Inkomensongelijkheid in de auto-industrie

Waarom verdienen de CEO's van Amerikaanse en Europese autofabrikanten zo veel meer dan hun Japanse tegenhangers? Op 25 juni stond er een interessant grafiekje in de Nikkei Shimbun, het zakendagblad in Japan. Het grafiekje toonde wat de topmensen in de auto-industrie in 2013 hebben verdiend. Sergio Marchionne, de baas van Fiat Chrysler, verdiende het meest en wel 22 keer meer dan zijn tegenpool bij Honda, Takanobu Ito. En dat terwijl Marchionne de laagste winst wist te genereren van de acht genoemde global players en bij lange na niet de meeste auto's produceert. Nikkei maakte het grafiekje omdat de dag tevoren Nissan zijn aandeelhoudersvergadering had gehouden. De beloning van topman Charles Ghosn zorgde voor commotie in de Japanse pers. Ghosn was namelijk alweer de best betaalde topmanager onder de bedrijven die aan de Japanse beurs staan genoteerd, en wel - naar Japanse maatstaven – met een uitzonderlijk hoog bedrag. Dan te bedenken dat meneer Ghosn in zijn eigen tweelingrol bij het Franse Renault nog eens 2,17 miljoen euro incasseert. Opvallend groot is verder het contrast tussen de twee Japanse bestuursvoorzitters (Toyota, Honda) en al de andere autobazen.

Quote du jour | Boring

I suspect I’m not the only one suffering from severe inequality fatigue.

The debate over income inequality is now officially the most boring debate in America […]

Wake me when it’s over.

Dat is ook een manier om je er van af te maken…

Het zal geen toeval zijn dat bovenstaande regels in het zakenblad Fortune verschenen.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: copyright ok. Gecheckt 06-11-2022

Economische ongelijkheid in Nederland

NIEUWS - De economische ongelijkheid in Nederland groeit niet alleen, maar is ook nu al een stuk groter dan veelal wordt aangenomen, zo concludeert de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid.

Gisteren werd al bekend dat de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) een groeiende inkomens- en vermogensongelijkheid in Nederland signaleerde. De complete rapportage is hier te downloaden. Ook maakte de WRR een handige fact sheet (pdf). Zodoende is het niet al te moeilijk om de belangrijkste conclusies op een rijtje te zetten.

Inkomensongelijkheid

Met de inkomensongelijkheid gemeten als Gini-coëfficiënt (0 = iedereen heeft hetzelfde inkomen; 1 = één persoon heeft al het inkomen) valt het in Nederland wel mee. Afhankelijk van de gebruikte methode is Nederland een middenmoter dan wel een behoorlijk egalitair land.

Echter, zo schrijft de WRR (p. 16):

Inkomensongelijkheid gemeten in termen van de Gini-coëfficiënt zegt vooral veel over het wel en wee rond het midden van de inkomensverdeling. De ontwikkeling van deze index voor Nederland laat zien dat in het middensegment de inkomensongelijkheid niet sterk groeit. Maar omdat de Gini-coëfficiënt een beperkt beeld laat zien, worden de laatste jaren ook vaker andere ongelijkheidsmaten gebruikt.

Want wat gebeurt er bijvoorbeeld aan de top en aan de onderkant van de inkomensverdeling? […] Als we kijken naar het gemiddelde van de bovenste 10 procent versus het gemiddelde van de onderste 10 procent van de inkomensverdeling, een andere veel gebruikte maat, dan zien we andere ontwikkelingen in Nederland. Sinds het einde van de jaren negentig is de kloof tussen de hoogste en de laagste inkomensgroepen aanzienlijk gegroeid […]. Terwijl de Gini-coëfficiënt nagenoeg hetzelfde is gebleven, is het verschil tussen de top 10 procent en de onderste 10 procent gestegen. De populaire samenvatting van de Amerikaanse situatie ‘de armen worden armer en de rijken worden rijker’ is dus ook van toepassing op Nederland – evenals op andere Europese continentale landen […].

Foto: janwillemsen (cc)

Zelfstandig

ANALYSE - Nieuws van het CBS: ‘Werknemers ervaren minder zelfstandigheid.’

Hoewel het CBS de ervaren mate van zelfstandigheid niet koppelt aan loon, lijken vooral werknemers met een laag inkomen het slachtoffer van deze ontwikkeling te zijn. Met name flexwerkers (die doorgaans niet de best betaalde banen hebben), zo meldt het CBS, kunnen hun werk weinig zelfstandig uitvoeren:

De daling in de zelfstandigheid was het sterkst bij werknemers die nog maar kort (maximaal drie jaar) in dienst zijn bij hun huidige werkgever. […] Deze afname heeft deels te maken met het toegenomen aandeel nieuwe werknemers met een flexibele arbeidsrelatie. Werknemers met een flexibele arbeidsrelatie kunnen hun werk doorgaans minder zelfstandig regelen dan werknemers met een vaste arbeidsrelatie.

Toezicht

Dat vooral werknemers met een laag inkomen over steeds minder zelfstandigheid beschikken, is overigens geen toeval.

Een belangrijke reden voor de afname van zelfstandigheid van werknemers is immers dat werkgevers de laatste jaren de beschikking hebben gekregen over steeds geavanceerdere technische hulpmiddelen om toezicht uit te oefenen, zo concludeerden onderzoekers Frederick Guy en Peter Skottz enkele jaren geleden al:

New information and communication technologies […] have allowed firms to monitor low-skill workers more closely, thus reducing the power of these workers.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

WRR: inkomens- en vermogensongelijkheid toegenomen

Zo meldt het NRC:

De kloof tussen de hoogste en laagste tien procent van de inkomens in Nederland is toegenomen. Dat meldt de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) in een vandaag gepubliceerd rapport. De inkomensongelijkheid wordt echter in belangrijke mate gecompenseerd door herverdeling via sociale zekerheid en belastingen. […]

Dit geldt overigens vooral voor ouderen; het aow-stelsel blijkt, zo schrijven de onderzoekers, een zeer sterke “herverdelende werking” te hebben. Bij de beroepsbevolking is de herverdeling door de overheid de laatste decennia niet toegenomen. Werknemersverzekeringen als de WW en WAO zijn zelfs minder gaan bijdragen aan herverdeling. […]

Vermogen is in Nederland – net als in veel andere landen – ongelijker verdeeld dan inkomen. De meest vermogende 10 procent van Nederland bezig volgens voorzichtige schattingen 61 procent van het totale vermogen. De meest vermogende 2 procent bezit éénderde van het vermogen. De crisis heeft daar niets aan veranderd: de meeste vermogenden hebben alleen maar nog méér bezit verworven. Aan de andere kant hebben steeds meer mensen problematische schulden.

Hoewel economen er nog niet uit zijn of economische ongelijkheid de groei afremt, zijn er wel sociale en politieke gevolgen aan te merken. “Economische afstand leidt tot sociale afstand”, stellen de onderzoekers. Daarbij neemt het vertrouwen in rechtstaat en parlement af als de verschillen toenemen. Dat geldt voor zowel de economische boven- als onderlaag van de samenleving.

Foto: epSos .de (cc)

Is ongelijkheid wel zo slecht?

ACHTERGROND - Linkse partijen gebruiken vooral morele argumenten om tegen inkomensongelijkheid te protesteren. Is dat wel verstandig, vraagt Matthijs Rooduijn zich af.

Tijdens de crisis is de ongelijkheid in Nederland groter geworden, zo berichtte de Volkskrant afgelopen weekend naar aanleiding van cijfers van het Centraal Bureau van de Statistiek (CBS). De rijkste 1 procent in ons land beschikt over maar liefst een kwart van het totale vermogen. Een half jaar geleden schreef dezelfde krant ook al uitvoerig over de groeiende ongelijkheid in ons land. Het Amsterdamse Instituut voor Arbeidsstudies (AIAS) had namelijk berekend dat sinds 1977 de 10 procent minst verdienende huishoudens er qua reëel inkomen 30% op achteruit waren gegaan. En dat terwijl het met de andere inkomensgroepen juist steeds beter ging.

Beide berichten leidden tot nogal wat verontwaardigde reacties. SP-leider Roemer riep bijvoorbeeld meteen op de kloof tussen arm en rijk te verkleinen. Opvallend is dat vrijwel alle reacties op de cijfers van het CBS sterk normatief geladen zijn. De (linkse) teneur: een zichzelf respecterende verzorgingsstaat zou het niet moeten toestaan dat de sociaaleconomische verschillen tussen burgers zo groot zijn.

Dat is allemaal leuk en aardig, maar met een dergelijke ideologische opvatting kun je het simpelweg eens zijn of niet. Minstens zo interessant is het om te analyseren wat de daadwerkelijke gevolgen zijn van sociaaleconomische ongelijkheid. Daar is tot nu toe helaas veel minder aandacht voor geweest. Misschien valt het in de praktijk allemaal wel mee, en is ongelijkheid helemaal niet zo slecht voor de maatschappij…

Foto: SEIU (cc)

Visies op de Amerikaanse droom

ACHTERGROND - Moet een samenleving hard werk en inspanning belonen met een fatsoenlijk bestaan of is de kans op een fatsoenlijk bestaan al meer dan genoeg?

Vorige week hield President Obama een toespraak over de staat van de Amerikaanse economie. Zoals zo vaak met toespraken van belangrijke politici, werd er weinig concreets gezegd. Obama’s speech was een in algemene termen vervatte oproep om de groei van economische ongelijkheid in de VS een halt toe te roepen en daarnaast een pleidooi voor het herstel van de middle class die het de laatste jaren hard te verduren heeft gehad.

Weinig revolutionair allemaal.

Een stuk interessanter dan de toespraak zelf waren sommige van de reacties. Zoals deze van economisch analist Zachary Karabell.

Karabell nam vooral aanstoot aan onderstaande passage uit Obama’s toespraak:

In the period after World War II, a growing middle class was the engine of our prosperity. Whether you owned a company, swept its floors, or worked anywhere in between, this country offered you a basic bargain – a sense that your hard work would be rewarded with fair wages and benefits, the chance to buy a home, to save for retirement, and, above all, to hand down a better life for your kids.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Inkomensongelijkheid in Nederland groter dan blijkt uit statistieken

Omdat het CBS gerealiseerde vermogenswinsten niet als inkomen telt. Wat dit concreet betekent is nog onduidelijk, maar:

De hamvraag is natuurlijk hoeveel dat uitmaakt. Zou de groei van de Nederlandse inkomensongelijkheid groter zijn als we vermogenswinst wel meenemen?

Vooralsnog kan daarvoor alleen naar het buitenland worden gekeken. Er zijn namelijk een paar landen die, in tegenstelling tot Nederland, wel gegevens produceren over vermogenswinsten. En daaruit blijkt onomstotelijk dat vermogenswinst er toe doet. Voor vrijwel alle inkomensgroepen is vermogenswinst geen belangrijke factor, behalve voor de top van de top. De Zweedse economen Daniel Waldenström en Jesper Roine constateren bijvoorbeeld dat alleen het inkomensaandeel van de rijkste 1 procent van de Zweden aanzienlijk stijgt bij het meerekenen van vermogenswinst. Voor de rest van de inkomensgroepen verandert het inkomensaandeel eigenlijk nauwelijks.

‘Leef eens van een schoonmakersloon’

Waarom zou een reus van een multinational als Shell, met een nettowinst van meer dan 12 miljard euro, zijn schoonmakers niet in dienst kunnen nemen en een leefbaar loon kunnen betalen? Het zou zo mooi zijn als de liefde voor ‘werk, werk en werk’ zich nu eindelijk ook vertaalt in ‘loon, loon en loon’ voor de hardste werkers. Herwaardering van noeste arbeid van werkers in de schoonmaak, de thuiszorg en lagere loonschalen hoort bij progressief Nederland.

De participatiesamenleving lijkt doel op zich te worden

De participatiesamenleving moet de economie weer vlot helpen trekken. Maar is de economie er voor ons, of zijn wij er voor de economie?

Nederland lijkt te zijn vergeten dat de economie de behoefte van de maatschappij moet dienen en niet omgekeerd. Onze regering doet er alles aan om de economische efficiëntie van ons land te vergroten. Flexibel ontslagrecht, afbouwen van marktverstorende sociale vangnetten en ruim baan aan marktwerking om onze productiviteit te verhogen. Dit beleid heeft alleen een aantal vervelende bijwerkingen; het vergroot de inkomensverschillen en de kans op armoede.

Vorige Volgende