Closing Time | Korpiklaani
De kenners moeten me maar corrigeren, maar voor de muziek van het Finse Korpiklaani trek ik graag de termn ‘pretmetal’ uit de kast.
De dagelijkse afsluiter met muziek en heel soms wat anders
De kenners moeten me maar corrigeren, maar voor de muziek van het Finse Korpiklaani trek ik graag de termn ‘pretmetal’ uit de kast.
Nog meer eighties trash, maar met een uitermate vermakelijke clip. Hoewel ik de piano op het grasveld – vreemd genoeg – altijd een tikje ontroerend heb gevonden.
De groep Ph.D. haalde met dit nummer in 1982 een grote hit. Hoe was het mogelijk, vraag je je soms af.
Voordat Ronnie James Dio bij Black Sabbath verzeild raakte, maakte hij furore als zanger van Rainbow.
Stargazer uit 1976 wordt algemeen beschouwd als hun beste nummer, mede dankzij het gitaarwerk van bandleider Ritchie Blackmore (van Deep Purple-faam).
De keuze voor vandaag was eenvoudig, omdat de titel de closing time van gisteren zo mooi samenvat.
Daar waar muzikobeten nogal eens het predicaat “duf” plakken op muziek gemaakt in een orkest-achtige setting met klassieke instrumenten, kan dit voor Michael Nyman nauwelijks van toepassing zijn. Het opvallende kenmerk van Nyman is muziek met klassieke instrumenten maar met een enorme energieke drive, soms bijna ontaardend in schetterende hoempa.
Hier horen we de Michael Nyman Band met Chasing sheep is best left to shepherds, muziek uit de film The Draughtsman’s Contract.
De oudere jongeren onder ons – en zeker zij die tot de categorie “linksmensch” gerekend kunnen worden – zullen waarschijnlijk wel een vlaag van nostalgie voelen bij deze muziek. De heren Van Kooten en De Bie gebruikten het jaren geleden bij hun wekelijkse verhandeling over “allerlei gezonds uit de natuur” door Berendien uut Wisp.
De muziek is van Penguin Cafe Orchestra, een clubje rond de inmiddels overleden gitarist/componist Simon Jeffes. Jeffes, klassiek getraind, was naar eigen zeggen uitgekeken op de rigide structuren van klassiek en zag ook niet veel in de beperkingen van rock/pop, en koos daarom voor de vrijheid van laveren tussen de genres door. Vaak zaten daar elementen van ethnische muziek in, zoals dit Beanfields.
Hoewel je de vijfenveertigjarige carrière van jazzlegende Miles Davis sowieso geen recht kunt doen, is hier een concert uit zijn elektronische periode.
Wel even doorspoelen, want ze beginnen pas vanaf vijf-en-een-halve minuut te spelen.
Omdat ze vanavond (zaterdag) op het Le Guess Who?-festival in Utrecht spelen maar even een oude Swans er bij gepakt.
Swans is de band rond Michael Gira. In den beginne was het vooral loodzwaar traag keihard beuken, met een hang naar repetitieve structuren in een experimentele muur van geluid. Na verloop van tijd bleek dat ze ook ingetogen muziek konden maken, zoals hier bij het nummer Failure, van de cd White Light from the Mouth of Infinity.
Na 17 jaar heeft Faith No More eindelijk weer een nummer uitgebracht: Motherfucker.
It feels apt that the first track we’re releasing is ‘Motherfucker,’ a song about accountability. Basically we’ve created, recorded and mixed a new body of work by ourselves and we’re releasing it on our own label. It’s a huge deal for us to only have ourselves to answer to at this point in our career and the song is about that, where the buck stops via the basic imagery of foie gras production, bondage. . .y’know, stuff like that.
We blijven even bij The Velvet Underground, maar deze keer gespeeld door Bettie Serveert. Hun cover van Stephanie Says heb ik altijd erg aardig gevonden:
Daniel Schellekens uit België is wiskundige en muzikant, en speelt/speelde in verscheidene ensembles. In de jaren tachtig en negentig maakte hij een aantal platen met het ensemble Karo, onder de naam Daniel Schell & Karo.
Het kenmerkende instrument hier is de chapman stick, een instrument dat nog het meest op een gitaarhals lijkt en met beide handen wordt bespeeld door de snaren tegen de frets op de hals te ’tappen’. Hierdoor kunnen tegelijkertijd bas- en melodielijnen worden gespeeld. Onnodig te zeggen dat het een moeilijk instrument is.
Afkomstig van misschien wel het beste album van The Velvet Underground: het nummer The Gift, gebaseerd op een kort verhaal van Lou Reed.
Als je ‘m nog niet kent, blijf vooral luisteren tot de ontknoping:
Ophef in rechts Amerika! (Die deze keer zelfs tot in Nederland doordrong.)
Bruce Springsteen, Dave Grohl en Zac Brown speelden vorige week tijdens een benefietconcert voor veteranen het nummer Fortunate Son van Creedance Clearwater Revival.
Conservatieven reageerden als door een wesp gestoken:
Who would have thought that that Bruce Springsteen, Dave Grohl, and Zac Brown, accomplished musicians all, would be so, well, tone-deaf? But how else to explain their choice of song—Creedence Clearwater’s famously anti-war anthem “Fortunate Son”—at the ostensibly pro-military “Concert for Valor” this evening on the National Mall?
The song, not to put too fine a point on it, is an anti-war screed, taking shots at “the red white and blue.” It was a particularly terrible choice given that Fortunate Son is, moreover, an anti-draft song, and this concert was largely organized to honor those who volunteered to fight in Afghanistan and Iraq.