Slippendragers en oligarchie

Mooi thema dat door Baudet wordt aangesneden: Nederland is ondemocratisch, partijen zijn oligarchische speeltuinen, andere regels zijn nodig.

Daar zegt de jonge geleerde zoiets: het is een stokoud debat in de sociaal-democratie. “Wie organisatie zegt, zegt oligarchie”, zie Robert Michels, daarmee zijn ijzeren wet van de oligarchie formulerend. Als er dan toch leiding nodig is, dan ook maar goed, moet hij gedacht hebben en sloot zich aan bij de fascisten van Mussolini.

Politieke partijen komen in de regels van onze staatsinrichting niet voor. Maar politieke partijen hebben wel een paar opdrachten:

1) zij moeten de collectieve wilsvorming organiseren;

2) zij moeten recrutering en kandidaatstelling regelen;

3) zij moeten met elkaar strijden om de kiezersgunst.

Baudet vindt het schandelijk als een partij van mening verandert om electoraal voordeel te behalen, maar dat lijkt mij onzin. Democratie is naar het volk luisteren en het zijn toch die vermaledijde linkse elites die dat nalaten?

De essentie van de democratie is het dualisme, meent Baudet. Tja, al een halve eeuw geleden had ik daarover discussies met leden van D66. Het lijkt mij niet. De essentie van de democratie is het primaat van de meerderheid, maar gekoppeld aan een diep respect voor opvattingen en rechten van minderheden. Als je praat over bestuur en controle, kun je het over monisme en dualisme hebben. Dan heb je het over mechanismen en instrumenten van bestuurlijke organisatie, niet over de mentale instelling van de democraat.

Baudet laat zich kennen als een crypto D66-er: ook die partij zag veel in het morrelen aan het kiesstelsel. Maar het manipuleren daarvan heeft vrijwel niets opgeleverd. En het is ook niet een geheide remedie voor de gesignaleerde problemen. Districtenstelsels hebben een ‘winner takes all’-principe; maar als je verscheidenheid wilt laten uitkomen, is dat nu net weer onhandig, omdat in het slechtste geval de invloed van 49 % der stemmen verdwijnt.

Sommige van zijn suggesties vind ik wel aardig, b.v. het inbreken in de plaatsingsvolgorde door stemmenaantallen. Een bezwaar heeft dat wel: als de kiesdeler 10.000 is, dan is het verschil tussen 148 en 152 stemmen wel heel marginaal. Maar het inspireert kandidaten om naar hun achterban om te zien.

De gekozen minister-president was ook zo’n kroonjuweel van D66. Dat is niet gelukt. Of wel? De grootste partij krijgt het voortouw in de formatie en levert doorgaans de MP. Ik zie niet veel aanleiding hierin iets te veranderen. Ik geloof niet in een presidentieel systeem in ons land.

Baudet wil de oligarchie in de politieke partijen breken. Iedereen die wel eens een poging heeft gedaan naar een representatieve functie te solliciteren, kan zich daarbij wat voorstellen. Als je al wordt geselecteerd, kom je in een grijze en futloze selectiecommissie terecht, die stierlijk vervelende vragen op je afvuurt, die je op kilometers ziet aankomen. Maar over het algemeen zijn de eigenzinnigen al eerder weggewerkt.

Autonome verkiezingen in gemeenten zie ik wel zitten: de binding met landelijke verkiezingen zou veel minder mogen en kunnen. Dat komt de eigenzinnigheid van de lokale politiek ten goede. Mensen met eigenzinnigheid en eigen opvattingen zijn een risico voor strak georganiseerde partijen, dat geef ik graag toe. Ik maakte ooit een versje, op het programcollege, vrij naar Jan Arends:

‘Wat een angstig gevoel van vrede als de arbeider zijn bijl slijpt.’

Dat geeft het probleem perfect weer: een partij heeft discipline nodig, geen gewetensvolle individualisten. Misschien moeten al diegenen die links honen, zich nog eens afvragen waarom het zo vaak is dat links ruziend over straat rolt. Baudet heeft gelijk: eigenzinnigheid is alleen te handhaven als daar stemmen en kiezers mee verbonden zijn.

De reactie van de politicologen bekoort mij niet. Zij noemen de problemen van Baudet wel relevant, maar de lezer mag raden waarom. Baudet vindt dat er een vertrouwenscrisis is tussen de burger en de politiek en dat vinden de geleerde politicologen onzin. De tevredenheid neemt zelfs toe.

Dat lijkt mij apekool. Het traditionele midden brokkelt af, de zwevende kiezer bepaalt de uitkomst. De LPF en de PVV tonen dat aan. In de jaren zestig was de sprong van 7 zetels voor van Mierlo nog een aardverschuiving, maar de sprongen van SP, PVV en LPF waren toch echt veelvouden daarvan.

Mijn hooggeleerde Hans Daudt vond de Nederlandse democratie niet veel soeps en kon dat knorrig, maar zeer to the point uitleggen. Toon van der Meer en Sarah de Lange maken zich er wel heel gemakkelijk vanaf. De discussie die door Baudet wordt aangeblazen is een klassieker in ons vak; door er zo luchtig mee om te gaan, geven zij aan geen trek te hebben in een discussie met Baudet. Ligt dat aan het onderwerp of aan de tegenstander?

  1. 1

    De essentie van de democratie is het primaat van de meerderheid, maar gekoppeld aan een diep respect voor opvattingen en rechten van minderheden.

    Ook dat hoeft niet expliciet geformuleerd te worden; dat respect komt, met een paar iteraties van coalitie-vorming, vanzelf.

    Baudet wil de oligarchie in de politieke partijen breken.

    Er zijn toch partijcongressen ? Dat daar nou niemand komt, is toch niet de schuld van de partij ?

  2. 2

    Mooie discussie. Toch heb ik behoefte om te reageren op wat opmerkingen in dit stuk, en op wat reacties na het vorige.

    Baudet claimt dat er een (onontkenbare) vertrouwenscrisis is, vandaar dat wij daarop reageren.
    Volgens Van Doormaal is onze conclusie (geen vertrouwenscrisis) apekool.
    Hoe komt het dan dat de tevredenheid van burgers met de democratie stijgt? (zie Amsterdamse politicologen Van der Brug en Van Praag in Acta Politica in 2006; of eerder de Amerikaan Dalton in 2000)
    Hoe komt het dan dat het vertrouwen van burgers in de Nederlandse politiek niet structureel laag is? (zie o.a. Utrechtse en Leidse bestuurskundigen Bovens en Wille in verscheidene publicaties, of kijk naar het werk van SCP’er Paul Dekker)

    Inderdaad neemt de beweeglijkheid van kiezers toe. De gevestigde partijen zijn samen kleiner dan ooit tevoren. De kiezer is volwassen geworden. Als de oude partij niet bevalt, wordt voor een nieuwe gekozen. Dan is er misschien een vertrouwenscrisis voor de gevestigde partijen (CDA, VVD, PvdA en in mindere mate D66), maar toch niet een vertrouwenscrisis voor de democratie?
    Juist omdat de Nederlandse kiezer zo pro-actief is, stemmen ze voor nieuwe partijen (SP, LPF, PVV). Dat lukt. En die partijen treden vaak toe tot het bestuur.
    Als onvrede met regenteske partijen zich zo snel kan vertalen in succesvolle nieuwe partijen, is er volgens mij geen crisis van de democratie of van de politiek in het algemeen. De Nederlandse politiek blijft zichzelf in democratisch opzicht verversen via nieuwe partijen.
    Allerlei enquetes bevestigen dat de electorale crisis van de middenpartijen in Nederland niet overslaat naar een algehele vertrouwenscrisis.

  3. 3

    Als ze niet exact zeggen wat ik wil horen dan ga ik wel naar een ander. Logisch toch. Pro-actief ook. Decadent bijna. Maar niet volwassen. Jammer dan, van al die ervaring en kennis die verloren gaat.

  4. 4

    @2: dat is natuurlijk waar: de politiek is beweeglijk en ververst en vernieuwt. Dus met het woord crisis heb ik ook maar weinig en misschien neem ik daar te weinig afstand van.
    Maar het andere blijft staan: de irritatie over het oligarchische en het geslotene.
    Ik sprak over een klassiek debat in de politieke wetenschappen: de ijzeren wet van de oligarchie. Je kunt twisten over de vraag of het een tautologie is of een universele generalisatie.
    Ik denk het eerste: maar daarmee ben je niet klaar. Waar zijn autonome denkers in representatieve organen? Daarover mogen we het hebben.

  5. 5

    1 Nederlanders, begrijp ik van vdM, zijn massaal nog steeds tevreden met hun politiek bestuur (PB).

    2 These van Baudet is zo’n beetje dat de democratie in NL niet goed functioneert.

    VdM wil 2 weerleggen met 1. Hij faalt.

    Baudet heeft strict genomen geen critiek op het PB van NL, maar op de democratie die eraan ontbreekt.

    Een bijkomstige procedurele kwestie? Ja, als je goed politiek bestuur alles vindt. Dan is het onverschillig waar je dat vandaan haalt, van een tyrannie of van een democratie.
    En kun je komen aanzetten met een schaapachtig publiek dat zich via een nominaal democratisme koest en tam laat houden, en uitplunderen. Er is toch genoeg. Nog.

    Ben je evenwel verontwaardigd over hoe het in het landsbestuur toegaat, wil je daarin corruptie tegen gaan, dan is strenge democratie geen bijzaak, maar minstens evenwaardige concomitant van goed PB. Iedere oprechte democraat weet dat. Onoprechte ook, denk ik.

    Ik moet er wel aan toevoegen dat de culturele voorwaarden om in NL een volwassen democratie in te voeren onvoldoende aanwezig zijn. Intellectuelen kunnen wat dat betreft met mooie plannen komen, het volk als geheel blijft voorlopig de quasi democratie nog trouw.
    NL is innerlijk niet democratisch. Democratie is een Franse uitvinding.
    VdM kan tevreden zijn en blijven.

  6. 6

    het succes van de populisten kunnen de andere (linkse) partijen zichzelf aanrekenen.
    Maar dat doen ze niet, het zijn net kleine kinderen die hun verlies niet kunnen verkroppen en vervolgens roepen dat het succes van Wilders of Berlusconi de schuld is van Wilders en Berlusconi! En vervolgens gooien ze er nog wat godwins tegenaan.
    Het bestaan van populisten in een aantal landen is een teken dat de democratie werkt, landen met een stelsel als de UK en USA hebben een groter probleem doordat populisten buiten de macht gehouden kunnen worden, de populisten gaan zich vervolgens buiten de democratie om organiseren zoals de tea party en dat lijkt me veel vervelender.
    Hoe wel om te gaan met populisten? Daar stond een aardige quote over in de NRC van een tegenstander van Berlusconi. Ten eerste door de zorgen van de stemmers serieus te nemen. Ten tweede door het antwoord op de populisten op een rationele manier en met een glimlach te brengen. Zo is Berlusconi verslagen in Milaan.
    Maar bijvoorbeeld sargasso en joop doen het tegenovergestelde: PVV stemmers zijn dom, en de PVV moet je belachelijk maken, zo niet demoniseren. Wat denk je dat aangesproken mensen doen? Alleen al uit rancune stemmen ze vervolgens op de populisten. En geef ze eens ongelijk.

  7. 7

    Zoals aangegeven in mijn reactie op ‘tweespalt’ (nr 29) interesseer ik me vooral voor de vraag of a) regentesk bestuur typisch Nederlands is en b) of er een verband is tussen regentesk bestuur en populisme. Ik daarbij met data van Der Spiegel de voorbeelden van 10 landen gegeven waar populisten 15% tot 20% van de stemmen halen. Worden al die landen regentesk bestuurd of is er iets meer aan de hand? Ik denk van wel.

    We zijn getuige van twee of eigenlijk 3 ontwikkelingen: a) afbraak van soeveriniteit; b) gijzeling van de politiek door de bankiers (met dank aan Kees de Korte bij BNR); c) leugens en bedrog over beide ontwikkelingen. In zo’n omgeving is het voor populisten welig tieren.

  8. 8

    @2: Ik zou benieuwd zijn naar de cijfers sinds 2010. Sindsdien is er het een en ander veranderd. Ook zou ‘volwassen’ niet het eerste woord zijn wat bij mij opkomt als ik denk aan de huidige debatten, manier van reageren, standpunten etc.

  9. 9

    Mooi, een beetje inhoudelijkheid in de reacties. Ik heb een paar onderscheidingen willen maken. Democratie is meer dan goed bestuur. Dat wil niet zeggen dat goed bestuur bijkomstig is.
    Het populisme is weer iets anders. De tragiek in de USA is een anti fiscale hysterie, waardoor de dollar zwakker wordt en wij de Amerikaanse consumptie blijven financieren. Als je dat populisme wilt noemen, vind ik het best. Maar dat heerst dan bij beide partijen.
    Ik probeer iets te schrijven over de tragische beperkingen in het denken die ons parten spelen

  10. 10

    De tragiek in de USA is een anti fiscale hysterie, waardoor de dollar zwakker wordt en wij de Amerikaanse consumptie blijven financieren.

    Dat slaat helemaal nergens op.

  11. 11

    Inderdaad, een goede discussie dit.

    @4
    Ook ik heb mijn twijfels bij oligarchische tendenzen in het bestuur. Volgens mij sta je als land sterker als je niet selecteert uit kleine clubjes of uit de groep Nederlanders die lid is van een politieke partij. In jouw termen: het kan goed bestuur in de weg staan. Die discussie moeten we ook zeker voeren.
    Maar de paradox is dat dit Nederland niet ‘ondemocratisch’ heeft gemaakt, zoals Baudet zo hard beweert. Daarvoor hebben we in Nederland te veel waarborgen: vrije verkiezingen, het meest evenredige kiesstelsel van Europa, een hele lage kiesdrempel, vrije toegang voor nieuwe partijen, en (voor veel partijen) interne partijdemocratie.

    @5
    Wat betreft dat vertrouwen: Ik zeg niet dat Nederland democratisch is ‘omdat’ de bevolking tevreden is met de democratie (let op: is wat anders dan PB). Ik zeg daar alleen dat Baudets bewering dat er hier een ‘vertrouwenscrisis’ is niet klopt. Althans, er is geen feitelijk bewijs voor. Er is veel onvrede, maar niet meer dan vroeger in de jaren 70, 80 en 90, of dan in 2003-2006 (en in sommige aspecten zelfs minder).
    Elitevorming is in een aantal opzichten een probleem. Het kan in extreme gevallen leiden tot vriendjespolitiek, corruptie. En je beperkt de slagkracht van het bestuur als je deze alleen selecteert uit een kleine club partijleden.
    Maar dat elites Nederland ‘ondemocratisch’ hebben gemaakt, dat gaat te ver. Zelfs in het meest cynische perspectief kiezen Nederlanders tussen die elites, en kunnen ze die wegstemmen als ze dat willen. Dat doen we soms ook: zie 2002, en in mindere mate 2010. Binnen partijen bepaalt de elite niet wie er de baas is, dat zijn uiteindelijk nog de partijleden. De elites zijn machtig, maar nog altijd via verkiezingen (binnen en buiten de partij) gebonden aan democratische procedures. En mocht dat alles niet werken, kunnen er nieuwe partijen worden opgericht.
    Ik vind je stelling dat Nederlanders niet echt democratisch zouden zijn interessant. Als je het ze zelf vraagt, zijn ze in grote mate democratisch. Maar misschien vinden ze democratie niet belangrijk genoeg. We zijn immers een van de weinige landen zonder gekozen burgemeester. Iets om te onderzoeken.

    @8
    De vertrouwenscijfers sinds 2010 zijn stijgende (dwz: dalend na de val van het kabinet, stijgend sinds de komst van het volgende). Zo hoog als in het voorjaar van 2009 is het vertrouwen echter nog niet geweest.
    Een aardig overzicht voor trends bieden de 3-maandelijkse COB-rapporten van het SCP (op hun site te downloaden). Anders kan je kijken naar de Eurobarometers, maar die van het voorjaar van 2011 heb ik nog niet gezien.

  12. 12

    @ 8 ‘Ik vind je stelling dat Nederlanders niet echt democratisch zouden zijn interessant. Als je het ze zelf vraagt, zijn ze in grote mate democratisch.’

    Ik verwijs naar mijn c. 20 in ‘posting’ Sargasso: Tweespalt | Nederlandse democratie.
    Daar noteerde ik dat:
    1. Lijphart 1975 aan het democratische gehalte van NL twijfelde en het NL electoraat ‘dociel’ vond.
    2. Mijn observatie dat jury-rechtspraak*, een bouwsteen toch van de democratie (de Tocqueville) niet iets is waar het NL-volk op zit te wachten. Ze vinden het best zo, al kijken ze graag naar Perry Mason.

    1 & 2 rijmen wel wat op elkaar.

    *‘Nederland kent als een van de weinige landen van Europa geen één vorm van juryrechtspraak; volksinvloed dus. In de Franse tijd maakte Nederland er kennis mee. Vorst Willem I’s eerste daad toen hij er tot koning werd verheven, was het afschaffen van die JYR bij Soeverein Besluit nummer 1. Vanaf die tijd is eerbied voor de notabelen bepalend voor onze rechtspraak’.

  13. 13

    Baudet doet een aantal interessante suggesties, die naar mijn mening meer steun verdienen.

    Tom van Doormaal noemt het primaat van de meerderheid de essentie van de democratie. Dat is een waarheid als een koe. Maar is het daarom minder waar dat een andere essentie van de democratie het dualisme is? Het lijkt me dat Baudet dit punt aankaart omdat aan de eerste essentie voldaan wordt (om de eenvoudige reden dat er verkiezingen worden gehouden), maar aan de tweede niet.

    Er is veel onvrede, maar niet meer dan vroeger stelt @11 Tom van der Meer. Dan kan wel kloppen, aangezien D’66 uit die onvrede is geboren. Dat er desondanks niets is verandert lijkt me een eerder veeg teken dan een geruststelling

    Niet dat ik iets zie in een districtenstelsel, aangezien dit slechts tot gevolg zal hebben dat de (partij-)politieke verhoudingen nog starrer zullen worden dan nu het geval is. Het voorstel van Baudet – maak het aantal voorkeursstemmen dat parlementariërs hebben verkregen dwingend voor hun positie op de lijst- is daarentegen een bijzonder praktische manier om de elitevorming te doorbreken en de invloed van de kiezer te vergroten.

    Ook de ander suggesties van baudet zijn zeker de moeite van het overwegen waard. Ik heb echter andere twijfels bij het verhaal. Baudet stelt zelf:

    “De burgemeester direct kiezen is zo bedreigend voor de partijelites dat ze altijd wel een argument zullen vinden om invoering ervan te dwarsbomen.”

    Maar geldt dat voor zijn eigen voorstellen dan niet?

    Nederland is ondemocratisch en partijen zijn oligarchische speeltuinen, daar ben ik het volledig mee eens. Maar omdat de burger over geen enkel middel beschikt om daar iets aan te veranderen en geen enkele elite er belang bij heeft om zichzelf op te heffen, ben ik bang dat het nog wel even zo zal blijven

    en misschien zelfs tot de PVV-ramp zal leiden.

  14. 14

    @10: ik illustreerde met het voorbeeld van het anti-fiscale denken in Amerika dat er beperkingen in onze politieke cultuur zitten, die veel invloed hebben. JSK zegt: dat slaat nergens op. Dat is geen argument: is het voorbeeld ten onrechte? Klopt het volgens hem niet? Een ruime meerderheid, zo blijkt uit onderzoek is voor het belasten van de rijken. Toch houdt het Amerikaanse parlement zich vooral bezig met het beperken van de belastingen voor de rijken.
    Zie ook: http://www.taxfoundation.org/publications/show/151.html
    @13: geen groot verschil van mening Harm. Mijn punt is: dualisme is een begrip uit de bestuurlijke verhoudingen, dat ik liever niet verknoop met de politieke beoordelingen van democratie. Dat is nu net het verwarrende dat je bij veel D66 denkers aantreft. Ik geloof niet dat de “kroonjuwelen” veel invloed hebben op onze politieke omgangsvormen. Liever kijk ik naar de recrutering van vertegenwoordigers, kandidaatstellingen en selectie van kandidaten.

  15. 15

    De redenering slaat nergens op. Ik besef dat de redenering niet centraal staat in je betoog, maar kom op… als je ergens de ballen verstand van hebt, doe er dan geen “geleerde” uitspraken over.

  16. 16

    @JSK:herhaling helpt niet. Lees de eenvoudige journalist Willem Middelkoop die heldere en verbluffende documentatie levert over de Amerikaanse overconsumptie. (Overleef de kredietcrisis, A’dam, 2009)
    Je kunt ook Michael Tomasky lezen: “The budget battles on which his reelection depends”. (New York Review of Books,no9, p.12).
    Ik geef graag toe dat ik overal de ballen verstand van heb; maar als ik iets opschrijf is het niet zo maar.
    “The conservative movement’s embrace of taxofobia is probably the most important development in American political life over the last tree decades.”
    Ook in Ronald Brownstein’s “Second Civil War” over de Amerikaanse politieke polarisatie kun je veel vinden over fiscale politiek en beleid.