Jona Lendering

587 Artikelen
15 Waanlinks
314 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Studeerde geschiedenis en vertelt er graag over. Scepticus, recensent, fietser, webmaster (LiviusOrg), Don Quichot, blogger (Mainzer Beobachter) en beheerder van GrondslagenNet. Reist regelmatig in het Midden-Oosten, schreef een paar boeken, gruwt van de zelfmoord van de geesteswetenschappen en droomt van een eigen huis in Downtown Beiroet.
Foto: © Foto Jona Lendering Twee antieke grafstenen met een animatie van een crematie op een grafveld

Kunst op Zondag | Het nieuwe Thermenmuseum

Voor wie het Thermenmuseum in Heerlen nog niet mocht kennen: het is gewijd aan een van de grootste Romeinse ruïnes benoorden de Alpen. Coriovallum, zoals Heerlen destijds heette, was aanvankelijk de voornaamste nederzetting van een lokale stam. Fijne klei in de beekdalen zorgde ervoor dat hier veel pottenbakkers kwamen wonen. (Ik blogde vorige week over Lucius en Amaka.) Een Romeinse weg verbond het stadje met Bavay en Keulen en met de rest van de wereld, terwijl een andere weg leidde naar het noorden en naar Aken. Ergens in het midden van de eerste eeuw n.Chr. verrees hier ook een badhuis. Voor reizigers, voor soldaten, voor pottenbakkers en voor iedereen die verlost wilde zijn van het stof en zweet. En voor iedereen die gewoon behoefte had aan een babbel.

Kortom, Coriovallum was een van de vroegste centra van de romanisering in de Lage Landen. Een van de laatste ook. Nog in de vijfde eeuw n.Chr., toen andere nederzettingen allang waren opgegeven, woonden hier soldaten die zich identificeerden met het Romeinse Rijk. Het badhuis lijkt nog altijd te hebben gefunctioneerd. De opgraving documenteert dus een periode van een half millennium – het eerste kwart van de geschiedenis van de Lage Landen.

Een van de twee tijdelijke exposities © Eigen foto.

Foto: Een Perzische "speerdrager": reliëf uit Sousa, nu in het Louvre in Parijs.

Verdachte transactie

COLUMN - Mooie foto hè, hierboven. Dat vond een mevrouw uit Italië ook. Ze was een boek aan het maken over de geschiedenis van Perzië en wilde deze foto daarin graag gebruiken. Dus ze mailde me en ik stuurde haar het digitale bestand. Daarna nam ze nog wat andere foto’s af en uiteindelijk stuurde ik haar een factuur voor de tijd die ik had besteed aan het zoeken naar de bestanden. Niets ingewikkelds, geen groot bedrag. Iedereen tevreden.

Tot de bank me schreef.

Verdachte transactie

De bank had een betaalopdracht gekregen uit het buitenland en wilde wat informatie ontvangen. Het betrof namelijk een betaling met de vermelding “nine photos of several Persia-related themes”. Perzië! Iran! Hóógst verdacht natuurlijk. En dan gaat het ook nog om fotografie die maar een paar tientjes kost. Dat maakte dit tot een zéér verdachte transactie.

Wat er aan de hand was, staat hier beschreven. Het komt erop neer dat de bank met een reeks zoekwoorden digitaal speurt naar alles wat een verdachte transactie kan zijn. De aanname is daarbij dat mensen zulke betalingen zelf aangeven met woorden als “verkoop heroïne”, “Revolutionaire Garde” of “wapens”. Het systeem is absurd en iedereen weet het. Al zolang dit soort digitale sleepnetten worden geworpen, gebruikt iedereen met familie in Iran of met wetenschappelijke contacten trefwoorden als “bloemetjes”, “drop en pindakaas” of “Luxemburg”. Ofschoon ik geen ervaring heb op crimineel gebied, vermoed ik dat ook criminelen op deze manier het systeem ontwijken.

Foto: Alan Wilson (cc)

De B-25 Mitchell: vliegend erfgoed

COLUMN - Ook als we geen coronacrisis hadden, zou ik een flink deel van mijn tijd thuis werken. Dat gaat echter niet altijd even gemakkelijk. Als een vliegtuig overkomt, verlies ik concentratie. Dat geldt ook voor bouwvakkers of andere kabaal. Of, als ik zit te werken in de trein, voor geklets in de stiltecoupé.

Petities om de vliegbewegingen van Schiphol terug te brengen tot een aanvaardbaarder niveau, of om rolkoffers uit de Amsterdamse straten te weren, of om de stiltecoupés te voorzien van automatische schietstoelen voor mensen die blijven kletsen, zal ik ongezien tekenen. Geluidsoverlast veroorzaakt hart- en vaatziekten. Het RIVM schat dat we door onvoldoende bestreden geluidsoverlast elk jaar ruim tachtig extra doden hebben.

Ik sympathiseer dan ook ten diepste met de mensen in Gilze, die deze zomer klaagden over een B-25 Mitchell-bommenwerper. Die vloog nogal laag over en bleef laag overvliegen. “Je kunt buiten geen gesprek meer voeren als het gevaarte overkomt.” Heel herkenbaar. Ik zou een grap over luchtdoelgeschut maken als die grap niet al duizend keer gemaakt was.

Er is aan deze zaak een andere kant. De B-25 Mitchell is niet zomaar een bommenwerper. De Britse luchtmacht heeft deze Amerikaanse vliegtuigen tijdens de Tweede Wereldoorlog gebruikt om Duitse stellingen in Europa te bombarderen. Ook het 320 Dutch Squadron van de RAF vloog met dit type. De Militaire Luchtvaart van het KNIL heeft B25s gebruikt in Nederlands Indië en bij de bevoorrading van geïsoleerde dorpen na de Zeeuwse Watersnoodramp vloog de Marine Luchtvaartdienst met dit toestel. Dit is vliegend erfgoed.

Closing Time | Osmonds

Zat ik laatst in een snackbar een broodje te eten, hoorde ik ‘Crazy Horses’ van de Osmonds op de radio. Ineens was ik weer even een jongetje van zeven op een lagere school in een Apeldoornse nieuwbouwwijk. Ik heb later nog weleens gelezen dat de Osmonds destijds een ware manie hebben ontketend. Dat is destijds langs me heengegaan, maar nu ik het exuberante clipje zie, denk ik dat ik er iets van snap. Je kunt van de muziek denken wat je wilt, maar het enthousiasme spat er vanaf.

Explosie in Beiroet

Ik heb hier op Sargasso al eens eerder verteld dat ik Libanon een fijn land vind en Beiroet een heerlijke stad. Het was letterlijk liefde op het eerste gezicht: we waren net geland; het was avond; mijn zakenpartner, zijn echtgenote en ik zaten in een taxi; ik zat voorin; we draaiden de kustweg op en ineens rolde de stad – een verzameling wolkenkrabbers in het donker – zich voor me uit. “Wauw”, zei ik. En ik was verkocht.

Problemen

Libanon is een land met enorme problemen. Een slechte relatie met Syrië, dat de onafhankelijkheid van Libanon lange tijd niet heeft willen erkennen; een intens slechte relatie met Israël, dat een muur langs de wederzijdse grens heeft gebouwd; 100.000 Armeense en 175.000 Palestijnse vluchtelingen; de Syrische bezetting; de Israëlische bezetting; de wonden van de Burgeroorlogen; een speelbal voor vreemde mogendheden; de staat-in-de-staat van Hezbollah; gierende corruptie; de nasleep van de moord op oud-premier Hariri; vervuiling; de slechte positie van vrouwen; problemen rond de kieswet. En sinds een tijdje ook nog eens anderhalf miljoen Syrische vluchtelingen op een bevolking van ongeveer vier-en-half miljoen Libanezen.

Laat dat laatste even op u inwerken. De Syriërs bezetten Libanon van 1976 tot 2005; zes jaar later keerden de Syriërs terug, nu als vluchtelingen. De Libanezen hebben ze opgevangen. Niet van harte, vaak harteloos, maar ze deden het. Ik ben er vrij zeker van dat de tien miljoen Nederlanders in 1951 géén drie miljoen Duitsers zouden hebben opgevangen. Ik heb de Libanezen altijd bewonderd om wat ze voor vluchtelingen doen.

Foto: Frans Vlaanderen

Vakantiebestemming 2020 | Wallonië

Wij nodigen u uit de komende tijd uw verhalen, anekdotes en wetenswaardigheden over uw vakantiebestemming bij te dragen aan onze zomerserie. Vandaag een, in meerdere opzichten  ‘onverwachte’, bijdrage van Jona Lendering.

Het was niet mijn bedoeling in juli al op vakantie te gaan maar familieomstandigheden maakten dat ik mijn huis even moest uitlenen, zodat ik een vaag plan om eens naar Wallonië te gaan vervroegd uitvoerde. Er waren collega’s die ik eens wilde opzoeken, zoals de Herman Clerinx wiens boeken over de hunebedden en de Keltische verhalen ik al eens besprak. Ik moest een stuk of acht musea bezoeken waarvan ik de collectie niet kende. Maar wat me vooral motiveerde is dat ik van België houd.

En zoals het gaat: als je een idee onverwacht en te vroeg uitvoert, dan loopt het nooit helemaal zoals je wil. Zeker in coronatijden.

Evengoed heb ik een leuk reisje gemaakt in Wallonië, dat ermee begon dat ik mijn fiets in Aken moest zien te krijgen. Het verbod om je fiets mee te nemen is inmiddels niet meer van kracht, dus mijn bezorgdheid hierover was misplaatst. Ik bracht mijn eerste nachten door in Gemmenich, op de Belgische helling van de Vaalserberg, in een huisje waar ik vaker logeer. Daarvandaan ben ik op een maandag naar Luik gefietst – en toen merkte ik pas goed hoezeer corona onze levens verandert.

Foto: Stadsgezicht op een olielamp (Römisch-Germanisches Museum, Keulen)

Kunst op Zondag | Olielampen

ACHTERGROND - Het Römisch-Germanisches Museum in Keulen is momenteel wegens een langdurige verbouwing gesloten. Ik hoop dat als het weer open gaat, ook de studiecollectie olielampjes er weer is: ooit hingen er honderden lampjes, met allerlei afbeeldingen, zodat je een fantastisch beeld kreeg van wat de Romeinen leuke afbeeldingen vonden. Je had bloemen, mythen, erotiek, goden, dieren, voorwerpen, gladiatoren: alles wat een mens maar verzinnen kon stond wel eens op zo’n lamp.

Maar er valt met lampen meer te vertellen. Het bovenstaande plaatje is een stadsgezicht. Gevonden in Keulen (en in principe te zien in het Römisch-Germanisches Museum) maar vervaardigd in Noord-Afrika. Dat vertelt ook iets over de antieke netwerken. Blijkbaar is ooit iemand van Karthago naar Keulen gegaan – we hebben uit die laatste stad ook de grafsteen van een legionair uit Tunesië die overleden is aan de Rijn – en heeft deze lamp meegenomen.

Fenicische olielamp (Musée d’Utique) Foto - Jona Lendering

Fenicische olielamp (Musée d’Utique)

De oudste olielampen waren simpele schaaltjes zoals de bovenstaande uit Utica: een schaaltje waarin twee lonten konden branden, drijvend op een kraal. Later werden de bovenkanten bedekt, zodat een lampje kon worden meegenomen zonder dat je olie lekte (en per ongeluk je huis in brand stak), en al snel kwamen de mooiste plaatjes erop.

Closing Time | Theo Koomen

Omdat zomers leuker zijn als de Ronde van Frankrijk niet pas in september is. En natuurlijk ook omdat de quatorze juilliet het leukst is als een gretige jonge Nederlandse wielrenner alle Fransen op achterstand rijdt op de berg der bergen, op de top der toppen, op de aankomst der aankomsten. Peter Winnen was pas vierentwintig toen hij op 14 juli 1981 op Alpe d’Huez bergkoning Lucien van Impe en Bernard Hinault het nakijken gaf. Morgen negenendertig jaar geleden.

Foto: Cernunnos (Musée de Cluny, Parijs)

Keltische verhalen

RECENSIE - Als de Vlaamse auteur Herman Clerinx in zijn nieuwe boek Het oudste geheugen op aarde. Verhalen uit de Keltische wereld de La Tène-cultuur moet typeren, de tweede grote fase van de Keltische beschaving, schrijft hij:

deze kunstenaars leefden gelijktijdig met de meesters van de klassieke Griekse kunst. Maar terwijl de Grieken bedreven waren in het realistisch afbeelden van mensen, hadden de Keltische kunstenaars een andere belangstelling. De dagelijkse werkelijkheid boeide hen niet; zij toonden liever hun dromen, hun angsten, hun fantasie en hun mythen. Ook dat herkennen we in de verhalen uit de Keltische wereld. Realistisch kunnen we die moeilijk noemen, fantasierijk des te meer.

Ineens dacht ik: ja, dát is het. Wonderlijke goden met hertengeweien of drie gezichten, toverketels waar allerlei goeds in zit en dat in oneindige hoeveelheden, mensen die ingeklemd zijn in bomen: het zijn droomgezichten, fantasieën en soms ook angsten. Clerinx is een goede docent die vaak precies de juiste formulering weet te vinden.

Navertellen? Niet doen!

Het oudste geheugen op aarde bevat, zoals de ondertitel al aangeeft, verhalen uit de wereld van de Kelten en ik beken dat ik een zekere scepsis voelde toen Clerinx, met wie ik graag lunch als ik in Limburg ben, me vertelde van dit project. Ieder verhaal bestaat uit een plot die je kunt navertellen en uit de woorden waarin de plot is gegoten, en er gaat iets cruciaals verloren als je het een geeft zonder het ander. Het is ook helemaal niet nodig. Je kunt Homeros’ verhaal van Bellerofon moeiteloos (in een vertaling) voorlezen aan een kind van zes. In het Grieks beluisteren zou vermoedelijk nog beter zijn, maar zolang dit niet mogelijk is, zou ik de vertaalde woorden verkiezen boven de navertelling.

Foto: Ministerie van Buitenlandse Zaken (cc)

Ongevraagd advies aan Sigrid Kaag

COLUMN - Ik ben zwevend kiezer, waarbij de uitersten zich bevinden tussen Groen Links en de VVD. Over het algemeen kan ik namelijk in elk standpunt wel een zekere rationaliteit ontwaren. Voor lijsttrekkers ben ik beducht omdat ze me te machtsgeil zijn, maar als je voorbij de waan van de dag en de hysterie van de week kijkt, zijn de meeste politici geen charlatans. Meestal breng ik een voorkeurstem uit.

Van Engelshoven

Maar nu zit ik toch met een probleem. Ik zou eigenlijk willen stemmen op Sigrid Kaag (dus toch een keer een stem op een lijsttrekker), maar aan haar kleeft een moeilijk overkomelijk bezwaar: ze is lid van D66. Dat is – ik leg het even uit voor lezers in Vlaanderen – de partij van de huidige minister Van Engelshoven, die werkelijk alles doet om onderwijs, cultuur, en wetenschap te vernietigen.

Wetenschap? Ze implementeerde het catastrofale advies van de Commissie van Rijn. Cultuur? Ze kwam in de coronacrisis nauwelijks op voor de sector. Onderwijs? De minister heeft een scenario laten uitdenken om er twee miljard op te bezuinigen. Erop vertrouwend dat de bewindsvrouw de waarheid spreekt en dat dit slechts een theoretische exercitie is, wil ik de resultaten lezen van de theoretische exercitie om twee miljard méér te investeren in de toekomst.

Vorige Volgende