Anti-vloekborden ontsieren de velden

GeenCommentaar heeft ruimte voor gastloggers. Dit keer is dat Grootinquisiteur, die onderstaand stuk eerder schreef voor zijn eigen blog.

Voetbal

Aan burgemeester Stefan Hulman van Den Helder de twijfelachtige eer om komende zaterdag het tweehonderdste anti-vloekbord langs een voetbalveld te mogen onthullen. ‘Een vloek mist ieder doel’, liegt de tekst op dat bord quasi geestig. Als hij burgemeester van álle Heldenaren wil zijn, had Stefan Hulman zich uiteraard nooit tot dit gebaar moeten laten verleiden. Waar ging het mis?

Voor alle duidelijkheid: Grootinquisiteur propageert niet dat iedereen maar met veel verbaal geweld door het leven moet gaan. Grootinquisiteur vindt echter wel dat mensen zelf moeten kunnen uitmaken wat goed voor ze is. Gedragscampagnes gericht op het publieke domein zijn, als ze religieus zijn geïnspireerd, in het seculiere Nederland maatschappelijk ongewenst. En het past burgemeesters niet om zich actief te scharen achter dergelijke dwingelandij, zich kritiekloos op te werpen als vertolker en daarmee een stem te geven aan een onverdraagzame religieuze minderheid.

Bemoeizuchtige overheid
Burgers worden zo langzamerhand doodmoe van alle geboden en verboden waarmee de overheid ze om de oren slaat om hun gedrag te beïnvloeden. Roken in het café mag niet. Je moet juist weer wel twee keer per week vette vis eten, omdat dat goed voor je is, ook al zijn de wereldzeeën nu al bijna leeg gevist. En dan word je vanaf zaterdag ook nog eens voorgelogen als je je op het voetbalveld op sportieve wijze probeert te ontspannen. De burgemeester wordt bedankt!

De leugen regeert
Want glashard liegen, dat is waar de Bond tegen het vloeken burgemeester Hulman willens en wetens toe aanzet door hem een bord te laten onthullen met de tekst ‘Een vloek mist ieder doel’. Graag introduceer ik op deze plaats Piet van Sterkenburg, tot januari 2008 als hoogleraar lexicografie verbonden aan de Universiteit van Leiden. Wat het vloeken betreft heeft professor Van Sterkenburg ‘er voor doorgeleerd’, zal ik maar zeggen. Hij was begin dit jaar nog uitgebreid in het nieuws met recent onderzoek naar vloekgedrag in Nederland en België. In Justitiële Verkenningen nr. 3 van 2003 stelt deze erudiete wetenschapper: “Wat wel onomstotelijk lijkt, is dat vloeken en verwensingen onuitroeibaar zijn, omdat ze buitengewoon functioneel zijn. Zij voorkomen hartinfarcten en ander lichamelijk of geestelijk ongemak. Vloeken is dus goed voor de gezondheid en voorkomt dat justitie nog meer geweldsdelicten moet oplossen. Immers, wie vloekt gaat meestal niet op de vuist!” (P.G.J. van Sterkenburg: Vloeken; hedendaagse uitdrukkingsvormen en veranderingen).

Als een integer wetenschapper na jaren van studie tot deze conclusie komt, is de claim van de amateurs van de Bond tegen het vloeken, ‘dat een vloek ieder doel mist’, volstrekt onhoudbaar. Sterker nog: wat de Bond propageert gaat in tegen het belang van onze Nederlandse samenleving: minder vloeken draagt niet bij aan het terugdringen van de kosten van de gezondheidszorg en het verminderen van fysiek geweld.

Hoe komt het toch dat deze mensen, van de Bond tegen het vloeken, zo kritiekloos tegemoet worden getreden dat zelfs burgervaders zich argeloos voor het leugenkarretje van de religieuze onverdraagzaamheid laten spannen? Gaat het verstand op nul, zodra het woord ‘God’ valt? Heeft de gemeente Den Helder dan geen enkele medewerker die enig rationeel verweer tegen de religieuze verdwazing in stelling kan brengen? Hoe grenzeloos naïef moet je zijn om in dit soort leugens te trappen?

Mogelijk is er dit aan de hand: het verwarren van stevig taalgebruik met de hufterigheid van omstanders langs de lijn, die de voetballers – nog kinderen soms – op luide toon proberen aan te zetten tot onsportief spel, of die zich tegen de scheidsrechter keren. Ergerlijk gedrag waar je deze spelbedervers op mag aanspreken. Maar dat heeft niets uitstaande met vloeken. Een vloek is niet per se tegen anderen gericht. En ook zonder vloeken kun je de tegenstander de meest verschrikkelijke dingen toewensen. Een ordinair misverstand dus, waar de Bond tegen het vloeken maar al te graag garen bij spint. Die wil immers enkel een wit voetje halen bij u-weet-wel-wie.

Taalverruwing
Het Noordhollands Dagblad meldt dat in Nederland al zo’n tweehonderd voetbalverenigingen een dergelijk bord langs de lijn hebben geplaatst. Maar ook op andere locaties dan het voetbalveld blijf je niet gespaard voor het kreupelrijm en de leuzen waarmee de Bond voor iedere tak van sport maatwerk levert. Voor tafeltennissers: ‘Grove taal smashen we uit de zaal’. Voor handballers: ‘Hou je taal in de hand’. Op maneges: ‘Beteugel je taal, vloek niet!’ En voor de darters in het sportcafé: ‘Vloeken? Pijlsnel afleren!’

Een organisatie die borden met zulke treurige spreuken plaatst, verdient geen aanmoediging van gemeentewege en geen ‘beloning’ door de komst van de burgemeester. Bij dergelijke taalverruwing past bescherming van de burger met een duidelijke gemeentelijke verordening, gekoppeld aan stevige handhaving.

Dat wordt dus zaterdag overwerken op het stadhuis, Hulman!

  1. 1

    Als incidenteel maar hartstochtelijk vloeker ben ik een groot fan van de Bond Tegen het Vloeken. Het bevrijdende effect van vloeken wordt veroorzaakt doordat het eigenlijk niet hoort. Dus hoe harder de strijd tegen het vloeken, hoe lekkerder het wordt.

  2. 4

    Anti discriminatoe borden ontsieren de straathoeken.
    In Amsterdam heb je op bijna elke straathoek een bord met teksten als:
    Bedreigd? melden helpt.
    Afgewezen? melden helpt.
    Geweigerd? melden helpt.

    Deze borden ontsieren het straatbeeld.
    Voor alle duidelijkheid: Ik propageer niet dat iedereen maar met veel verbaal geweld door het leven moet gaan. Ik vindt echter wel dat mensen zelf moeten kunnen uitmaken wat goed voor ze is.

  3. 6

    @5: Goed idee. Die slapjanussen van het MDI proberen alleen met mailtjes en rechtszaken discriminatie terug te dringen. Het wordt hoog tijd, dat zij op modernere methoden, die sinds kort weer onder de vrijheid van meningsuiting vallen, gewezen worden om hun doel te bereiken.