De Paspoortwet: handen af van mijn lichaam!

Op Sargasso bieden we regelmatig ruime voor gastbijdragen. Hier een uitgebreide analyse van de problematiek rondom het vastleggen van biometrische gegevens en privacy door mr Robin Caron. Hij voerde in 2009 samen met vereniging Vrijbit de juridische strijd tegen de door de Paspoortwet verplichte opslag van biometrische gegevens in paspoort, ID-kaart en digitale overheidsregisters.

Maandag 29 november start in Den Haag het proces van Stichting Privacy First en 22 mede-eisers tegen de Paspoortwet. De omstreden opslag van biometrische gegevens in Nederland dient om principiële en om veiligheidsredenen te worden stopgezet wegens strijd met hogere verdragen.
Het is de hoogste tijd dat, afgezien van de juridische slag tegen wet, alsnog een werkelijke maatschappelijke discussie gevoerd wordt over de wenselijkheid van opslag en toepassing van biometrie.
De Secretaris-Generaal van de Raad van Europa wordt dringend verzocht om Nederland snel ter verantwoording te roepen op grond van art. 52 EVRM.
In afwachting daarvan is een oproep aan alle Nederlandse gemeenten op z’n plaats om de huidige opslag per direct te schorsen.

Bescherming van de privacy is vanouds een afweerrecht tegen aantasting van de persoonlijke levenssfeer en met name de lichamelijke integriteit. Door de jaren heen beperkte dit zich tot onze fysieke leefwereld, zoals ons huis dat niet zomaar betreden mag worden en ons briefgeheim. Met het voortschrijden van de techniek (camera’s en computers) werd de bescherming ook tot buiten onze fysieke omgeving vergroot. Zónder onze toestemming is publicatie van foto’s en digitale opslag en verwerking van persoonsgegevens ongewenst en wettelijk niet toegestaan.
Met het opslaan van gedigitaliseerde lichaamskenmerken in RFID-chips en databanken is een nieuwe fase ingetreden en is de cirkel rond. We zijn weer terug bij het begin: de bescherming van het lichaam. De verplichte afgifte van biometrische gegevens, zoals de Paspoortwet vereist, en de opslag hiervan in documenten en databases is de ultieme aantasting van de lichamelijke integriteit van de burgers.
Dit is ernstig in strijd met hun fundamentele rechten die zijn vastgelegd in regelgeving van een hogere orde dan de Paspoortwet.

Privacy-aspect
In de meeste discussies rond het biometrische paspoort in Nederland dreigt het privacy-aspect ten onrechte ondergeschikt te blijven aan het veiligheidsaspect. De fundamentele discussie of de opslag van gegevens in principe aanvaardbaar is of niet, wordt publiekelijk nauwelijks gevoerd in Nederland. Zelfs niet na het vernietigende WRR-rapport van Vincent Böhre uit oktober 2010 over de totstandkoming van de Paspoortwet, getiteld ‘Happy Landings? Het biometrische paspoort als zwarte doos’.

Toch betekent privacybescherming in eerste instantie het níet opslaan van persoonsgegevens.
Het vastleggen van unieke, persoonlijke lichaamskenmerken van burgers in overheidsregisters is namelijk in principe verboden. Tenzij daar een ‘groter’ belang mee is gemoeid, de maatregel proportioneel is en het doel waarvoor de gegevens worden opgeslagen, niet op een andere – en minder bezwarende – manier kan worden bereikt. Ook zijn doelbinding en veiligheidswaarborgen verplicht.
Als de discussie in ons land wél wordt gevoerd, gaat het vaak alléén over deze technische beveiliging. Privacy waarborgen betekent echter níet alleen extra beveiligen, zoals velen schijnen te denken. Privacy bescherm je óók niet alleen door waarborgen in de wet op te nemen wie er in nader omschreven situaties van bepaalde gegevens gebruik mag maken. Juridische privacybescherming is gebaat bij een kritische afweging van de verschillende betrokken belangen. De rechtsbescherming van de Nederlandse burger komt daarbij ernstig in de knel.

Sinds 21 september 2009 tart de Nederlandse overheid de fundamentele rechten van alle burgers van 12 jaar en ouder door vingerafdrukken in combinatie met een biometrische gezichtsscan op te slaan. Samen met de gezichtsscan en het BSN-nummer worden vier vingerafdrukken opgeslagen in de decentrale reisdocumentenadministratie. Twee daarvan worden ook op de chip in de aangevraagde pas of ID-kaart verwerkt.

Veel mensen voelen haarfijn aan dat dit niet deugt. ‘Ik ben toch geen crimineel?’, lezen we regelmatig op Twitter. Ze hebben hiertegen duidelijk aversie, om verschillende redenen. Het wordt als onrechtvaardig ervaren dat men tot afgifte gedwongen wordt, omdat weinigen het zich kunnen veroorloven zonder geldig ID-bewijs te moeten leven. En wie kennis neemt van de risico’s die je loopt als er iets misgaat, voelt zich in gevaar gebracht.
Is deze dwanglicentie van het feilloos ervaren ‘auteursrecht’ van burgers op de eigen vingerafdrukken en gezichtsscan eigenlijk wel terecht?

Initiatieven
Direct al werden tal van initiatieven tegen de Paspoortwet opgestart. Tal van wetenschappers protesteerden. De oprichting van Bits of Freedom, Stichting Privacy First, het Platform Bescherming Burgerrechten en andere initiatieven, zoals die van Het Nieuwe Rijk en PrivacyBarometer, maakten de ernst van de situatie duidelijk.
Juridische degens werden geslepen.
Het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten en andere NGO’s kaartten de kwestie zomer 2009 als eerste tevergeefs aan bij het Mensenrechten-comité van de VN in Genève.
Meldpunt Misbruik Identificatieplicht en Vereniging Vrijbit zagen al langer het gevaar. Vrijbit protesteerde in augustus 2009 meteen bij de hoogste rechterlijke instantie, het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM). Maar het Hof wilde zich (nog) niet branden aan de kwestie en verklaarde de vereniging niet-ontvankelijk. Schorsing van de biometrie-opslag wees het Hof af, omdat het de eventueel ontstane schade niet zo onomkeerbaar achtte dat dit een noodmaatregel door het EHRM rechtvaardigde. Het Hof keurde het daarmee níet goed.
Juridisch is dat misschien te verdedigen: decentrale databanken kunnen immers gesloten en/of centrale databanken kunnen niet opgestart worden door beslissingen van het parlement of rechters. Maar feitelijk kunnen de opgeslagen biometrische gegevens vanaf dag 1 worden uitgewisseld met andere (ook buitenlandse) bestanden of in handen komen van onbevoegden en is het verwijderen daarom praktisch onmogelijk.

In het WRR-rapport Happy Landings (pag. 118) lezen we dan ook dat de Nationale Ombudsman, Alex Brenninkmeijer, later verklaarde ‘de basis van deze uitspraak niet zo heel erg degelijk te vinden’. In de bodemzaak besliste een alleensprekende rechter van het het Hof later – opnieuw ongemotiveerd – dat Vrijbit niet namens haar leden zou mogen klagen… En dat individuele leden eerst de nationale rechtsmiddelen uitputtend moesten beproeven.

Nationale rechtszaken
In Nederland worden nu verschillende nationale rechtszaken gevoerd tegen de Paspoortwet, zowel langs de bestuursrechtelijke als de civielrechtelijke weg.
Principiële burgers voeren bezwaarprocedures (over chip- en/of databank-opslag) tegen hun burgemeester als deze weigert hen een geldig paspoort of ID-kaart verstrekken. Gebleken is dat deze weigert om hun beroep aan het hogere art. 8 EVRM te toetsen, als ze zich daarop beroepen. Ze stuiten op een rubberen muur. Zo weigerde de bestuursrechter in Den Haag burgemeester Van Aartsen (VVD) in kort geding zelfs te dwingen tijdens de beroepsprocedure een noodoplossing te treffen, nadat hij een hoogzwangere weigeraarster geen paspoort wilde verstrekken dat zij dringend nodig had.

De kern van de juridische processen vormt steeds weer de botsing van de Paspoortwet met hogere regelgeving, met name het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM).
Zo ook in de civiele zaak van Stichting Privacy First en 22 mede-eisers tegen de Staat inzake de nieuwe Paspoortwet. In deze zaak is een van de hoofdbezwaren het huidige en toekomstige gebruik van de databank(en) met biometrische gegevens voor opsporingsdoeleinden en gebruik door inlichtingen- en veiligheidsdiensten.
Hopelijk komen rechters de naar bescherming zoekende burger in deze zaak wel te hulp.

In de rechtszaak van Privacy First zal de Nederlandse rechter mogelijk daarnaast een prejudiciële vraag formuleren voor het Europese Hof van Justitie in Luxemburg. Via die weg wordt dan ruim een jaar daarna duidelijk of de Nederlandse opslag van vingerafdrukken en gezichtsscan indruist tegen de EU-verordening, waarop die gebaseerd is maar die uitsluitend de bedoeling had deze gegevens te laten opnemen in de reisdocumenten zélf. Zelfs kan de uit hoofde van de EU-verordening verplichte chip-opslag van biometrische gegevens sneuvelen wegens strijd met de mensenrechten.

Strenge voorwaarden
Naar verwachting zal alsnog het Europees Hof voor de Rechten van de Mens uiteindelijk over deze kwestie moeten oordelen, als de politiek of nationale rechtsgangen geen soelaas bieden. Daarbij zal het Hof in Straatsburg het inzetten van uiterst persoonlijke gegevens van onschuldige burgers voor opsporingsdoeleinden (net als in de Marper-zaak) naar verwachting opnieuw expliciet veroordelen.
Art. 8 van het EVRM staat namelijk schending van de privacy door (databank-)opslag van vingerafdrukken en gezichtsscan alléén toe als dit aantoonbaar NODIG is in een democratische samenleving. Dat is het vaste criterium van het Europees Hof in haar uitspraken over privacy. De kernvraag is dus niet óf de verplichte biometrie-opslag een privacyschending is, maar of deze te rechtváárdigen is.
Daarvoor moet worden voldaan aan strenge voorwaarden zoals proportionaliteit, subsidiariteit (mogelijke alternatieven) en veiligheidswaarborgen.

Buiten proportie
De regering heeft zelf in de Tweede Kamer al aangetoond dat opslag van biometrische gegevens buiten proportie is, door toe te geven dat iedere (ook cijfermatige) onderbouwing van de gestelde doelen ontbreekt.
De doelen van de Paspoortwet blijken flinterdun en rechtvaardigen opslag van biometrische gegevens geheel niet.
Terroristen reizen immers in de regel op geldige, eigen paspoorten en voor identificatie na rampen voldoet een resterende kaak beter dan een vingerafdruk.
De geschetste voordelen van een mogelijke centrale databank om eens in de tien jaar plaatsonafhankelijk een paspoort/ID-kaart te kunnen aanvragen vormen een oplossing voor een niet-bestaand probleem. Bovendien vergroot dit juist de kans op misbruik door het aanvragen van valse documenten. Betrouwbare cijfers van paspoort- en identiteitsfraude in Nederland, die door biometrie-opslag zou verminderen, blijken niet beschikbaar te zijn.
Zelfs de huidige opsporingsdoelen om met behulp van de reisdocumentenadministratie met name zwijgende verdachten te kunnen identificeren, blijken niet vaak voor te komen, aldus het vorige kabinet.
Dat een databank met de lichaamskenmerken van alle burgers nodig zou zijn om de identiteit te achterhalen van enkele verdachte personen, lijkt een drogreden te zijn.
De opslag en toekomstige toepassing van de gegevens waar de Paspoortwet nu al in voorziet, zijn veel ernstiger. Dit duidt erop dat eerder het bouwen van een infrastructuur ter permanente controle van alle Nederlanders de werkelijke intentie vormt. Wie goed kijkt, ziet dat alles erop gericht lijkt te zijn een (latere DNA?-)databank in te richten, terwijl chip-opslag in principe voldoende zou zijn.
Dat blijkt wel uit het feit dat een groot aantal Europese landen bewust afziet van databankopslag om dezelfde doelen te behalen.

Volksvertegenwoordiging
We kunnen ons intussen met recht afvragen waarom de volksvertegenwoordiging in deze kwestie de belangen van privacy en veiligheid van de burger zo slecht heeft behartigd. Argumenten over bezwaren en gevaren lijken niet te tellen. Een werkelijke privacy-belangenafweging was nauwelijks aan de orde. Het antwoord moet ten dele gezocht worden in het feit dat de toegepaste biometrietechniek relatief nieuw is. Daardoor hadden kamerleden zelf geen kennis van zaken en kon het gebeuren dat veel geloof werd gehecht aan de mooie beloftes van de veiligheidsindustrie, als oplossing voor de organisatie van een moderne samenleving. De lobby van de defensie- en IT-industrie, die achter veel privacy-schendingen schuilgaat, verzorgde daarbij als enige experts de voorlichting.
Daarnaast speelt mee dat na september 2001 een atmosfeer ontstond, waarin het jarenlang als taboe gold om twijfel uit te spreken over enige maatregel die werd gelanceerd in naam van terrorisme-/criminaliteitsbestrijding. De hang naar partijdiscipline, waardoor geen plaats is voor afwijkende standpunten binnen en tussen regeringspartijen, speelde een versterkende rol.

Opsporingsdoel
In het Europees Parlement werd en wordt vanuit de ALDE-fractie door Jeanine Hennis-Plasschaert (VVD) en Sophie in ’t Veld (D66) fundamenteler doorgevraagd naar met name de proportionaliteit en daarmee de rechtmatigheid van de biometrie-opslag. Inmiddels lijkt ook in de Tweede Kamer het besef te dagen dat er iets heel erg mis is.

De Kamer begint zich te weren met als eerste resultaat dat Ronald van Raak (SP) door zijn vraag naar de cijfers van ‘look-a-like’-fraude (de belangrijkste reden die tot dan werd aangevoerd voor de biometrie-opslag) boven tafel kreeg dat deze cijfers niet bleken te bestaan…
Eveneens in oktober 2010 vroeg D66 in de Tweede Kamer verder over het onderwerp opsporing van strafbare feiten. Wassila Hachchi (D66) bleek snel gerustgesteld dat er geen openbaar register is, waar een officier van justitie zomaar informatie vandaan kan plukken. Maar zo kwam in elk geval uit dat staatssecretaris Bijleveld-Schouten om de hete brij heen draaide door de vraag af te doen met: “Er is nog geen centraal bestand. Ik kan dus niet zeggen hoe vaak het voorkomt. We hebben nu alleen decentrale bestanden. Ik heb in het debat gezegd dat het niet vaak zal voorkomen.”
De Kamer begint het woordspel door te krijgen dat de regering volhoudt dat de gegevens niet als opsporingsregister fungeren, maar wél moet toegeven dat ze gebruikt worden voor het vaststellen van de identiteit van de verdachte – wat uiteraard een onlosmakelijk onderdeel van de opsporing vormt!

Een beperkt gebruik van biometrische gegevens voor een opsporingsdoel dat weinig voorkomt, daar gaat het dus allemaal om! Daarmee is het buiten kijf dat het dus ook buiten proportie is om überhaupt van alle Nederlanders hun gevoelige biometrische pasfoto en vingerafdrukken op te slaan in overheidsregisters. Zeker gezien ook de veiligheidstwijfels en de gevreesde spionage-gevaren van databankopslag, waar de AIVD onlangs op wees in haar jaarverslag 2009. Bovendien wordt de hooiberg aan gegevens zo groot dat de speld steeds moeilijker gevonden kan worden, waarschuwde ook CBP-voorzitter Jacob Kohnstamm.
Daarnaast leidt opslag van biometrische gegevens van alle Nederlanders tot het scheef trekken van de machtsverhouding burger/staat. Anonimiteit op straat verdwijnt de facto als gevolg van de fatale combinatie van biometrische gezichtsscan, ID-plichtwet en gezichtsherkennende camera’s in de openbare ruimte.

Gemeenteraden
Ook lokale gemeenteraden in diverse plaatsen van het land roeren zich meer en meer in het debat. Onder andere in Amsterdam, Eindhoven, Heerhugowaard, Huizen NH, Nijmegen, Utrecht en Zaanstad werden raadsvragen gesteld. Eerst vooral gericht op veiligheidsgebied, maar inmiddels zijn er ook bredere vragen naar de rechtmatigheid van opslag.
Burgemeester Wolfsen van Utrecht, de eerste burgemeester die door weigeraars in rechte ter verantwoording wordt geroepen, probeerde intussen de opslag te bagatelliseren. Hij liet de pers zelfs weten dat vingerafdrukken ‘niet persoonlijk’ zouden zijn. Opmerkelijk voor iemand die als bevoegd bestuursorgaan verantwoordelijk is voor de toetsing van bezwaren van inwoners van ‘zijn’ stad, die weigeren hun lichaamskenmerken af te staan, omdat deze een onlosmakelijk deel van hun unieke identiteit uitmaken. Een oud-rechter en -justitieman moet beter weten. Die zou als geen ander moeten beseffen dat, als een biometrisch databestand eenmaal is opgebouwd, het voor overheidsdiensten o zo verleidelijk is erin te gaan snuffelen. Ongeacht zelfs of de regelgeving dat feitelijk toestaat.
Dit moet niemand willen, hoe ‘handig’ dat in een individueel geval ook zal kunnen zijn. Gezien het gevaar van identiteitsverwisselingen, foutmarges, mogelijk misbruik en gezien de druk vanuit de samenleving om straks per se een dader te vinden in de snoeptrommel met biometrische gegevens. Dit plaveit de weg voor tunnelvisiefouten en verloedering van ons rechtsbestel door het oprukkende fenomeen van de omgekeerde bewijslast. Wie wil de volgende Lucia de B(eoordelingsfout) zijn…?
De doorgeslagen hang naar preventie in het strafrecht zal dan een onafwendbare tol eisen, waardoor meer en meer onschuldigen zichzelf niet teweer kunnen stellen tegen met zogenaamd ‘waterdicht’ biometrie-bewijs opgevoerde verdenkingen.

Controlemaatschappij
De toenemende tendens naar een controlemaatschappij rechtvaardigt om het maar eens keihard te stellen: willen we massaal fout zijn na de oorlog? Is het voor ons alweer te lang geleden om te beseffen dat zo veel Joods mede-burgers konden worden afgevoerd, mede dánkzij het waterdichte Nederlandse bevolkingsregister?
De angst voor het bouwen van een ideale infrastructuur voor een (toekomstig) totalitair regime moet – als extra juridisch bezwaar – dan ook zeker meewegen.
Volgens jurisprudentie van het EHRM, in de zaak Van der Velden, weegt namelijk zelfs mogelijk ongewenst, toekómstig gebruik van de biometrie-opslag mee bij de beoordeling of sprake is van een verboden schending van de privacy.
Ook ons recht om onbespied door het leven te gaan komt ernstig in het geding door gelaatsscan-herkennende camera’s, zo waarschuwt Vrijbit. Biometrische identificatie maakt het mogelijk om het systeem van cameratoezicht in de openbare ruimte te koppelen aan de identiteit van personen. En vervolgens als ‘function creep by disign’ ook te koppelen aan ieders Burger S. Nummer. Daardoor geeft de ontsluiting van dit nummer toegang tot alle gegevens van een persoon waarover de overheid beschikt.
Last but not least bedreigt de biometrische opslaggekte ons recht om niet bij voorbaat als verdachte te worden beschouwd. En juridisch mag niemand preventief gedwongen te worden aan zijn eigen veroordeling mee te werken.

Maatschappelijke discussie
Het gros van de burgers werd niet volledig geïnformeerd over de inhoud en de verstrekkende consequenties van de Paspoortwet. Uit een verkennende studie voor WRR-rapport ‘Rolverdeling overheid en burger bij het beschermen van identiteit’ zou nu blijken dat burgers weinig moeite hebben met de opname van vingerafdrukken in hun paspoort/ID-kaart door de overheid.

Naar gebruik van biometrie voor opsporingsdoeleinden is echter niet gevraagd, dus is deze snelle conclusie van het onderzoek op z’n minst voorbarig.
Het is daarom de hoogste tijd dat er, afgezien van de juridische slag tegen de Paspoortwet, ook alsnog een werkelijke maatschappelijke discussie gevoerd gaat worden over de opslag en toepassing van biometrie. Samen met de burgers om wie het gaat. De media zouden daarin een inhaalslag kunnen maken met voorlichting over dit belangrijke onderwerp. Aangezien men jarenlang met een ‘oorverdovende stilte’ niet de belangen van de gewone burgers of informatie diende, maar slecht de wensen van de gevestigde orde om geen beroering te verwekken.
De discussie moet gaan over de vraag: ‘waar ligt precies de aanvaardbare grens bij de maatschappelijke toepassing van biometrie?’ Omdat het zo’n experimentele, ‘absolute’ technologie (maar inclusief foutmarges!) is en vanwege het privacy- en rechtsstaatschendende karakter ervan, is het mijns inziens onwenselijk biometrie op massale schaal te gebruiken voor identificatiedoeleinden. En zeker niet voor opsporing en inlichtingenwerk.
Voorstanders van rigide opsporingsmethoden beschouwen deze mogelijkheden op het eerste gezicht misschien als aanlokkelijk. Ook zij zullen (na goed geïnformeerd te zijn) moeten erkennen dat de nadelen door de kans op verwisseling en fraude met en misbruik van in overheidsregisters opgeslagen gegevens groot zijn. En zóveel groter zijn, dat het alleen maar contraproductief zal kunnen uitwerken. Het recente WRR-rapport ‘Het Biometrische Paspoort, Crash of zachte landing?’ van Max Snijder toont de vele twijfels rond de veiligheid van het biometrische paspoort.

Juist het sterke punt van onveranderlijkheid van biometrische gegevens werkt als een boemerang als er iets misgaat. Een wachtwoord kun je nog makkelijk veranderen, een vinger is niet vervangen…
Laten we eindelijk ophouden wéér een volgende oplossing te zoeken in de techniek, door in plaats van de volledige vingerafdrukken slechts ‘hash’-codes ervan op te slaan. Er rest mijns inziens maar één zinnige mogelijkheid: stop onmiddellijk de illegale opslag van biometrische gegevens. Het gemeentehuis is geen politiebureau!

Conclusie
De slotconclusie die we moeten trekken is heel helder: onze Nederlandse (databank-)opslag van biometrische gegevens voldoet niet aan de voorwaarden, is onnodig en mag daarom helemaal niet volgens het EVRM! Of het nu centraal gebeurt of zoals nu decentraal bij gemeenten.
Ik roep daarom alle Nederlandse gemeenten op om de huidige, illegale opslag direct te schorsen. En de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa verzoek ik dringend om Nederland snel ter verantwoording te roepen op grond van art. 52 EVRM:
“Iedere Hoge Verdragsluitende Partij verschaft op verzoek van de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa een uiteenzetting van de wijze waarop haar nationaal recht de daadwerkelijke uitvoering waarborgt van iedere bepaling van dit Verdrag.”

Helaas constateer ik dat onze samenleving, met de tendens om alle risico’s te willen uitbannen, ‘het kind’ met het badwater dreigt weg te gooien.
Het is tijd dat Nederlandse burgers hun hoogstpersoonlijke privacy collectief maken en zich niet langer onderling laten gijzelen door de collectieve veiligheid. Daar is juist onze individuele veiligheid (en vrijheid) het meest mee gediend. “Surveillance measures can lead to destroying democracy on the ground of defending it”, aldus het Europese Hof. En als we niet oppassen, trappen we in Nederland in dezelfde val.
Daarom handen af van het menselijk lichaam! Inderdaad, net als vroeger.

Quote:
Doelen van Paspoortwet blijken flinterdun en rechtvaardigen opslag van biometrische gegevens geheel niet

  1. 2

    Ik ben het eerlijk gezegd helemaal niet eens met de beginstelling van dit stuk (‘de overheid heeft niet het recht om personen uniek te identificeren aan de hand van lichaamskenmerken’). Bij mijn weten heeft de overheid dit recht wel degelijk; sterker nog, de overheid heeft zelfs de plicht daarop.

    Ga maar na: bij veel contacten met de overheid is ’t noodzakelijk om te weten met wie de overheid zaken doet. Als je een huis koopt, dan wil je zeker weten dat dat huis ook van jou is, en niet van iemand die zich voordoet als jou (en je daarna met een huis laat zitten). Je wilt ook niet hebben dat andermans verkeersboetes op jouw adres terechtkomen. ‘nou, dan geeft iemand maar een vals adres op en dat moet kunnen’ is hartstikke leuk behalve als ’t jouw familie is die doodgereden wordt.

    Als je eenduidig wilt vastleggen welke persoon iemand is, dan kom je er niet onder uit om lichaamskenmerken te gebruiken. Dat gebeurt nu ook al, met lengte, geslacht, kleur ogen en leeftijd en een foto. Alleen zijn dat ‘zachte’ kenmerken; leeftijd is bijvoorbeeld veel te fuzzy.

    Waar je wel tegen kunt protesteren, en waar ook tegen geprotesteerd moet worden, is tegen het lekken van die gegevens naar andere doeleinden. Prima dat je biometrie loslaat op pasfoto’s, maar ga geen camera’s ophangen die biometrie opnemen van passanten die vervolgens rechtstreeks putten uit een biometriesofinummer database.

    Een ander punt is dat de overheid veel meer werk zou moeten maken van register die niet zozeer identificeren, maar die attributen vrijgeven: ‘is deze persoon met dit paspoort gerechtigd om een uitkering op te vragen?’

  2. 3

    @Gronk. Je redenering is wat vreemd.
    Het is absoluut niet nodig dat een notaris vingerafdrukken gaat afnemen om te zien wie er een huis koopt. Dat is ook het doel niet van de opslag van de gegevens. Een notaris is niet eens een overheidsdienaar.
    Een bekeuring krijg je nu ook thuis als er iemand gebruik maakt van het nummerbord dat op je naam staat. Hoe gaat straks de verkeerspolitie dat matchen met een vingerafdrukkendatabase?
    Beveiliging stem je af op het gevaar en het doel. Het heeft weinig nut om een kluis van een ton te gebruiken om € 100 waarde op te slaan. Het heeft weinig nut om een centrale database van vingerafdrukken te hebben met een grote kans op; lekken, fraude en misbruik of foutief gebruik.

  3. 4

    @2: De overheid is helemaal niet betrokken bij dergelijke economische transacties.

    Functie van een paspoort is (was) niet om de persoon eenduidig vast te leggen, maar om als vertrouwensbrug te fungeren tussen de locale overheid die het uitgeeft en overheden/personen/instanties elders in de wereld. Niet het paspoort zelf is het bewijs van identiteit, maar de controle bij uitgifte door de gemeente. Wat we nu meemaken is een verschuiving naar een paspoort dat zoveel mogelijk gegevens bevat om deze controle ook elders uit te voeren. Dat is nog tot daar aan toe als deze gegevens alleen in het paspoort aanwezig zijn….

    Probleem is dat we hiermee verschuiven van ‘vertrouwen’, naar wantrouwen en controle.

  4. 5

    @jb: hypotheken worden ingeschreven bij het kadaster. Vastgoed staat ook omschreven bij het kadaster, inclusief eigenaar. Het kadaster is een (semi)-overheidsorganisatie.

    Als je wilt weten wat er gebeurt als je niet met een instituut a-la het kadaster werkt, kijk maar naar de vs, waar d’r nogal afgekneusd wordt bij executieverkopen omdat het banken toegestaan was om hun eigen registraties, buiten kadastrale gegevens om, er op na te houden. En dat werd dus een ‘geoutsourcede’ puinhoop.

    Ook bedrijven hebben baat bij een unieke identificatie van personen (in de zin van ‘lichamen’) aan ‘een nummer’ of een pasje. Je wilt niet dat iemand zichzelf identificeert als iemand anders als-ie een bankrekening opent. Om vervolgens die iemand anders op te laten draaien voor de roodstand.

    Dat eeuwige gebler dat ‘identificatie niet kan en niet mag’ in combinatie met goedbekkende slogans als ‘Beveiliging stem je af op het gevaar en het doel’ is a) puberaal en b) gaat helemaal voorbij aan het feit dat [persoons]identificatie wel degelijk nut heeft.

    Ik zal de eerste zijn die zal zeggen dat grote, identificerende bestanden met allerlei persoonsgegevens bloedjelink zijn als ze in ‘verkeerde’ handen vallen, om de godwin maar te maken. Maar in een moderne maatschappij heb je veel van dat soort functionaliteit domweg nodig. En omdat de overheid steeds meer moet en wil doen met minder mensen grijpt de overheid ook naar automatisering.
    Terecht, want waarom zou je in de 21e eeuw nog alles op papier doen, tenzij je dat ziet als een middel om het snel koppelen van gegevens onmogelijk te maken?

    In plaats van dat gemiep over biometrische identificatie zou ik mezelf eerder druk maken over hoe de overheid vervolgens omgaat met die gegevens. Ik zou willen dat je in plaats van *een* sofinummer, de beschikking krijgt over honderd of duizend sofinummers, die allemaal uniek zijn voor mij, en die niet herleidbaar zijn naar elkaar, zodat instanties wel weten wat mijn gegevens zijn, maar die niet met slim koppelen kunnen verrijken zodat ze *alles* weten.

    In plaats van dom zapruder.nl-achtig geblaat dat alles wat de overheid doet niet mag en kwade bedoelingen heeft, zou ik liever een gedegen verhaal zien over wat de overheid wel moet kunnen en wat ze niet moeten doen want te grote risico’s, in de werkelijkheid van nu. En leg ook uit hoe de overheid dingen veilig kan doen. In plaats van alleen maar ‘nee’ roepen.

  5. 6

    Het vastleggen van unieke, persoonlijke lichaamskenmerken van burgers in overheidsregisters is namelijk in principe verboden.

    Nou ik toch bezig ben: ik zou hier graag een bron van willen zien, want zoals het hier staat lijkt dat me sterk. Ik gok erop dat het een parafrasering is van ‘je mag zonder toestemming geen medische databases aanleggen waar je ook unieke, identificerende persoonskenmerken aan hebt hangen’ (en vingerafdrukken kun je met wat fantasie best zien als een ‘medisch gegeven’).

  6. 7

    Ik heb geen bezwaar tegen het paspoort met vingerafdrukken en meer, maar wel tegen het feit dat ik het altijd bij me moet hebben en dus kan verliezen. Het paspoort is een gewaarmerkte kopie een enkel record van een database van de overheid. Waarom heeft de politie en duane zelf geen toegang tot die database? Ik wil tegen oom agent mondeling kunnen zeggen wie ik ben. Dan kan hij op zijn smartwalkietalkie mijn bio-kenmerken opvragen via een ssl tunnel over 3G, en verifieren dat ik de waarheid sprak. Dat is veiliger, want ik kan dat database-record niet verliezen, niemand kan het stelen en niemand kan het vervalsen.

  7. 10

    de overheid is een zelf gecreeerd monster, gemaakt en in leven gehouden door al die angstige mensen die niet meer zonder kunnen in een risicoloos leven met recht op alles en nog wat. natuurlijk zal deze heilstaat dna en vingerafdrukken gebruiken, internet controleren en weten wat goed voor je is. een paar artikelen in een sprookjeswetboek en je bent verplicht mee te werken of ze sturen de knechten in uniform om het met geweld te regelen. medemensen zijn eng in grote groepen en vooral met een ideologie om zich samen veilig te voelen. kortom, de biometrische data zijn te mooi om niet te gebruiken, om de suggestie te wekken dat alles onder controle is. ik vraag me wel af wat we over 25 jaar te ver vinden gaan als repressiemiddel.

  8. 11

    @6, gronk,

    Zelfs de bloedgroep is een medisch gegeven… Je eigen bloedgroep krijg je normaal gesproken van het ziekenhuis al niet via de telefoon.

  9. 12

    Ik heb zo’n klein ID-kaartje en heb helemaal geen paspoort nodig. Ik kom toch nooit meer buiten Europa.

    Ik ben van plan het te laten verlopen en pas een nieuwe aan te schaffen als het echt niet anders kan. Gek hè, dat je identiteit hetzelfde blijft, maar dat je telkens een nieuw bewijs van je identiteit moet kopen.

    Als ik voor een ID-kaart vingerafdrukken moet afstaan, dan red ik het ook wel zonder ID-kaart.
    Ik kan best zonder identiteitsbewijs. Ik heb genoeg aan mijn identiteit.

  10. 14

    @12: Ja kan wel, maar dan kun je binnenkort niet meer deelnemen aan verkiezingen, een nieuwe baan zoeken, door een straat lopen waar de politie controles houdt, buiten de EU reizen en zo nog een paar dingen.

  11. 15

    @gronk: natuurlijk is identificatie soms zinvol, zoals in de door jou omschreven situaties. Daar gaat de discussie niet over, het gaat over de middelen die ter identificatie gebruikt worden. Is het terechtvaardigen om biomedische gegevens te gebruiken voor identificatie bij een eenvoudige economische transactie? Waarom volstaat een ouderwets paspoort daarvoor ineens niet meer? Omdat er zoveel identiteitsfraude voorkomt bij het openen van bankrekeningen?

    Probleem is wat mij betreft dat zodra gegevens digitaal opgeslagen worden, deze voor andere doeleinden misbruikt kunnen en daarom ook zullen worden. Het opent mogelijkheden voor een eenvoudige en daarom veel te aantrekkelijke vorm van overheidscontrole die bijvoorbaat al veel te ver gaat.
    Om je zelf te kunnen identificeren hoef je ze ook helemaal niet centraal of decentraal op te slaan.

  12. 16

    Het is nunc = ‘de hoogste tijd dat, afgezien van de juridische slag tegen wet, alsnog een werkelijke maatschappelijke discussie gevoerd wordt over de wenselijkheid van opslag en toepassing van biometrie.’

    Vruchtbaarheid van zo’n bepleite discussie lijkt mij gebaat met bezinning omtrent de fundamentele betekenis van het begrip ‘paspoort’. Aan die behoefte kom ik graag als tegemoet. Als volgt.

    1. GEEN NATIESTAAT, GEEN PASPOORT.
    Hieruit volgt dat een paspoort kenmerkend een nationaal symbool is. Zijdelings merk ik op dat Rusland geen natie is, doch een tegendeel ervan, een Imperium. Dit feit neemt niet weg dat het zijn onderdanen paspoorten kan uitreiken die nationaal zijn omdat zij als zodanig worden erkend. Door het internationale systeem. Ook hieruit begrijpen we opnieuw hoezeer het begrip natie 1. systeem bepaald en 2. extern aan een specifieke inhoud is. Een andere conclusie is dat een paspoort behalve nationaal -, tevens internationaal document is. En dat simultaniter.
    2. EEN PASPOORT FUNCTIONEERT KARAKTERISTIEK IN HET BUITENLAND; IN HET EIGEN LAND HEEFT HET GEEN AUTONOME BETEKENIS.
    Van oude tijden uitgaande is deze tegenstelling concreet zó te omschrijven. Een onvervalst Nederlands paspoort kan een bevoegd Belgische controleur – en andere Belgen – in België overtuigen dat de eerlijke vreemdeling-houder ervan een non-Belg (status; zie punt 5) is die niettemin wettig de grens van Nederland-België heeft overschreden. Wat je binnen België met het paspoort nog meer kunt bewijzen, is bijkomstig.
    3. EEN PASPOORT WORDT IN BINNENLANDS BEHEER VERVAARDIGD ETC.
    A. vormgeving, b. inhoud, c. vervaardiging en d. uitgifte van een Nederlands paspoort worden door Nederland bepaald. Maar dit is vooral principieel of formeel zo, want een geldig pas-poort vereist buitenlandse acceptatie en dat zal op 3a enz. van invloed zijn.
    4. ALLE VERSCHILLENDE NATIONALE PASPOORTEN ZIJN VOOR DE HOUDERS ERVAN BELANGRIJK, MAAR SOMMIGE NATIONALE PASPOORTEN – BIJNA EEN PLEONASME – ZIJN DAT MEER DAN ANDERE.
    Met een Angolees paspoort doe je minder dan met een Amerikaanse (USA) en met Nederlandse paspoorten (Np) kom je ook een eind. Bij vervalsers en namakers staan de laatste 2 hoog genoteerd en op een Np dat kundig is vervalst of onwettig wordt overgedragen, staan hoge prijzen. Om de gedachten te bepalen: aan het bezit van een Np is de garantie van een minimum levensstandaard verbonden en daar kun je iets voor over hebben.
    5. EEN PASPOORT DISCRIMINEERT. Op een Belgisch paspoort staat – neem ik aan – duidelijk aangegeven dat je Belg bent, ergo geen Nederlander. Dit geeft een statusquestie die in en door verkeer met het buitenland automatisch wordt geactiveerd. Discriminatie! en kan dat maar zo? Naar wat ik erover heb gelezen en begrepen, zit het zo. Volgens internationale wetgeving mogen Staten onderscheid maken – maar hoe zou het ze niet toegestaan kunnen zijn? – tussen onderdanen en niet-onderdanen; particulieren is dat verboden. Zoals, denk ik, ook alleen een Staat de doodstraf mag toepassen en niet zijn burgers. Hierbij ga ik uit van legitimiteit en de moderne natie. Dit geeft de volgende argumentatie.

    ANNEX
    Een Democratische Staat DS kan niet de regel van de doodstraf in zijn wetten voeren, ten-zij eerder een meerderheid van zijn subjecten daarvoor direct of indirect toestemming heeft gegeven. In het kielzog van deze redenering spreekt het dan mijns inziens vanzelf dat het je ook als individu & burger van DS is toegestaan vóór of contra de wettelijke doodstraf te zijn, daarvoor in het openbaar uit te komen en er zelfs propaganda voor te maken. Indien dan de-mocratische Staten, in tegenstelling tot hun burgers, het recht hebben niet-onderdanen van de hunne te discrimineren, is het ook volgens de regels dat het de burgers van die Staten geoor-loofd is zich daarover vrij en publiekelijk vóór en tegen te uiten. Of de Staat is zoiets aparts dat hij ongeacht enig bestuurlijk stelsel op discriminatoir gebied een volstrekt prerogatief ge-niet waaraan individuele burgers nooit zullen kunnen tippen. Maar dat vind ik overdreven geloven in een hiërarchie en in een Kloof.

  13. 17

    @9 sorry dat ik het scherp gesteld heb. Echter, voor hetzelfde geld was ik niet in Slotervaart,Amsterdam maar een week later in Manaus, Brazilië op de aarde gepleurd, met een dubbel paspoort.
    Nationaliteits- regionaliteitsbeginsel.
    Moeilijk uit te leggen, misschien,
    maar maakten wij niet allemaal verlanglijstjes ala bennekom, gelderland, nederland, wereld, heelal?

  14. 20

    @19: Dan nog zal het niet makkelijk zijn zonder geldig identiteitsbewijs te leven (feitelijk is de straat verboden gebied voor je). Je zou beter een wat actievere houding aan kunnen nemen als je niet van zins bent je als een crimineel te laten behandelen.

  15. 21

    LOL @19 Bismarck: dat identiteitsbewijs is een verzinsel van de ambtenaren. Er zijn al 200.000 jaar mensen op Aarde, er zijn pas 100 jaar idntiteitsbewijzen. Er zijn miljarden mensen op Aarde zonder identiteitsbewijs.
    Lighten up.

  16. 22

    @21, Ik voel wel voor de manier waarop je denkt.
    Helaas laat de manier waarop ik wil leven mij weinig keus en is het “hebben” van een paspoort dan eigenlijk wel nodig. Al is het zeker een optie om een paspoort-loos bestaan uit te proberen.
    Gelukkig beschik ik momenteel nog over een paspoort oude stijl.