Je pruttelt wat mee met lichamen

Foto: Uitgeverij Pluim - Lieke Marsman - foto Tom Cornelissen.

Sommige schrijvers zijn goed in ieder genre, ook dat van het automatisch antwoord. Een paar jaar geleden kregen correspondenten van Lieke Marsman in de zomer te lezen: ‘met vakantie tm 31 augustus, voor dringende zaken kunt u het best iemand anders mailen.’ Ik denk sindsdien even aan haar als ik in de zomer een mail krijg met een autoreply.

Ik bewonderde haar als schrijver, en niet alleen van autoreply-berichten, en leerde haar als persoon kennen in 2017, via een project over het sonnet voor Neerlandistiek. Ik vroeg 14 dichters een nieuw, 21e eeuws sonnet te schrijven; zij schreef dat ze dat wel wilde doen, al vond ze in opdracht schrijven heel lastig, ‘maar misschien dat zo’n vormopdracht makkelijker is dan een opdracht nav inhoud’. Een paar maanden later meldde ze dat er ‘roet in het eten was gekomen, namelijk kanker’, maar ze schreef uiteindelijk toch een, omgekeerd, sonnet, We verdampen tot we condenseren.

We verdampen

Het zijn rare tijden, jaargetijden
veranderen en vermijden een confrontatie
met vakantie.

Je pruttelt wat mee met lichamen
die druipen, ijlen, kwijlen, schijten.
Een koor in mineur, dat zachtjes brult:

Je lijf is ziek, maar je wordt beter, het zal slijten.
Je zult stiller in het gras liggen en slanker,
uitgemergeld chique bezoek ontvangen. Maar kanker
heeft geen kalender, dus heb geduld.

We verdampen tot we condenseren
en ook rampen zijn gemaakt van feiten.
Je hoeft ze er alleen maar uit te destilleren.
Je wordt beter. Het zal slijten.

Vervolgens bleven we onregelmatig in contact, via e-mail en Twitter-DM’s, waar we onder andere allebei korte tijd deel uitmaakten van een groepje dat in het geheim een woke complot ontwikkelde om de wereld omver te werpen. Daar is het niet meer van gekomen.

Toen ze in 2021 Dichter des Vaderlands werd — de inauguratie vond in de verlaten LocHal in Tilburg plaats, zonder publiek, want het was corona en er was de roet in het eten en het stormde — nodigde ze mij uit als gesprekspartner, omdat ze tijdens haar DdV-schap aandacht wilde vragen voor het onderwijs.. Het staat misschien ergens op internet, maar ik kan het niet vinden. Ik schreef daarom meerdere stukken over ‘Lieke Marsman voor de klas‘, waarbij ik bedacht hoe je haar DdV-gedichten direct kon omzetten in lesmateriaal. Zo leerde ik ook haar vader Fred kennen, die leraar was en een literatuurmethode (Marsman Literatuur) had geschreven waarin hij, onder veel meer, materiaal van zijn dochter verwerkte. Gisteren, toen ik het nieuws hoorde van Liekes dood, dacht ik ook aan Fred.

Ze was voor alles open. In een wereld waarin mensen die zich onafhankelijk denker wanen die status vooral ontlenen aan het feit dat ze schrijven wat Elon Musk vindt, had zij een manier om echt onafhankelijk te zijn. Ieder boek schreef ze met hoofd en hart, lichaam en ziel. Ze kon net zo makkelijk over haar kanker schrijven als over Wittgenstein, over voetbal als over de goddelijke genade. En over ufo’s. Zonder dat het raar voelde, want voor haar was op de een of andere manier niets raar. Volgende week verschijnt haar laatste boek, De dichter en de duivel dat vast ook weer vol oorspronkelijke gedachten is en levenslustig en vol opmerkelijke observaties over alles.

Toen ik in 2017 Het tegenovergestelde van een mens las van deze toen 26-jarige vrouw, vond ik het een van de beste Nederlandse boeken van de 21e eeuw. Ik heb het een paar keer herlezen, ik vind het nog steeds. Het is een boek dat liet zien dat Marsman als geen ander lyriek een functie wist te geven in de onontkoombare werkelijkheid van klimaatverandering, lichamelijkheid, eenzaamheid, en wetenschap. Ze was op haar best als ze verschillende genres mengde: essay, verhaal, gedicht.

Nu moeten we dus voorgoed iemand anders mailen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

| Registreren

*
*
*