Twee soorten eruditie

Soms komt dezelfde vraag van verschillende kanten op je af. In de mooie biografie die Annet Mooij wijdde aan Gisèle van Waterschoot van der Gracht, kwam ook de culturele kring van haar huisgenoten aan de orde, mannen die graag samen teksten lazen. Mooij geeft verschillende keren een overzicht van hun lectuur en dat is dan voornamelijk poëzie van Stefan George, Friedrich Hölderlin en William Shakespeare. Niks mis mee, maar ik was verbaasd over de eenzijdigheid van dit programma. Echt erudiet kan ik het namelijk niet noemen, terwijl deze mannen toch streefden naar culturele groei. Wat me brengt bij de vraag wat eruditie is. Die vraag kwam impliciet ook aan bod in een stuk dat mijn collega Marcel Hulspas onlangs schreef op de weblog van de VWN: vijf redenen waarom er een nonfictie-prijs moet komen. Nu ben ik zelf niet zo van de prijzencircussen, maar dat belet me niet te zien dat Hulspas een punt heeft. Hoewel er veel literaire prijzen zijn, is nonfictie stiefmoederlijk bedeeld, al worden pogingen ondernomen dat te repareren. Hulspas doet ze af als halfwassen: Onlangs maakte de Bookspot-prijs (dat was ooit de AKO-literatuurprijs) bekend dat ze voortaan ook een nonfictie-prijs willen uitreiken. Daarvoor is de literaire jury uitgebreid met één (1, one, uno) historicus, die blijkbaar geacht wordt chemie, wiskunde, theologie, biologie, sociale wetenschappen, natuurkunde en rechtswetenschappen er ‘even bij te doen’.

Door: Foto: De "Zeven vrije kunsten" uit de Hortus Deliciarum (rond 1180) copyright ok. Gecheckt 24-09-2022

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.