Paspoortzaken

Vandaag is het de 25ste keer dat jullie hier een stukje van mij kunnen lezen, naast twee eerdere bijdragen in de reeks van Kyra over kleine literaire musea. Voor deze gelegenheid nu een stuk van voor mijn Sargasso-tijd. Het gaat over een bezoek aan de Duitse ambassade in Amsterdam. Ook al leef ik al vele jaren in Nederland, zo heb ik toch nog steeds een Duits paspoort. Ik had ooit al een keer gekeken naar wat het zou kosten om Nederlander te worden, maar dat vond ik toen te duur.

Hoe dan ook, in verband met mijn paspoort moest ik afgelopen jaar een keer naar de Duitse ambassade en wat ik daar heb meegemaakt was nogal bizar, zo bizar dat het volgende Duitse woord met de figuurlijke betekenis van ‘een slechte zaak’ op deze instelling van toepassing is:

Saftladen

Mijn identiteitskaart was verlopen en zoals altijd kwam ik er op het meest ongunstige moment achter, want over drie weken zou ik met vakantie gaan en daarvoor had ik hem nodig. Wat te doen? Nou, verlengen natuurlijk. Maar zo makkelijk is dat niet, ik ben geen Nederlander. Het stadhuis dat mijn paspoortzaken in Duitsland regelt, ligt honderden kilometers hier vandaan en wie weet moet ik er twee keer heen of zo en dan zijn mijn vakantiedagen straks op nog voordat mijn echte vakantie is begonnen.

Dan maar de Duitse ambassade. Hebben ze een website? Ja, gelukkig wel. Er staat op wat ik allemaal nodig heb. Alleen, je kunt er geen identiteitskaarten krijgen, alleen paspoorten, om administratieve redenen die mij eerlijk gezegd weinig kunnen schelen en die mij nu het leven onnodig bemoeilijken. Elke Duitser heeft een identiteitskaart. Een handig klein kaartje van plastic dat in je portemonnee past. Ik ook, ik had hem altijd bij me. Maar vanaf nu niet meer begrijp ik, jammer dan. Dan maar een paspoort, een klein boekje dat dus niet in je portemonnee past en dat je daarom makkelijk kwijt kunt raken.

Ik heb ook nog een oud paspoort. Maar ja, die is net zo oud als mijn identiteitskaart en daarom is hij nu ook verlopen. Bovendien ben ik hem inderdaad kwijt. Tien jaar lang heb ik dat ding geen enkele keer gebruikt en nu hij verlopen en daarom niets meer waard is, ben ik hem kwijt. Ik heb overal gezocht. Volgens mij ben ik hem ooit een keer op vakantie kwijtgeraakt. Ik dacht toen dat ik hem misschien wel nodig zou kunnen hebben, maar dat bleek dan toch niet zo te zijn.

Het probleem is dat ik mijn oude paspoort alsnog moet meenemen om een nieuw paspoort te kunnen krijgen. Maar gelukkig kan ik hem ook bij de politie als vermist opgeven, daar krijg ik dan een papiertje en dat kan dan op de ambassade mijn paspoort vervangen. Ik ga dus de volgende dag naar het dichtstbijzijnde politiebureau en geef de vermissing van mijn paspoort aan. Alles geen probleem, ik krijg het gewenste formulier en daarmee is de eerste horde genomen.

Vervolgens de ambassade bellen om een afspraak te maken. Er wordt een bandje afgespeeld. Een stem geeft mij langdurig overbodige tips, zoals: Gaat u eerst de website lezen. Dat heb ik dus al gedaan… Vijf minuten later krijg ik een ietwat verveeld overkomende vrouw aan de lijn. “Goedendag, ik wou een afspraak maken voor een nieuw paspoort, ik ga binnenkort op vakantie en dan heb ik hem nodig, kan ik misschien vandaag… of morgen nog…”. “Nee, dat gaat pas over een paar dagen. Komt u maar op die en die dag, dan heb ik nog tijd om 9 uur ‘s ochtends.” Vooruit dan maar.

De Duitse ambassade heeft in Nederland twee locaties, een in Den Haag en een in Amsterdam. Voor paspoorten moet je naar Amsterdam. Ik was blij dat ik niet in Groningen woon, want anders had ik het zo vroeg helemaal niet gered. Nu nog moet ik om half zes ‘s ochtends opstaan om op tijd te zijn. Maar vergis ik me nou of hoef je voor paspoortzaken zowel in Duitsland als ook in Nederland helemaal geen afspraak te maken? Je gaat er toch gewoon heen tijdens de enigszins ruim bemeten openingstijden?

Hoe dan ook, bij de Duitse ambassade is dat anders. Daar moet je wel een afspraak maken. Verder moet je alle gevraagde stukken inleveren en de kosten contant betalen, anders gebeurt er helemaal niets. Aan mij dus de taak om ervoor te zorgen dat ik ook zeker alle stukken bij me heb op mijn belangrijke afspraak over een paar dagen. Er zijn vooraf nog drie dingen te regelen. Allereerst moet ik me bij mijn stadhuis in Duitsland afmelden. Dat vind ik eigenlijk best jammer, onder meer ook omdat ik altijd heel tevreden was over de dienstverlening daar. Bovendien werkt daar mijn oud schoolgenote Andrea op de afdeling Burgerzaken. In ieder geval bel ik met het stadhuis in Duitsland. Gelukkig is er geen ingesproken stem die mij eerst vijf minuten lang overbodige tips geeft. Een vriendelijke heer neemt op en verbindt mij meteen door met Andrea, die mij vervolgens meedeelt dat alles zonder problemen per brief of beter nog per fax gaat. Enkele minuten later ontvang ik dan ook de gewenste afmelding per fax. Onderaan staat nog: Liebe Grüsse, Andrea.

Volgend punt: een uittreksel uit het Nederlandse bevolkingsregister. Dat is nou werkelijk geen probleem. Ik moet gewoon even naar mijn stadhuis in Nederland en daar wordt het zo voor me uitgedraaid. Op de website van de Duitse ambassade staat nog dat ik er expliciet om moet vragen dat ook mijn nationaliteit erop staat en dat doe ik dan ook. De vrouw aan de balie zegt dat het er sowieso altijd op staat. Dat is dan dus ook geregeld. Mijn ervaring is dat in Nederlandse stadhuizen en zo ook nooit moeilijk wordt gedaan. Ik weet nog toen ik net in Nederland was en naar de vreemdelingenpolitie moest. Het eerste wat de man achter de balie tegen me zei was: Welkom. Vele jaren geleden was dat, maar zoiets vergeet je niet.

Het derde en laatste punt lijkt even makkelijk te regelen, maar dat is het niet: een pasfoto. Het blijkt dat je pasfoto’s en pasfoto’s hebt. De Nederlandse pasfoto voldoet niet aan de eisen voor een Duits paspoort. Er is maar een selecte groep van zes ingewijde fotografen, allemaal gevestigd in Amsterdam, die een licentie hebben voor het maken van pasfoto’s die wel aan de Duitse eisen voldoen. Gelukkig heeft de ambassade sinds kort ook een fotoautomaat en daar kan ik ook geschikte foto’s laten maken. Ik hoef er alleen voor te zorgen dat ik acht euro in muntgeld op zak heb.

Om twintig minuten voor negen bereik ik de ambassade en nadat ik op wapens ben doorzocht en mijn Zwitserse zakmes bij de receptie heb moeten afgeven, loop ik de wachtruimte binnen, een neonverlichte kamer zonder ramen naar buiten, maar met pantserglazen ruiten naar twee of drie hokjes waarin de medewerkers zitten. De communicatie gaat via microfoon, waardoor de gesprekken niet echt op een rustige toon worden gevoerd en dus ook voor de andere wachtenden goed te volgen zijn. Van de mensen die voor mij aan de beurt zijn, ervaar ik dan ook ongewild veel meer dan ik hoef te weten.

Verder staat er ook de beloofde fotoautomaat. Laat ik maar meteen beginnen met de foto’s. Ik ga in de cabine zitten en gooi acht euro muntgeld in het gleufje. Een computerstem belooft mij door het hele proces heen te helpen. Ik moet mijn bril afzetten en zorgen dat mijn hoofd volledig in het spiegeltje voor me te zien is. Dat krijg ik gelukkig ook zonder bril makkelijk voor elkaar. Vervolgens zegt de computerstem dat nu de foto’s worden genomen. Ik blijf dus stil zitten. Daarna hoor ik niets meer. Ik denk: “Ben ik nu klaar?” en ga na enige tijd maar naar buiten. Daar blijkt dat ik nog niet klaar ben, maar dat de automaat kapot is. Verder staat er een Duits telefoonnummer op het apparaat dat men bij storing kan bellen.

Gelukkig is er echter ook hulp binnen de ambassade. Een vriendelijke man met teveel scheerwater op verschijnt en opent de automaat met een sleutel. Binnen staat een bak met muntgeld en een computer, besturingssysteem Windows 2000. De man geeft mij de acht euro terug, zet de computer uit en kort daarna weer aan. “Het is het weer” zegt hij. Buiten is het 18 graden. Toen werkte het nog niet, dus nog een keer hetzelfde.

“Als het nu nog steeds niet werkt moeten wij een monteur bellen.”

“In Duitsland zeker.”

“Ja, inderdaad.”

Ik vrees dat het dan voor 9 uur niet meer zal lukken en hoop dat de automaat nu wel werkt. Dat doet hij gelukkig ook. Nadat ik nu voor de derde keer mijn bril heb afgezet enz. zegt de computerstem: “Niet lachen” en wordt een foto genomen. Helaas is er nu een volgend probleem: “Dit is geen geschikte foto. Herstel uw fout.” Welke fout? Wat moet ik dan doen? Hmm…, misschien moet ik een beetje dichter bij de lens gaan zitten. Gaat dat dan? Of past mijn hoofd dan niet meer in het spiegeltje? O, kijk, past nog steeds. Inderdaad, nu zwijgt de computerstem.

Weer buiten zie ik de foto’s. Lelijk! Maar daar gaat het nu niet om. Waar het wel om gaat, is dat er een groen balkje naast de foto te zien is want alleen de foto’s met een groen balkje zijn geschikt voor een paspoort.

Inmiddels is het tien over negen en ik ben bang dat ik door al het gedoe met de fotoautomaat mijn oproep heb gemist. Maar dat is niet zo, zij zijn gewoon te laat. Op een gegeven moment wordt mijn naam geroepen, op een toon die mij doet vermoeden dat de gewenste respons “Jawohl, Herr Obersturmbannführer!” zou moeten zijn. Ik ken dat soort mensen nog uit mijn vroege jeugd. Toen had je soms nog een soort oud nazi’s rondlopen die later conciërge werden op een lagere school, baas van een jeugdherberg of zo en daar hun schrikbewind zoveel mogelijk gingen voortzetten. Voor zo iemand was de man achter de balie weliswaar veel te jong, maar verder was er weinig verschil.

Ik ga op het krukje voor de balie zitten. Ik zeg dat ik graag een nieuw paspoort wil hebben en van de door de ambassade aangeboden mogelijkheid gebruik wil maken om de gebruikelijke wachttijd van vijf tot zes weken tegen een opgeld van 32 euro tot twee weken te beperken, dat ik mijn oude kwijt ben, maar dat ik alsnog alle benodigde stukken erbij heb. Het eerste wat de man achter de balie zegt is: “O, o, o. Dat wordt moeilijk. Ik weet niet of dat gaat lukken.”

Waarom zou het dan niet lukken? Ik heb toch alles bij me? Dat wordt niet geheel duidelijk. In ieder geval begint hij toch maar met wat administratieve bezigheden en dat is een goed teken. Dan pakt hij de pasfoto. “De foto is niet goed” zegt hij, ondanks het groene balkje daarnaast. Ik krijg opnieuw acht euro in muntgeld en moet nog een keer naar de automaat. Eerst zat ik te ver weg, dan te dicht bij en nu moet ik het maar met een soort middenweg proberen. De automaat werkt nog steeds, de stem zegt opnieuw “Niet lachen”, er komt een nieuwe foto met een groen balkje en gelukkig keurt nu ook de man achter de balie de foto goed.

De man gaat verder met zijn administratieve werkzaamheden. Hoewel, doet hij dat wel? Ik ben niet zeker, want hij gaat nu alleen nog maar naar zijn computerscherm staren en zegt verder helemaal niets meer. Ik wacht. Met de recente gebeurtenissen in de fotoautomaat nog in mijn achterhoofd ga ik voor de zekerheid toch maar even navragen: “Ben ik nu klaar?” “NEE, NATUURLIJK NIET!” roept hij. Ik moet kennelijk nog even geduld hebben.

Het duurt nog even en dan is hij wel klaar. Mijn aanvraag is uiteindelijk dus wel gelukt en moet nu naar Berlijn worden gestuurd. Daar wordt dan een nieuw paspoort voor mij gemaakt en dat wordt dan weer terug naar Amsterdam gestuurd. Ik hoef alleen nog 112 euro te betalen, contant, pinnen gaat niet. “Kan ik het paspoort naar mij thuis opgestuurd krijgen of moet ik hem komen ophalen?” “Nou, ophalen is beter. Anders gaat er misschien nog iets mis met de post. Als uw paspoort klaar is, kunt u hem elke dag op komen halen, wanneer het u het beste uitkomt. Makkelijker kunnen wij het werkelijk niet maken.” Nou, dan maar ophalen.

In de hoop dat het allemaal goed komt verlaat ik de ambassade. Het probleem is dat zij zeggen dat het ongeveer twee weken gaat duren en ongeveer twee weken kan voor sommigen ook bijvoorbeeld drie weken zijn en dat zou te laat wezen. Bovendien, als het door hun schuld te lang zou duren, zou ik ook geen bezwaar kunnen maken want de ambassade is zo zwaar beveiligd dat ik er helemaal niet in zou kunnen komen. Maar het lukt. Zelfs vrij ruim op tijd krijg ik bericht dat ik mijn nieuwe paspoort kan ophalen. Maandag tot vrijdag tussen 8.30 en 9.00 uur en dinsdag en donderdag ook tussen 14.00 en 14.30 uur. Makkelijker kunnen zij het werkelijk niet maken, daar twijfel ik niet aan… Maar moeilijker ook niet.

  1. 1

    Misschien ligt het aan mij, maar wat is er ‘zo bizar’ aan dit verhaal? Je hebt wat geduld moeten hebben en wellicht was die man achter de balie niet de meeste aardige, maar je bent geholpen zonder van het kastje naar de muur te worden gestuurd en je kon je paspoort binnen de gestelde tijd ophalen. De ophaaltijden zijn wellicht wat krap, maar ‘zo bizar’ is ook weer wat overdreven.

  2. 2

    Wat raar inderdaad dat Drios dit “bizar” noemt en een “slechte zaak”. Wat zou zijn idee dan zijn van een “goede zaak”.
    Een aandachtspunt heb ik wel – waarom zijn de normen voor de foto op het paspoort verschillend tussen Nederland en Duitsland?

  3. 5

    Tsja.

    Zelf “vergeten” je op je voormalige woonadres in Duitsland uit te schrijven, zelf “vergeten” aangifte te doen van een verloren paspoort en dan zeuren over ambtenaren die hiervan iets moeten maken en dan ook nog “schnell, schnell”?

    Dit noem je “first-world problems”.

    Wat een gezever.