Kunst op Zondag | Realisme

Serie:

Je bent kunstenaar en je denkt: laat ik de werkelijkheid nu eens exact naschilderen. Je bent kunstminnend toeschouwer en je denkt: Goh, zo mooi liggen de knollen en citroenen er bij mij thuis niet bij.

Waarom wordt realisme een serieus kunstgenre genoemd? Omdat kunstacademie geschoolde kunstenaars het maken? Of omdat de minder behendige leek het reuze knap vindt dat iemand kan tekenen en schilderen als een fotocamera?

cc Flickr Mia Feigelson photostream Andrew Wyeth Braids (1979)

Andrew Wyeth – Braids,1979.

Ik kan me voorstellen dat een kunstenaar het een uitdaging vindt een zo objectief en levensecht schilderij wil maken van mensen, dieren en dingen. Het vraagt veel van de ambachtelijke vaardigheden en kennis. Maar om nou een heel oeuvre met louter ‘kale werkelijkheid’ op te bouwen? Misschien kunnen we dat het ‘Rembrandtsyndroom’ noemen: wie realistisch schildert schopt het nog eens tot bekende oude meester. Want er is een groot publiek voor de werkelijkheid (niet te verwarren met de waarheid). Abstracte kunst blijft voor velen lastig te verteren. Dus is het al eeuwen figuratief wat de klok slaat.

Hoewel er sinds mensenheugenis naar de werkelijkheid wordt geschilderd is de term ‘realisme’ toebedacht aan Gustave Corbet, die propageerde voorwerpen, mensen en taferelen uit dagelijkse leven te verbeelden. In zijn tijd was het een schandaal iets heel gewoons als schaamhaar op het doek te kwasten. Tegenwoordig is het schandalig als je schaamhaar hebt.

Awel, sinds Courbet heeft heel wat realisme de revue gepasseerd. Het magisch realisme, het surrealisme, het neorealisme, het hyperrealisme, ook superrealisme of het nieuwe realisme genoemd. Deze laatste stroming legt zich toe op een zo fotografisch getrouwe weergave van de werkelijkheid.

Magisch realisme: Pyke Koch – Schoorsteenveger, 1944.
cc Flickr  tvbrt photostream Pyke Koch The chimney sweep, 1944

Je ziet: Er is in de kunst net zoveel realisme als er onder mensen opvattingen over de werkelijkheid zijn. Kijk bijvoorbeeld eens naar het Noordelijke Realisme. Een groep kunstenaars die, naar wordt beweerd, zich afkeerden van de Randstedelijke poeha over ‘abstract realisme’ en verhuisden naar de noordelijke provincies.

Op de website van de Noordelijke Realisten kom je er gauw achter dat elke ‘realist’ zijn of haar eigen stijl heeft. Bij de meeste kunstenaars is het etiket ‘realisme’ op de een of andere manier wel toepasbaar. Kijk en vergelijk deze noordelijke realisten:

Henk Helmantel – Kerkinterieur,1970.
cc Flickr petertf photostream Kerkinterieur Henk Helmantel 1970

Matthijs Röling – Interieur (titel en jaar bij mij niet bekend).
cc Flickr  Jim Forest photostream  painting by Matthijs Roling; the Drente Museum

Pieter Pander – Naakt boerenmeisje op koe, 1996.
cc Flickr  Jim Forest photostream  painting by Pieter Pander, Naked Farm Girl on Cow 1996; the Drente Museum

Maar onder de Noordelijke Realisten treffen we ook kunstenaars aan, die wel figuratief schilderen, maar nauwelijks realistisch te noemen zijn. In een beschouwing over de Noordelijke Realisten schrijft Diederik Kraaijpoel dan ook:

De neiging om direct naar de natuur een portret, stilleven of landschap weer te geven is in het Noorden flink ontwikkeld. Maar een vast stijlkenmerk is het niet: de werken van Wout Muller, Hester Schroor, Olga Wiese en mijzelf berusten voornamelijk op fantasie, en bij Rein Pol, Matthijs Röling en Ger Siks is dat althans voor een gedeelte van hun oeuvre het geval.

Olga Wiese – Mevrouw Staartjes, 1985 – 2000.
© Olga Wiese Mevrouw Staartjes, Oil on Canvas

Mijn voorkeur gaat uit naar realisme met een ‘twist’. Of dat nou de persoonlijke kwaststreek of de fantasie van de schilder is. Een fotografische weergave van de werkelijkheid is wat mij betreft pas kunst als het gemanipuleerd is. Daar reken ik ook een portret onder van iemand bij wie je tot in het diepst van de poriën kan kijken. Keiharde werkelijkheid, maar niet de werkelijkheid zoals we die dagelijks zien.

Deze voorkeur gaat voor mij ook op bij sculpturen. De beelden van Duane Hanson staan in verhouding tot Ron Mueck als het wassenbeeldenmuseum tot Patricia Piccinini.

Patricia Piccinini – The Carrier, 2012.
cc Flickr régine debatty photostream Patricia Piccinini The Carrier, 2012

Noordelijke realisten zijn natuurlijk te zien in noordelijke musea. Ga naar Museum Møhlmann, Appingedam: Met Rembrandt op Zolder, tot 14 september en naar Kunsthuis de Secretarie,Meppel: De Quasi Realisten, 6 september t/m 2 november. In het Drents Museum moet je de agenda in de gaten houden, want de vaste collectie is er niet altijd te zien.

Ook in Museum Arnhem tot 31 december diverse realisten te zien (o.a. Charley Toorop, Carel Willink en Dick Ket).

Tot slot: De komende twee zondagen geen Kunst op Zondag van ondergetekende. De redactie beraadt zich op wat er dan op deze plek zal verschijnen.

Reacties (2)

#1 zuiver

Wat moeten we zonder kunst op zondag?
Een rerun? Op wit?

  • Volgende discussie
#2 zuiver
  • Vorige discussie