Ranko Rakkan

19 Artikelen
5 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Foto: Steve Jurvetson (cc)

Inkomensongelijkheid in de auto-industrie

ACHTERGROND - Waarom verdienen de CEO’s van Amerikaanse en Europese autofabrikanten zo veel meer dan hun Japanse tegenhangers?

Op 25 juni stond er een interessant grafiekje in de Nikkei Shimbun, het zakendagblad in Japan. Het grafiekje toonde wat de topmensen in de auto-industrie in 2013 hebben verdiend. Sergio Marchionne, de baas van Fiat Chrysler, verdiende het meest en wel 22 keer meer dan zijn tegenpool bij Honda, Takanobu Ito. En dat terwijl Marchionne de laagste winst wist te genereren van de acht genoemde global players en bij lange na niet de meeste auto’s produceert.

Nikkei maakte het grafiekje omdat de dag tevoren Nissan zijn aandeelhoudersvergadering had gehouden. De beloning van topman Charles Ghosn zorgde voor commotie in de Japanse pers. Ghosn was namelijk alweer de best betaalde topmanager onder de bedrijven die aan de Japanse beurs staan genoteerd, en wel – naar Japanse maatstaven – met een uitzonderlijk hoog bedrag. Dan te bedenken dat meneer Ghosn in zijn eigen tweelingrol bij het Franse Renault nog eens 2,17 miljoen euro incasseert. Opvallend groot is verder het contrast tussen de twee Japanse bestuursvoorzitters (Toyota, Honda) en al de andere autobazen. Wel moet er bij vermeld worden dat in deze beloningscijfers geen rekening wordt gehouden met andere perks: pensioenvoorzieningen, ontslagregelingen, aandelenopties, bedrijfswagens enz. Allemaal krijgen ze meer dan alleen de genoemde bedragen. Ik durf er echter mijn hand voor in het vuur te steken dat, wanneer ook daarmee rekening wordt gehouden, de kloof tussen Ito en Marchionne alleen nog maar groter uitvalt.

Foto: Toshihiro Gamo (cc)

Geest uit de fles

ACHTERGROND - In Japan maken racisme, rechts-extremisme en militarisme de laatste jaren een flinke comeback.

Afgelopen zaterdag doneerde het Anne Frank Huis 3400 museumcatalogi aan Japanse openbare bibliotheken. Ze sturen ook nog eens 300 maquettes van het Achterhuis, om op lagere scholen als lesmateriaal te gebruiken. Deze schenking is een reactie op de vernieling van meer dan 300 boeken van en over Anne Frank in openbare bibliotheken in Japan afgelopen maand. Consternatie alom, in Japan en daar buiten, en een slap geformuleerde vijgenblad-afkeuring van de regeringsspreker.

Want waarom zegt premier Abe geen woord over de hate speech-demonstraties die rechts-extremistische groepen in de Korea-towns van Osaka en Tokyo organiseren (sinds zomer 2013), of veroordeelt hij de hakenkruisgraffiti niet die daar op de muren achterblijven (afgelopen week door vrijwilligers verwijderd)? Waarom kunnen 2-chan en andere Japanse social networking sites ongestraft een platform bieden voor hate speech, racistische uitspraken en nazi-verheerlijking? Hoezo kan een Japanse uitgever zonder blikken of blozen een boek getiteld De ware Hitler op de markt brengen, waarin de Führer als voorbeeld voor goed gedrag wordt afgeschilderd (december 2013; in reactie op protesten van Duitse zijde heeft de uitgever de boeken uit de winkels gehaald, maar ze zijn via Amazon nog steeds te krijgen)? En waarom zit de vice-premier annex minister van financiën nog op zijn post, nadat hij voorstelde van de nazi’s de techniek te leren hoe zonder opzien de grondwet kan worden veranderd (juli 2013)?

Wobben op z’n Japans

INTERVIEW - Correspondente Ranko Rakkan had een gesprek met Yukiko Miki, voorzitter van Access-Info Clearinghouse Japan, een organisatie die zich inzet voor openbaarheid van bestuurlijke informatie, over de nieuwe wet in Japan die tot veel opschudding leidt.

Gisteren nam het Japanse parlement een nieuwe wet aan. De zogenoemde Wet voor de Bescherming van Speciale Geheimen. Wordt het wetsvoorstel onveranderd aangenomen, dan heeft de Japanse regering een bodemloze doofpot voor haar handelen tot haar vervoeging. Alles op het gebied van buitenlandse zaken, militaire en politie-aangelegenheden kan er onder vallen. Wat er ook toe kan leiden dat alles wat de regering niet openbaar wil maken als een diplomatieke, militaire op politie gerelateerde aangelegenheid wordt bestempeld. Want een onafhankelijke instantie die de juistheid van de omgang met de informatie controleert, is niet voorzien. Wel vergrendelt de wet de staatsgeheimen zestig jaar voor het publiek. Nieuw is ook de gevangenisstraf die klokkenluiders of mensen die toevallig, of willens en wetens geheime informatie proberen te achterhalen, kan worden opgelegd: maximaal tien jaar.

Schier onmogelijk

‘Deze wet maakt alle bestaande wetten en reguleringen voor openbaarheid van informatie nutteloos. Het wordt schier onmogelijk om informatie bij de nationale overheid in te halen.’ Yukiko Miki oogt rustig, maar ze is bezorgd. ‘We gaan natuurlijk door met waar we mee bezig zijn. Dan gooien ze me maar in de gevangenis. Daartoe ben ik bereid. En met mij heel veel anderen. Dan wordt de wet onder de juridische loep gehouden. Dat is misschien de enige mogelijkheid om hem te annuleren.’

Foto: CSIS | Center for Strategic & International Studies (cc)

Japan monddood door nieuwe wet

NIEUWS - Correspondente Ranko Rakkan bericht vanuit Tokyo over een nieuwe wet in Japan die critici van de regering monddood kan maken.

Pas op wat je zegt, en pas op wat je vraagt. In de ogen van de Japanse overheid ben je – zonder dat je het zelf weet of zelfs kan navragen – een spion of een terrorist, en verdwijn je voor tien jaar achter slot en grendel. Dat laat de Wet ter Bescherming van Speciale Geheimen die de regering onder premier Shinzo Abe vandaag door het parlement ramt, namelijk toe. Japanse media-organisaties, schrijversverenigingen,  mensenrechtenorganisaties, burgergroeperingen, theater- en filmmakers, Nobelprijswinnaars en 2000 wetenschappers, advocatenfederaties en oud-ambtenaren van hoge rang hebben heftig tegen de nieuwe wetgeving geprotesteerd. Amnesty International, de VN mensenrechtenorganisatie als ook de internationale PEN (schrijvers) Club en journalistenverenigingen schaarden zich in het protest.

Het mag niet baten. De regering heeft een comfortabele meerderheid in beide huizen van het parlement. En er zijn kleine oppositiepartijen die voor deze wet een gelegenheidscoalitie aangaan. Niet alleen bedreigt de wet de vrijheid van meningsuiting, de mensenrechten en het recht op openbaarheid van informatie, de procedure waarmee de regering in grote haast de wet door het parlement stuurt, is democratisch hoogst twijfelachtig. Het is een wet die als een ‘thought police’ zal functioneren, is de algemene vrees.

En de winnaar is: de wapenindustrie

OPINIE - Chemische wapens zijn armelui’s wapens en leveren doorgaans minder slachtoffers op dan conventionele wapens. Ze zijn goedkoop en makkelijk te maken met alledaagse middelen en recepten van het internet. Dus heeft het Amerikaanse, Britse, Franse, Israëlische of Russische militair-industriële complex er baat bij om ze te verbieden. Wapenleveranciers verdienen immers niks aan chemisch tuig.

Nu Syrië heeft besloten om tot de Chemical Weapons Convention (CWC) toe te treden is niet alleen het gezicht van president Obama gered. Alle partijen in Syrië moeten hun chemische wapens nu vervangen met meer conventioneel wapentuig. De wapenhandelaars uit bovengenoemde landen hebben over de schouders van de Russische en Amerikaanse ministers meegeluisterd en zullen binnenkort bij president Assad aankloppen. Want dit soort wapens mag hij volgens de spelregels van oorlogvoering rustig gebruiken. Zo bleek ook direct na het Syrisch-Russisch-Amerikaans onderonsje. Binnen een dag na het “historisch compromis” bombardeerden de regeringstroepen van president Assad een stadswijk in Damascus zonder ook maar een krimp van Amerikaans protest te horen.

De van blaam geredde Amerikaanse president sputtert weliswaar dat hij de optie van een vergeldingsaanval achter de hand houdt. Voor wanneer Assad zijn belofte niet houdt en de voorraden chemische wapens niet ontmantelt. Verhaspel u nu niet weer, meneer Obama! De wereldgemeenschap weet dat uw land de CWC heeft geratificeerd, volgens welke productie, opslag, transport en gebruik van chemische wapens is verboden. Uw land zou zijn arsenaal chemische wapens tot 2012 vernietigen. Dit is niet gebeurd. Zodoende heerst u nog steeds over 5430 ton mosterd-, sarin- en andere gifgassen. Moeten we als verontwaardigde wereldburgers dan op uw pakhuizen een kort, maar krachtig salvo lossen, om u aan de niet nagekomen belofte te herinneren? Het is geen troost voor de wereld dat uw Russische tegenpool net zo onbetrouwbaar handelt, hetzelfde CWC-akkoord aan zijn laars lapt en zelfs nog 20.500 ton aan chemisch wapengif achter de hand houdt. Mogen we u er ook aan herinneren dat dat witte fosfor dat uw manschappen in 2004 over Falluja (Irak) uitstrooiden normaliter als chemische wapens wordt gecategoriseerd? Wat betekent dan een ratificatie van een CWC wanneer hij direct wordt genegeerd? U wilt vast niet dat meneer Assad de CWC net zo losjes interpreteert als u en uw voorgangers dat deden. Het is trouwens ook aan uw voorgangers te danken dat napalm en andere brandbommen niet in het CWC zijn opgenomen – alsof het hier niet om schadelijke chemische substanties gaat met massavernietigingswerking. Zo hoeft meneer Assad zijn chemisch pakhuis toch niet helemaal uit te mesten. En wanneer hij die brandbommen inzet tegen zijn volk, dan blijft hij aan de goede kant van de “rode lijn”. Is het sterven in vuur dan minder erg dan te sterven door uitval van het zenuwstelsel in een sarin-aanval?

HafuPosuto: Abe’s spreekbuis

ANALYSE - De Japanse Huffington Post is met veel tromgeroffel van start gegaan, maar valt al na een paar dagen erg tegen.

De Huffington Post – de goed bezochte en gelauwerde Amerikaanse nieuwssite – heeft nu ook een Japans jasje aangetrokken. Met de troetelnaam HafuPosuto voor de Japanstalige versie eist de website met veel PR/media-geroffel een plaats in het Japanse medialandschap op. Er zit groot geld achter dit initiatief. En groot geld is ook het hoogste doel van deze Japanse joint venture. Anders is het met HuffPo gedaan.

Zoals elders (Canada, het VK, Frankrijk, Spanje, Italië, en in de herfst ook Duitsland) is het moederbedrijf, zelf onderdeel van mediaconglomoraat AOL, een alliantie met een draagkrachtige lokale partner aangegaan. Asahi Shimbun, ’s lands één na grootste dagblad, is in het web van Arianna Huffington gevlogen. En het lijkt erop dat de geestelijke vleugels van dit links-van-het-midden dagblad van meet af aan gekortwiekt zijn.

Een productie van vier dagen is niet zo veel om een nieuw medium-outlet te evalueren. Het gaat hier dan ook om eerste indrukken. Mainstream is wat de klok slaat. Niet verrassend, want het concept van HuffPo berust op een readers’ digest van nieuws. In HuffPo’s woorden: nieuwsaggregator. In mijn woorden: een geredigeerd patchwork van quotes uit andere nieuwsmedia. Dat kunnen geëtableerde outlets zijn of meer dan wel minder bekende blogs. Dus we zien artikels van partner Asahi Shimbun, overgenomen artikelen van de Japanstalige Reuters, en de typische HuffPo-lappendekens rond een thema.

Foto: Storm Crypt (cc)

Japan zinkt

ANALYSE - Het zijn rare tijden in Japan. Terwijl ik dit zit te schrijven houden drie crises Japan in de wurggreep.

Alle drie de afgelopen week ontstaan. De één nog surrealistischer dan de ander. Een bom, een kerncentrale en een geldtsunami zijn de schuldigen. Is Japan gedoemd aan één van de drie ten onder te gaan, of aan een combinatie van de drie? Zinkt Japan nu dan echt de afgrond in, zoals de SF-auteur Sakyo Komatsu in zijn bestseller ‘Japan Sinks’* beschreef?

1.

Helikopters ratelen boven mijn hoofd. Van west naar oost, van oost naar west; tussen de militaire bases in Yokosuka en het ministerie van defensie in hartje Tokio. Nu al drie dagen lang. Want Japan is net als China en Zuid-Korea, met de Amerikanen als hoedende vader in het kielzog, (eigenlijk als commandant, maar dat is een ander verhaal) in staat van paraatheid. Een staat die, wanneer iemand een foutje maakt, in oorlog kan overgaan. Gaat Kim Jong-un, de derde-generatie-leider van Noord-Korea, een raket, wellicht meerdere raketten afschieten? Wanneer u dit leest is deze vraag misschien al met ‘ja’ beantwoord, en weet u ook of er wellicht een kernkop op zat. Is de vraag nog niet beantwoord, dan cirkelen de helikopters nog steeds boven Tokio. Het is crisisstemming in Oost-Azië. Wie is daaraan schuld? De hermietenstaatleider in Pjongjang die zich wil bewijzen? Of omdat hij internationale druk uitoefent om zijn zin te krijgen: een directe dialoog met de Verenigde Staten en niet langer zes-partijen-dialogen (hetgeen één-tegen-vijf betekent) over ’s lands kernprogramma? Of zou het misschien kunnen zijn dat we deze crisis te danken hebben aan de Amerikanen en Zuid-Koreanen die voor de Noord-Koreaanse kust dezer dagen hun gezamenlijke oorlogssimulatiemanoeuvres houden, en ondanks voortijdig geuitte Noord-Koreaanse protesten en oorlogsretoriek gewoon doorgaan?

Foto: jamesjustin (cc)

In het Chinees-Japanse machtsspel wordt de vis duur betaald

ANALYSE - Vorige week werd 1,35 miljoen euro voor een vis betaald in Japan. Achter deze absurde prijs gaat een machtsspel tussen China en Japan schuil.

De eerste gang naar de tempel, de eerste maaltijd, het eerste bad, de eerste werkdag, Japanners hechten veel waarde aan de intrede van het nieuwe jaar. Een nieuw begin, een schone lei, bidden voor geluk, gezondheid en fortuin. Daarom wordt iedere ‘eerste’ handeling uitgebreid gevierd, en vaak duur betaald. Om de goden goed te stemmen.

Zo ook de veiling van de eerste vis van het nieuwe jaar.

Op de visafslag in Tokio geldt die als het orakel voor het nieuwe zakenjaar. Een goede prijs, een goed jaar. En ja hoor, de dikste blauwvintonijn – die nu eenmaal de lekkerste sushi’s oplevert – bracht 5 januari jl. 1,35 miljoen euro (150 miljoen yen) op, een ongekende prijs voor het 222 kilo zware exemplaar. Met 6000 euro per kilo lag de prijs drie maal hoger dan vorig jaar. Geluk? Fortuin? Als de eerste veiling inderdaad een stemmingsmeter is, dan voorspelt deze uitslag niet veel goeds.

Het handjeklap was een Chinees-Japanse machtsspel op microniveau, in de schaduw van de ruzie in de Oost-Chinese Zee om de eilandjes die de Japanners Senkaku, en de Chinezen Diaoyu noemen.

Leven met nul procent rente

Welkom in de 0%-rentewereld: een case study.

Weet je wat het voor jou betekent, een rentetarief van 0,75% van de Europese Centrale Bank? Het betekent nul komma nog minder rente op je spaargeld en dat in aller eeuwigheid.

Minstens zo lang totdat alle staatsleningen op dit lage niveau zijn geherstructureerd. Ik spreek vanuit mijn ervaring in Japan. Daar liet de Bank of Japan zijn rentetarief in 1994 al onder de 1% zakken. De Japanners sloegen de 0,75 over en gingen meteen op 0,5% zitten. Tot de dag van vandaag is de rente er nooit meer bovenop gekomen, alleen maar lager. Er staan immers nog 30-jarige staatsobligaties met 9% rente uit, en die matureren rond 2020. Pas dan verwacht ik een substantiële renteverhoging. Hopelijk kan Japan dan teren op het goedkoop geleende geld en zijn immense overheidstekort terugvoeren. Wat dat concreet voor de Japanse spaarders betekent illustreer ik aan een case, die van mijn vriend Jiro.

Jiro opende in 1999 een bankrekening. De bank wilde van hem een borg hebben. 500.000 yen (toentertijd het equivalent van 3846 euro, cq. pakweg 8000 gulden) gingen op een spaarrekening. Die rekening heeft hij gelaten voor wat hij is. Na 13 jaar lui liggen heeft hij nu 504.485 yen te boek staan. Een fenomenale vermogensgroei: 0,89% winst in 13 jaar tijd. Beter dan Icesave, geef het toe. Maar sparen voor je oudedag? Jiro en zijn landgenoten zetten liever in op doorwerken. Hoe de rente op zijn spaargeld bij Japans grootste commerciële bank verliep laat het grafiekje hieronder zien. Tussen 2004 en 2012 schommelde hij tussen de 0,02 en 0,25 procent, en staat momenteel op 0,025. (De afschriften van vóór 2004 heeft hij niet in reikwijdte, sorry, maar geloof me, het was nooit meer dan 0,3%.) Japan kende in deze jaren nauwelijks inflatie, eerder tendens deflatie. Jiroʼs reële winst was dus 0,89%.

Anonymous strijkt neer in Japan

Anonymous is in Japan neergestreken, maar moet nog wel even wennen aan het Japans.

Ze hadden gewaarschuwd kunnen zijn, de ambtenaren in Japan. Want de hacker-groep Anonymous zette op 25 juni een filmpje op YouTube waarin ze haar aanval aankondigde. Een engelstalige vervormde stem begeleid van een Japanse vertaling, met hun bekende slotlitanie: “… Expect us”. Maar niemand in het land – waar criminaliteit en ordeverstoringen extreem laag zijn – was op zijn hoede voor de komst van de hackers. Op 26 juni blokkeerden ze de websites van het ministerie van Financiën, het Hof van Justitie en de conservatieve Liberaal-Democratische Partij. Anonymous vecht een verandering van de Japanse copyrightwet aan, die het sinds deze week mogelijk maakt mensen die illegaal materiaal downloaden twee jaar in de gevangenis te zetten.

Bij het ministerie van Financiën ging het eenduidig om Anonymous. Bij de andere sites vermoedt men de actiegroep achter storingen. De drie sites lagen 50 minuten stil. Nog een vierde site lag stil. Die van het waterschap in het gehucht Kasumigaura. Foutje? Ja, Anonymous was in een valkuil van de Japanse taal gevallen. Het stikt namelijk van de homonymen en bijna homonymen (woorden met eenzelfde uitspraak). Anonymous had de site van een waterschap in de provincie Ibaraki geïnfiltreerd, een banner over de page geplaatst (zie illustratie onder) waarop antikernenergie-demonstranten zijn te zien en eronder hun eigen protesttekst. De IT-man van de waterdienst had geen idee waarom zijn server eraan moest geloven, want met copyrights heeft hij werkelijk niets te doen. Het moest een vergissing zijn. Anonymous had Kasumi-ga-seki 霞ヶ関, de wijk in Tokio waar alle ministeries liggen met Kasumi-ga-ura 霞ヶ浦verwisseld, en niet verder gekeken dan naar de ‘kasumi’ in het homepage-adres. Om 10 uur ’s avonds kwamen de hackers er zelf ook achter, valt uit hun tweets op te maken.

Wie is het mooiste van het land?

Het meisje van Vermeer gaat naar Japan en dat blijft niet onopgemerkt.

Japan loopt warm, … loopt heet voor het mooiste meisje van de wereld. Twaalf jaar geleden kwam ze voor het eerst naar Japan. Alleen een heel klein groepje specialisten kende haar toen, en die kregen het niet voor elkaar om haar naar Japan te halen. Uiteindelijk zorgde een gezellig etentje in Tokio voor een doorbraak. Na enkele flesjes sake (rijstwijn) beloofde premier Kok aan zijn Japanse ambtgenoot en kunstliefhebber Obuchi dat hij zich persoonlijk in Den Haag zou inzetten om het bezoek mogelijk te maken. Het lukte. Ze kwam in 1990 naar Kobe, bleef er twee maanden en wist de harten van de Japanners te veroveren. Sinds vandaag (30 juni 2012) is ze er weer, in haar eeuwig jeugdige glans.

Vermeers schilderij het ‘Meisje met de Parel’ blijft een dik half jaar, eerst in Tokio en dan, op herhaling, in Kobe. Samen met pakweg 50 andere werken uit het Mauritshuis – dat onder restauratie is en dus graag zijn werk uitleent. Wist het Meisje met de Parel in 1990 nog op eigen krachten de Japanners te charmeren, zelfs zo dat het museum speciaal voor schoolklassen op de maandag open bleef, dit keer gaat er al weken een marketinggeweld door Japan. Van Dick Bruna die een Nijntje als Parelmeisje heeft gelicenseerd, tot parelmaker Mikimoto die speciale oorhangers verkoopt. Van indigoblauwe bonenpasta tot een parelmeisje make-up set van cosmeticabedrijf Shu Uemura die je dezelfde schoonheid belooft. De grootste troef die de marketeers inzetten is het mooiste meisje van Japan als boegbeeld van de tentoonstelling. Aan u de keuze: wie vindt u nu echt het mooiste meisje met de parel, USA-2003, NL-1665 of J-2012?

Japans zomervocabulair

?? – ‘setsuden’. Wat te doen wanneer er plotseling 47,7 gigawatt aan elektriciteitscapaciteit van het net zijn? Ofwel wanneer 54 kernreactoren die anders een kwart van het land van stroom voorzien, de werkloosheid zijn ingestuurd? Antwoord: dan moet je minder stroom gaan gebruiken.

Inderdaad ‘setsuden’ is het buzz-woord in Japan en betekent ‘stroom sparen’.

Vorig jaar draaiden we proef, de eerste zomer na de kernramp, want toen waren slechts 12 kernreactoren van het net, en alleen Oost-Japan was betroffen (en verbruikte vervolgens 10 procent minder stroom). Dit jaar wordt het echt spannend, want heel Japan doet mee aan het real life experiment.

Blijft het leven even leuk en rijk zonder kerncentrales? Wordt de zomer heet, dan dreigt er, afhankelijk van de regio, een tekort van 5 tot 15 procent. Dan is plotseling het stopcontact leeg. Dan staan treinen, machines en computers stil, dan zijn koffieapparaten, ijskasten en mobieltjes nutteloos. Deze black-outs kunnen tussen 2 juli en 7 september voorkomen – de heetste zomerperiode, beweert de elektriciteitsindustrie.

Er zijn echter ook hooggeleerde stemmen die beweren dat het allemaal onzin is. Japan had zo’n enorme overcapaciteit, en heeft uitwijkmogelijkheden. Dus helemaal zwart wordt het niet. Desalniettemin doen we toch allemaal (meer dan 90% van de bevolking) voor alle zekerheid meer of minder setsuden. Hoe, dat illustreer ik aan een reeks nieuwe woorden.

Volgende