An inconvenient truth | Hollandse Hockeystick
Over klimaatverandering is het debat nog lang niet afgelopen. In aanloop naar de klimaatconferentie in Kopenhagen leeft dit onderwerp uiteraard weer heel erg op. Al Gore gaf in zijn “An Inconvenient Truth” (vanavond op Canvas) en indrukwekkende presentatie, die op sommige punten betwistbaar was. In zijn verhaal kwam ook een “hockeystick” voor, een grafiek met een snelle stijging aan het einde. Die ging over de globale temperatuur.
Maar deze hockeystick is er ook heel dicht bij huis. Zie hier de Hollandse Hockeystick:

Deze grafiek is door onze zeer gewaardeerde reaguurder MP gemaakt op basis van de beschikbare historische en recente gegevens (jaargemiddelden) van het KNMI.
Alle nog lopende (politieke) discussies ten spijt, de klimaatverandering is in Nederland in ieder geval heel duidelijk.
In deze grafiek is de dikke zwarte lijn het lopende 11-jaars gemiddelde, en de punten zijn onafhankelijke niet overlappende gemiddelden. De grijze banden en normaalverdeling visualiseren de kansdichtheid die hoort bij de verdeling van het 11-jaarlijks gemiddelden (“Sample mean disitribution”).
De kansen geven aan hoe waarschijnlijk het is een (onafhankelijk getrokken) 11-jaarlijks gemiddelde te vinden dat meer afwijkt van de bijbehorende temperatuur ten opzichte van het langjarige gemiddelde van 9 graden. De kans dat het huidige langjarige gemiddelde van ongeveer 10,5 graden per toeval optreedt is zeer klein en valt dus duidelijk buiten de natuurlijke variatie van de afgelopen 800 jaar. Notabene, de statistiek kan niet zonder meer toegepast worden op het lopende gemiddelde omdat naburige waarden niet onafhankelijk zijn.
Een beetje achtergrond bij de gegevens (met wederom dank aan MP):
Van Engelen, Buisman en IJnsen hebben een antieke reeks opgesteld aan de hand historische documenten. Deze reconstructie van voor 1705 is gebaseerd op allerlei klimaatindicatoren zoals bevroren vaarten en dergelijke. Het is hier na te lezen (pdf alert). De dataset kan je hier vinden.
Het Middeleeuws klimaatoptimum valt ongeveer in het tijdvak 800–1350, de kleine ijstijd omvat drie koudere periodes in het tijdvak 1350–1850. De data van Buisman is te sporadisch in de periode voor 1200 om
nog een redelijk 11-jaarlijks gemiddelde uit te rekenen, maar de hoogste temperaturen zitten allemaal na 1200. In het begin missen er nu ook zo nu en dan een of twee jaren. Vanaf 1368 zijn er altijd 11 jaar beschikbaar.
De Labrijn-reeks is een combinatie van historische instrumentale metingen van verschillende locaties die aan elkaar geplakt zijn door v. Engelen. De dataset is hier te vinden.
De moderne reeks (vanaf 1906) is de Centraal Nederlandse Temperatuur gebaseerd op circa 20 stations. Meer info kun je hier vinden op. En de dataset hier.
Omdat het jaargemiddelden zijn, ontbreekt 2009 nog. Maar als we even het gemiddeld van de decembermaanden van de afgelopen drie jaar gebruiken, dan komt het jaargemiddelde weer uit boven de 10,5 graden. Licht hoger dan 2008 dus.
Update (8-12-09 20:00 uur): Wegens verwarring over de interpretatie van de statistiek hebben wij de tekst (alinea die start met “In deze grafiek”) en de grafiek zelf enigszins aangepast. Wij willen in het bijzonder reaguurder “drunkmen” bedanken voor zijn kritische maar bovenal opbouwende commentaar.









