Museum Boijmans Van Beuningen

Nederland moet weer eens een schilderij teruggeven dat voor de Tweede Wereldoorlog voor een prikkie is gekocht van mensen in nood. Deze keer was het de gemeente Rotterdam die iets te veel VOC-mentaliteit aan de dag had gelegd en zo in 1937 voor 3.500 gulden aan een mooie Jan Toorop kwam.
Ondertussen wordt de grootste koopjesjager nog steeds vereerd in de naam van een museum.
De Rotterdamse havenbaron D.G. van Beuningen kocht begin 1940, toen de Duitse inval nog slechts een kwestie van afwachten was, voor 1 miljoen gulden de Koenigs-collectie. Nou is dat een behoorlijk gecompliceerde zaak, waarin al is besloten dat Nederland de schilderijen mag houden, maar vast staat wel dat Van Beuningen wist dat de collectie minimaal 4 miljoen waard was. Hij ving al anderhalf miljoen voor een deel dat hij onder dwang moest doorverkopen aan de nazi’s tijdens de bezetting.
Misschien wordt het eens tijd om een streep door het Van Beuningen-deel te halen en het museum zijn oorspronkelijke naam terug te geven?
Nu moeten we in een rechtsstaat als de onze uiteraard niet op Verdonkeriaanse wijze het oordeel van de rechter in twijfel gaan trekken. Als de rechter het verzamelde bewijsmateriaal onvoldoende achtte dan is dat zo. Maar het is wel een zware domper voor iedereen die werkt aan en/of hoopt op een betere wereld waarin Nederlandse bedrijven zich óók in het buitenland verantwoordelijk en eerlijk gedragen. Nu denk ik niet dat van Kouwenhoven exemplarisch is voor de gemiddelde Nederlandse ondernemer in den vreemde, verre van dat zelfs. Maar wat heeft praten over corporate & social responsibility nog voor zin als boeven als van Kouwenhoven vrijuit gaan? Als men anno 2008 met een dergelijke VOC-mentaliteit wegkomt dan is het hek van de dam,