Links en rechts, deel 5: Progressief en conservatief

RECENSIE - In deze aflevering van de serie bespreek ik een boek: Is links beter dan rechts? van Frits Biefait. Hij betoogt dat het verschil tussen links en rechts het geloof in de maakbare samenleving is.

Volgens Bienfait is het verschil tussen links en rechts niet ‘gemeenschap versus individualisme’ [1] zoals ik in de vorige aflevering heb betoogd maar ‘verandering’: links ziet maatschappelijke problemen en wil daarom de maatschappij veranderen terwijl rechts zegt: ‘begin bij jezelf’ als je de wereld wilt verbeteren. Ik ben het niet eens met zijn interpretatie.

Laat ik op voorhand zeggen dat ik veel gebruik heb gemaakt van zijn werk. Behalve Norberto Bobbio, is Bienfait is een van de weinige auteurs, die ik ken die het onderwerp serieus nemen. Zijn beschrijving van de antropologie van het links-rechts dualisme en de manier waarop deze in Frankrijk is veranderd in een politiek onderscheid is een belangrijk inzicht. Voordat ik dit gelezen had, ging ik ervan uit dat dat wat nu ‘links’ en ‘rechts’ is geworden, op toeval berustte. Zoals ik zal laten zien, kan ik mij echter niet vinden in zijn conclusie over wat het verschil is tussen links en rechts.

Ik bespreek eerst hoe Bienfait tot zijn conclusie komt en zal daarna beargumenteren waarom niet verandering maar streven naar ‘gemeenschap versus individu’ een beter criterium is.

De culturele antropologie van links en rechts

Volgens Bienfait is de indeling in twee kampen een veel algemener verschijnsel is dan we denken. Uit cultureel onderzoek blijkt dat dit ook Westerse culturen dit doen. Links wordt geassocieerd met tegendraadsheid, met afwijken van het ‘juiste’ of ‘goede’ patroon. Links staat daarom ook vaak in een kwaad daglicht. Daarom staan in de bijbel de schapen rechts en de bokken links en staat Jezus staat aan Gods rechterhand. Rechts goed, links is ongeluk zo leert het christendom.

Bienfait geeft voorbeelden van eigenschappen in verschillende volken die met links en rechts geassocieerd worden, hier zijn een paar voorbeelden:

Tabel 1 Er is grote overeenkomst tussen verschillende volken, ook niet Westerse over de betekenis van links en rechts. Dit is een kleine selectie uit de lijst van Bienfait (p38-40).
Links Rechts Cultuur
Nieuw Oud Ambon
Krom Recht Grieken
Oneven Even Grieken
Ondergeschikte Baas Nyoro
Wanorde Orde Nyoro
Aarde Hemel Nyoro, Ambon
Het kwade Het goede Nyoro, Grieken
Vrouwelijk Mannelijk Nyoro, Mapuche, Ambon, Grieken
Ziekte Gezondheid Nyoro, Mapuche, Grieken

De woorden ‘links’ en ‘rechts’ zijn volgens Bienfait dan ook niet toevallig verwant met ‘link’ (in de zin van gevaarlijk) en ‘recht’ (in de zin van orde en terecht of rechtspraak). Het feit dat het onderscheid tussen links en rechts zich in de politiek tweehonderd jaar lang heeft kunnen handhaven, bewijst ook dat het aansluit bij iets fundamenteels in ons denken. Het is een algemeen verschijnsel dat in de meeste, ook niet Westerse culturen, voorkomt. Het is dus geen toeval dat we spreken over rechtspraak en rechtvaardigheid en daarom ging Rita Verdonk recht door zee. Het omgekeerde geldt ook voor links: dat wordt geassocieerd met link.

Volgens Bienfait verklaart dit dat niemand kan zeggen waarom iets links of rechts is maar wel moeiteloos een idee of partij als links of rechts kan karakteriseren. De titel van zijn boek Is links beter dan rechts? heeft dus een dubbele bodem. Volgens de traditie is het antwoord een overtuigend ‘nee!’, terwijl de verlichte elite dit lang juist wel heeft gedacht [2].

Links en rechts in de politiek

Nu we begrijpen waar het vandaan komt en waarom het zo hardnekkig is, kunnen we een verband leggen met de politiek. Bienfait kiest daarbij voor een psychologische benadering. Hij stelt dat de betekenis van links en rechts in de politiek moet aansluiten bij gewoonten en tradities in de taal:

In de rechtse sfeer dienen zich aan: kracht, orde, het recht, veiligheid, zekerheid, hiërarchie. In de linkse sfeer; het nieuwe, jeugd, omverwerping, wanorde, armoede. (p47)

Hij constateert dat rechts staat voor ‘voortbestaan van mezelf, gezin en nakomelingen’ (p53). Omdat de meeste mensen in hun jonge jaren worden gevormd in een gezin en daar dierbare herinneringen aan zullen hebben is dit een bijzonder krachtig beeld. Het gezin is de mal voor ons denken over politiek. Vader is de leider, het gezin is het volk en de buren zijn de ander. Allemaal kijken we naar politiek vanuit dit gezinsframe [3] maar links en rechts doen dat vanuit hun eigen perspectief. Rechts kijkt vanuit het perspectief van het gezinshoofd: de sterke vaderfiguur die regels maakt en het gezin beschermd. Links denkt ook vanuit het gezinsframe maar dan vanuit het perspectief van het opstandige kind dat vaders gezag betwist.

Nu kunnen we de verschillen tussen links en rechts verklaren: vader wil zijn kinderen opvoeden: ‘kind verbeter je zelf’. De kinderen verzetten zich daartegen en zeggen: ‘vader je bent ouderwets’. Bienfait komt daarom tot de conclusie dat links en rechts staan voor twee verschillende houdingen ten opzichte van de wereld:

Rechts: Het is zoals het is
Links: Het kan anders!

Hij benadrukt dat het geen intellectuele maar een emotionele tegenstelling is.

Volgens Bienfait komt links daarom overeen met ‘progressief’ in de betekenis van ‘wereldverbeteraar’ en rechts met ‘conservatief’ in de betekenis van ‘behoudend’. Daarom is links altijd in oppositie en verdedigt rechts altijd van de bestaande orde. Links is heterodox, rechts is orthodox.

De dominantie van rechts

Ik moet toegeven dat het een aantrekkelijke verklaring is. Hiermee is bijvoorbeeld goed te verklaren waarom links altijd op achterstand staat ten opzichte van rechts [4]. Links heeft altijd veel uit te leggen omdat zij iets nieuws wil creëren. Verandering van het bestaande, dat zich heeft bewezen, is gevaarlijk want het nieuwe moet zich nog bewijzen. Rechts maakt een veilige keuze en hoeft daarom in principe niets uit te leggen.

Ronald Reagan laat zien dat de framing van rechts heel effectief is. Reagan speelde de aardige, maar strenge en rechtvaardige vader die het beste voorheeft met zijn kinderen. Rechtse politici zijn heel bedreven in framing [5]. Het kostte de Republikeinen weinig moeite om het beeld van Bill Clinton als goede familievader te ondermijnen [6]. De Democraten zijn bovendien in het nadeel. Het beeld van Hillary als ‘wijze moeder’ is minder effectief, niet doordat het een vrouwelijk beeld is of omdat zij onbetrouwbaar zou zijn – dat laatste is propaganda van rechts – maar omdat het niet past bij het perspectief van links: het opstandige kind.

Dit verklaart [7] waarom rechts altijd de dominante factor in de politiek is – hoewel je het niet zou geloven als je rechtse sites als Jalta, of bladen als Elsevier leest. Daarom heeft Nederland zelden een volledige linkse regering – den Uyl is voor zover ik weet de enige regering die links genoemd kan worden – en zijn rechtse kabinetten (CDA en VVD) gebruikelijk. Nog niet zo lang geleden was er zelfs een kabinet ‘waar rechts Nederland zijn vingers bij [kon] aflikken’. Coalities van alleen linkse partijen zijn, anders dan van rechtse partijen, een zeldzaamheid.

De vijf criteria

Zoals ik in de vorige aflevering heb laten zien moet een criterium dat bepaalt wat links of rechts is, voldoen aan vijf criteria: tijdloosheid, neutraliteit, eenduidigheid, politieke relevantie en het moet de tweedeling beschrijven die we in de politiek zien.

Ik constateer dat het criterium ‘verandering’ goed voldoet aan de eerste drie criteria: de wil om de maatschappij te hervormen is geen recente mode. Ook is het neutraal omdat beide kampen, het behoudende en de hervormers, gelijkwaardig zijn. De wil van links om de maatschappij te veranderen en de naar binnen gerichte verandering van rechts zijn beiden respectabel. Hetzelfde kunnen we stellen voor de eis van eenvoud: het is duidelijk waarover het gaat. Met de vierde en vijfde eis heb ik echter meer moeite.

Politiek

In de eerste plaats is het geen politiek maar psychologie. Dit maakt het niet minder waardevol om de politiek mee te analyseren – zoals ik hierboven heb laten zien – maar het is minder bruikbaar als onderscheid voor links en rechts. Het is een verklaring waarom iemand links of rechts is maar het is geen beschrijving van de politiek van links en rechts. Ik heb hiertegen hetzelfde bezwaar dat ik ook al aanvoerde tegen de moraliteiten van Jonathan Haidt als criterium.

Zoals ik in deel 4 heb betoogd houdt politiek zich bezig met de vraag hoe ‘schaarse goederen’ verdeeld moeten worden. Wie heeft recht waarop en waarom? Wie zich tekort gedaan voelt komt in opstand, wie tevreden is met de verdeling is voor consolidatie van de bestaande orde. Het lijkt alsof de strijd gaat om verandering, maar dat is schijn want het gaat om een verdelingsvraagstuk.

Tweedeling

Tot zover zijn mijn argumenten misschien nog niet doorslaggevend: er is voor beide criteria wel wat te zeggen. Maar ik heb nog een derde reden. Als je goed kijkt naar het gedrag van rechtse politici zal je constateren dat ook zij niets anders doen dan de wereld naar hun hand te zetten. De meest expliciete verwoording van deze houding komt van een anonieme functionaris in de regering Bush [8]. Deze vertelde aan een Ron Suskind wat de filosofie van zijn regering was. Ik geeft het volledige citaat (mijn benadrukking):

The aide said that guys like me were “in what we call the reality-based community,” which he defined as people who “believe that solutions emerge from your judicious study of discernible reality.” … “That’s not the way the world really works anymore,” he continued. “We’re an empire now, and when we act, we create our own reality. And while you’re studying that reality—judiciously, as you will—we’ll act again, creating other new realities, which you can study too, and that’s how things will sort out. We’re history’s actors…and you, all of you, will be left to just study what we do.”

Niemand zal betwisten dat de regering Bush conservatief en uiterst rechts is. Deze uitspraak laat daarom zien dat het idee van Bienfait dat rechts ‘de wereld niet wil veranderen’ geen goed criterium is. Links heeft hier de rol van waarnemer (van de realiteit) terwijl rechts de wereld verandert. In de optiek van Bienfait is dit de omgekeerde wereld. Zijn criterium is geen verklaring voor het dualisme tussen links en rechts dat we in de praktijk zien.

Conservatisme

Bienfait is niet de enige die deze vergissing maakt. Conservatisme wordt vaak verward met traditionalisme. Iemand die traditioneel is, is voor behoud van het bestaande omdat dat vertrouwd en bekend is maar dat is geen politiek standpunt. Een links iemand kan ook een traditionalist zijn. Rechts gebuikt de kreet ‘conservatisme’ als dekmantel voor haar eigen vorm van utopisme: zij wil een wereld creëren waarin ‘de juiste’ mensen bepalen wie wat toekomt. Dat wordt geadverteerd als individualisme en vrijheid want dat klinkt beter dan ‘ons soort mensen verdient het te regeren’.

Daarom is rechts voor meer markt: in een competitieve omgeving vergroot de markt verschillen. De juiste mensen – de meest competitieve – krijgen een groter deel van de koek. ‘Vrijheid’ is de vrijheid om te bezitten en om niet delen. Het heeft niets te maken met onwil om de wereld te veranderen, integendeel, als het hen uitkomt de wereld in hun voordeel te veranderen zullen zij dat niet laten. Daarom is rechts voor een kleine staat omdat de staat het ongelijke resultaat van de markt corrigeert. In een kapitalistische economie die niet wordt gecorrigeerd neemt de ongelijkheid toe. Dat is ook precies wat we nu, na veertig jaar economisch beleid van rechtse signatuur zien: de ongelijkheid in de maatschappij is weer even groot als voor de beurskrach van 1929 [9].

Conclusie

Het criterium dat Bienfait voorstelt is geen politiek criterium want het leidt niet tot politiek handelen. Het criterium ‘gemeenschap versus individualisme’ verklaart het verschil tussen links en rechts beter. Het verdelen (of niet verdelen en ongelijkheid accepteren) is bij uitstek een politiek criterium: het is de taak van de politiek [10] om te zorgen voor een rechtvaardige verdeling van schaarse middelen omdat automatische (markt) processen leiden tot vergroting van de ongelijkheid. Daarom is rechts voor een kleine staat.

Politiek gaat om het veranderen van de wereld want dat is het wezen van wat politiek is: de maatschappij zodanig inrichten dat zij overeenkomt met jouw idealen. Dat doet rechts niet minder dan links.

Vorige afleveringen
Deel 1: Richting in de Politiek
Deel 2: Oorsprong en geschiedenis
Deel 3: Politicologie van het volk
Deel 4: Wat is het verschil?

Noten
[1] Of de alternatieve formulering: ‘streven naar gelijkheid’ – zie deel 4.
[2] Links heeft lang gedacht dat het beter was dan rechts. Bas Heijne schrijft over het verlichtingsdenken dat lange tijd dominant was in Europa. Op p34 in Onbehagen:
Wie voor Europa was, stond aan de kant van de Verlichting: deze nieuwe gemeenschap zou het voortaan stellen zonder de vernietigende eigenschappen die oude vormen van gemeenschappen hadden gekenmerkt – benauwd groepsdenken, nationalisme, aanspraak op vermeende superioriteit van de eigen cultuur, geloof in een unieke lotsbestemming van eigen volk en vaderland.
Al die emoties, die deel uitmaken van de traditie van de contraverlichting, die de Verlichting altijd als een schaduw heeft gevolgd, waren na ’45 tot taboe verklaard; we hadden immers gezien wat ervan kwam.

Dit is waar rechtse commentatoren zich boos over maken: het claimen van morele gelijk door links.
[3] Dit doet sterk denken aan George Lakoff. Volgens Lakoff denken mensen vanuit een frame. Hoe je over een onderwerp denkt wordt bepaald door het frame waarin het wordt gepresenteerd. ‘Gezin’ is een frame, maar frames kunnen ook heel basaal zijn: het lichaam is ook een frame. Frames worden getriggerd door bepaalde woorden te gebruiken. Deze techniek wordt veel in de marketing gebruikt. Links heeft traditioneel weinig op met marketing en zou er goed aan doen volgens Lakoff om zich hier beter in te verdiepen. Veel rechtse politici komen uit het bedrijfsleven en maken wel heel handig gebruik van framing. Lakoff hamert er voortdurend op dat linkse politici hier heel slecht in zijn en daardoor onnodig veel terrein verliezen. Links doorziet de rechte framing niet, erger nog, neemt die frames over en maakt ze zich eigen.
[4] Zie bijvoorbeeld dit overzicht van de coalities die Nederland hebben geregeerd sinds de Tweede Wereldoorlog. Van de totaal 29 kabinetten zijn is er totaal slechts eenmaal een linkse coalitie geweest: Den Uyl I. Dit was een coalitie van linkse partijen en een groep linkse dissidenten van het CDA. Verder zijn er alleen coalities van links met rechts en rechts onderling.
[5] Veel rechtse politici komen uit het bedrijfsleven en zijn vertrouwd met marketing dat in essentie ook framing is.
[6] Ja, Bill Clinton gedroeg zich niet als goede familievader, maar het er is veel meer aanleiding om juist rechtse politici als slechte familievaders te ontmaskeren: Rechtse politici als Newt Gingrich, en David Vitter misdroegen zich nog veel erger. Voor meer voorbeelden zie: The right-wing’s 20 biggest sex hypocrites. Het is opvallend dat juist de verdedigers van normen en waarden zich er het minst naar gedragen. Terwijl Gingrich leiding gaf aan de ontmaskering van Bill Clinton pleegde hij zelf overspel. Een interessante vraag is waarom juist rechts daarmee wegkomt en niet links.
[7] Er zijn overigens meer redenen waarom rechts het beter doet dan links: rechts heeft betere lobbyisten, veel politici komen uit het bedrijfsleven. Het bedrijfsleven is hun thuisbasis, een thuisbasis die bovendien goed bij kas zit. Rechts is bovendien vaak ook veel bedrevener in het tactisch manoeuvreren.
[8] Dat was waarschijnlijk Karl Rove, ook wel het brein van Bush genoemd. Hij was een van de meest succesvolle campagnestrategen, die geen middel ongebruikt liet om te winnen. Hij was bedreven in de techniek van ratfucking. Hij was een leerling van Lee Atwater, die wist hoe je gebruik kan maken van racisme zonder er zelf van beschuldigd te kunnen worden. Wat ik wil zeggen: niet alleen de wil om te veranderen maar ook om te manipuleren.
[9] Dat het verander-criterium wringt blijkt ook bij de het beleid van de huidige regering (Rutte II). Deze coalitie gaat er prat op hervormingsgezind te zijn. Van links, met name de SP wordt juist beweert dat zij conservatief is omdat ze niet bereid is om te hervormen. Bij dit soort hervormingen gaat het altijd om veranderingen die resulteren in vergroting van de ongelijkheid: versterking van de markt, verzwakking van arbeidsrecht en bezuinigingen (verkleining van de staat). Het gaat om verandering inderdaad, maar het zijn veranderingen van de maatschappij naar rechts.
[10] Natuurlijk geldt dat niet voor alles, bijvoorbeeld als het land wordt aangevallen. Op dat soort momenten valt het verschil tussen links en rechts dan ook weg.

  1. 1

    Leuke serie, leuk artikel.

    Mooi lijstje met die rechts/links betekenissen in verschillende culturen. Het is me alleen nog steeds niet duidelijk waar de echte bron van rechts/links ligt. Wat is de beïnvloeding tussen culturen? Wat is de overdracht van de betekenis door bv kolonisatie, oorlog, dominantie, handel? Of is het bijvoorbeeld zo fundamenteel als de bronwoorden ja en nee die door de mensheid te traceren zijn. Bestaat daar linguïstisch onderzoek over of refereert Bienfait aan linguïstisch onderzoek?

    Wel irritant zijn de zinnetjes als : Zoals ik zal laten zien… en zoals ik hierboven heb laten zien. Daarvoor is het betoog toch te licht.

  2. 3

    “Links heeft altijd veel uit te leggen omdat zij iets nieuws wil creëren.” Progressief en conservatief loopt dwars door links en rechts heen. De SP, is uiterst conservatief links, die willen terug naar het jaren ’70 socialisme. Progressieven, diegene die zich aanpassen aan de globalisering, zowel links als rechts worden door conservatief links met het scheldwoord “Neoliberalen” aangeduid. In Engeland hebben we Corbyn, daar is ook geen greintje progressiviteit bij te bespeuren.

    “Daarom is rechts voor meer markt: in een competitieve omgeving vergroot de markt verschillen. De juiste mensen – de meest competitieve – krijgen een groter deel van de koek.” Dit is een links vooroordeel, de juiste mensen en de juiste competitie levert voor de gemeenschap gezamenlijk het meeste op omdat talent efficient benut wordt, er is meer koek voor iedereen.

    Jarenlange experimenten om de marktwerking onder dwang te beteugelen, van het Oostblok tot Zuid Amerika, hebben consequent geleidt tot een slechtere situatie voor iedereen. Zowel qua welvaart als qua democratie en vrijheid, wel allemaal even arm als dat je ideaal is. Behalve de bestuurselite dan, die zorgt wel voor zichzelf. Het verhaal over gelijkheid is vrijwel altijd een marketing truc gebleken om macht over het volk te verkrijgen, niet ongelijk aan de structuur van de kerk. Uiteindelijk evalueert dat tot een situatie, zoals we nu kennen in Rusland en China.

  3. 4

    @2: Dank voor de tip over de tag. Op 4 zit hij wel overigens, maar aan 2 heb ik hem nu ook toegevoegd. Alle artikelen zijn nu overigens ook via de serielink: links & rechts te vinden op Sargasso. Die staat in de kop van elk artikel.

    Of de tekst te licht is of niet, is een subjectief oordeel, dat laat graag aan de lezers over.

    Ik reageer later inhoudelijk (ook @3).

  4. 5

    @3: Die riedel heb je al eerder afgestoken, waarna je hard weggerend bent om vooral maar niet naar de weerleggingen hoeven te luisteren. Misschien zou je in plaats van elke keer dezelfde weerlegde rant opnieuw te posten eens in kunnen gaan op de weerleggingen.

  5. 7

    Volgens Bienfait is het verschil tussen links en rechts niet ‘gemeenschap versus individualisme’ [1] zoals ik in de vorige aflevering heb betoogd maar ‘verandering’: links ziet maatschappelijke problemen en wil daarom de maatschappij veranderen terwijl rechts zegt: ‘begin bij jezelf’ als je de wereld wilt verbeteren.

    Op links is men idd heel erg overtuigd van de maakbaarheid van de samenleving. M.a.w. men kijkt op links vooral naar anderen. Ik was mij vroeger niet zo bewust van dit aspect. Maar het zegt wel wat over de wijze van denken.

  6. 9

    @8: Volgens Bienfait:

    Links wil verandering – maakbare samenleving
    rechts wil geen verandering – gelooft niet in maakbare samenleving

    Men zegt daarom ook wel: links = progressief, want ‘gelooft in vooruitgang’ waarmee men vooruitgang van de maatschappij bedoeld.

    Rechts = conservatief, want gelooft dat maatschappij zoals deze is, de beste is. Mensen zijn zelf het probleem en moeten dus zelf veranderen.

    Is dit duidelijker?

    [Ik zal later de andere commentaren inhoudelijk beantwoorden.]

  7. 10

    Nee, het verduidelijkt niets. @3 maakt een heel goed punt: ook op links is er conservatief denken. Net zoals er op rechts conservatief denken is.

    Hier scheiden de wegen van links en rechts. En komen links en rechts weer samen.

    Resumerend: maakbaarheid is niet hetzelfde als progressief.

  8. 11

    @10 #3 lult maar wat. Als rechts actief werkt om de klok terug te draaien is het niet verwonderlijk dat links de hakken in het zand zet.

  9. 12

    @1: Nee, het gaat niet om beïnvloeding tussen culturen, het is iets dat overal voorkomt, ook niet verwante culturen (zie de tabel). Dat betekent dus dat het iets menselijks is en iets dat nauw verbonden is met lichamelijkheid en opvoeding. Als je meer van wilt weten raad ik je het boek van Bienfait aan: Is links beter dan rechts waarin de antropologie van links en rechts (die al minimaal 100 jaar geleden is ontdekt) goed in wordt beschreven.

    Kort citaat: (p40):

    Als we aannemen, dat de mens in Afrika is ontstaan, en de Nyoro sindsdien daar zijn gebleven, maar de Mapuche via Oost-Azië, de Beringstraat en Noord-Amerika, helemaal naar het zuiden zijn getrokken, in een trektocht van duizenden jaren, dan is et wonderbaarlijk dat beider indeling van hun begrippen (nog steeds) zo’n grote verwantschap vertoont

  10. 13

    @3 Je zegt: ‘ Progressief en conservatief loopt dwars door links en rechts heen.’

    Nee, ik heb nu juist in deel 3 laten zien dat dat niet het geval is. Bovendien: je stelt dit zo, zonder verdere toelichting wat je bedoelt met de termen progressief, conservatief, links en rechts – want blijkbaar bedoel jij er iets anders mee. Als we niet de zelfde betekenis hechten aan de woorden die we gebruiken in een discussie dan is verder gesprek zinloos lijkt me.

    Over rechts en de markt: nee, dat is geen vooroordeel want het is ingebakken in marktwerking: competitie op de markt zorgt er voor dat verschillen groter worden omdat de sterken winnen en de zwakken verliezen.

    Als je met ‘marktwerking onder dwang … beteugelen … in Oostblok en Zuid-Amerika’ communisme bedoelt: ja, dat werkt niet. Als je dat wilt weerleggen dan ben je bezig met het weerleggen van een stropop want daar pleit ik niet voor.

  11. 14

    @7: Nee, dat zie je niet goed: rechts is evengoed overtuigd van de maakbaarheid van de wereld, maar wil dat alleen zelf niet toegeven. Rechts ziet zichzelf graag als realist en links als idealist. Zoals ik in deel 4 heb uitgelegd is dat geen goed criterium voor een onderscheid tussen links en rechts (want niet neutraal).

    En wat su @11 zegt vind ik ook goed geobserveerd.

  12. 16

    @Michel
    Ik heb gaandeweg je serie (vooral toch bij deel 4) steeds wat meer bezwaren en bedenkingen. Ik zal ze allemaal hier maar even behandelen, omdat dit voorlopig het laatste deel is van de serie.

    In deel 4 stel je een methode voor die je moet helpen om een onderscheid te maken tussen ‘links’ en ‘rechts’. De methode gaat uit van een vijftal criteria die eigenlijk alleen bepalen of een dichotomie in aanmerking komt om het onderscheid ‘links-rechts’ te maken. Hoewel er niks intrinsieks mis is met zo’n checklist, heb ik wel mijn twijfels of zo’n checklist zo handig is. Ik zou bij zo’n ‘zacht’ onderwerp als politiek een meer heuristische methode verwachten, dan een checklist. Maar het is dus geen probleem op zich.

    Waar ik binnen die checklist wel problemen mee heb, is de criteria 1 en 4. De eerste zegt dat het ‘boven de waan van de dag uit moet uitstijgen’. Je vierde criterium zegt dat het voorgesteld onderscheid politiek relevant moet zijn. Volgens jou houdt dat in dat het voorgestelde onderscheid niet verklaart waarom iemand links of rechts kiest, maar wat het verschil is tussen links en rechtse partijen. Met dat laatste criterium heb ik op zichzelf al moeite: je ontkoppelt mensen van partijen. Dat is raar, aangezien partijen in hun geheel een menselijk product is: het ontstaan ervan, het voortbestaan ervan en de inrichting van partijen. Hier zie je -wat mij betreft- dan ook dat een meer heuristische methode meer op zijn plek zou zijn. Ik heb ook problemen met waar criteria 1 en 4 botsen. Politiek gaat inherent over het besturen, en je kunt er niet onderuit om bij te besturen te reageren op onverwachte gebeurtenissen, dingen die je kunt opvatten als ‘de waan van de dag’. Nu snap ik dat je omwille van de continuïteit van het onderscheid ‘links-rechts’ en het historisch kunnen duiden van partijen/groepen wil dat een voorgesteld onderscheid ‘boven de waan van de dag uitstijgt’. Je wilt dan ook eigenlijk ook een onderscheid op basis van tijdloze begrippen, begrippen die in verschillende vormen opduiken, zoals bijvoorbeeld ‘xenofobie’ opduikt bij ‘islamisering’. Toch schuurt bij mij dat een voorgesteld onderscheid én uiterlijk politiek (immers: je houdt je niet bezig met psychologiseren of karakteriseren) moet zijn, én niet ‘van de waan van de dag’ moet zijn.

    Die poging komt mij een beetje over om slangen te definiëren als ‘reptielen zonder poten’, ofschoon er slangen zijn met poten (python en boa), en er reptielen zonder poten zijn die geen slangen zijn.

    Nadat je je criteria hebt opgesteld, stel je ook al een onderscheid voor, al moet ik zeggen dat door het gebruik van verschillende verwoordingen, het mij niet helemaal duidelijk is. Je stelt zelf als formuleringen voor: ‘Gemeenschap versus individu’ en “Gelijkheid versus verschil”. Je zegt in je stuk je bij dat eerste onderscheid te houden, maar in je reactie aldaar in #21 zeg je:”De kern van mijn redenatie blijft steeds de principiële gelijkheid van de mensen.” Het is mij dus niet helemaal duidelijk.

    Dan nog jouw voorstel voor het onderscheid ‘gemeenschap versus individu’. Nu vond ik dat op zich geen slecht onderscheid, maar ik had verwacht dat het juist de andere kant op zou werken! Nu ben ik -qua uitleg van politieke verschil- fan van Jonathan Haidt (die jij ook al hebt genoemd in aflevering 3 en ik verwacht dus ook dat jij dan ook wat van hem gelezen hebt). Een van de dingen die hij betoogt is dat conservatieven(!) juist het belang van de gemeenschap laten prevaleren boven het belang van het individu, dat zich uit in veel verschillende opvattingen. Zo zullen zij betogen dat, omwille van het belang van de gehele gemeenschap, het beter is om te leven in een samenleving waarin er een ordening is: er is adel en er zijn de boeren. Dat wil niks zeggen over hoe goed* een mens is, alleen dat de een boven de ander gesteld is. Wie voor een dubbeltje geboren is, blijft een dubbeltje, en moet vooral niet proberen een kwartje te worden: dat brengt namelijk juist de hele maatschappij in onbalans, met potentiële catastrofale gevolgen voor iedereen, van hoog tot laag. Populaire voorbeelden daarvan zijn parvenus, nouveaux riches; een kunstschilder van burgerkomaf die dictator wordt en zijn land en continent in het verderf stort; zwarte keuterboeren die plots het immens grote landgoed van de koloniale blanke toe krijgt gewezen en het land niet weten te bewerken waardoor er voedseltekorten en hyperinflatie optreedt; de industrieel die slechter voor zijn ‘werknemers’ zorgt, dan de edele voor zijn horigen, met een verslechtering van de leefomstandigheden tot gevolg.

    Een ander topic dat Haidt in een van zijn talks (over juist het problemen oplossen in een gepolariseerde maatschappij) aanstipt is het probleem rondom scheidingen. Je verwacht dat een rechtse maatschappij juist veel nadruk legt op trouwen en de ‘heiligheid van het huwelijk’, al dan niet onderstreept via staat of kerk, of zelfs afgedwongen. En dat terwijl links eerder voorstander zou zijn van eigen keuzes en dan ook niet vastzitten aan achterhaalde maatschappelijke contracten als het huwelijk, waardoor het geaccepteerder wordt om niet te trouwen, of uit het huwelijk te stappen. Wie echter echt begaan is om de maatschappij, zou echter juist het belang en waarde van het huwelijk benadrukken: uit een huwelijk komen kinderen en kinderen uit eenoudergezinnen hebben een behoorlijk aantal kenmerken die hen achterstellen in het leven: de problemen die de meeste minima hebben, treffen hen relatief meer. ‘Links’ probeert dan die problemen te compenseren door allerlei regelingen: kinderbijslag voor eenoudergezinnen, hogere minimumlonen, etcetera, terwijl een maatschappelijk herwaardering van het huwelijk en herijking van individuele ontplooiing ook zou kunnen werken.

    In jouw #32 aldaar maak je het nog bonter:

    Links denkt daardoor vanuit gemeenschappelijke oplossingen want een mens moet rekening houden met anderen. Wie dat niet doet is egoïstisch. Rechts denkt vanuit het individu, mensen zijn verschillend (geboren) en daarom is het ook geen probleem dat iemand meer bezit heeft, meer macht, etc.

    Dit is zo’n beetje de wereld op zijn kop. Bovendien kun je deze gevolgtrekking niet maken zonder dat het begrip ‘vrijheid’ alsnog via de achterdeur naar binnen sluipt. ‘Denken vanuit de gemeenschap’ is juist gebaat bij een inperking van zelfexpressie, een gebrek aan kritiek en twijfel, een hang naar autoriteit en repressie, (zelf)censuur, verzuiling. Dat zijn juist onderwerpen waartegen links zich vanouds heeft verzet, juist vanuit de redenering vanuit het individu en de ontplooiing van zich zelf. (Al zullen sommig zelfverklaarde rechtse mensen nu om het hardst willen schreeuwen dat ‘de Linkse politiek-correcte censuur en onderdrukking’ juist past in het plaatje dat ik aan de hand van mijn uitleg van ‘gemeenschapsdenken’ schets.)

    Nu kun je tegenwerpen dat er ook genoeg voorbeelden zijn die vóór jouw tweedeling, maar het feit dat ik al een aantal dingen kan noemen die jou tegenspreken, geeft je niet veel keus. Of je accepteert mijn argumenten en erkent dat jouw onderscheid historisch niet voldoet aan je criteria, of je verklaart dat heel veel opvattingen die als rechts gezien werden, nu links zijn (en vice versa).

    Goed, dat wil ik dus gezegd hebben. Ik verwerp jouw voorgestelde onderscheid(en) tussen ‘gemeenschap en individu’ en ‘gelijkheid en ongelijkheid’ (en trouwens ook progressief/conservatief of hervormingsgezind/status quo) als basis voor links/rechts, en moeite ik heb ook moeite met jouw criteria. Desalniettemin kijk ik uit naar je volgende aflevering.

    *Zo is er een voorbeeld uit het boek ‘Kapitaal in de 21e eeuw’ van Piketty over hoe grootgrondbezitters tegen hun bedienden aankeken. In die zin keken ze neer op de bedienden, maar niet omdat ze slechter waren, maar omdat ze ‘gewoon’ onder hen gesteld waren. Piketty legt dit naast de huidige meritocratische moraal: rijken zijn beter omdat ze rijk zijn (ze hebben immers de goede keuzes gemaakt, toch?), armen zijn slechter omdat ze armer zijn (want ze hebben de verkeerde keuzes gemaakt).

  13. 17

    Als links staat voor de gemeenschap boven het individu, dan betekent dat het fascisme een zuivere linkse ideologie is. En het fascisme is in ieder geval niet voor een kleine staat. Overigens maakt het fascisme wel het verschil tussen mensen, waar bij de ene groep boven de andere staat. Hierbij is iedere individu ondergeschikt aan de gemeenschap die onder leiding staat van de Führer.

  14. 18

    @17

    Als links staat voor de gemeenschap boven het individu, dan betekent dat het fascisme een zuivere linkse ideologie is.

    Dat is een misvatting. Fascisme is gemeenschap voor het individu, namelijk de leider. Het is een vorm van neo-feodalisme met een sterk hierarchische beloningssysteem en uberconservatief.

  15. 19

    @16: Dank voor je uitgebreide antwoord. Ik hoop dat je me niet kwalijk neem dat ik niet overal op in kan gaan. Maar ik doe hier een eerste poging, met vooral het verzoek om wat op te helderen.

    Ik zou bij zo’n ‘zacht’ onderwerp als politiek een meer heuristische methode verwachten, dan een checklist.

    Ik begrijp niet zo goed wat je bedoelt met ‘heuristische methode’. Ik heb het woord opgezocht en vind dan: Def.: niet-formele methode om volgens een bepaald criterium een niet precies bekend doel te bereiken op een onderzoekende en voortdurend evaluerende wijze. Zou je kunnen toelichtingen? Ik begrijp niet wat je bedoelt.

    Wat je zegt over criterium 1 en 4: Natuurlijk moet je naar het actuele beleid kijken: wat voor maatregelen men neemt . Maar als je dat gaat evalueren om te kijken of het links of rechts beleid is, dan kun je dat wel langs een 200 honderd jaar oude meetlat leggen. Neem bijvoorbeeld internetbeleid: netneutraliteit is een voorbeeld van links beleid: internetproviders moeten iedereen even veel bandbreedte geven. Grote en rijke bedrijven, maar ook individuele gebruikers, hebben gelijke rechten op internet voor doorgifte. Het gaat dus duidelijk om eerlijk delen, om gelijkheid. Mijn criterium dus. Dat internet iets moderns is dat 200 jaar geleden niet bestond, is bij de toepassing van het criterium geen probleem.

    ‘Politiek gaat inherent over het besturen’ – Ja maar bij besturen is verdelen van schaarse middelen een belangrijke activiteit en daarbij komt mijn criterium om de hoek kijken.

    Politiek en niet psychologie: het is vaak onmogelijk om te bepalen waarom iemand voor of tegen een maatregel is. Daar kom je meestal niet uit. Ik zeg niet dat dat het geen legitiem onderwerp van onderzoek is, maar dat is een andere tak van sport: psychologie, niet politicologie.

    ‘De wereld op zijn kop’: waarom is dat zo? Ik probeer hier links en rechts in termen van gemeenschap te definiëren. De vraag waar het om gaat is waarom links voor gelijkheid is. Natuurlijk kan vrijheid in het gedrang komen als je dat te ver door voert: het communisme is een voorbeeld van deze tot uiterste doorgevoerde gelijkheid. Op zelfde manier zoals fascisme een extreme vorm van individualisme is. Bij fascisten gaat het om competitie tussen volken en de ongelijkwaardigheid van mensen van verschillend ras. Verkijk je niet op het de retoriek over ‘eenheid van het volk’: er is een intense strijd om de macht tussen individuen die uiteindelijk leidt tot één Führer.

  16. 20

    @17: Ik zou er dus geen enkel probleem mee hebben om mensen die zo’n obsessieve haat hebben tegen ‘links’ dat ze fascisme als links willen definieren permanent van m’n site af te flikkeren. Als dat me een ‘linkse fascist’ maakt, so be it.

  17. 22

    @20: Ik wil nog proberen daar wat over te schrijven in het kader van deze serie. Wanneer weet ik nog niet want ik heb erg weinig tijd. Deze vijf delen hebben heel veel energie en tijd gekost, en ik wil ook nog wel eens wat anders doen …

  18. 23

    @22: de mythe van het ‘linkse fascisme’ (je ziet het ook bij dumperttypetjes, en zelfs bij Geert W. zelf, die het een paar jaar geleden over het nationaal SOCIALISME had) is er een die de laatste tijd meer populariteit wint.

    Wat me vooral verbaast is dat er mensen zijn die zo’n afkeer hebben van ‘links’ dat ze zover willen gaan om WO-II bij de PvdA in de schoenen te schuiven. (Om de een of andere reden schijnt de PvdA bij dat soort figuren de ultieme linkse boosdoenerpartij te zijn, niet de SP of GL. Misschien omdat die nooit regeringsmacht hebben gehad?)

  19. 24

    @19

    Ik begrijp niet zo goed wat je bedoelt met ‘heuristische methode’. Zou je kunnen toelichten? Ik begrijp niet wat je bedoelt.

    Ik bedoel er in ieder geval mee: je bent op zoek naar de antwoord op de vraag: wat is links en wat is rechts, wat is het verschil? In de delen 1-3 heb je aangegeven dat de term al een geschiedenis van zo’n 200 jaar heeft. Ik verwacht uit een heuristische methode dat je door die geschiedenis van 200 jaar heen jezelf wat meer vragen hebt gesteld en op die manier tot inzichten bent gekomen, waardoor je weer andere vragen kunt stellen. Je gebruikt informatie en kennis van rondom het onderzoeksobject (en -tijd) om het onderzochte te duiden. Deels is dat ook recursief.

    Nu zeg ik niet dat je dat niet gedaan hebt: jouw deel 4 komt na de eerste drie delen zeker niet zomaar uit de lucht vallen. De criteria en de onderbouwingen van die criteria echter wel. De methode die jij toepast, een checklist, leent zich beter voor een deductieve logica, of voor het indelen van categorieën. Vergelijk bijvoorbeeld het systeem van Linnaeus voor het indelen van levende wezens. Bedenk vervolgens dat ook dat systeem enigszins onderhevig is aan nieuwe inzichten: geslachten die eerst apart genoemd worden schijnen genetisch nauw aan elkaar verwant te zijn, waardoor ze binnen hetzelfde geslacht als verschillende soorten aangemerkt worden, of juist andersom. Wat betreft heuristiek mis ik bij jou in de criteria de kennis over ontwikkelingen die links en rechts hebben doorgemaakt. Jij wilt er iets statisch of niet-dynamisch mee duiden (het moet immers zowel toepasbaar zijn op veronderstelde linkse partijen uit 1800, alsook uit 2000). Hiermee ga je, volgens mij, voorbij aan de veranderlijke natuur van mensen, menselijke organisaties en opvattingen.

    Het gaat dus duidelijk om eerlijk delen, om gelijkheid. […] Ja maar bij besturen is verdelen van schaarse middelen een belangrijke activiteit en daarbij komt mijn criterium om de hoek kijken.

    Ik druk je op het hart om nou maar bij slechts één tweedeling te blijven: ‘gemeenschap vs individu’ of ‘gelijkheid vs ongelijkheid’. Aan het eind van je vorige deel heb je geconcludeerd: “gemeenschap versus individualiteit [is] een goed criterium voor het verschil tussen links en rechts.” Dan moet je niet weer komen met ‘gelijkheid vs ongelijkheid’. Die paren zijn niet onderling uitwisselbaar.

    Politiek en niet psychologie: het is vaak onmogelijk om te bepalen waarom iemand voor of tegen een maatregel is. Daar kom je meestal niet uit.

    Dat ben ik met je eens. Voor zover ik over politicologie heb gelezen, gaat het hoofdzakelijk over ‘macht’, terwijl de politicologen er samen niet eens uit kunnen komen hoe ze ‘macht’ definiëren! ‘Macht’ maalt er niet om of iets links of rechts is, het geeft ook niks om ‘goed’ of ‘deugdzaam’. Een puur politicologische bespreking kun je dan ook niet doen: je zult altijd moeten lenen uit andere gebieden: sociologie, psychologie en andere. Dat snap je waarschijnlijk ook wel, maar je wilt toch de nadruk hebben op het politieke/politicologische aspect ervan. Dan zeg ik: je kunt wel zo’n indeling maken, maar de redenen dat je deze serie hebt geschreven hebben er juist mee te maken om, aansluitend op de kennis van je publiek, iets proberen te vertellen over het onderscheid links-rechts en de relevantie ervan in de huidige wereld. Je bent daarbij ook gebonden aan huidige (interne!) opvattingen over links-rechts. Jij wilt aan de hand van puur uiterlijke kenmerken bepalen of iets links of rechts is. Ik denk dat je dat niet gaat lukken, niet op een manier die ook bevredigend is voor bestaande opvattingen over links-rechts (en het gebrek aan bevrediging heb ik ook geuit aan de hand van mijn voorbeelden). Daarbij kijk ik met een schuin oog naar ontwikkelingen in dat gebied dat jij er niet bij wil betrekken: de psychologie. Het behaviorisme (kijken naar het uiterlijk, hoe gedrag precies tot stand komt is een black box) in dat gebied is nuttig geweest, maar zeker niet alomvattend. En je hebt hier op sargasso niet te maken met kwijlende honden, maar semirationele mensen met reeds bestaande opvattingen. Ten overvloede: juist Haidt heeft onderzoek gedaan naar waarom (en waarop) mensen hun politieke keuzes maken. Ik vind het dan ook jammer dat je impliciet zegt dat het belangrijk is om te weten hoe mensen tot hun keuze komen, maar onderzoek uit die hoek niet meeneemt.

    ‘De wereld op zijn kop’: waarom is dat zo? Ik probeer hier links en rechts in termen van gemeenschap te definiëren. De vraag waar het om gaat is waarom links voor gelijkheid is.

    Eerst het onderstreepte stuk: blijf nou bij het een of bij het ander. Eigenlijk wil je ‘gelijkheid’ als kerneigenschap voor links behouden, maar dan zit je toch weer op een andere gedachte te hinken: rechts is niet per se vóór ongelijkheid, maar -in jouw ogen- meer voor het individu, waardoor de logische tegenpool daarvan bij links hoort. (Misschien bedoel je het zelfs zo: links wil gelijkheid, daaruit komt de focus gemeenschap voort, rechts wil juist de focus op het individu, en daaruit komt ongelijkheid voort. Dat elk van die paren bij links en bij rechts voorkomt, betekent niet dat de tegenpool van gelijkheid noodzakelijkerwijs bij ‘rechts’ hoort).
    Wat betreft het dikgedrukte stuk: lees nog eens de voorbeelden uit mijn #16. Het komt er op neer dat juist (conservatief) rechts gemeenschap(pen) boven het individu stelt. Rechts leunt bijvoorbeeld zwaar op tradities, omdat die de gemeenschap dienen. En juist (progressief) links stelt individuele ontplooiing boven maatschappelijke eensgezindheid.

    Verkijk je niet op de retoriek over ‘eenheid van het volk’: er is een intense strijd om de macht tussen individuen die uiteindelijk leidt tot één Führer.

    Dit vind ik in het licht van jouw voorstel om psychologie (en in het verlengde ervan: interne processen) niet te betrekken, raar. Mussolini, de fascist per definitie, heeft meer dan 20 jaar in het zadel gezeten, Hitler 12, ondanks die interne strijd. En die interne strijd binnen de partijkaders heeft er niet toe geleid dat het land uit elkaar viel. Het risico daarop was groot in zowel Spanje als Duitsland. Nazi’s benadrukten op hun eigen manier ‘gemeenschap’ en echt niet (alleen) om er als individuen beter op te worden. Welk individu is er individueel beter op geworden door de Midden Europese tijd, de kinderbijslag, het ziekenfonds of de zwemdiploma’s?

    De nazi’s hebben dingen voor de gemeenschap gedaan omwille van de gemeenschap. De nazi’s hebben actief individuele uitingsvormen en leefwijzen beknot (homo’s, entarte kunstenaars, vrijmetselaars, Jehova’s, joden, gehandicapten, zigeuners). Volgens jouw onderscheid tussen gemeenschap en individu(aliteit) maakt dat hen links. Jouw poging om dat te draaien, vind ik een trucje a la ‘no true Scotsman’. Dat nazi’s links zouden zijn, sluit niet aan bij mijn opvatting over de links-rechts dimensie. Ik kom daarom ook tot de conclusie dat het onderscheid ‘gemeenschap vs individu(aliteit)’ geen goed criterium is voor het onderscheid tussen links en rechts.

  20. 25

    De reactie van gnork over het “censureren” van iemand die beweert dat fascisme links is, lijkt juist te bewijzen dat velen geen tegenargumenten bezit om het fascisme rechts te laten lijken. Hoewel Michel gelukkig wel de beschaafdheid bezit om er tegenin te gaan.

    Ik vind dat het onderscheid tussen links en rechts onzin is en het geloof in dit onderscheid verloor ik toen men beargumenteerde dat fascisme links was terwijl niemand er een goed weerwoord tegen had. Dus mijn opmerking was niet bedoeld om fascisme nou juist links was, maar heb ik geschreven omdat ik het gevoel had dat Michel’s betekenis van links/rechts juist zou leiden tot het idee dat fascisme links is.

    Voor de nazi’s staat de ras boven alles. Voor het Italiaanse fascisme stond de Staat boven iedereen. Dus ook in het fascisme staat de gemeenschap boven het individu. Daarnaast in de huidige nazistische kringen en andere fascistische wereldje bestaat er geen levende en leidende individu die alles beheerst. Dus het tegenargument van Michel overtuigd mij niet.

    Daarnaast heeft Lenin beweert dat de heerschappij van een individu een manifestatie kan zijn van de dictatuur van het proletariaat. Stalin, Mao en Kim Il-Sung heeft dat dan ook verwezenlijkt. Daarnaast hadden leden van de Communistische Partij ook privileges. Is het communisme dan rechts omdat het een individu boven anderen zet?

  21. 26

    @25: Zoals hierboven al uitgelegd is het fascisme een uiterst hiërarchische beweging en alleen al daarom gaat het niet om de gemeenschap maar om rangorde. De macht is allerminst gelijk verdeeld, dat is heel anders als bij links waar juist wel iedereen inspraak heeft omdat iedereen gelijk is. De leider is alles, alle anderen zijn niets. Dat alleen al laat zien dat het zeker geen linkse beweging is maar juist uiterst rechts.

    Het feit dat jij nu geen levende leiders kent zegt niets.

    Heel veel rechtse groepen gaan uit van clan/familie/volk. Alleen als je volgens een arbitrair criterium (geboorte) voldoet hoor je er bij. Het heeft niets met altruïsme te maken zoals bij linkse bewegingen waar bovendien iedereen tot gemeenschap wordt gerekend: ongeacht geboorte. Het is sociaaldarwinisme.

    Alleen door mijn criterium ‘gemeenschap’ letterlijke te nemen, zonder je in de afleiding te verdiepen, is onvoldoende.

    Andermaal communisme: Wat Lenin, en al die andere dictatoren vinden is niet maatgevend. Vergelijk het met Animal Farm: alle dieren zijn gelijk, maar sommige zijn meer gelijk, wat goed laat zien hoe dubbel het is. Inderdaad, je kan zeggen dat communisme eerder eerder rechts dan links is daarom – het communisme zoals het in de praktijk bestaan heeft tenminste.

    (@24: ik moet mijn antwoord nog even overdenken).

  22. 27

    @24

    De nazi’s hebben dingen voor de gemeenschap gedaan omwille van de gemeenschap. De nazi’s hebben actief individuele uitingsvormen en leefwijzen beknot (homo’s, entarte kunstenaars, vrijmetselaars, Jehova’s, joden, gehandicapten, zigeuners).

    De nazi’s hebben vooral een vorm van gemeenschap gehanteerd die alles wat niet aan hun ideaaalbeeld van gezonde arische burgers bereid te sterven voor het vaderland uitsloot. En dat lijkt een leitmotief te zijn voor rechtse vormen van welzijn. Je ziet het ook bij zaken zoals de Brexit waar Britten de nieuwkomers gelijke rechten op bijstand misgunnen. Om The League of Gentlemen te parafraseren: local welfare for local people, we don’t want your kind here!

  23. 28

    @26
    Het feit dat jij nu geen levende leiders kent zegt niets.
    Het feit dat jij mijn argument niet ontkracht door het noemen van een bekende naam of voorbeeld van een hedendaagse fascistische organisatie geeft aan dat het een willekeurige, bewijsloze verhaal is dat alle fascisten zitten in organisaties waarbij zij gebruikt worden voor de belangen en grillen van een individu. Hierbij valt dus de reden dat je fascisme onder rechts rangschikt weg.

    alweer @26

    Inderdaad, je kan zeggen dat communisme eerder eerder rechts dan links is daarom – het communisme zoals het in de praktijk bestaan heeft tenminste.

    Nu je het communisme van de Sovjet-Unie rangschikt onder rechts, waardoor dus ook de hedendaagse sovjetfanboys van de NCPN rechts worden afgeschilderd is jouw betekenis van links en rechts totaal losgezongen van een wijdverbreide notie van links en rechts. Nu staan de communisten van de NCPN rechts van de SP en zelfs de PvdA – volgens jou. Nu doe je het dus precies hetzelfde als diegenen die met alle pijn en moeite proberen om het fascisme onder links te rangschikken.

    Voor een rationele en nuttige verhaal over politiek is daarom het hele links/rechts-notie nutteloos door duizenden totaal verschillende individuele betekenissen.