval in Jemen.

Foto: Francisco Martins (cc)

Erfgoedwanbeheer

Ik begon ooit te bloggen om de reden waarom ik ook aan de Livius Nieuwsbrief begon: om dingen te delen die ik mooi of leuk of interessant vond. Het intellectueel gewicht van mijn reeks museumstukken mag dan gering zijn, ik beleef er meer plezier aan dan aan de stukjes waarin ik uitleg wat er nu weer niet deugt. Die stukjes horen er echter wel bij. Ik doe immers niet aan public relations van de humaniora maar probeer mensen uit te leggen wat het van vakken zijn.

Het irritante van stukjes waarin je uitlegt wat er verkeerd zit, is dat je vaak in herhaling moet vervallen, bijvoorbeeld omdat kwakarcheologen net als andere archeologen hetzelfde nieuws enkele keren publiceren. “Waarom zou je iets één keer naar buiten brengen,” zoals de zandwroeters plegen te zeggen, “als je ook twee keer naar publiciteit kunt hengelen?” Of drie keer, zoals in het geval van het onlangs gevonden gebeente van Cervantes.

Cervantes

De auteur van de Quichot was in juli 2011 al in het nieuws, en in januari 2015, en ook afgelopen 17 maart. Dus laat ook ik dan maar in herhaling vervallen en opnieuw schrijven wat ik al heb herhaald: waarom zou je de grafrust van een geliefde schrijver verstoren?

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Week van de Klassieken

OPINIE - De huidige Week van de Klassieken blijft teveel aan de oppervlakte, verdiept niet, illustreert vooral dat de klassieken platvloers zijn. Dat kan anders, betoogt Jona Lendering.

spraakverwarring

Op de dag van de verkiezingen begon de Week van de Klassieken, waarin verschillende organisaties u enthousiast willen maken voor de Grieks-Romeinse Oudheid en haar nawerking in de Europese cultuur. Omdat ik in Iran ben, heb ik daarmee weinig van doen, maar ik wil het ook niet ongemerkt voorbij laten gaan. Ik heb er namelijk wel wat gedachtes bij.

De eerste daarvan is of een “week van” nog wel een geschikt middel is om het publiek te bereiken. De vorm had zin in de tijd vóór het internet, toen de nieuwscyclus werd bepaald door de gedrukte pers en voorbij was als het drukwerk oud papier vormde; in deze internettijd is informatie echter voortdurend beschikbaar en ligt het aanbieden van “weken van” eigenlijk niet meer zo voor de hand.

Er zijn bovendien zoveel “weken van” en “maanden van” dat ze niet meer opvallen. Als ze dat toch doen, willen ze nog wel eens opvallen in negatieve zin. Zo las ik een tijdje geleden dat er een “denker des vaderlands” was. Ik meende in eerste instantie dat het een initiatief was van De Speld, maar toen ik ontdekte dat het was bedacht door de Maand van de Filosofie, was mijn belangstelling voorgoed weg.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Mooie verhalen

COLUMN - Onlangs lunchte ik in de Brakke Grond met Peter Tomson, de auteur van ‘Als dit uit de hemel is…’ Jezus en de schrijvers van het Nieuwe Testament in hun verhouding tot het Jodendom (1997). Ik heb het boek kort nadat het was verschenen twee keer achter elkaar gelezen. Het maakt elke lezer enthousiast voor de wereld van het antieke jodendom en ik was blij de auteur nu eens te ontmoeten.

sagan

Enthousiast: zo zou ik graag altijd zijn als het gaat over de wetenschap. Stiekem ben ik gewoon mijn leven lang Kijk-lezer gebleven: mooie verhalen over onderzoek, altijd positief van toon, waar je vrolijk van werd. De wereld is prachtig en het geweldige ervan is, om Sagan te parafraseren, dat er om elke hoek steeds weer iets nieuws ligt, klaar om te worden ontdekt.

Ik streef ernaar dat over te dragen en soms lukt dat ook. Op mijn persoonlijke blog is dit een van de best bezochte pagina’s: niet omdat Julius Caesar zo interessant is, maar omdat mensen zien hoe wetenschappers tegen een probleem aanlopen (de prioriteit van het archeologische of het tekstuele materiaal) en twee theorieën opstellen, waarbij uiteindelijk de empirie helpt beslissen. Niks vind ik fijner om uit te leggen dan een puzzel en ik loop inmiddels lang genoeg mee om te weten dat mensen ook graag dat soort verhalen lezen of horen.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Onwennige gastvrijheid

COLUMN - Reyy is een voorstad van Teheran, al zeggen de mensen ter plekke dat het andersom is: het jonge Teheran is een voorstad is van het oeroude Reyy. Het stadje is inderdaad zo oud als de geschreven geschiedenis: het was bewoond in de Achaimenidische tijd en wordt genoemd in de religieuze teksten van de joden en zoroastriërs. In de Vroege Middeleeuwen was het een metropool en omdat hier veel mensen woonden, kwam Abd ol-Azim hier de sjiitische leer verkondigen.

reyy_abdolazim_02

Abd ol-Azim was niet de eerste de beste. Hij was een afstammeling van Hassan, die op zijn beurt de zoon was van Mohammeds dochter Fatima en kalief Ali. Veel mensen keken naar deze familie voor advies en de familiehoofden, de imams, gelden tot op de huidige dag in de sjiitische islam als onfeilbare bronnen van gezag. Het was de tiende imam, Ali al-Hadi, die zijn verwant Abd ol-Azim zo rond het midden van de negende eeuw naar de grote stad Reyy zond. Hij schreef er twee boeken en wordt door de sjiitische geleerden als een betrouwbare overleveraar van anekdotes over het leven van de profeet Mohammed.

Abd ol-Azim is in feite de tegenpool van zijn tijdgenoot Abu Yazid, over wie ik vrijdag al blogde, die een mysticus was wiens uitleg van de islam inhield dat de gelovige moest streven naar eenwording met God. Dit zal voor de gemiddelde mens onhaalbaar zijn en de weg van de gewone gelovige zal er meer op gericht zijn in het dagelijkse leven het goede te doen. Voor hen zijn er de schriftgeleerden die de tradities over het leven van de profeet uitleggen – zoals Abd ol-Azim.

Foto: copyright ok. Gecheckt 01-03-2022

Blogger des vaderlands

COLUMN - Vanavond wordt in Arti et Amicitiae, een Amsterdamse kunstenaarssociëteit, de “blogger des vaderlands” gekozen. Ik was uitgenodigd voor de bijeenkomst, maar wanneer u dit leest, ben ik ergens op weg van Teheran naar Mashhad, en helaas ben ik nog altijd niet in het bezit van de gave der bilocatie. U zult dus eerder weten dan ik wie de BdV is geworden.

Dat weerhoudt me niet op te merken dat ik het een leuk initiatief vind van de blogster die schrijft onder het pseudoniem “Oud Zeikwijf”. Het weblog is inmiddels een serieus genre, dat best eens wat aandacht mag hebben. Zoals het blogbal van vanavond. Hoe serieus je een blogger des vaderlands dan vervolgens moet nemen, is een andere kwestie. (Ik schrok, vorige week, toen de “denker des vaderlands” geen stunt bleek te zijn om ons over media-hypes te laten nadenken, maar een serieus, niet-ironisch initiatief.)

Wat ik belangrijk vind aan bloggen is de totale vrijheid die de schrijver heeft. Akkoord, ik voor mij heb wat vervelio’s gehad in de commentaren en er is één intimidatiepoging gedaan die voldoende vervelend was om haar niet onvermeld te laten, maar ik neem aan voor de andere bloggers te spreken als ik zeg dat we volkomen vrij zijn. Zelfs een columnist in een krant is beperkt door het aantal woorden en het feit dat hij zijn aanstelling dankt aan een redactie. Een blogger kan zoveel woorden nemen als hij nodig heeft en kan schrijven wanneer hij zin heeft. Vrijer kan het niet.

Foto: Post-Atheïst

Post-atheïst | ISIS’ reality show

ACHTERGROND - U hebt de beelden ongetwijfeld gezien: aanhangers van de zogenaamde Islamitische Staat vernietigden oudheden in het museum van Mosul. Ik ga er niet naar linken, om redenen die u zo zult horen. Dat hoeft ook niet: u bent mediavaardig genoeg om te weten dat de vraag niet is wát het nieuws is maar waaróm het nieuws is. Waarom kreeg u deze beelden te zien?

Het is namelijk, om te beginnen, bepaald geen nieuws dat religieuze fanatici de musea in het Midden-Oosten plunderen of kapot maken. Een maand geleden werd het museum van El Arish in Egypte onder handen genomen. Dat kreeg u niet te zien. De musea van Deir ez-Zor, Palmyra, Malawi en Bani Walid zijn eveneens geplunderd en ook dat was geen echt nieuws.

Wat u dit keer te zien kreeg, was bovendien maar een heel klein deel van het verhaal. Die musea worden namelijk geplunderd met een concreet doel: de voorwerpen verkopen aan rijke westerlingen. De kleitabletten uit het museum van Mosul, ooit opgegraven in de Assyrische hoofdstad Nineve, lijken al eerder te zijn verkocht (al is een deel van de collectie in veiligheid gebracht in Bagdad). Wat u vorige week zag was slechts de vernietiging van het onverkoopbare materiaal: standbeelden die te groot waren om te vervoeren en te bekend om te verkopen, samen met gipsafgietsels van voorwerpen in westerse musea. De echte schade was al eerder toegebracht. Dit was slechts het laatste bedrijf, vergelijkbeer met een soldaat die nog even een handgranaat werpt in een al geplunderd huis.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Hoaxradar

COLUMN - Ik blogde onlangs over een onderzoek naar de verspreiding van pseudowetenschap. Mensen die daarin geloven, lezen uitsluitend de informatie die hen in hun ideeën bevestigt en herkennen evidente onzin niet.

tweet

Ik wees erop dat echte wetenschappers het weliswaar beter doen, maar – zoals iedereen – eveneens selecties aanbrengen in het overaanbod aan informatie. Geconfronteerd met informatie van buiten hun directe veld van kennis, zijn wetenschappers vermoedelijk even goedgelovig. Iedereen is dan goedgelovig. Van veel claims van de moderne exacte wetenschappen neem ik aan dat ze juist zijn, omdat ik domweg niet in de positie ben ze te beoordelen.

De foto hierboven passeerde gisteren in mijn Twitter-tijdlijn. Ik moest erom grinniken, maar bedacht toen dat ik er dan heel gemakkelijk van uitga dat dit voorbeeld van domheid authentiek is. Ik was goedgelovig. Hoe kan ik immers weten dat het echt is? Ik weet toch dat er onzinberichten circuleren? Ik weet toch dat het niet waar is dat Irene Vorrink zich in Parijs voorstelde als “ministre du milieu” en dat Michelle Bachman nooit zei dat Jezus de Bijbel had geschreven in het Engels? Dat soort pseudocitaten blijven maar circuleren, dus hoe besluit ik dat het bovenstaande citaat wel of niet echt is?

Het eerste wat ik weet is dat het gewoon kán. Dit valt binnen de grenzen van de reëel bestaande domheid. Dat lijkt het intrappen van een open deur, maar ik ken rare uitspraken waarvan ik vrij zeker weet dat niemand zó dom is dat hij ze kan menen. Dan weet ik dat iemand iets verborgen houdt of een dubbele agenda heeft. Als een Israëlische archeoloog beweert het paleis van David te hebben opgegraven, terwijl die man heus de wetenschappelijke discussies wel kent, weet ik dat hij niet zomaar een domme opmerking maakt maar dit zegt omdat hij naar fondsen zoekt.

Foto: E. Dronkert (cc)

Overal zanikt bagger

COLUMN - Oké. Zo gaat het dus niet langer. Ik heb sinds een paar dagen een nieuwe OV-chipkaart. De vaste lezers weten hoe ik de vorige ben kwijtgeraakt. Inmiddels ben ik voorzien van een nieuwe kaart, à raison van elf euro. (In geld omgerekend is dat vijfentwintig gulden.) Ik ben er een paar keer mee op reis geweest en maakte vandaag de rit van Amsterdam naar Nijmegen.

Vanavond moest ik verder naar Zutphen. En toen deed de kaart het dus niet. Ik ben langs al die gele palen gewandeld maar steeds gaf die kaart geen sjoege. Dood. Ik zal een week gebruik van het ding hebben kunnen maken. Een week.

In de stationshal is een informatiebalie maar om negen uur ’s avonds is die gesloten. Een bordje verwees met naar de “T&S” of de collega’s op de perrons. T&S? Geen idee.

Ik ontdekte het gelukkig al snel, want terwijl ik op zoek was naar het personeel, passeerde ik de “Tickets en service” en begreep ik wat de afkorting had betekend. Alleen was de T&S gesloten. Er stond wel iemand, maar die gebaarde dat hij niet kon helpen en kwam ook niet naar de deur om althans even te vragen wat de vraag was en te vertellen wat ik kon doen. Lomperik.

Op het perron: geen personeel. Nog even overgestoken naar de volgende sporen – inmiddels mijn trein gemist – toen ik twee mensen met fluoriserende jassen herkende. Technisch personeel. Ze luisterden, liepen even met me mee naar de automaten, probeerden of mijn pasje het deed en bevestigden dat het ding dood was.

Foto: Andrew Becraft (cc)

Trollen

ACHTERGROND - Kijk, dat is nou interessant. Een team van Italiaanse geleerden doet onderzoek naar de wijze waarop onbevestigde geruchten en samenzweringstheorieën zich via de sociale media kunnen verspreiden. Een van hun conclusies is dat mensen die zich bezighouden met dit soort ideeën, op Facebook alleen (99%) kijkt naar onderwerpen die dat bevestigen. Ook de omgekeerde conclusie is waar: wetenschappers becommentariëren vrijwel alleen (90%) wetenschappers.

Dat stemt overeen met wat ik weet over degenen die geloven dat de Cyruscilinder een mensenrechtendocument is: ze citeren vooral elkaar en nooit de laatste wetenschappelijke inzichten. Jezusmythicisten lezen alleen Jezusmythicisten – het boek van Van der Kaaij noemt bijvoorbeeld Meiers Marginal Jesus-serie niet.

Kwakhistorici zoeken bevestiging, zoeken niet naar de informatie die het eigen gelijk tegenspreekt en zijn er – dat bewees Trouw zo mooi – niet van op de hoogte welk wetenschappelijk onderzoek bestaat.

Ik kan ook de tweede conclusie bevestigen: wetenschappers weten nauwelijks wat er omgaat in de kwakgeschiedenissfeer, al is men zich ervan bewust dat er kwakgeschiedenis is. Ik ben blij dat mijn subjectieve indruk met cijfers valt te onderbouwen.

commentaaractiviteit
 
De onderzoekers wilden vervolgens weten hoe mensen reageerden als ze werden geconfronteerd met evident onjuiste informatie. Daarvoor keken ze of informatie van bestaande satirische websites (“troll posts”) was herkend. Ze schrijven:

Vorige Volgende