Jos van Dijk

1.158 Artikelen
602 Waanlinks
3.573 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Was tot 2012 docent in het HBO.
Schrijft over Europa en over het vrije verkeer van informatie.
Publiceerde in 2007 "Dit kan niet en dit mag niet; een kroniek van belemmering van de uitingsvrijheid in Nederland." Voortgezet op de website: http://freeflowofinformation.blogspot.com/
Publiceerde in 2016 "Ondanks hun dappere rol in het verzet. Het isolement van Nederlandse communisten in de Koude Oorlog" voortgezet op de website http://nederlandsecommunisten.nl/#site-header
Foto: Joan (cc)

Spaanse rechters frustreren amnestiewetgeving

De Spaanse premier Pedro Sanchez had gehoopt deze week op z’n minst voor even verlost te zijn van alle spanningen die de Catalaanse separatisten het land al jaren bezorgen. Hij had buiten de Spaanse rechters gerekend. Vlak voordat het Spaanse parlement de moeizaam tot stand gekomen en zeer omstreden amnestiewet zou gaan aannemen kondigden twee rechters aan dat hun zaken tegen de seperatisten hoe dan ook gewoon doorgaan. Junts, de partij van Carlos Puigdemont, besloot daarop tegen de wet te stemmen, die toen alsnog werd verworpen. Een parlementaire commissie moet nu proberen een oplossing te vinden.

Voor premier Sanchez van de socialistische PSOE betekent de tegenstem van Junts een grote nederlaag. Zijn regering hing op steun van de Catalaanse separatisten. De amnestiewet, waartegen in Spanje massaal is gedemonstreerd onder aanvoering van de conservatieve Partido Popular (PP), was bedoeld als wisselgeld voor steun van de Catalanen aan een nieuwe regering-Sanchez. Na de verkiezingen van deze zomer was de PP weliswaar de grootste geworden, maar de partij slaagde er niet in een regering te  vormen. In november kreeg Sanchez wel de benodigde meerderheid voor een tweede termijn dankzij de steun van de Catalaanse seperatisten die amnestie werd beloofd. Tegenstanders hekelden de hypocrisie van Sanchez die zich in het verleden ook tegen amnestie had uitgesproken. Zijn draai zou uitsluitend ingegeven zijn door zijn opportunisme om hoe dan ook aan de macht te kunnen blijven. Opiniepeilingen lieten zien dat 70% van de Spanjaarden tegen amnestie waren. Zelfs Sanchez’ eigen aanhang was in meerderheid tegen de wet.

Foto: Dietmut Teijgeman-Hansen (cc)

Het risico van politieke benoemingen bij de rechterlijke macht

COLUMN - Drie jaar geleden schreef de onlangs overleden journalist Marc Chavannes op De Correspondent: ‘De benoeming van rechters is in Nederland niet beter geregeld dan in Polen of Hongarije. Tijd om een groot lek in het dak van de rechtsstaat te repareren zolang het kan.’ Zijn waarschuwing werd in de wind geslagen. Nu Wilders het voor het zeggen kan krijgen neemt de ongerustheid toe. Te laat?

Chavannes schreef aan de vooravond van de verkiezingen in 2021 die uiteindelijk Rutte IV in het zadel brachten. Hij wijst op een al jaren levende kritiek op de niet geheel waterdichte scheiding tussen het politieke bestuur en de rechterlijke macht. De Nederlandse rechtspraakorganisatie bevat ook volgens de staatsrechtgeleerde Paul Bovend’Eert ‘een serieuze constructiefout’. De ‘minister voor Rechtsbescherming’ wijst de leden van de Raad voor de rechtspraak aan. Die Raad kiest de bestuursleden van de gerechten, die op hun beurt rechters ‘kansen geven of niet’. Tot nu toe heeft Nederland nagelaten ‘de benoemingen van de rechterlijke macht zo te regelen dat een autocratische opvolger van het huidige kabinet niet zomaar zijn vriendjes kan benoemen’, schrijft Chavannes. Hij wijst er ook op dat Nederland hiermee afwijkt van de Europese standaard voor de benoeming van rechters:

Foto: Eoghan OLionnain (cc)

Goed nieuws voor Zweden

In ruil voor 40 nieuwe Lockheed Martin F-16-gevechtsvliegtuigen en 79 moderniseringskits voor zijn bestaande F-16’s gaat Turkije nu akkoord met de toetreding van Zweden tot de NAVO. De bestelling dateert al uit oktober 2021. Eind vorig jaar dreigde het land over te stappen naar een andere Europese leverancier van bommenwerpers. Zover wilden de Amerikanen het niet laten komen. Nadat het Turkse parlement deze week eindelijk akkoord is gegaan met de aansluiting van Zweden bij het militaire bondgenootschap heeft president Biden het Amerikaanse Congres verzocht haast te maken met de goedkeuring van de levering van de F16’s. Of daar gehoor aan wordt gegeven is nog even de vraag. Een van de senatoren van Bidens eigen partij wil eerst nog de nodige garanties. Senator Chris Van Hollen, lid van de commissie voor Buitenlandse Betrekkingen, twijfelt aan een snelle goedkeuring. “Het grootste deel van de tijd dat president Erdogan aan de macht is, is Turkije een ontrouwe NAVO-bondgenoot geweest.”

Zweden is er overigens nog niet. Erdogans Hongaarse collega Viktor Orbán had ook problemen met het nieuwe NAVO-lid. Orbán had eerder beloofd Turkije te zullen volgen. Maar in het Hongaarse parlement vonden zijn partijgenoten dat er in Zweden te negatief over de Hongaarse rechtsstaat werd gesproken. Ze eisen meer respect. Parlementsvoorzitter Laszlo Kover zei gisteren dat hij niet van plan is haast te maken met de ratificatie. Het parlement is met reces en er is volgens hem geen reden om voor deze kwestie terug te komen. Maar Orbán heeft secretaris-generaal Stoltenberg al wel verzekerd dat het goed komt en dat Hongarije ook akkoord gaat met het NAVO-lidmaatschap van Zweden.

Foto: Patrick Rasenberg (cc)

Migratie is van alle tijden

COLUMN - Een van de (vele) misverstanden over migratie is dat het hier om een verschijnsel gaat dat zijn oorsprong vindt in recente ontwikkelingen zoals de globalisering van de economie en de toegenomen communicatiemogelijkheden. Voor de correctie op dit beeld hoef je niet ver te gaan. Maar geschiedenis is helaas voor velen geen bron meer voor een adequate beoordeling van de oorzaak en betekenis van wat er vandaag gebeurt.

In het boek van Richard Evans De eeuw van de macht; Europa 1815-1914, een dikke pil van ruim 1000 bladzijden over de geschiedenis van de 19e eeuw, vond ik twee noties die in het debat over de huidige migratie naar Europa helaas nogal onderbelicht zijn gebleven.

Allereerst het feit dat Europa nog niet zo lang geleden een gebied was waaruit mensen in groten getale emigreerden. Evans schrijft onder de titel ‘De grote uittocht’ dat vrijwel geen enkel deel van Europa gevrijwaard bleef van emigratie van miljoenen mensen. Koplopers waren Ierland en Duitsland. In Ierland nam de bevolking af van 8,5 tot 6 miljoen. Uit Duitsland vertrokken tussen 1820 en 1914 ruim 5 miljoen mensen naar de VS. De VS en Canada waren de belangrijkste bestemmingen. Daarnaast vertrokken ook vele Europeanen naar Australië, Nieuw-Zeeland, Argentinië en Brazilië. De belangrijkste reden voor vertrek was van economische aard, vooral na de ‘hongerige jaren veertig’ toen vooral Ierland geteisterd werd door een aardappelziekte. Voor sommige emigranten, zoals Russische Joden, golden ook politieke en sociale motieven. Daarnaast stimuleerden de verhalen van de eerste groepen emigranten vele familieleden om ook de stap te wagen. ‘Hier kun je verder komen, hier kun je bouwen aan een goede toekomst’. Dat was aanvankelijk een nogal rooskleurig beeld, zoals we bijvoorbeeld kunnen lezen in de sociaal-realistische romans van Upton Sinclair over de vleesfabrieken van Chicago (die overigens opvallend veel lijken op bedrijven die hier en nu in het nieuws zijn vanwege de uitbuiting en slechte woonomstandigheden van de arbeiders). Maar ook op dat punt verschillen hedendaagse Noord-Afrikaanse immigranten nauwelijks van onze voorouders die zich –toen geheel legaal- inscheepten voor de overtocht over de Atlantische Oceaan. Ik maak me geen illusies dat dit besef direct kan leiden tot meer begrip, maar het is wel opvallend dat deze historische vergelijking in het publieke debat zo zelden wordt gehoord.

Foto: Son of Groucho (cc)

Noord-Ierland staakt

‘De grootste staking in vijftig jaar’, kopte Sky Nieuws gisteren. Meer dan 100.000 ambtenaren, onderwijzers en werknemers in de zorg en het openbaar vervoer legden gisteren het werk neer uit protest tegen de politieke impasse die het land al twee jaar verlamt. Er is geen regering sinds de Unionisten er in februari 2022 uitstapten en weigerden na de daaropvolgende verkiezingen een nieuwe coalitie te vormen met Sinn Féin waarin zij de tweede viool zouden moeten spelen. Sindsdien ligt het land stil. Een van de gevolgen is een grote loonachterstand in de publieke sector (hier een lijstje met vergelijkende cijfers). Noord-Ierse docenten hebben al drie jaar geen salarisverhoging gekregen. Wachtlijsten in de zorg zijn nog langer dan in andere delen van het VK. Ambtenaren passen op de winkel onder verantwoordelijkheid van de minister voor Noord-Ierse zaken Chris Heaton-Harris. Maar zij kunnen geen politieke besluiten nemen. Daardoor kunnen bijvoorbeeld gevallen van ernstige milieuvervuiling niet worden aangepakt.

Het conflict over de handelsgrens tussen EU en VK in de Ierse Zee, een residu van de Brexit, is nog steeds niet opgelost. De eisen van de Unionistische DUP zijn overdreven, volgens een hoge functionaris van de partij. Er zit geen enkele vooruitgang in de onderhandelingen over het beëindigen van de omstreden grens, een voorwaarde voor de DUP om weer mee te doen aan regeringsvorming. De partij is het niet eens met het aanvullende VK/EU akkoord uit maart vorig jaar waarin onder meer werd vastgelegd dat de douanegrens in de Ierse Zee alleen nog zal gelden voor goederen die via Noord-Ierland worden doorgevoerd naar de Europese markt. Voor alle goederen die in Noord-Ierland blijven, zou de grens vervallen. De DUP wil geen enkele grens. Noord-Ierland moet zonder enige beperking deel blijven uitmaken van het Verenigd Koninkrijk. Ondertussen kan Sinn Féin de verkiezingsoverwinning van twee jaar terug nog steeds niet omzetten in regeringsmacht. De conservatieve regering in Londen laat het allemaal gaan en houdt haar kolonie financieel kort. Volgens de afspraken zou Londen het bestuur moeten overnem en nieuwe verkiezingen moeten uitschrijven als de Noord-Ieren er zelf niet in slagen een regering te vormen. Verwacht wordt dat Londen met een noodwet komt om de deadline daarvoor nog een keer op te schuiven.

Foto: Rob Oo (cc)

Ambtenaren en het vrije woord

COLUMN - De vrijheid van ambtenaren om zich in het publieke debat te laten horen staat opnieuw ter discussie. Een aantal Amsterdamse ambtenaren reageerde eind november op de verkiezingsoverwinning van de PVV met een korte demonstratie bij de Dokwerker.  Ze wilden het signaal afgeven dat ambtenaren pal staan voor de rechtsstaat en de Grondwet. Op 21 december verzamelden zich honderdvijftig rijksambtenaren bij het ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag om te demonstreren tegen de Nederlandse weigering om in te stemmen met VN-resoluties die oproepen tot een permanent staakt-het-vuren in Gaza. In Friesland is ophef ontstaan omdat enkele provinciale ambtenaren een brandbrief aan de Tweede Kamer en het kabinet ondertekenden waarin zij hun zorgen uitten ‘over de in hun ogen te trage aanpak van de klimaat- en ecologische crisis’. De BBB die daar in het College van Gedeputeerde Staten zit maakte er een punt van en het College heeft de actie van de ambtenaren nu veroordeeld.

De vrijheid van meningsuiting van ambtenaren is sinds de grondwetswijziging van 1983 in principe gegarandeerd, maar wordt beperkt door artikel 10 van de Ambtenarenwet (laatste versie van 2017). Dat artikel luidt:

Artikel 10

1. De ambtenaar onthoudt zich van het openbaren van gedachten of gevoelens of van de uitoefening van het recht tot vereniging, tot vergadering en tot betoging, indien door de uitoefening van deze rechten de goede vervulling van zijn functie of de goede functionering van de openbare dienst, voor zover deze in verband staat met zijn functievervulling, niet in redelijkheid zou zijn verzekerd.
2. Het eerste lid is, voor wat betreft het recht van vereniging, niet van toepassing op het lidmaatschap van:
a. een politieke groepering waarvan de aanduiding is ingeschreven overeenkomstig de Kieswet;
b. een vakvereniging.

Foto: Matthias Berg (cc)

Duitsland staat stil

Treinen rijden niet vanwege een staking van machinisten. En snelwegen worden geblokkeerd door tractoren van protesterende boeren. De sociale onrust in Duitsland neemt toe. De Ampelkoalition is de boeren al op enkele punten tegemoet gekomen. Maar Bondskanselier Scholz wil niet verder gaan. Intussen stijgt de populariteit van extreemrechts.

Niet meer dan 20% van de treinen reed gisteren. De stations blijven leeg. Reizigers lijken zich er bij neergelegd te hebben. Deutsche Bahn heeft de vakbonden opgeroepen weer aan de onderhandelingstafel plaats te nemen. Het bedrijf roept de machinisten op zijn loonaanbod en het plan voor flexibele arbeidstijden serieus te nemen. De leider van de vakbond Weselsky noemde het loonaanbod ‘een provocatie’. De vakbond eist een vermindering van de wekelijkse werkuren voor werknemers in ploegendienst met volledige looncompensatie. Het spoorbedrijf kampt echter met een tekort aan personeel. Met enkele kleinere spoorwegbedrijven zou de vakbond al een overeenstemming hebben bereikt. De woordvoerder van DB bestrijdt dat die in werking kan treden zonder akkoord met haar bedrijf. De stakingen gaan mogelijk ook volgende week nog door.

Goedkope diesel

Het boerenprotest heeft te maken met de bezuinigingen die de regering moet doorvoeren om de staatskas weer op orde te krijgen. In november bepaalde het Constitutioneel Hof in Stuttgart dat de regering een bedrag van 60 miljard, bestemd voor bestrijding van de coronapandemie, niet mag gebruiken voor haar klimaatplannen. Dat veroorzaakte een groot gat in de begroting. Besparingen werden onder andere gevonden in het opheffen van de btw-vrijstelling voor landbouwvoertuigen en het -inmiddels gefaseerd- terugdraaien van het belastingvoordeel dat boeren hebben op het gebruik van diesel. Het eerste voorstel is al teruggedraaid. Maar de boeren eisen het volledige behoud van hun goedkope diesel. Net als in Nederland speelt een meer algemene onvrede mee over de toekomst van het boerenbedrijf. Boerenleider Rukwied: ‘In Duitsland wordt het landbouwbeleid gemaakt vanuit een wereldvreemde stedelijke zeepbel en gericht tegen boerenfamilies en plattelandsgebieden.’

Foto: Dennis van Zuijlekom (cc)

‘Nu liever geen vuurwerk’

Na de schietpartij van David K. in Praag vlak voor kerst die aan veertien mensen het leven kostte deed de Tsjechische minister van Binnenlandse Zaken Vít Rakušan een verzoek om af te zien van de traditionele vuurwerkshows bij de jaarwisseling. In Tsjechië organiseren gemeentes zelf vuurwerkspektakels. ‘Na de schok die we hebben moeten doorstaan, kan het zeker geen kwaad om minder lawaai en vuurwerk te hebben.‘ Sommige gemeentebesturen hebben het vuurwerk inderdaad afgelast uit solidariteit met de nabestaanden van de slachtoffers op de Karlsuniversiteit, maar anderen trokken zich er niets van aan. ‘Het vuurwerk is een van de weinige dingen die de mensen aan het begin van het jaar een beetje opbeuren, gezien het negatieve nieuws dat hun kant op komt,’ zei de burgemeester van een stadsdeel in Plzeň. Het is een sterke traditie die nog wel even gehandhaafd zal worden. Alleen in Praag is sinds 2020 alle vuurwerk verboden vanwege veiligheidsredenen.

Een onderwerp dat in de nasleep van het drama in Praag zeker tot veel nieuwe discussies zal leiden is de liberale wapenwetgeving in Tsjechië. Ook een traditie, schrijft The Guardian. Het land heeft een van de meest tolerante wetten op wapenbezit in de EU. Het “recht om vuurwapens te verwerven, te houden en te dragen” wordt erkend in de Tsjechische vuurwapenwetgeving, terwijl een grondwetswijziging die onlangs in 2021 in het Handvest van de grondrechten is aangebracht, juridisch “het recht garandeert om het eigen leven of dat van een andere persoon te verdedigen met een wapen”. Die laatste wijziging is doorgevoerd na een petitie, ondertekend door 102.000 burgers, die was georganiseerd in oppositie tegen een voorstel van de Europese Commissie om vuurwapenbezit in de hele EU te beperken. In 2020 telde Tsjechië 307.000 legale wapenbezitters op een bevolking van 10,6 miljoen (ter vergelijking: In Nederland zijn er op de 17 miljoen inwoners slechts 70.000 wapenvergunningen). Het wapenbezit is in Tsechië verbonden met een trotse traditie van de Tsjechische wapenproductie.

Foto: Ged Carroll (cc)

Nieuwe Brits-Ierse ’troubles’

De Britse regering heeft zeer geprikkeld gereageerd op het besluit van de Ierse regering om het Verenigd Koninkrijk aan te klagen bij het Europese Hof in Straatsburg.  De reden: een wet die een einde maakt aan onderzoeken, civiele zaken en strafrechtelijke vervolgingen voor misdaden tijdens de ‘Troubles‘ in Noord-Ierland. Tussen 1969 en 1998 kwamen door het geweld in Noord-Ierland 3.600 mensen om het leven. Duizenden gevallen bleven tot nu toe onopgelost. De Britse wetgeving, geïnitiëerd door premier Boris Johnson en sinds september 2023 van kracht,  biedt immuniteit aan veteranen van de veiligheidstroepen en voormalige paramilitairen die samenwerken met een nieuwe commissie voor verzoening en informatieherstel. De Ierse premier Leo Varadkar zegt dat zijn regering de stap heeft genomen na juridisch advies dat uitwees dat de wet in strijd is met het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM).

Chris Heaton-Harris, de Britse minister voor Noord-Ierland beschuldigde Ierland onmiddellijk van inertie inzake de vervolging van misdaden tijdens de ‘Troubles’. “Sinds [het Goede Vrijdag-akkoord van] 1998 is er op geen enkel moment sprake geweest van een gezamenlijke of aanhoudende poging van de kant van de Ierse staat om een op strafrechtelijk onderzoek en vervolging gebaseerde benadering van het verleden na te streven.” Nabestaanden van slachtoffers in Noord Ierland juichen de Ierse stappen toe. Zij blijven hopen op gerechtigheid in tot nu toe onopgeloste zaken. Een vertegenwoordiger van Amnesty International ziet in de aanklacht een uitdaging die perspectief biedt voor alle slachtoffers van staten die onder mensenrechtenschendingen uit proberen te komen.

Foto: Matt Brown (cc)

Vrijheid versus gevoeligheid

COLUMN - Na de moord op de Franse docent Samuel Paty zijn veel docenten voorzichtiger geworden met lessen over de islam. Paty had de woede van extremisten opgeroepen omdat hij in een les over vrijheid van meningsuiting Mohammed-cartoons uit het satirische blad Charlie Hebdo had laten zien. Deze zaak, waarvoor onlangs nog zes tieners zijn veroordeeld, was voor Stine Jensen aanleiding om de podcast ‘De Cartooncrisis’ te maken over hedendaagse beperkingen op de vrijheid van meningsuiting, in de onderwijs en daarbuiten. Moeten we ons vaker inhouden bij gevoelig liggende onderwerpen? Of wordt de vrijheid ten onrechte opgeofferd aan een al te ruim begrip van kwetsbaarheid?

Het lijkt wel alsof mensen de laatste jaren gevoeliger zijn geworden voor het vrije woord. Waarom wordt er zo heftig gereageerd op uitspraken of beelden die gevoeld worden als belediging? Hoever moet je gaan om te voorkomen dat je mensen kwetst? Uit de Verenigde Staten is het idee overgewaaid van de ’trigger warning’, toehoorders van lezingen of lessen waarschuwen dat er iets komt dat hen mogelijk raakt. Ben je altijd ‘fout’ als je iemand kwetst? Gekwetste gevoelens zijn subjectief. Je kunt er uit fatsoensoverwegingen van af zien om woorden of beelden te gebruiken die anderen kunnen kwetsen. Doelbewust beledigen hoort niet. Maar mag je anderen de vrijheid van meningsuiting ontnemen ter bescherming van je eigen gevoeligheden?

Motie in Amerikaans congres: trek uitleveringsverzoek Assange in

Acht leden van het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden hebben een motie ingediend om af te zien van de uitlevering van Julian Assange

De indieners zijn zes Republikeinse en twee Democratische afgevaardigden. Ze stellendat reguliere journalistieke activiteiten worden beschermd onder het Eerste Amendement, en dat de Verenigde Staten alle aanklachten tegen en pogingen tot uitlevering van Julian Assange moeten intrekken.’

Wikileaks oprichter Assange zit al vier en een half jaar gevangen in de Belmarsh gevangenis in Londen. De VS hebben zijn uitlevering gevraagd op grond zeventien aanklachten wegens overtreding van de Spionagewet en één aanklacht wegens samenzwering om computercriminaliteit te plegen. Assange wordt aangeklaagd voor voor het publiceren van geheime documenten uit de VS in 2010 en 2011.

Foto: Markus Rauscher-Riedl (cc)

Orbáns vrienden aan de Donau

Op het hoogste niveau onderhandelden EU-lidstaten gisteren over uitbreiding van de Unie. Uiteindelijk zijn 26 lidstaten akkoord gegaan met het openen van de toetredingsonderhandelingen met Oekraïne en Moldavië. Commissievoorzitter Ursula Von der Leyen had zich hiervoor al eerder hard gemaakt. De Hongaarse premier Viktor Orbán is en blijft tegen. Hij onttrok zich aan de besluitvorming. Ook het vrijgeven, deze week, van een deel van de aan Hongarije beloofde miljarden, die Brussel nog steeds vasthoudt vanwege ’s lands rechtsstatelijke gebreken, heeft hem kennelijk niet milder gestemd. Maar ook Oostenrijk was aanvankelijk tegen. De Oostenrijkse premier Karl Nehammer sprak zich dinsdag duidelijk uit tegen een versnelde toelatingsprocedure voor Oekraïne en Moldavië. Er mag geen voorkeursbehandeling voor Oekraïne bestaan, zei hij, als Bosnië-Herzegovina geen perspectief op toetreding krijgt. Nehammer heeft nu de toezegging gekregen dat binnenkort ook met Bosnië-Herzegovina toetredingsonderhandelingen worden geopend.

Politico-commentator Matthew Karnitschnig zag in de overeenstemming tussen Nehammer en Orbán een herrijzenis van het oude Oostenrijks-Hongaarse rijk. ‘De recente actie van Oostenrijk tegen Oekraïne past in een bekend patroon van het benutten van zijn neutraliteit om zich te verzoenen met Moskou en tegelijkertijd trouw te claimen aan het Westen, een tactiek die de Hongaarse leider Viktor Orbán ook beheerst,’ schrijft hij. En: ‘Of het nu om Oekraïne, Rusland of zelfs het Israëlisch-Hamas-conflict gaat, de indruk in EU-kringen is dat het tweetal uit hetzelfde liedboek zingt.’ Of alle Oostenrijkers deze visie delen waag ik te betwijfelen. Feit is wel dat de huidige regering de hete adem in de nek voelt van de extreemrechtse FPÖ. Volgend jaar zijn er weer verkiezingen. De FPÖ staat in de polls al enige tijd ruim bovenaan met 30%, tien procentpunten meer dan de christendemocratische ÖVP van Nehammer. FPÖ-partijleider Herbert Kickl is close met Orbán en noemde Hongarije onlangs een “toevluchtsoord van nationale zelfbeschikking en verzet tegen de globalistische interventie vanuit Brussel.” Bij een bezoek aan Hongarije in maart steunde Kickl diens pleidooi voor een staakt het vuren in Oekraïne. De FPÖ kwam eerder in opspraak vanwege beschuldigingen dat het in 2016 geld heeft ontvangen van een Russische spin-doctor in ruil voor het indienen van een pro-Russisch voorstel aan het parlement. Een door de socialisten aangespannen rechtszaak liep begin dit jaar op niets uit. Als de FPÖ volgend jaar de grootste wordt in Oostenrijk zal dat de banden met Hongarije zeker versterken. Na de winst van Robert Fico in Slowakije zou dat een nieuwe aanslag zijn op de Europese eenheid. Poetin zal zich er op verheugen.

Vorige Volgende