Tom van Doormaal

338 Artikelen
668 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Egypte, Obama en Carter

carter obama

In Amerika heeft men een nieuw argument om Obama af te breken: hij is net Carter bij het grijpen van kansen. Carter miste de kans om de Shah te steunen en dat leidde tot het Khomeiny-bewind en de weinig vrolijke opvolgers van hem in Iran. Obama is beleefd over Egypte en dat zou wel eens kunnen leiden tot een Islamitisch regime, in plaats van Mubarak, zo luidt de kritiek.

In Nederland reageert men al even behoedzaam: tenslotte is het Egyptische volk zelf aan zet als het gaat om een regeringsvorm. Wel wordt inmiddels wat genuanceerder gekeken naar de verdiensten van Mubarak, die een vredesakkoord met Israel heeft en de Moslimbroederschap als een illegale oppositie uit de buurt van de macht heeft gehouden. Voor het evenwicht in de regio is dat niet zonder betekenis.

Het is wel grappig: de vergelijking met Carter, one-term president, is verwoestend bedoeld, maar is daar reden voor? Carter heeft de ontwikkeling in Iran op zijn beloop gelaten en veel last gehad van de gijzeling van de Amerikaanse ambassade. Toen hij daar zijn eerste en enige militaire avontuurtje tegen begon, vlogen de helicopters tegen elkaar op in de woestijn en flopte de missie. Overigens was Iran al van plan de gijzelaars vrij te laten, maar die afloop werd wat vertraagd om de Amerikaanse presidentsverkiezingen te beinvloeden, hetgeen ook gebeurde. Niet Amerika zorgde voor een politieke verandering in Iran, maar Iran zorgde voor een machtswisseling in Amerika!

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Onbeminde wijken en oplossingen

bijlmerflatHoe lang het begrip Vogelaarwijk nog blijft bestaan, is een kwestie van afwachten. Maar enige research in de geschiedenis van de Bijlmermeer, prikkelde opnieuw mijn aandacht voor de ambivalente verhouding van bestuurders en politici met bepaalde wijken.

Toen ik in de Bijlmermeer werkte had ik te maken met Han Lammers: volgens een mooie anekdote zei hij, geconfronteerd met een of ander probleem: “De Bijlmermeer, ja, zijn dat niet die flats die je ziet vanuit de trein naar Utrecht?”

Later, in Groningen, moest ik iets opbouwends doen met de Indische buurt. Daarover sprekend met de hoofdcommissaris van politie, werd ik patroniserend toegesproken: “Elke stad heeft wel een wijk, waar zich de problemen concentreren. Met de bestrijding daarvan moet je voorzichtig zijn, want je kunt problemen gemakkelijk verspreiden.”

Daar zit iets in, al is het ontmoedigend… Een paar jaar terug, als commissaris van een woningcorporatie, werd ik geconfronteerd met een collega, die klaagde over het feit dat hij door de gemeente werd gedwongen tot sociale investeringen, zonder dat een steen op de andere kwam. Mijn repliek was dat investeren in mensen toch wel aardig was, maar hij klaagde: “Het succes verhuist…” Ook daar zit iets in. Maar is het daarom dweilen met de kraan open? Ik bedoel: de halve wereld heeft een tijd in de Bijlmer gewoond, dus is het zo erg dat het succes verhuist?

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Centrum Ganzenhoef Bijlmermeer : over drugs en vergeten

Kleiburg, een flat in de Bijlmer, is voor één euro te koop, dat bericht roept veel herinneringen bij mij wakker. Ik ben in 1969 getrouwd en in de Bijlmermeer gaan wonen. In 1971 werd ik professioneel betrokken bij de maatschappelijke ontwikkeling aldaar. Met de bewoners-organisatie (OBO) schreef ik een kritiek op de stedenbouwkundige uitgangspunten van de Bijlmermeer. Wij vonden de specifieke Bijlmeraspecten helemaal niks: het meerlagen concept, waardoor wegen werden opgetild en de verkeersoorten gescheiden, de hoogbouw in het parklandschap, waardoor Mokum grote hoeveelheden ongewenste woningen in een niet-stedelijke omgeving aanbood.
Hebben wij met die kritiek de Bijlmermeer indertijd ondermijnd of afgebroken? Ik denk het niet. Toen in 1983 plannen geopperd werden voor een massale sloop, heb ik in het vakblad “Bouw” nog een pleidooi tegen sloop geschreven. De tekorten van de Bijlmer waren toen onmiskenbaar duidelijk geworden , maar het kernprobleem zat m.i. niet alleen in het beton.

Twee impulsen prikkelen mijn herinneringen. De eerste is een reportage over het bureau Warmoesstraat. De gepensioneerde dienders koppelden de komst van de harddrugs naar Amsterdam aan de vrede in Vietnam, waardoor daar de markt voor drugs verdween en een vervangende markt werd gevonden in Amsterdam. In die tijd was op de hoek van de Vijzelstraat en de Keizersgracht een welzijnscentrum voor Surinamers gevestigd. Daar waren grote tekorten ontstaan en de autoriteiten van het toenmalige ministerie van CRM vonden dat het centrum niet langer open kon blijven. Ik was tegen sluiting: als dat centrum dicht was, zou de pas gereed gekomen metro voor een goede verbinding (“in 6 minuten van CS naar Ganzenhoef”) zorgen tussen binnenstad en Bijlmermeer. De stedelijke drugsproblemen zouden zich naar de Bijlmermeer verplaatsen. (Achteraf denk ik dat dat door familiebetrekkingen toch ook wel gebeurd zou zijn.)

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Kunduz en onze politieke zeden

Voor iedereen met een beetje pacifistisch sentiment in zijn lijf, moet het wel voelen als verraad aan de goede zaak, het steunen van de missie naar Kunduz. De scheiding der geesten loopt onbehaaglijk: D66 en GL hadden per motie om een trainingsmissie gevraagd, oude partners CU en PvdA werden uit elkaar gespeeld, het huidige oppositieblok toont grote barsten, PvdA en PVV staan aan dezelfde kant van een scheidingslijn.

Die druiven zijn zuur: zo zuur dat de PvdA sprak van een ‘one-night-stand’ van Sap en Rutte: het kan moeilijk zuurder en kwaadaardiger. Maar voor de oude PSP-ers in Groen Links is het ook niet leuk; zij bereiden zich voor op een stevige interne discussie, als zij al niet in drommen de partij verlaten.
Wat mij bezig houdt is de vraag waar de hartstochten vandaan komen? Om te beginnen bij de PvdA: ik heb eerder gesproken van de Afghanistan-crisis als een bedrijfsongeval. Maar dat beeld verdient bijstelling door Wikileaks: Bos en Verhagen zijn misschien onhandig geweest, maar Bos was slim genoeg om te merken dat hij gepiepeld werd en hield, al of niet op de hoogte van onjuiste manipulaties, zijn rug recht. Soms zijn trucs contra-productief.

En inderdaad; bij de G-20 mocht Nederland niet meer aanschuiven. Maar hoe erg is dat precies? De status van trouwe bondgenoot ben je toch niet zo maar kwijt? Het beeld van Hillary Clinton en de kwispelende Verhagen zit diep. En in de Navo hebben we toch niet alleen een rol als er een Nederlandse Secretaris Generaal zit? Welk Nederlands belang wordt nu precies gediend met het leveren van een inspanning in Afghanistan, waar b.v. de Duitsers en de Amerikanen ongeveer een zelfde wegloopneiging hebben als Nederland?

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Zembla en de hardwerkende illegalen

“De brug naar de PVV is gevaarlijk, maar noodzakelijk”, zo hield CDA-lid Piet Hein Donner het CDA congres in Arnhem voor. Maar wat is er precies “gevaarlijk”? Zembla gaf op 23-01-11 een antwoord met een reportage over medische redenen voor een verblijfsvergunning; het gevaar is het morele niveau van de samenleving, het gevaar is dat de woede over de criminele Marokkaanse schoffies ons morele oordeelsvermogen gaat overheersen.

Hoe erg is dat? Zembla toonde een reeks van voorbeelden van zieke mensen, die volgens de IND behandeld konden worden in het land van herkomst.

Een voorbeeld: een illegale Ghanese met twee kinderen. Zij krijgt een nierprobleem, moet aan de dialyse en krijgt uiteindelijk een donornier van een ingevlogen familielid. Na de operatie moet zij medicijnen hebben tegen afstoting, maar de donornier doet zijn werk en zij maakt het goed. ‘Maar mevrouw was illegaal, dus verdere behandeling doet u maar in Ghana’, zegt de IND. De dienst beschikt voor de expertise op medisch gebied, over een groep basisartsen, die advies geven.             De wakkere jurist van de nierpatiënte gelooft het niet zo en besluit maar eens wat te bellen naar Ghana. De medicatie tegen afstoting is nauwelijks bekend, dus de nier zal zij verliezen na terugkeer. En dan? Dan moet er weer gespoeld worden en dat kost 300 dollar per keer. De rijkste Ghanees zou er van schrikken. Maar zo blijkt de wakkere jurist: de medische adviseurs mogen niet naar de draagkracht van de patiënt kijken, of naar de praktische realiseerbaarheid van de behandeling. Hoe ze dan van de IND of de Minister wel moeten kijken is een raadsel. De instructies zijn onbekend, de adviezen hermetisch en de adviseurs zijn niet direct bereikbaar.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Het lawaai van vallende bladeren

havelNiet iedereen heeft het jaar 1989 nog paraat. De Polen hadden tien jaar vakbondsstrijd nodig om van het communisme verlost te raken, in Hongarije duurde het tien maanden, in de DDR tien weken, in Tsjecho Slowakije slechts tien dagen. De voorman van de ‘fluwelen revolutie’ was de wat verstrooid ogende, kettingrokende Vaclav Havel, de toneelschrijver, die via massale demonstraties met rinkelende sleutelbossen tot president werd gekozen.

Het was een buitengewoon jaar in de geschiedenis. Ik reisde, met enige opwinding, naar het Zuid-Duitse Hof,waar een eerste grenspost open ging, rook de tweetakt uit pruttelende uitlaten van eindeloze files pastelkleurige Trabantjes, die met piepende remmen op hun beurt wachtten voor het passeren van de grens, om vervolgens hun “Besucher-geld” (DM 100) af te halen en bij de plaatselijke kruidenier om te zetten in sinaasappels en andere westerse heerlijkheden.

Waarom was dat zo opwindend?

Na de instorting van Hitler’s duizendjarige rijk, duurde het even voordat de communisten in Tsjechoslowakije de macht grepen. (1948) Na twintig jaar stilstand poogde Alexander Dubcek het “socialisme een menselijke gezicht te geven”; een mooie ironische formule, want het socialisme ging toch om een humane bevrijding uit de kille relaties in het onversneden kapitalisme? De Russen vonden de Praagse Lente niet goed: tanks rolden Praag binnen en Dubcek werd tuinman in plaats van de moderne leider van Tsjechoslowakije. (1968)

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Retoriek en realiteit

where law ends tyranny begins“De politiek bevindt zich altijd in een spanningsveld tussen retoriek en realiteit. Dat kan niet anders. Wie draagvlak wil maken voor beleid, wie beleid wil laten werken, moet laten zien de realiteit te kennen. Maar hij moet ook een perspectief kunnen schetsen, de suggestie van een oplossing voor reële problemen. Daarbij is de retoriek een onmisbaar hulpmiddel: zonder retoriek geen overtuiging.”  Deze woorden sprak Han Noten, senator voor de PvdA in de Eerste Kamer. En hij vervolgde, wat oppositioneler:

“Dit kabinet is als geen van zijn voorgangers gebaseerd op retoriek. Veel retoriek, voorzitter, buitengewoon veel retoriek, maar waar is de realiteit?”

Politiek is taal. Die taal is er niet milder op geworden. Is dat slecht? Betrekkelijk: als Wilders een minister “knettergek” noemt, of een begroting “een flutstuk”, dan  verheldert dat. Maar het wordt lastiger als wordt gedemoniseerd:  Pim Fortuyn kon het niet navertellen, Theo van Gogh evenmin. De eerste provoceerde links, de tweede de Islam.  Gestoorde gekken pleegden de moorden, zeiden we, om te vermijden dat zij de eerste gevallenen werden in een burgeroorlog. Als nasleep daarvan wordt Wilders nog steeds beveiligd en week Ayaan Hirsi Ali uit naar de USA. De schietpartij in Tucson had mogelijk ook iets te maken met de giftigheid van de politieke debatten in Amerika.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Politie trainen in Afghanistan

Wat doe je, als volksvertegenwoordiger zonder last of ruggespraak, met de brief over de geintegreerde politietrainingsmissie in Afghanistan? Ik zou zeggen: in alle eigenwijsheid, een beetje los van de kortetermijn belangen en overwegingen, proberen een eigen oordeel te vormen. Brief DVB/CV-002/11 van 7 januari is 21 pagina’s lang. Maar daarmee is niet gezegd dat de brief de informatie bevat die je zoekt.

Eigenwijsheid moet. Wat is het doel van de missie? Dick Berlijn zegt in Pauw en Witteman dat het onderwijs is vervijfvoudigd. Dat is een mooie bijdrage aan de moderniteit; laten we daar nog een verdubbeling in te weeg brengen. Of laten we zorgen dat de gezondheidszorg effectiever wordt.

Maar dat is niet het doel. De regering wil een “effectieve en zinvolle bijdrage die voorziet in duidelijke en urgente behoeften. Substantiële verbetering van het functioneren van de civiele politie maakt een succesvolle geleidelijke overdracht van de verantwoordelijkheid aan de Afghaanse autoriteiten mede mogelijk.”(p.4)

Zo’n woordje “mede” brengt een rood waas voor mijn ogen: het is de ambtelijke voorzichtigheid, die ik goed ken; je hebt nooit een-op-een causale verbanden, dus je houdt altijd een slag om de arm. Kom op: helpt een substantiele verbetering van het functioneren va de politie nu wel of niet? Is het een noodzakelijk of voldoende voorwaarde daarin te investeren, om tot een stabiele Afghaanse staat te kunnen komen?

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Het vuil, de media en de elite

Soms is de politiek geen onschuldige hobby. In Amerika trek je gekken aan die de symbolen van Palin (de kruisdraden van een vizier) wat te letterlijk nemen. Het politieke debat heeft daar veel van een burgeroorlog, waarbij nog net geen geweld wordt gebruikt. Soms slaat een gek toe.

In Nederland kwam Fortuyn om door een links warhoofd, Theo van Gogh door een islamitisch warhoofd. Is het de prijs die naamsbekendheid nu en dan vraagt? Een teken van hoop is dat de geblokte sheriff in Tucson/Arizona, zonder dat de verdachte van de schietpartij een verklaring had gegeven voor zijn handelen, het rabiate politieke discours in Amerika als de oorzaak aanwees.

In Buitenhof trad (9 jan) de directeur van het SCP, Paul Schnabel op: hij zag een grote ik-gerichtheid en een weinig dappere elite. ‘Met mij gaat het wel goed, maar met het land niet’, vatte hij de bevindingen van het onderzoek samen. De remedie volgens hem: een elite die eerlijker is over de boodschappen, die moete worden gebracht. Het was wel boeiend, maar het lukte niet om het thema van me af te zetten. Ook in ons politiek debat is de toon verhard, zie de zure kolommen van Martin Bosma, die steeds meer aan senator McCarthy doet denken, in de NRC. Wat is er precies?

In mijn archief vond ik een artikel in de NRC met de kop, die Schnabel bijna letterlijk uitsprak: “Mij gaat het goed, maar de wereld niet.” (8 sept.2009) Elchardus, die hier zijn Rob lezing samenvat, spreekt over de kloof die ontstaat tussen de privésfeer en de publieke sfeer. Hij ziet die veroorzaakt door de de-traditionalisering, het einde van de ideologie. Dat het tijdperk van de ideologie zou aflopen, werd al in de jaren zestig door Daniel Bell aangekondigd. Maar van betekenis is natuurlijk vooral dat de rol van allerlei bemiddelende en verbindende sociale structuren afnam, van kerken, vakbonden, politieke partijen en dergelijke. Ontideologisering en ontzuiling werden bij ons vaak in een adem genoemd.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Kastelen van herinnering


Het nieuwe boek The Memory Chalet van Tony Judt is uniek: iets tussen memoires, geschiedenis, politiek en filosofie in. Ik heb het ademloos uitgelezen. Hij maakt herinneringen los, waarvan ik het bestaan al lang vergeten was. Hij stelt vragen, die alsnog verbazen: waarom is mij dat nooit eerder opgevallen? Zijn vertellingen hebben een spanning, die voortkomt uit het ontstaan ervan.

Het gaat om dictaten na slapeloze nachten. In “Night” verklaart hij het ontstaan van deze verhalen. Judt werd een paar jaar geleden gediagnosticeerd als ALS patiënt en was sinds 2009 hulpbehoevend, totaal verlamd, permanent beademd, zonder pijn, met een normaal werkend verstand. Zijn nachten zijn soms rampzalig: moet je nu al weer roepen in de babyfoon, terwijl je alleen maar even gekrabd wilt worden of een arm of been verlegd wil hebben? Dit gevecht met lichamelijk ongemak bestrijdt hij door te harken in zijn brein. Zijn geheugen, zijn vermogen tot expressie, zijn ordenende en analytische scherpte zijn niet aangetast door zijn ziekte. Mogelijk namen zij zelfs nog in kracht toe. Zolang hij nog verstaanbaar kon spreken dicteerde hij ’s ochtends wat hij in de nacht had bedacht. Hij is in augustus 2010 overleden.

Wat betekent herinnering? Voor de individu kun je te rade gaan bij Dick Swaab of Douwe Draaisma: je bent je levensverhaal. Dat is meer dan je je kunt herinneren, maar de gedachte dat we alles kunnen onthouden lijkt onjuist. Ook bij Oliver Sacks kom je identiteit als levensverhaal tegen: je bent wat je kunt vertellen over je verleden, je ervaringen, je vakkennis en vaardigheden. (Als je het niet meer kunt vertellen, vervaagt ook je identiteit, zoals ik bij mijn dementerende vader heb kunnen ervaren.)

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Naar een Arthur-Lehning-stichting?

Over “Op zoek naar vrijheid” van Femke Halsema

Wie zoekt niet naar vrijheid? In mijn prille studentenbestaan in 1965 constateerde Lucas van der Land in het eerste nummer van Acta Politica dat het begrip vrijheid te veel betekenissen krijgt, niet alleen in actuele discussies, maar in de gehele ideeëngeschiedenis. Verwarrend is dat de voorliefde voor vrijheid vroeger tot meer overzicht leidde dan nu.

Vrijwel alle revoluties zijn uit naam van de vrijheid uitgevochten, er is een VVD, er is een PVV, ook in de PvdA zijn vrijheid en gelijkheid kernbegrippen in het politieke denken. De Franse Revolutie ging om vrijheid, gelijkheid en broederschap. Daar zijn wij erfgenamen van. De Amerikaanse revolutie had een veel minder sociaal gekleurd vrijheidsbegrip, dat vooral gericht was op ruimte voor je zelf, voor ondernemerschap en markt. De Franse revolutie had een socialer inhoud.

Liberalen vinden dat zij het alleenrecht hebben op vrijheid. Maar de politieke overeenkomsten tussen bijvoorbeeld Halsema en Wilders, allebei wel voor de vrijheid, zijn toch maar klein. En hebben Rutte en Halsema het over dezelfde dingen, als zij over vrijheid spreken? Bij haar vertrek zei Marc Rutte in Femke Halsema een moderne, liberale politica te zien. Ik vroeg mij hier terloops af waar dat hemzelf plaatst. Ziet hij zichzelf als een ouderwetse liberaal? Een conservatieve liberaal? Misschien zelfs een libertaire liberaal? Daarover moest ik nadenken.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Optimisme als plicht

Sargasso's week van het hardnekkig optimismeBij haar afscheid noemde Femke Halsema de filosoof Popper. Hij had ooit “optimisme een plicht” genoemd. Halsema maakte geen opgewekte indruk, zodat het citaat een beetje leek op een uitwijkactie om haar teleurstelling mee te verbloemen. Maar de formulering bleef bij mij hangen.

Na enig zoeken vond ik de tekst, in een speech van Popper uit 1992:

“Before I finish, I should just like to clarify this phrase, “Optimism is a duty”. The future is open. It is not fixed in advance. So no one can predict it – except by chance. The possibilities lying within the future, both good and bad, are boundless. When I say, “Optimism is a duty”, this means not only that the future is open but that we all help to decide it through what we do. We are all jointly responsible for what is to come. So we all have a duty, instead of predicting something bad, to support the things that may lead to a better future”. (p.143/144)

Ook in een interview in Der Spiegel liet Popper zich zo uit: “Optimism is a duty. One must focus on the things that need to be done and for which one is responsible.” (p.135)

Vorige Volgende