Een vuist tegen uitwisselen passagiersgegevens
Een gastbijdrage van Judith Sargentini, lid van het Europarlement (GroenLinks).
Hoe ver kun je gaan met het uitwisselen van passagiersgegevens onder het mom van veiligheid? We voerden maandagavond een debat hierover in het Europees Parlement. Er ligt op dit moment een ontwerpafspraak van de Europese Commissie met Australië voor een nieuwe overeenkomst over Passenger Name Records (PNR) en er wordt gesproken over een verdergaande PNR-overeenkomst met de Verenigde Staten.
Ik heb, samen met mijn collega’s van de Europese Groenen daar grote bezwaren bij: De gegevens zouden vijf tot vijftien jaar bewaard moeten worden en profiling (het bepalen of iemand een risico vormt op basis van zijn kenmerken, bijvoorbeeld halal eten) wordt niet verboden. Los daarvan is de noodzakelijkheid van de maatregelen niet aangetoond.
Grote vraag blijft nu: Kan en wil het Europees Parlement een vuist maken en de privacy van vliegtuigpassagiers beschermen?
Ik vind PNR niet proportioneel: de inbreuk op de privacy staat niet in verhouding tot het nut van het uitwisselen van gegevens. Helemaal niet als blijkt dat de verantwoordelijke Eurocommissaris Malmström niet eens kan aantonen dat het uitwisselen van de PNR-data ook daadwerkelijk helpt om de veiligheid te verbeteren.
Inmiddels hebben ook verschillende andere instanties, waaronder de juridische diensten van de Europese Commissie en de Raad van Ministers, het Europees Grondrechtenagentschap en de Europese Dataprotectieautoriteit al laten weten dat ze bezwaren hebben tegen deze PNR-overeenkomsten. Ook het strenge Duitse hooggerechtshof zal de PNR-overeenkomst niet zomaar laten passeren als we die vergelijken met eerdere beslissingen over grondrechten.

