De wereld is mijn oester

De wereld als oester. Er zijn mensen die er zo tegenaan kijken. Zij zien alles wat zij aantreffen uitsluitend in termen van bruikbaarheid voor zichzelf. Planten en dieren zijn voedsel of versiering. De niet-levende natuur is nuttig als grondstof om er iets van te maken. De medemens is een bron van vermaak: je kunt ze uitlachen, in elkaar slaan of naaien. Kinderen kunnen leuk zijn als zij leuk zijn. Overal moet je aan kunnen verdienen. Voldoet de omgeving niet aan deze kijk dan leidt dat tot ontevredenheid. Als je er niks aan hebt moet het maar weg. De homo economicus in a nutshell, sorry oester. Maatschappelijk gezien heb je niks aan dit soort mensen. Helemaal aan de andere kant van de schaal zitten de mensen die alles wat zij aantreffen respecteren, als gelijkwaardig beschouwen. Planten en dieren hebben hun eigen rechten. De niet-levende natuur moet verstandig beheerd worden, zodat er niks opraakt. De medemens verdient aandacht en zorg. Kinderen moet je eigenlijk eerst vragen of zij wel verwekt willen worden. Alles is van iedereen, je mag er niet rijk van worden. De omgeving wordt geaccepteerd met zijn gebreken. De homo respectus met andere woorden (een zuiver theoretisch concept overigens). Met dit soort mensen zouden we nu nog in een teepee wonen, dus daar heb je ook niet veel aan.

Door: Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Vorige