Oostenrijkse kiezers laten middenpartijen vallen
ELDERS - Bij de Oostenrijkse presidentsverkiezingen afgelopen zondag waren de regeringspartijen SPÖ (sociaaldemocraten) en ÖVP (christendemocraten) de grote verliezers.
De eerste ronde van de presidentsverkiezingen is gewonnen door de kandidaat van de extreem-rechtse Oostenrijkse Vrijheidspartij (FPÖ), Norbert Hofer. Hij won met 36,4% van de stemmen. Op de tweede plaats eindigde met 20, 4% Alexander van der Bellen, die gesteund wordt door de Groenen. Irmgard Griss, een centrum-rechtse onafhankelijke kandidaat werd derde met 18,5%. Op 22 mei is er een beslissende stemronde tussen Hofer en Van der Bellen.
Voor Oostenrijk zijn de resultaten van deze verkiezingen zonder meer schokkend te noemen. Het land heeft sinds de Tweede Wereldoorlog buitengewoon stabiele politieke verhoudingen gekend waarin sociaaldemocraten en christendemocraten elkaar in de regering afwisselden. Op dit moment regeren ze samen. Hun kandidaten bij de presidentsverkiezingen kregen zondag elk niet meer dan 11% van de stemmen. Een record aantal mensen besloot op een andere partij te stemmen dan bij vorige verkiezingen. Groene blogger Gebi Mair spreekt van het “einde van de tweede republiek“.
De rood-zwarte regering van SPÖ en ÖVP heeft deze week onmiddellijk gereageerd op het verlies aan vertrouwen. Een Bondsdagmeerderheid van sociaaldemocraten en christendemocraten heeft een nieuwe, buitengewoon strenge asielwet aangenomen, die volgens Amnesty in strijd is met internationale verdragen en afspraken die Oostenrijk zelf heeft gemaakt. De wet maakt het uitroepen van de noodtoestand mogelijk bij een plotselinge stijging van het aantal migranten. Daarnaast kan het land vluchtelingen terugsturen naar buurlanden als hun veiligheid daar niet in gevaar is. Volgens de Groenen schaft Oostenrijk met deze wet de facto het asielrecht af. De nieuwe Oostenrijkse wetgeving is vergelijkbaar met maatregelen die Hongarije eerder nam. Het betekent voor de Europese Unie een nieuw obstakel in de onderhandelingen over een gezamenlijk vluchtelingenbeleid.