Soms vraag je je wel eens af of de Nederlandse podia hun programmering met elkaar afstemmen. Afgelopen dinsdag was dit zeker niet het geval. In het Amsterdamse Westerpark stond Radiohead, in Paradiso was Live, in Tivoli Vampire Weekend en in de Melkweg stonden The Raconteurs. Het is natuurlijk ook festivaltijd (a.s. weekend vindt alweer de 21e editie van Werchter plaats) waardoor veel bands in de buurt zijn en makkelijk kunnen worden geboekt. De ware muziekliefhebber stond gisteren echter voor een lastige keuze, of beter gezegd een paar maanden geleden, omdat de concerten bij de start van de voorverkoop binnen een mum van tijd waren uitverkocht.
Als ware sterren lieten The Raconteurs even op zich wachten in een uitverkochte Melkweg. Het publiek werd onrustig, misschien wel door de eerste rookvrije horeca-dag maar zeker ook door de slome blues die als achtergrondmuziek de handelingen van de overijverige roadies inlijstte. Bij opkomst van de band waarvan men verwachtte dat het een eenmalig nevenproject van zanger/gitarist Jack White zou zijn, leek het er ook op of de leden onenigheid hadden gehad want de opkomst was kil en er kon geen lachje van af. Plichtmatig werden de eerste nummers afgewerkt.
Het is misschien ook niet makkelijk om Jack White binnen de gelederen te hebben. De muzikant is de sterrenstatus al lang ontstegen en alleen al zijn naam op het affiche zorgt voor een toeloop van een schare fans. Zelf bleef hij er bescheiden onder tijdens het concert; haast verlegen nam hij plaats naast het andere muzikale brein, Brendan Benson en maakte hij zich volledig ondergeschikt aan het geheel. White staat erom bekend dat hij alle oude blueslegendes goed heeft bestudeerd en waarschijnlijk kan hij met de Raconteurs met meer instrumenten zijn ei beter kwijt dan bij het minimalistischere White Stripes. En dat zal dan ook de reden zijn dat deze band een langer leven beschoren is dan aanvankelijk verwacht.