Politiek op slot door sleutelrol partijen

OPINIE - De sleutelrol van politieke partijen in onze democratie moet aan banden gelegd worden door de voorkeursdrempel te verlagen.

Aan onze democratie is altijd gesleuteld. Vaak hadden veranderingen een positieve uitwerking op de representativiteit van de volksvertegenwoordiging, maar sommige maakten de invloed van het volk juist marginaler, bijvoorbeeld de opkomst van politieke partijen. De sleutelrol voor politieke partijen is een bedreiging voor ons democratische stelsel. Partijen trachten het gedrag van hun leden in het parlement namelijk dusdanig te beïnvloeden dat Kamerleden eerder het belang van de partij dan het belang van het volk behartigen.

Op zoek naar een oplossing voor deze impasse moet allereerst worden gekeken naar de formele rol van Kamerleden in de Tweede Kamer. Volgens artikel 50 van onze Grondwet moeten de Staten-Generaal het gehele Nederlandse volk vertegenwoordigen. Vervolgens bepaalt artikel 67, derde lid, dat de leden van de Kamers dit op een onafhankelijke manier dienen te doen. Zij stemmen zonder last. Hiermee hebben Kamerleden grondwettelijk een onafhankelijke en zelfstandige positie binnen onze parlementaire democratie. Alhoewel deze positie de iure onomstreden is, is deze positie de facto aan ernstig verval onderhevig. Oftewel: het staat er wel zo mooi, maar het werkt anders.

In de praktijk functioneren Kamerleden alles behalve zelfstandig. Zij maken (praktisch) altijd deel uit van een politieke partij. Aanvankelijk vervulden deze partijen een ondersteunende rol voor min of meer gelijkdenkende Kamerleden. Tegenwoordig spelen deze partijen een sleutelrol binnen de politiek. Het politieke beleid wordt niet langer bepaald door de leden van de Tweede Kamer zelf, maar door het bestuur van hun politieke partij. Daarmee is de Grondwettelijke onafhankelijkheid tot een staatsrechtelijke fictie gedegradeerd. Partij- en fractiediscipline bepalen het politieke handelen van Kamerleden en daarmee de besluitvorming binnen het parlement. Zo was het partijvoorzitter Lilianne Ploumen die uiteindelijk Job Cohen het mes in de rug stak.

Helaas heeft deze ontwikkeling zich de afgelopen eeuw stevig geworteld in ons politieke bestel. Partijen hebben het machtsvacuüm ingevuld dat op regeringsniveau is ontstaan sinds de rol van de Koning is ingeperkt. Partijbesturen bepalen de koers in de ministerraad en welke minister een toekomst heeft. De macht van partijen is inmiddels zo sterk geworden, dat ook al worden ministerschap en Kamerlidmaatschap door verschillende personen uitgeoefend, deze verschillende personen toch niet als aparte individuen kunnen functioneren.

Deze machtige rol voor de partijtoppen kan dodelijk zijn voor onze democratie. Omdat de politieke partijen de afstand tussen regering en parlement hebben overbrugd, zijn zij in staat het functioneren van onze democratie ingrijpend te manipuleren. Een fundament van de Nederlandse democratie is de scheiding der machten en het daaraan inherente dualisme tussen regering en volksvertegenwoordiging. Wanneer de afstand tussen de regering en (een meerderheid in) het parlement verdwijnt, dan is de controlefunctie van het parlement niet langer gewaarborgd. Zodra het politieke debat verdwijnt uit de Kamer wordt de volksvertegenwoordiging namelijk buiten spel gezet. Eenieder die hier aan mee werkt of dit ondersteunt aanvaard de consequentie dat de Nederlandse politiek totaal ontspoort en de stem van het volk verdwijnt in een Haagse poppenkast. Helaas heeft blijkbaar niet iedereen voldoende politiek inzicht om deze consequentie onaanvaardbaar te achten.

Het probleem kan worden opgelost wanneer Kamerleden niet langer onvoorwaardelijk gehoorzaam zijn aan hun partij of fractie. Zij moeten net als vroeger luisteren naar het electoraat en meer naar eigen inzicht handelen. Uiteraard kan er daarbij nog steeds een (ondersteunende) rol bestaan voor de partijen, maar de machtsverhoudingen dienen weer in balans te worden gebracht. Dit vergroot democratische legitimatie en stimuleert politieke participatie. Doordat Kamerleden een eigen stem krijgen binnen hun partij valt er meer te kiezen voor de burger. Naast de keuze voor een bepaalde partij en de daaraan verbonden denkbeelden, kan men dan ook werkelijk kiezen voor een specifiek persoon binnen die partij.

Dit kan door het verlagen van de voorkeursdrempel. Zoals Pechtold (D66) als minister in 2005 al voorstelde zal een verlaging van de voorkeurdrempel naar 12,5 procent het personele element in ons kiesstelsel versterken en tevens de ijzeren fractiediscipline kunnen doorbreken. Kamerleden zijn dan voor een plek in de Kamer immers niet meer volledig afhankelijk van hun partij. Deze zelfstandigheid zal bijdragen aan een terugkeer van het dualisme tussen regering en parlement. Want zodra Kamerleden zich vrij voelen om eventueel anders te stemmen dan de rest van hun fractie, zal het debat terugkeren naar de Kamer. Op deze manier neemt de Tweede Kamer haar controlerende taak weer op zich. Immers, zoals Thorbecke al schreef in zijn Narede van 1869: ‘…vermenging van wetgevende en uitvoerende magt (…) ware een erg misverstand.’ Het is dus van groot belang dat dit ‘misverstand’ uit de weg wordt geruimd.

Dit betoog is begonnen met de constatering dat ons parlementaire democratie altijd aan verandering onderhevig is geweest. Op dit moment is het weer tijd voor een verandering. Een verandering die zorgt voor grotere politieke participatie, een betere scheiding van de machten en meer democratische legitimatie. Door de voorkeursdrempel te verlagen kunnen Kamerleden zich onafhankelijker van hun politieke partij profileren. Op die manier komt het volksbelang boven het partijbelang te staan, waardoor de Kamer opnieuw serieus kan worden genomen in haar representerende en controlerende taken.

Deze bijdrage is geschreven door de Fractie Leidse Conservatief Liberalen (LCL), Universiteit Leiden voor Publiekrecht & Politiek. Op 31 mei 2013 vindt de plenaire sessie van het studentenparlement plaats. Studenten-fracties van verschillende universiteiten debatteren dan in de zaal van de Tweede Kamer met elkaar over een door een regering van hoogleraren staatsrecht voorbereid voorstel. Deze post is in dat kader. 

  1. 2

    Waarom 12,5 percent? Meeste stemmen tellen, lijkt mij een prima uitgangspunt voor de volgorde van de lijst waarmee Kamerleden in de Tweede Kamer komen.

    PvdA-Kamerlid Hilkens gaat strafbaar stellen illegalen ‘niet verdedigen’, maar natuurlijk wel voor stemmen. Kijk en dan helpt het als je zo’n draaikont kunt afstraffen.

  2. 3

    Beetje achterhaald punt dit. Thorbecke gebruikte dezelfde redenatie al, die het weer van Descartes heeft geleend. Partijen belemmeren de vrijheid van Kamerleden, waardoor er geen botsing van ideeën meer plaatsvindt en men onvrij is (want ondergeschikt aan collectief). Maar uiteraard is het nog wel relevant.

  3. 4

    Right. Dus als kamerleden maar verlost zijn van het juk van een partij, gaan ze luisteren naar “het volk”? Want het komt niet in ze op dat ze dan lekker hun eigen gang kunnen gaan zonder zich aan iemand iets gelegen te laten liggen?

  4. 5

    @4: In hoeverre is het dan niet het volk zelf, dat de huidige praktijk wil, door massaal op de lijsttrekker te stemmen om daarmee aan te geven dat ze op het partijstandpunt stemmen en niet op het individuele standpunt van Jopie op plaats 8 van de lijst?

  5. 6

    @2:
    Via voorkeursstemmen kunnen wij elke candidaat in de kamer krijgen.
    Dat gebeurde ook eens toen de VVD een kamerlid wat zich niet aan de partijpolitiek hield op een onverkiesbare plaats stelde.
    Mijn vrouw en ik stemden toen voor de eerste, en vermoedelijk, de laatste keer, VVD.
    De man haalde enige keren de kiesdrempel.
    Verder zien we welke invloed 50+ via de peilingen al uitoefent.
    Ik vind dus het hele verhaal nogal overdreven.

  6. 7

    De leden van de 2e Kamer volgen dus braaf de führer ;-)

    N.B.
    Heeft de redactie misschien ook een lijstje met cijfers over hoe vaak ze stemmen tegen hun eigen verkiezingsprogramma stemmen?
    Ik gok dat de PvdA de winnaar wordt ;-)

  7. 8

    Naïef verhaal.
    Begin eens met de constatering dat er een spanningsveld bestaat tussen de perfecte afspiegeling van alle meningen en een effeciënt bestuur.
    Partijen zijn een compromis, het beperkt het aantal meningen tot 2-15 zodat het makkelijker wordt overeenstemming te bereiken over beleid. Dat is al moeilijk genoeg, blijkt telkens weer.

    Als je wilt weten wat er gebeurt als je personen kiest in plaats van partijen zou je eens naar Libië moeten kijken. Daar is slechts 1/3 gekozen op partijlijsten, de rest is ongebonden. Overbodig te zeggen dat dit de snelheid en de transparantie van de besluitvorming niet echt ten goede komt.

    Dit los van de vraag of de verlaging van de kiesdrempel een goed idee is of niet. Een beetje meer persoonlijkheid in de partijen is misschien best goed, maar steek dat verhaal dan wat pragmatischer in.

  8. 9

    @8:

    Het ideaal is juist dat men, ook binnen partijen, mensen kiezen op individuele kwaliteiten en inzichten. Eenmaal op de kieslijst en in de Tweede Kamer wordt het individu zwaar ingekapseld door de partijstructuur -en doctrine. Hierdoor worden hele waardevolle inzichten beperkt, waardoor de kwaliteit van de besluitvorming verlaagd wordt.

    Kijk bijvoorbeeld naar de eerste paar decennia van onze parlementaire democratie. Daarbinnen was de kwaliteit van besluitvorming hoog en werden vele taboes doorbroken. Een groot aandeel hieraan werd geleverd doordat de gekozen lieden vrij waren om voor hun de beste oplossing te vinden.* Door de botsing der ideeën komt de beste oplossing boven (zeer pragmatisch, moet jouw aanspreken).

    Nu verzamelt een lijsttrekker een groepje adjudanten en gelijkgestemden zodat wanneer hij/zij het teken geeft, men heel ‘eensgezind’ het handje opsteekt bij stemmingen. Door deze manier van handelen zijn er al ontiegelijk vaak standpunten doorgedramd die zowel onder parlementariërs als burgers geen meerderheid genieten. En dat allemaal omdat sommige de illusie hebben dat dit pragmatisch is en zich zodoende neerleggen bij de realiteit.

    *Kwam wellicht ook doordat alleen rijke/hoogopgeleide mensen mochten stemmen en onder de parlementariërs zeer veel intellectuelen waren. De elite bevindt zich vandaag de dag niet meer in de politiek, gezien ook het verloren primaat hiervan.

  9. 10

    Het lijkt me logischer als de leden van een lijst worden verkozen op volgorde van het aantal voorkeursstemmen. Stel, partij P haalt Z zetels, dan krijgen de Z personen van lijst P met de meeste voorkeursstemmen een zetel. De volgorde op de lijst moet helemaal niet meer zijn dan symbolisch.

  10. 12

    @9: Ik denk dat je een beetje te rooskleurig beeld hebt van Nederland in de 19e eeuw, zowel als het gaat om economische als sociale progressie. Het feit dat jij niet een negentiende eeuwse arbeider of vrouw bent vertroebeld de blik wellicht.

    In bijna alle hedendaagse democratieën heb je partijen. Waarom zou dat zijn denk je?

  11. 14

    Prima stuk van deze LCL. Ik zegt het zelf ook al jaren: partijen oefenen in ons staatsbestel macht uit die hen helemaal niet toekomt en dit ondermijnt de soevereiniteit en legitimiteit van de volksvertegenwoordiging.

    Over deze zin in het stuk heb ik wel iets op te merken:

    Een fundament van de Nederlandse democratie is de scheiding der machten en het daaraan inherente dualisme tussen regering en volksvertegenwoordiging.

    Dit klopt m.i. niet echt. Het zou zo moeten zijn, maar de praktijk is anders. Regering en volksvertegenwoordiging zijn in Nederland maar nauwelijks van elkaar gescheiden – ze zijn juist bijzonder hecht verweven. Zo zijn parlement en regering hier elkaars “medewetgever”. Dat hoort echt niet te kunnen in de trias politica. Het is een fout in onze grondwet.

    Een regering moet helemaal geen wetten maken en zelfs niet voorstellen. Ze moet alleen maar uitvoeren. Het maken van wetten (en dus van beleid) dient de exclusieve bevoegdheid van een volksvertegenwoordiging te zijn.

    Ook in personeel opzicht zijn de machten niet werkelijk gescheiden: je ziet politici heen-en-weer springen tussen beide staatsmachten alsof dat doodnormaal is. Bijvoorbeeld lui die zich laten kiezen voor het parlement en die vervolgens doodleuk minister worden – dat zou dus gewoon verboden moeten worden. Als je van de kiezer een plek in het parlement hebt gekregen dan hoort dat te betekenen dat je die plek ook in gaat nemen. Legitieme redenen om te vertrekken zoals ziekte e.d. daargelaten natuurlijk.

    Verder hoort hoofdelijk stemmen de standaard werkwijze te zijn in de Tweede Kamer.

    Regeerakkoorden afschaffen, die dienen er ook alleen maar voor om kamerleden te dwingen iets anders te stemmen dan hen door de kiezer is opgedragen.

    Zo zijn er nog wel meer maatregelen te bedenken.

    Dat een sterker geprofileerde, representatieve volksvertegenwoordiging niet “efficiënt” en/of “daadkrachtig” genoeg zou zijn zal me werkelijk worst wezen. Democratie mag geld en tijd kosten.

  12. 15

    @14 “partijen oefenen in ons staatsbestel macht uit die hen helemaal niet toekomt en dit ondermijnt de soevereiniteit en legitimiteit van de volksvertegenwoordiging”

    Integendeel, die macht komt de partijen wel degelijk toe. Ten eerste omdat de kiezers in grote meerderheid op een partij/lijsttrekker stemmen en niet op de individuen op de kieslijst daarachter. Ten tweede omdat de partij, via onder meer (raads)leden, meer contact heeft met de achterban/kiezers dan de parlementariërs in Den Haag en dus beter in staat is aan te voelen wat “het volk” van zijn vertegenwoordigers verwacht.

    Perfect is het systeem niet, zeker niet nu zo weinig mensen nog lid zijn van een partij, maar dat los je niet op door de macht nog verder te concentreren in de handen van een beperkt aantal individuen. Dat is pas een aderlating voor de democratie.

  13. 16

    Mensen mogen zich toch gewoon in partijen verenigen? En wanneer ze zich verenigd hebben in partijen (of verenigingen of stichtingen of weet ik veel) kunnen ze gezamenlijk aan de verkiezingen deel nemen. Het vergroot de mogelijkheid om enige invloed uit te kunnen oefenen op het beleid (voor zo ver dat niet volledig ondemocratisch in de economische sector van de samenleving wordt bepaald). Dan kunnen we er wel voor pleiten om de partijleden weer meer onafhankelijk te maken, maar dan boet je weer aan invloed in, en wanneer dat bij alle partijen gebeurt, gaat dat ten koste van de macht van het parlement en komt dat ten goede aan de macht van onze economische beleidsbepalers.

    Het zou dus beter zijn de economische macht eens een beetje te democratiseren, in plaats van de macht van ons enige instrument, om de economische macht een beetje in toom te houden, te ondermijnen.

  14. 17

    @15:

    @14 “partijen oefenen in ons staatsbestel macht uit die hen helemaal niet toekomt en dit ondermijnt de soevereiniteit en legitimiteit van de volksvertegenwoordiging”

    Integendeel, die macht komt de partijen wel degelijk toe. Ten eerste omdat de kiezers in grote meerderheid op een partij/lijsttrekker stemmen en niet op de individuen op de kieslijst daarachter.

    Als er geen andere andere keuzes geboden worden dan lijsttrekkers en lijstvullers dan zullen de mensen inderdaad op die manier gaan kiezen – ze kunnen in feite niet anders. Als ze überhaupt nog de moeite nemen. Maar dat betekent natuurlijk niet dat die gang van zaken wel in orde is.

    En nee, het komt partijen absoluut NIET toe om volksvertegenwoordigers “fractiediscipline” op te leggen. Dat is een macht die niet aan de grondwet ontleend kan worden. Partijen en fracties bestaan niet eens in de grondwet.

    Voorbeeld uit de praktijk, waarom fractiediscipline onwenselijk is: als je je voorkeursstem hebt gegeven aan mevrouw Van Gent omdat zij de laatste pacifiste is in GroenLinks, dan wil je niet dat ze gedwongen wordt om toch voor een militaire onzinmissie te stemmen. Want dan zou je stem dus gewoon worden weggegooid. Dat zou antidemocratisch zijn, een deel van het electoraat (een factie van de fractie) wordt dan niet meer vertegenwoordigd omdat een ander deel dat niet nodig vindt.

    Ten tweede omdat de partij, via onder meer (raads)leden, meer contact heeft met de achterban/kiezers dan de parlementariërs in Den Haag en dus beter in staat is aan te voelen wat “het volk” van zijn vertegenwoordigers verwacht.

    Beter dan de kiezers zelf, zeg je nu eigenlijk. Wat een bevoogding.

    Perfect is het systeem niet, zeker niet nu zo weinig mensen nog lid zijn van een partij,

    Dat laatste hoeft toch niet te verbazen. Want wie wil er nu eigenlijk lid worden van een partij waarvoor je je eigen mening moet inleveren? Dat doen dus alleen nog mensen die uit zijn op een baantje. Of naïevelingen met een hunkering van ergens bij te willen horen.

    maar dat los je niet op door de macht nog verder te concentreren in de handen van een beperkt aantal individuen. Dat is pas een aderlating voor de democratie.

    Inderdaad, macht moet niet worden geconcentreerd en juist zoveel mogelijk worden verspreid. En juist daarom is de ongrondwettelijke concentratie van macht in politieke partijen dus ook zo zorgwekkend.

    Je zal me trouwens niet horen beweren dat partijen compleet moeten worden afgeschaft. Ze zouden verenigingen kunnen zijn waar meningsvorming plaatsvindt en die volksvertegenwoordigers opleiden. Zonder ze als marionetten aan een touwtje te houden. Maar eenmaal dat iemand in het parlement (of gemeenteraad/provinciale staten) is gekozen hoort een partij zich er gewoon niet meer mee te bemoeien.

    Natuurlijk zal er niets veranderen want de partijen hebben de macht om het zo te laten. Dat hebben ze dus wel handig geregeld voor zichzelf. Alleen ben ik bang dat het uiteindelijk tot grote ongelukken zal leiden. De opkomst van Wilders was nog maar een waarschuwing wat dat betreft.

  15. 18

    @10:
    Er worden vrijwel geen voorkeursstemmen uitgebracht.
    Met ons aantal partijen wordt er in feite gestemd op de lijstaanvoerders.

  16. 19

    @16:

    Het zou dus beter zijn de economische macht eens een beetje te democratiseren, in plaats van de macht van ons enige instrument, om de economische macht een beetje in toom te houden, te ondermijnen.

    Wie wil hier de macht van ons enige instrument ondermijnen?

    De macht van de volksvertegenwoordiging en de leden daarvan moet juist zeer sterk worden vergroot. Daarnaast dienen natuurlijk ook referenda te worden ingezet als regulier middel om democratische besluiten te nemen.

    Maar “fractiediscipline” moet echt dood. De democratie kan je gewoon niet overlaten aan een handjevol fractieleiders die onderling uitmaken hoe ze hun knechtjes zullen opdragen te stemmen.

    Wat doet Maxime Verhagen tegenwoordig? Oh ja, die is lobbbyist geworden. Dat de Duivel hem hale.

  17. 20

    @17 “Want wie wil er nu eigenlijk lid worden van een partij waarvoor je je eigen mening moet inleveren?”

    Eh, weet je eigenlijk wel hoe een politieke partij werkt? Je lijkt te denken dat er een politburo is dat de lijn vaststelt en dat verder iedereen zijn mond moet houden. Dat is alleen bij de PVV zo.

    Je sluit je aan bij een politieke partij omdat je grosso modo dezelfde ideeën hebt als de andere leden. Vervolgens krijg je via een intern democratisch proces inspraak in politieke koers en de vertegenwoordigers.

  18. 22

    Google Christian en je hebt antwoord op je vraag. Ik zelf heb bij verschillende partijen rondgekeken en kan zeggen dat zelfs de SP niet de ijzeren discipline kent die ze normaliter wordt toegeschreven. Over ieder besluit wordt in de afdelingen uitgebreid gedebatteerd. GL is een prima voorbeeld om aan te tonen dat partijen hard worden afgestraft als ze niet naar hun leden en achterban luisteren.

  19. 23

    @21 Nou en of ik wel eens bij GL gekeken heb. Sterker nog, ik ken de shit van zo dichtbij dat ik geen details wil loslaten over wat er allemaal gebeurd is rond Jolande Sap. Maar laat me je dit verzekeren: de chaos werd niet veroorzaakt door strakke fractiediscipline.

    GL ten tijde van Sap vs Dibi is precies wat je krijgt als de samenbindende kracht van een partij wegvalt, zoals de schrijver van het artikel beoogt.

  20. 24

    “Het probleem kan worden opgelost wanneer Kamerleden niet langer gehoorzaam zijn aan hun partij of fractie en meer naar eigen inzicht handelen.. dit vergroot democratische legitimatie en stimuleert politieke participatie.. er is meer te kiezen voor de burger”

    Zo maak je een probleem. Veel kiezers kennen (toekomstige) kamerleden niet wel het partijprogram dat in dit voorstel niet telt.
    Dus is er minder te kiezen zoals bij de EU verkiezing, waar in vage EU frakties wordt gewerkt. De verkiezingsopkomst is dan ook laag.

  21. 25

    @24: Juist omdat kamerleden zich niet onderscheiden.

    Ik ben geen fan van Geert Wilders, maar een van de redenen waarom hij zich op de kaart wist te zetten was omdat hij zich keerde tegen de hoofdlijn van de VVD waar hij toen nog lid was. Wat dat betreft zouden meer kamerleden dat bij meer partijen mogen doen. Een democratie is als een fiets: Je moet door blijven trappen om er niet van af te vallen.

    Enfin, de huidige trias politica wordt momenteel compleet uitgehold door zaken als minimumstraffen, regeerakkoorden en weet ik veel wat voor meer onzin er rond spookt. Daar moet echt een einde aan komen: Een uitvoerende macht hoort zich net zo min bezig te houden met wetten als het koningshuis met politiek (tenzij het gekozen politici zijn, uiteraard).

  22. 26

    @19:

    De macht van de volksvertegenwoordiging en de leden daarvan moet juist zeer sterk worden vergroot

    Dat bereik je niet door versplintering.

    Daarnaast dienen natuurlijk ook referenda te worden ingezet als regulier middel om democratische besluiten te nemen

    Dat ben ik in principe met je eens, maar ik heb wel wat moeite met de term regulier. We kunnen niet over ieder wissewasje een referendum houden en het gevaar van volksmenners ligt daarbij op de loer. Zelfs in een anarchistische maatschappij zal een deel van de besluitvorming in de praktijk gedelegeerd dienen te worden om überhaupt de maatschappij draaiende te kunnen houden.

    Maar “fractiediscipline” moet echt dood. De democratie kan je gewoon niet overlaten aan een handjevol fractieleiders die onderling uitmaken hoe ze hun knechtjes zullen opdragen te stemmen

    Dat is een karikatuur van wat er gebeurt. Dat proces is veel ingewikkelder. We mogen parlementariërs aanspreken op hun individuele verantwoordelijkheid, maar zij moeten niet alleen volgen wat ‘het volk’ zegt, of beter gezegd, wat die paar mensen, die hen aan spreken, zeggen, maar meer belangen in het oog houden, en tactisch nadenken hoe zij bepaalde doelen het beste kunnen verwezenlijken. Soms betekent dat, dat je met iets mee stemt, omdat je daarmee goodwill kweekt bij anderen, die daardoor geneigd zullen zijn eerder met jou mee te stemmen op punten, die nog belangrijker zijn. Onderhandelingen en concessies horen nu eenmaal bij een democratie, en je kunt je dus niet bij ieder vraagstuk alleen maar laten leiden door wat (een deel van) de achterban wil.

    Volgens mij valt het trouwens gelukkig nog steeds wel redelijk mee met de zelfstandigheid van het denken van onze parlementariërs. Waar we bij de middenpartijen nog wel eens de vrijheid genomen zien worden om van het meerderheidsstandpunt in de fractie af te wijken, zien we dat aan de extremere kanten juist veel minder gebeuren. Volgens mij was dat vroeger eerder andersom, dus wat dat betreft ben ik niet zo somber. Volgens mij is de situatie in het midden nu wat beter dan toen ik nog een stuk jonger was. Dat kan veroorzaakt zijn door het afbrokkelen van de confessionele macht in het midden, waardoor er geen zekerheid van regeringsdeelname meer is, voor geen enkele partij.

  23. 27

    Ik snap al met al die rancune tegen de fractiediscipline wel. Maar om dat nu tegen te gaan door de partijen te laken, dat is een beetje het kind met het badwater weggooien. Het bestaan van een partij zorgt er tenminste nog voor dat de kamerleden nog iets van een klankbord hebben en verantwoording afleggen aan hun achterban. En ach, de meeste mensen kiezen nu eenmaal toch een partij en niet een persoon. Dan kan je wel de voorkeursdrempel verlagen, maar dat is alleen maar het ontkennen daarvan. Bovendien, schadelijker dan de fractiediscipline vind ik het dichtrammen van het politieke debat met regeerakkoorden, die er ook voor zorgen dat minderheidsstandpunten kunnen worden opgelegd.