Mission accomplished: oorlog gewonnen, regime gechanged

Foto: 51581 on Pixabay

De Verenigde Staten hebben opnieuw een oorlog gewonnen. Of preciezer: ze hebben verklaard dat ze gewonnen hebben. Minister van Defensie Pete Hegseth sprak over een “decisive military victory”. Iran zou effectief teruggedrongen zijn en tot een staakt-het-vuren zijn gebracht.

Dat roept een basale vraag op: wat is er precies veranderd? De Straat van Hormuz is weer open, maar dat was hij voor dit conflict ook. Iran bestaat nog steeds. De machtsstructuur in Teheran staat overeind. De regionale spanningen blijven intact. Alleen de context is verschoven: meer schade, meer wantrouwen, minder controle. Een systeem dat al fragiel was, draait nu onder nog hogere druk. En ondertussen gaat Israël rustig door met het Gaza-stijl bombarderen van Libanon.

Dit type overwinning voelt bekend. Tijdens de Golfoorlog van 1991 werd Koeweit bevrijd, waarna de machtsverhoudingen grotendeels bleven zoals ze waren. Saddam Hoessein bleef aan de macht. De regio ging door met dezelfde spanningen, aangevuld met sancties, no-fly zones en permanente militaire dreiging. De oorlog als onderhoudsmechanisme voor instabiliteit.

Regime change als administratieve vervanging
Interessanter is de manier waarop het begrip “regime change” verschuift. Ooit verwees het naar een daadwerkelijke breuk: een ander regime, andere machtsbasis, een structurele verandering. In de huidige praktijk betekent het blijkbaar iets anders. De strategie richt zich op het uitschakelen van leiders. De top wordt verwijderd, waarna opvolgers uit dezelfde structuren hun plaats innemen. De organisatie blijft, de logica blijft, de belangen blijven.

Wat verandert zijn de namen op de deur. Tegelijkertijd is de interne oppositie waarschijnlijk verzwakt. Door het uitschakelen van sleutelfiguren en het vergroten van externe druk verschuift de dynamiek naar binnen: regimes sluiten rijen, afwijkende stemmen krijgen minder ruimte, en de kans op interne hervorming neemt af. Het deel van de Iraanse diaspora die haar hoop op Trump had gevestigd ziet deze in rap tempo verdampen.

Regime change wordt zo gereduceerd tot personeelsbeleid met geweld als instrument. Je elimineert de bovenlaag en presenteert de vervanging als vernieuwing. Nieuwe gezichten, dezelfde machine.

De semantiek van ‘overwinning’
De term overwinning ondergaat een vergelijkbare verschuiving. Klassiek gezien impliceert winst dat een conflict wordt opgelost, dat een tegenstander structureel wordt uitgeschakeld of dat een stabiele nieuwe orde ontstaat.

Hier betekent het dat de uitgangssituatie grotendeels is hersteld, terwijl de risico’s zijn toegenomen. De vijand is verzwakt, al blijft hij operationeel en gevaarlijk. De infrastructuur is beschadigd, de intenties blijven intact. De dreiging wordt diffuser en daarmee moeilijker te beheersen.

Dat is een vorm van stabiliteit die vooral op papier bestaat. De Amerikaanse claim op overwinning rust daarmee minder op de feitelijke uitkomst dan op de interpretatie ervan. Taal fungeert als sluitstuk van de operatie. Eerst de bombardementen, daarna de herdefinitie. Wie de woorden controleert, controleert het resultaat.

En zo ontstaat een merkwaardige cyclus. Er wordt gevochten om terug te keren naar het beginpunt, met slechtere uitgangsvoorwaarden. Vervolgens wordt dat gepresenteerd als succes. De volgende escalatie ligt daarmee al besloten in de huidige ‘overwinning’.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

| Registreren

*
*
*