1. 1

    Gedragsfarmacologie.
    Nog nooit van gehoord.

    En ik blijkbaar niet alleen. Vandaar dat die richting moest verdwijnen: geen promotionele kwaliteiten. Doet me denken aan wat Dorien Pessers zei: Maar in de toneelwereld van schijn en impression management wordt de bureaucratie een imaginair universum binnengeleid. Kennis van feiten, vakkennis en professionaliteit zijn niet meer belangrijk, maar slechts de competentie om competent te lijken.

    Dat het een topwetenschapper is, is voor de beslissers en zwartgepakte managers niet belangrijk. Die 1000 ratjes. Experimenten op levend spul. Dat ligt niet goed meer in de markt.

    Weg ermee.

  2. 2

    Zo eenvoudig is het niet @HansR of loopt u graag in berenvel wellicht?

    Veelal is een farmacologische sprong voorwaards slechts, na in vitro dubbelblind te beoordelen in vivo en dat getrapt van simpel naar primaat. U wilt toch ook graag lang en gezond leven?
    Klinkt een beetje als groenepies figuren die op schiphol met spandoeken lopen tegen uitstoot van vliegtuigen en naderhand een vakantie-vluchtje nemen. Daar heb ik eens bijgestaan, man wat gaf dat een gevoel van bevrediging om deze groep met tickets in de hand te confronteren met beelden die eerder van ze zijn gemaakt, een van mijn mooie dagen…humor!

    Gezien uw inzichten verbaasd mij dat gedragsfarmacologie niet in je balboekje staat. Jaren geleden stond ik naast experimenten waarbij, na een snufje van het een of ander, een kat doodsbang werd voor een muis en dan echt met doodsblik in de ogen. Het werkte ook (instant) op hogere soorten zoals de mens. het is mijn indruk dat dit potentiele wapen al stiekempjes wordt toegepast.

    Oeps, wordt daar aan mijn deur geklopt…

  3. 3

    Mijn vriendin heeft nog bij Ellenbroek gesolliciteerd! Er was toen al veel gesteggel, dus ze heeft gekozen voor een AiO-schap in Utrecht.

    Overigens denk ik dat gedragsfarmacologie wel hip is, maar niet echt in Nijmegen. Neurowetenschappen zijn booming!

  4. 5

    @mescaline
    Volgens mij is toch bijna het halve Rudolf Magnus Istituut van de UU om gedragsfarmacologie gebouwd: verslaving, angst, sexueel gedrag. Het afgelopen jaar is het RMI bij sexueel gedrag uitgebreid. Er is dus best wat om te doen.

  5. 8

    Ik heb mn eige muziekserver hehe. Ani DiFranco, Errol Garner, Thelon Monk, Django, Speedy West, Alvin Lee, Tonino Carotone, Paolo Conti.

  6. 9

    @Larie#2
    Het ging me meer om de vervreemdende wijze waarop deze wetenschapper de laan uit is gestuurd. Die ratjes, hoewel aanleiding en onderwerp van het log, zijn secundair.

    De commissie, een leerstoelhouder en de gevolgen.
    Ik wilde weten wat er met mijn onderzoek ging gebeuren en werd volledig gerustgesteld, er zou niets veranderen…Conclusie: er moesten een aantal onderzoekslijnen opgeheven worden omdat ze niet voldeden aan “de criteria”

    De auteur heeft natuurlijk een bias maar die methode van manipulatie, het niet vertellen wat, hoe en waarom is een beetje de reorganisatie methode in NL.

    Ongeveer dezelfde methode waarop mensen naar de slachtbank werden vervoerd.

    Het geeft Kafkaiaanse gevoelens aan het individu.

  7. 11

    Het zal wel iets minder dramatisch zijn dan het lijkt, want de RU gaat niet al het kapitaal en de kennis die in de transgene rattenlijnen zit vernietigen. Er zullen wel zygoten in de vriezer blijven.

  8. 12

    We waren ruim op tijd op het vliegveld van San Francisco. Ik was dan ook al een stukje gevorderd in mijn verse Volkskrant in de tijd die lag tussen mijn instappen en het vertrek. Die stoel naast mij blijft leeg, dacht ik tevreden. Te vroeg gejuicht, een slordig gekleed heerschap gooide zijn handbagage in het rek, plofte naast mij neer en opende zijn exemplaar van dezelfde krant. Het vliegtuig vertrok snel daarna en in de lucht keek ik naast me. ‘Ik lig nog steeds een paar pagina’s op u voor’, opende ik het gesprek. Hij lachte. ‘Ik ben op bezoek geweest bij mijn dochter, die woont in Berkeley. Ken je dat, het is daar zo mooi, in die heuvels. Ze woont er prachtig’. Ik beaamde het. ‘Wat doet u voor werk?, vroeg ik. ‘Ik ben hoogleraar neurofarmacie in Nijmegen’, zei hij. En 2 keer per jaar geef ik ook les in Tokio’. Ik knikte alsof ik dat normaal was.

    Hij bleek een vlotte prater en ik kan goed luisteren en op het goede moment de juiste vraag stellen of een anekdote brengen die illustreert dat ik het begreep. In mijn herinnering duurde het gesprek enige uren. Ondertussen werd het eten gebracht. Ik nam een flesje rode wijn. Hij dronk een biertje. Na de maaltijd kwam de stewardess nog langs met de kar voor het aperitief. ‘Doet u mij maar een biertje en een cognacje’, zei mijn reisgenoot. ‘En voor mij hetzelfde’, zei ik in een overmoedige bui. We dronken en praatten steeds luidruchtiger verder. Op een gegeven moment hield hij een langslopende stewardess staande. ‘Brengt u ons nog 2 bier en 2 cognac’, vroeg hij alsof het de normaalste zaak van de wereld was. Ze keek even, besloot om niets te zeggen en kwam even later terug met het bestelde. Dat ze wel met een stevige klap op onze tafeltjes neerzette. Het was duidelijk dat dit al over de limiet was. De opperstewart kwam dat ons dat dan ook later officieel aan ons mededelen, overigens als reactie op een zelfde bestelling bij een andere dame.

    Met mijn hoofd tegen het raam viel ik in slaap. Toen ik een paar uur later mijn ogen weer open deed, was de stoel naast me weer onbezet. Hij kwam net aanlopen. ‘Ik was nog even op zoek naar drank’, zei hij. ‘Dus ik rukte een gordijntje open om te kijken of het daar was verstopt. Blijkt dat daar iemand ligt te slapen. Zo te horen was wat ik deed niet de bedoeling’.

    In de rij voor de douane op Schiphol, nam ik afscheid van hem. ‘Ik vond het een prettig gesprek, zei hij.’ Mijn collega’s, die elders in het toestel hadden gezeten waren erg nieuwsgierig wat ik had uitgevreten. Mijn gelach was door het hele toestel te horen geweest. ‘Ik heb me vermaakt’, zei ik met een grijns.

    ‘Moet je nou kijken’. Ik maakte mijn gezin attent op een foto in het Volkskrant magazine. ‘Dit is die vent waar ik zo mee heb zitten zuipen in het vliegtuig. En anderhalf jaar later leerde ik zijn naam kennen. Het interview met Lex Cools was ter gelegenheid van zijn aanstaande afscheid als hoogleraar in Nijmegen. En Tokyo, zo wist ik. In Nederland had hij in ieder geval 1 fan.