Gin

20 Artikelen
13 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Foto: Eric Heupel (cc)

Warchild helpt kindsoldaten?

Child in de War logo‘Warchild helpt kindsoldaten’, zo meldde het RTL Nieuws gisteren. Met een gloednieuwe campagne probeert Warchild iedereen duidelijk te maken dat ‘oorlog niet zomaar uit een kind gaat’. Kindsoldaten zijn geen kind meer zegt Warchild. En door hun deelname aan gewapende strijd raken ze getraumatiseerd. En getraumatiseerde ex-kindsoldaten moeten geholpen worden om ‘weer een normaal leven op te bouwen’. Gelukkig is er Warchild, die deze kindertjes met onder andere scholing en opvang weer in het zadel probeert te krijgen. De campagne van Warchild zal wel weer een heuse tranentrekker worden. De 8 miljoen die minister Koenders van Ontwikkelingssamenwerking toegezegd heeft zou toch een aardig deel van de in totaal 300.000 ex-kindsoldaten weer een toekomstperspectief moeten kunnen bieden. In de praktijk werkt het helaas een klein beetje anders.

In Sierra Leone woedde van 1991 tot 2002 een burgeroorlog waar duizenden kindsoldaten aan de gevechten deelnamen. Ik zeg duizenden, omdat niemand precies weet hoeveel. Ondanks de grote hoeveelheid NGO’s, Verenigde Naties en nog meer van dat soort fantastische humanitaire organisaties die het land overspoelden, zijn de meeste ex-kindsoldaten namelijk anoniem weer in de samenleving gereïntegreerd. Van de ongeveer dertig ex-kindsoldaten waar ik tijdens mijn mastersonderzoek in Sierra Leone intensief contact mee heb gehad, zijn er slechts acht in aanraking gekomen met hulpverlenende instanties. En daar voelen ze nog de naweeën van. Dit soort instanties hebben er namelijk een handje van gouden bergen te beloven, en er maar een fractie van waar te maken. Het grappige is dat deze jongens me vertelden helemaal geen trauma aan hun deelname te hebben overgehouden. Het trauma kwam pas na de oorlog. En niet vanwege hun herinneringen, zoals Hendrik van Gent van Warchild in het RTL Nieuws beweert. Hun trauma heeft alles te maken met niet ingeloste beloften en halfzachte programma’s waar ze kostbare tijd verdoen door te klooien met kleurpotloodjes en instrumentjes waardoor ze weer ‘kind’ kunnen worden. Dat ze na hun deelname aan dat soort programma’s weer gewoon in de keiharde realiteit terechtkomen waar ze helemaal niets kunnen met dat ‘kind-zijn’ doet er voor dergelijke humanitaire organisaties blijkbaar niet zoveel toe. Als het programma voorbij is, zijn de deuren gesloten en hangen de dames en heren hulpverleners heerlijk de beest uit in hun dure woningen voorzien van alle luxe, de mooie stranden en de nachtclubs. Hulpverleners raken namelijk getraumatiseerd door hun werk met dit soort ‘gevaarlijke kinderen’. Met geld smijten moet dat weer een beetje compenseren.

Foto: Eric Heupel (cc)

Blood Diamond

Gin zit voor vier maanden in Sierra Leone om onderzoek te doen naar ex-kindsoldaten. De film Blood Diamond die gaat over de geweldadige handel in diamanten in dit West Afrikaanse land bekeek ze daar in verschillende gezelschappen en ze peilde de meningen.

De populaire Hollywood flick ‘Blood Diamond’ heeft ook het land dat centraal staat in de film, Sierra Leone, bereikt. In Freetown is de film voor 3,50 euro op bijna iedere straathoek te koop, maar het vindt geen gretige aftrek. Het aantal mensen dat gelukkig genoeg is over een generator én een televisietoestel te beschikken is waarschijnlijk minder dan het aantal films dat in omloop is in dit land. En daarbij komt dat de meesten de Nigeriaanse versie van Blood Diamond al gezien hebben. En Nigeriaanse films zijn populairder dan Hollywood-films. In de kranten is er wel veel aandacht aan de film besteed, de meningen van de recensenten zijn verdeeld tot in de extremen. Volgens de ene recensent is de film een perfecte afspiegeling van de werkelijkheid, de andere recensent vindt de hele film één grote farce. Maar de meeste recensenten zijn mierenneukers, dus besloot ik de film te kopen en met verschillende gezelschappen te bekijken. Op de binnenplaats van het guesthouse waar ik ‘woon’ verzamelde zich de eerste avond een groep van twaalf personen, mannen, vrouwen en kinderen, een gemengd gezelschap. Geen van hen heeft actief deelgenomen aan de oorlog, maar ze hebben het allen van dichtbij meegemaakt. Een panel van experts dus. Na een uur gekloot met verhuizingen van televisietoestel, DVD-speler, de generator en tig-duizend draden en verlengsnoeren kan de show beginnen.

Foto: Eric Heupel (cc)

Sierra Leone: De dood van Pa Norman

Gin zit voor vier maanden in Sierra Leone om onderzoek te doen naar ex-kindsoldaten. Via de mail ontvingen we haar derde verslag.

Wapenschild Sierra LeoneVorige week donderdag, uur of tien ’s ochtends, commander Jim aan de lijn. Samuel Hinga Norman is in coma geraakt. Een klein half uurtje later commander Jim weer aan de lijn. Hinga Norman is overleden. De schrik jaagt door mijn lichaam. De eerste opmerkingen om me heen; dit zal grote problemen veroorzaken. Ik heb het gevoel dat de aarde in één klap is omgedraaid, alles
is mogelijk. In de afgelopen weken hebben vele ex-Kamajors me verzekerd klaar te zijn de wapens op te nemen als Pa Norman iets zou overkomen. Nu is het zo ver, zal hun dreigende praat bewaarheid worden? Uur of twee. Lunch in Victoriapark, Freetown. Het nieuws heeft de BBC bereikt. De anders zo luidruchtige Sierra Leonesen luisteren aandachtig. Er gebeurt niets. Het volgende nieuwsitem. Iedereen eet gewoon door. Men lijkt onbewogen. Nog geen twee uur later hoor ik overal om me heen oorlogspraat. Men wil wraak.
Speculaties over een op handen zijnde nieuwe burgeroorlog. Anderen bagatelliseren het hele gebeuren. Het land is in shock. Deels althans. De volgende dag bereikt me het nieuws dat in Bo heel wat minder mild gereageerd is. Gewelddadige protesten zijn in de kiem gesmoord, maar er borrelt iets in de stad. Onvrede. Woede. ‘Disgruntlement’ noemt men het hier. Bo is een voormalig Kamajor bolwerk. Pa Norman heeft er vele aanhangers. En het is in Bo waar men me steeds vertelt problemen te zullen veroorzaken tijdens de verkiezingen, wraak te willen voor de vervolging van hun voormalige baas Samuel Hinga Norman. Bo, waar ik twee dagen later weer naar zal afreizen.

Twijfel. Bo is vijf uur van Freetown verwijderd. En ik ga naar de buluitreiking van één van de universiteiten, een happening waar ook president Kabbah aanwezig zal zijn. Áls men iets uit wil halen, is dat de perfecte gelegenheid. Van ex-Kamajors krijg ik te horen dat men voorlopig niets van plan is. Ik besluit te gaan, maar met slappe benen. Neem ik teveel risico? Schat ik de situatie juist in? In de kranten heeft immers weken geleden al gestaan dat men klaar is voor oorlog, als men zou willen. En de vorige burgeroorlog werd ook van tevoren aangekondigd en niet serieus genomen. Maar de meeste Sierra Leonesen zijn oorlogsmoe. En vele ex-Kamajors nemen voor geen goud meer een wapen in de hand. Een storm in een glas water?
Het blijft een gok. Er borrelt iets. Al een tijdje. En het is duidelijk voelbaar. Naarmate de verkiezingen dichterbij komen, neemt de angst en de spanning onder de bevolking toe. Als er een dag voorbij gaat zonder dat de opmerking dat ‘de verkiezingen bloedig zullen verlopen’ valt, geef ik een feestje. En als klap op de vuurpijl het overlijden van Pa Norman, die door velen als een nationale held werd beschouwd.

Foto: Eric Heupel (cc)

There is nothing sweet in war…

Gin zit voor vier maanden in Sierra Leone om onderzoek te doen naar ex-kindsoldaten. Via de mail ontvingen we haar tweede verslag.

Wapenschild Sierra LeoneI would never fight again, not even if they offered me a million dollars,” vertelt ex-kindsoldaat Junior me gepassioneerd. Een uitspraak die ik ook van vele andere ex-kindsoldaten heb gehoord. Ze doen hun uiterste best mij te overtuigen van hun verandering ten goede. “I used to be very, very wicked, but now I’m a good boy,” zegt Commander Jim. Ze willen een toekomst zeggen alle ex-kindsoldaten in mijn onderzoek unaniem. Het liefst op mijn kosten natuurlijk, maar dat terzijde. Als ik vraag naar hun ervaringen tijdens de oorlog vertellen ze overigens even zo gepassioneerd over hun (mis)daden. Ze vonden het ooit prettig om te moorden. Commander Jim sneed graag strotten door en Junior liet zijn ‘mannen’ (collega-kindsoldaten waar hij de leiding over had) mensenharten eten als ze te laf waren om de vijand te lijf te gaan. Geen lekkertjes dus, maar ze zijn bekeerd tot het Christendom, van de drugs af en vastbesloten op het rechte pad te blijven. Zeggen ze.
De praktijk blijkt vaak genuanceerd anders. Ze ondervinden problemen. Niet vanwege hun deelname aan de gewelddadigheden, maar vanwege het feit dat ze er uiteindelijk geen enkel voordeel uit hebben weten te halen. Tijdens de oorlog ontbrak het hen aan niets. “During the war I was doing fine, I had no worries, I used to be very comfortable, it’s only now, I strain a lot” verklaart Junior. Nu achteraf vindt hij dat zijn gedrag tijdens de oorlog verkeerd was, maar destijds had hij er geen problemen mee geweld te plegen.

There is nothing sweet in war, war is just destruction,” volgens Junior, en daarom is er geen haar op zijn hoofd die eraan denkt ooit nog een geweer op te pakken en te gaan vechten. Voor niemand. Ook Commander Jim wil nooit, maar dan ook nooit meer iets te maken hebben met legers, geweren en geweld. Behalve als hun voormalige leider, Pa Norman (Samuel Hinga Norman), schuldig wordt bevonden aan oorlogsmisdaden en de rekrutering van kinderen jonger dan 15 jaar bij gewapende groeperingen. De Internationale Special Court is net klaar met de zaak tegen de leider van de Civil Defence Forces, die door vele Sierra Leonesen als bevrijders van het volk worden gezien. De uitspraak wordt verwacht. Wanneer kan ik niet vertellen. Misschien is er al een datum gepland, maar als dat een ‘Sierra Leonese’ datum is zegt dat niet zoveel. Dingen worden hier voortdurend uitgesteld. Soms een paar uur, soms een paar dagen en soms zelfs maanden en maanden.
centrum_kenemaDe spanning onder de Kamajors (de belangrijkste militie binnen de Civil Defence Forces en de focusgroep van mijn onderzoek) stijgt met de dag. Pa Norman is ziek namelijk. Overgevlogen naar Senegal. En dus wordt er heftig gediscussieerd over zijn mogelijke overlijden. Niet dat de man in levensgevaar is, maar je weet nooit. Bovendien zijn er binnenkort verkiezingen, een mogelijkheid voor de Mende (de etnische groep waarvan de Kamajors afkomstig zijn) om meer macht te grijpen. Dan is er nog die vermaledijde uitspraak van de Special Court en tot slot de zaak tegen Charles Taylor die eveneens in juli dit jaar van start gaat.
Vier ingrediënten in een hele spannende tijd, die verschillende groeperingen in de greep houdt en velen van hen meer dan bereidwillig maakt opnieuw de wapens op te nemen. Een gunstig voordeel is dat ze die wapens in Sierra Leone niet hebben. Maar er is spanning en het neemt met de dag toe. Veel van de ex-Kamajors bevinden zich in een uitzichtloze situatie.

Foto: Eric Heupel (cc)

Bericht uit Sierra Leone

Gin zit voor vier maanden in Sierra Leone om onderzoek te doen naar ex-kindsoldaten. Via de mail ontvingen we dit verslag.

Wapenschild Sierra LeoneSierra Leone werd ooit door de Britten gesticht als een kolonie voor bevrijde slaven. Enerzijds de uitkomst van een idealistisch streven van anti-slavernij lobbyisten, anderzijds was het een handige manier om van de arme zwarte vrije slaven af te komen die de straten van Londen onveilig maakten. Slavernij zit dus ingebakken in deze samenleving, maar niet zoals je zou verwachten. De eerste bevrijde slaven die dit land bevolkten besloten zelf in de slavenhandel te gaan om hun bordje rijst te verdienen, toen bleek dat Freetown (ooit de oorspronkelijke kolonie, nu de hoofdstad) niet genoeg mogelijkheden voor inkomsten bood en de contacten met de omringende gebieden (nu behorend tot het land Sierra Leone) moeizaam verliepen.
Uiteraard konden de Britten dit niet laten gebeuren, ze waren inmiddels een wereldwijde anti-slavernij campagne gestart. Maar de Britten zijn er nooit in geslaagd het principe van slavernij uit deze samenleving te bannen. Anno 2007 zijn namelijk veel jongeren onderworpen aan een systeem van moderne slavernij.

De burgeroorlog die Sierra Leone verwoestte heeft een hele generatie van kansloze jongeren opgeleverd, die nu op geen enkele andere manier in hun eerste levensbehoeften kunnen voorzien dan hun diensten aan te bieden aan de eerste de beste die hen onderdak en een schamele maaltijd per dag biedt. In de meeste gevallen slapen de jongeren op de grond in een overbevolkte kamer, worden ze voor alle zware huishoudelijke klussen ingezet en worden ze bot behandeld. Ik ben er zelf meerdere keren getuige van geweest. Ze zijn broodmager en hebben een zorgelijk gezicht. Meestal gaat het om ex-kindsoldaten die een dergelijk lot beschoren zijn. Niet omdat de samenleving hen veroordeelt om hun deelname aan de gevechten, maar omdat de meesten van hen familieleden verloren hebben tijdens de oorlog (wat vaak de directe aanleiding voor hun deelname was), wees zijn, en jaren scholing en ontwikkeling gemist hebben, waardoor ze een marginale positie binnen de samenleving innemen.

Foto: Eric Heupel (cc)

Sudan/Pronk: Karaktermoord of Genocide?

To the Natives of Darfur: Take Two Aspirin, and call us when you're white, Christian and Swimming in Oil!Jan Pronk, die vanaf 2004 als speciale gezant van de VN in Sudan aanwezig was, is niet langer welkom in Sudan. Groot nieuws natuurlijk, de media staan er bol van. Zo kunnen we vandaag in Trouw lezen dat het de Sudanese overheid om de persoon Jan Pronk te doen is, en niet om de aanwezigheid van de VN aldaar. De Elsevier kopt zelfvoldaan dat ‘lastpak Pronk terecht is weggestuurd’, de Volkskrant noemt hem ‘meer een bevlogen onderwijzer en vechtersbaas dan diplomaat’ en bij het NRC kunnen we stemmen op de vermakelijke stelling ‘Pronk heeft het er zelf naar gemaakt‘. En misschien moeten we allang blij zijn dat er in de media überhaupt een kritisch geluid met betrekking tot de situatie in Darfur te lezen valt. Maar helaas valt die kritiek dan weer samen te vatten als een smeuïg roddelkransje. In het woordenboek van de media redacties staat achter diplomatie blijkbaar zoiets als ‘naar de pijpen dansen van een overheid’ en staat bij synoniem voor diplomaat het woord ‘ja-knikker’ te lezen. Dat de kop van Jan Pronk moet rollen is blijkbaar interessanter dan de ontwikkelingen die de aanleiding van zijn uitlatingen vormden.  

 

Want, misschien is het u ontgaan in alle drukte, het geweld laait weer op in Darfur. Ondanks het zogenaamde vredesbestand. En wat u ook van Jan Pronk mag vinden, dat is niet zíjn schuld. Goddank is Minister van Ardenne dan wel onthutst over het besluit van Sudan. Maar Minister van Ardenne is dan helaas weer iemand met een minuscuul beetje invloed op het internationale politiek en militaire vlak. De VN en andere internationale machtsblokken spelen het handige spelletje van de Sudanese overheid braaf mee. De anders zo strijdlustige VS verschuilen zich achter hun andere broodnodige oorlogen. En Jan Pronk mag zijn mond niet meer open doen. Een gat in de markt voor de grote ‘tweede macht’ in deze wereld zou je denken. Maar de media zijn te druk bezig met het ontwerp voor het hakblok waar de kop van Pronk op moet komen te liggen. Welke krant of nieuwsprogramma neemt het op zich om nu eens te vertellen wat er daadwerkelijk allemaal gaande is in Darfur? En wanneer gaan de (internationale) media eens van start met een hetze tegen de Sudanese overheid en de internationale machthebbers die deze genocide mede mogelijk maken?

Foto: Eric Heupel (cc)

Professionals

professional.gifNog geen twee weken geleden schreef ik een stuk over de onderdrukkende bureaucratische dictatuur hier in Nederland en alsof de duvel ermee speelt werden we via de media binnen tien dagen tijd tot twee keer toe getrakteerd op een sterk staaltje represaille. Niet dat het iets met elkaar te maken heeft, maar toch, ik ben blijkbaar niet de enige die zich ergert aan de hautaine, zogenaamd professionele en gestandaardiseerde (lees: onmenselijke) manier waarop instanties en bedrijven tegenwoordig werken. Je kan het je zo gek niet bedenken of het is wel geprofessionaliseerd. Niemand kan meer iets zelf. Niemand denkt meer voor zichzelf. Alles hangt vast aan regeltjes en procedures. Het is om moe van te worden. Of boos. Niet dat ik wil goedpraten dat iemand door middel van een gewelddadige steekpartij zijn frustraties over dit systeem botviert, ik zou niet durven, maar laten we voor het gemak even naar de emoties erachter kijken. Zonder al te diep in te gaan op de wel zeer bizarre uitvoering ervan. En naar het systeem zelf, want eerlijk gezegd vind ik het hoog tijd dat dáár iets aan verandert.

Zo zou ik eens willen beginnen de absurde voorzorgsmaatregelen, die getroffen moeten worden om mensen in publieke functies te beschermen tegen agressie van burgerheethoofden, op de korrel te nemen. De gangbare verklaring is dat agressie in de maatschappij toeneemt. Bescherming is dus noodzakelijk. Maar laten we het eens omdraaien. Regeltjes worden strakker. De mens achter de medewerker verdwijnt. Er is niemand die rekenschap kan of wil geven. Er komen steeds meer regels waar medewerkers zich achter kunnen verschuilen. Er zijn steeds meer instructies die medewerkers leren vooral geen haarbreed toe te geven. En medewerkers worden steeds akeliger in hun houding naar klanten of burgers toe. Er is niemand die verantwoordelijk gehouden kan worden voor fouten. Tien tegen één dat het automatiseringssysteem het gewoon weer eens fout heeft gedaan. En als dat niet zo is, dan is er alsnog geen enkele medewerker die van de hoed en de rand weet. Ergens op een ver hoofdkantoor zit een anonieme kantoorklerk die al die fouten maakt. En deze persoon krijgt de klant of burger niet te spreken natuurlijk. En het erge is nog dat niemand zich afvraagt of die regeltjes allemaal wel zo terecht zijn. Medewerkers schijnen zich niet te realiseren dat ze met echte mensen te maken krijgen. En bedrijven en instanties schijnen zich niet te realiseren dat die regeltjes voor de instelling zelf dan weliswaar reuze handig en tijdsbesparend mogen werken, maar dat de gemiddelde mens nu eenmaal niet standaard is. En dat uitzonderingen die regeltjes altijd bevestigen.

Foto: Eric Heupel (cc)

Pro-ana / Pro Anorexia

Met enige regelmaat biedt Sargasso ruimte voor gastredacteuren. Vandaag een stuk van Gin Hageman. Zij schrijft op haar eigen weblog op zeer eigen wijze over sociale fenomenen, politiek en haar persoonlijke leven. En dit alles in een heel eigen stijl.

Foto extreem magere vrouw (voor en achter)De afgelopen weken heeft het onderwerp Pro-Ana de gemoederen op internet danig beziggehouden. Aanleiding vormde een documentaire in het programma ‘Koppen’ op de Vlaamse televisie, waarin pro-ana websites als een nieuwe, onthutsende trend op internet werd belicht. De bezoekersaantallen op Nederlandstalige pro-ana sites stegen binnen één dag explosief, het aantal tegenhangers tegen dit fenomeen ook. Naast de vele berichten van wanhopige tieners die kotstips zochten en hun bewondering uistpraken voor uitgemergelde modellen, kwamen er ook steeds meer berichten van anti-ana’s, die varieerden van goedbedoelde adviezen tot regelrechte scheldpartijen. Eén ding is duidelijk geworden; het onderwerp pro-ana maakt veel emoties los, en niet eens zozeer onder pro-ana’s zelf.

In de vele verhitte discussies die er nu gevoerd worden over pro-ana is het lang niet duidelijk wat er nu precies onder verstaan moet worden. Het verschil tussen anorexia en pro-ana wordt door velen niet begrepen en ook binnen het fenomeen pro-ana zelf zijn er vele gradaties, vormen en extremen. Oorspronkelijk komt de term pro-ana van het Engelse ‘professional anorectic’ en duidde op een sociale beweging die anorexia als een levensstijl in plaats van een afwijking of ziekte ging beschouwen. Pro-ana’s kwamen in verzet tegen de medische en psychologische wetenschappen, zij stelden dat genezing niet nodig was en gingen in tegen bestaande kennis over het menselijk lichaam en voeding. Wat onder pro-ana verstaan moet worden, verschilt echter zeer van persoon tot persoon.

Vorige