Slippendragers zijn geen democraten
Deze bijdrage is van Thierry Baudet en verscheen op zaterdag 4 juni in NRC Handelblad. Lees het weerwoord van politicologen Tom van der Meer en Sarah de Lange hier.
Alle belangrijke politieke posities in Nederland worden bekleed door partijleden die zich populair hebben gemaakt bij de partijtop. Alle ministers, burgemeesters, Eerste Kamerleden, commissarissen der koningin, prominente gemeenteraadsleden en kandidaten voor internationale baantjes zijn partijpolitici. Zij danken hun positie niet primair aan objectieve deskundigheid of aan een electoraat. Zij danken hun positie aan het handjevol mensen rond de leider van hun partij.
Nooit worden mensen benoemd die geen partijlid zijn. Nooit worden mensen benoemd die zich binnen de partij hebben geprofileerd als buitenstaander. Bijna alle ‘gekozen’ politici – Kamerleden, gemeenteraadsleden, leden van de Provinciale Staten – worden door helemaal niemand gekozen. Zij verwerven hun positie op de slippen van de lijsttrekker of de partijtop. Aan hen wordt vervolgens, vanzelfsprekend, loyaliteit verwacht. Het is nauwelijks een overdrijving om te stellen dat de Tweede Kamer geen 150 onafhankelijke leden telt, maar slechts zoveel leden als er fractievoorzitters zijn. De rest van de Kamer doet allerlei onderzoekswerk, onderhoudt contacten met de achterban en vangt soms de klappen op van impopulaire maatregelen, maar een zelfstandige stem hebben ze niet.




Het kabinet wil de bijstand, de Wajong en de sociale werkplaatsen bijeenvegen, met als uitgangspunt dat arbeidsgehandicapten zoveel mogelijk op de reguliere arbeidsmarkt aan de slag moeten. Tegelijkertijd wordt alle hulp aan arbeidsgehandicapten bij het zoeken naar een baan, of ondersteuning teneinde hun werk te kunnen houden, radicaal wegbezuinigd: in totaal moet met de nieuwe regeling met twee miljard euro minder worden uitgevoerd.

