Vrijheid van Godsdienst of Recht op Vlees?

En plotseling is het er dan: een meerderheid voor een verbod op onverdoofd slachten. De draai van de VVD, en alhoewel de partij daar nog niet helemaal over eens is, de PvdA, heeft de Joodse en mindere mate de Islamitische gemeenschap erg verbaasd. Op het laatste moment roepen ze nu op om het verbod tegen te houden.

Laat ik eerlijk zijn: ik geloof niet dat onverdoofd slachten een halszaak voor dierenliefhebbers zou moeten zijn. Of je een koe nou ombrengt door een kogel door zijn brein (dat is namelijk de verdoving) of het doorsnijden van een slagader, wordt het dier so wie so geslacht om onze vleesverslaving te voeden. En is het niet een veel belangrijker hoe het dier daarvoor geleefd heeft? Onverdoofd slachten, dreigt, net als mega-stallen uit te groeien tot een kroonjuweel van de dierenwelzijnsbeweging.Ze houden daarmee af van de belangrijke vragen rond vleesconsumptie en de bio-industrie.

Maar dat is niet het argument dat de Rabbijnen aandragen: zij beroepen zich op godsdienstvrijheid. Maar kan je je op godsdienstvrijheid beroepen om uitzonderingen te bedingen op wetgeving?

In de eerste plaats betekent godsdienstvrijheid dat mensen vrij zijn om te geloven wat ze willen en hun geloof te belijden. De overheid mag mensen niet belemmeren om het enkele feit dat ze bepaalde religieuze opvattingen hebben, en handelingen mogen niet verboden worden omdat ze een bepaalde religieuze betekenis hebben. Zoals Locke stelt in zijn Letter Concerning Toleration: als het toegestaan is om in thuis met mensen brood te eten en wijn te drinken, dan moet je ook een eucharistie-viering toe staan, waarbij Christenen brood eten en wijn drinken en geloven dat dat het lichaam en bloed van Christus is, niet verbieden Maar Locke gaat een stap verder: als het legaal is om thuis een kalf te slachten, dan kan je een offer ook niet verbieden. Maar het is niet legaal om thuis een kalf te slachten, onder andere vanwege dierenwelzijn. De Nederlandse Grondwet heeft hier een mooie formulering voor: “Ieder heeft het recht zijn godsdienst of levensovertuiging, individueelof in gemeenschap met anderen, vrij te belijden, behoudens iedersverantwoordelijkheid volgens de wet.” Godsdienstvrijheid is in de eerste plaats bedoelt om te voorkomen dat de overheid mensen op basis van hun religie vervolgt. Dat is de kern van het liberale begrip van de vrijheid van godsdienst.

Nu wordt godsdienstvrijheid aangehaald om de vrijheid van religieuze groepen uit te breiden en hen uitzonderingen te geven op wetgeving. Het perverteren van Grondwettelijke bepalingen is niets nieuws: neem de bepaling “De Koning is onschendbaar; de ministers zijn verantwoordelijk.” In het verleden betekende deze precieze zin dat de Koning mocht doen wat hij wilde en daar geen verantwoording over hoefde af te leggen. Sinds het einde van de negentiende eeuw betekent dit juist dat de overheid niets macht omdat hij geen verantwoording hoeft af te leggen.

Naar welke notie van Godsdienstvrijheid moeten we kijken om het beroep van de Rabbijnen te rechtvaardigen? In de multiculturele traditie is veel kritiek geleverd op het liberale idee van godsdienstvrijheid. De kritiek is op twee gronden geformuleerd: ten eerste dat in een liberale samenleving waar de overheid niet ingrijpt op culturele onderwerpen, kleine culturele gemeenschappen onder druk staan: culturele gemeenschappen zijn heel waardevol voor individuen om zich vrij te ontplooien. Maar als de overheid niet optreedt dan verdwijnen ze onder druk van economische krachten. Mensen stoppen met het spreken van hun spreektaal, omdat het handiger is op de arbeidsmarkt om de dominante taal te spreken. Om die culturele gemeenschappen te beschermen moet de overheid bijzondere zorg dragen, bijvoorbeeld door zo’n streektaal verplicht te onderwijzen. Het tweede is dat bepaalde regels onbewust bepaalde normen in zich dragen: dat winkels op zondag dicht zijn bijvoorbeeld, dat heeft voor weinig mensen meer religieuze betekenis, maar het beperkt een islamitische bakker wel, omdat hij juist op zaterdag dicht zou willen. Kortom: niet ingrijpen kan onbedoeld religieuze gemeenschappen bedreigingen en regels kunnen onbedoeld religieuze gemeenschappen beperken.

Is daar hier sprake van? Bestaan deze uitzonderingen om Joodse en Islamistische gemeenschappen te beschermen tegen mainstreaming of blijkt uit ons verbod op onverdoofd slachten een bepaalde religieuze opvatting? Dwing je mensen om niet-Joods of niet-Islamitisch te handelen om zichzelf te handhaven in onze Nederland? De voorbeelden die betrekking hebben op de arbeidsmarkt werken het beste: als je het religieuze mensen onmogelijk maakt om deel te nemen aan de arbeidsmarkt, dan dwing je ze eigenlijk om tegen hun religie in te handelen willen ze overleven. Dat lijkt me hier niet het geval. Mensen hoeven geen vlees te eten, dat is niet noodzakelijk om te overleven. Je kan je dus nog steeds kosjer eten als je als vegetarisch eet. De fundamentele vraag is dus niet of godsdienstvrijheid of dierenwelzijn belangrijker is, maar of er een fundamenteel recht is om vlees te eten. En dat lijkt me niet het geval.
[cmon]

  1. 1

    “Sinds het einde van de negentiende eeuw betekent dit juist dat de overheid niets macht omdat hij geen verantwoording hoeft af te leggen.”

    Volgens mij moet hier staan:

    “”Sinds het einde van de negentiende eeuw betekent dit juist dat de koning niets mag omdat hij geen verantwoording hoeft af te leggen.”

  2. 2

    En dat is dus dan wel ook wel grappig wand aleen omdat hun dan in god geloven die is dan ook wel is allah en dan alleen daarom moeten ze dan dus die schapen en dan ook wel is die geiten dan doodsnijden en dan dus dat dan wel zonder verdoving en dan dus schreeuwt die geit van beeeeh en dan schreeuwt ook dat schaap dan dus van beeeeh en dan gaan ze dus door die hals en dan gaat dan die geit doodbloeden en dan gaat dus dan ook dat schaap doodbloeden en dan heb je ook mensen die dat niet lekker vinden en dan heb je ook vegetariers en dan eten die geen gehaktballen en ook geen varkenslapje en ook geen carbonade en ook geen spek en ook geen biefstuk en ook geen kabeljouw en ook geen hamburger en ook geen kippevleugel en ook geen sardientje en ook geen rundergoelasj en ook geen bicmac en ook geen kippedij en ook geen kalkoen en ook geen haring en ook geen filee amerikan en ook geen gelderse worst en ook geen hemaworst en ook geen visstick en ook geen salami en ook geen rollade en ook geen rosbief en ook geen paardebiefstuk en ook geen reerug en ook geen zalm en ook geen servelaat en ook geen leverworst en ook geen chorizo en ook geen ham en ook geen mergpijp en ook geen soepballetjes en ook geen leverkaas en dan moet je dus soja eten en ook wel is noten en ook wel is oude kaas en ook wel is jonge kaas en ook wel is kwark en ook wel is tofu en ook wel is bruine bonen en ook wel is tuinbonen en ook wel is brie en ook wel is sperziebonen en ook wel is erwtjes en ook wel is kikkererten en ook wel is pompoen en dan moet je wel uitkijken dat je dan dus wel genoeg stoffen krijgt anders ga je dan dus wel dus dan flauwvallen en dat heb je soms.

  3. 4

    Ernst Jan is een soort Hubert Both, maar dan van iemand die werkelijk niks beters met zijn tijd te doen heeft dan dit allemaal uittikken.

    Daarom heeft Ernst Jan op Sargasso een keiharde BAN.

  4. 6

    Misschien is het wel een echte bot, weet ik veel. Hij lijkt me gewoon net iets te goed op het onderwerp, maar misschien hebben ze daar een connotatieve formule voor geprogrammeerd.

  5. 7

    “Ze houden daarmee af van de belangrijke vragen rond vleesconsumptie en de bio-industrie.”

    Simpelweg: nee. Er zijn veel constructieve bezwaren geuit tegen de bio-industrie, maar zolang gewetenloze partijen als de VVD en CDA, het hypocriete PVV en de goddelozen van SGP hun hoofd in het zand steken, is er weinig aan te doen.

  6. 8

    @7

    Het CDA en de SGP zijn vrij pragmatische partijen. (Ook al heeft de SGP dat imago niet).
    Je zou makkelijk hun steun kunnen krijgen als je er iets terug voor zou geven. Compromissen maken heet dat.

    Vergeet niet dat de PvdA de stekker uit het vorig kabinet heeft getrokken.

    Een christelijk-linkse alliantie is altijd mogelijk in Nederland en kan altijd op een zeer ruime meerderheid rekenen, maar links wilt nooit comprimeren en rechts wel, dus krijg je meestal een christelijk-rechtse coalitie.