Natuurwet Bleker is niet uit te leggen

Aandachtige lezing maakt helder dat er één kernprobleem is met de voorgestelde nieuwe natuurwet: de wet is niet uit te leggen. Niet aan rechtenstudenten, niet aan ondernemers en zeker niet aan kinderen. De nieuwe wet maakt veel inzet uit het verleden ongedaan en mist respect voor dieren, stelt Kees Bastmeijer hoogleraar natuurbeschermings- en waterrecht aan de Tilburg University.

Een uitgangspunt van de natuurwet is dat het Nederlandse natuurbeschermingsrecht niet verder mag gaan dan het Europese recht. Niet uit te leggen aan studenten die wij juist vertellen dat de Europese natuurwetgeving niet is bedoeld om het nationale recht geheel te vervangen: het gaat vooral om die zaken die beter op bovennationaal niveau geregeld kunnen worden. Aanvullend nationaal  natuurbeschermingsrecht blijft noodzakelijk om natuurwaarden goed te beschermen. Door dat aanvullende recht te schrappen maakt Bleker van Nederland een achterblijver op het gebied van natuurbeleid.

Zo wil Bleker de waarden als weidsheid, ongereptheid, stilte en donkerte vannatuurgebieden als de Waddenzee, de Biesbosch en de Gelderse Poort geen bescherming meer bieden via het natuurbeschermingsrecht. Weliswaar kan het ruimtelijke ordeningsrecht een beschermende rol vervullen, maar dit spoor laat veel ruimte voor afwegingen en politieke invloeden. Lange termijnbescherming is dan minder gewaarborgd. Hoe moet dit worden uitgelegd aan de burger die juist deze bredere natuurwaarden zo waarderen?

80 dier- en 100 plantensoorten zullen hun beschermde status verliezen


Moeilijk uit te leggen is ook dat alleen nog de op relevante Europese en internationale lijsten geplaatste dier- en plantensoorten beschermd worden verklaard. Voor alle andere soorten vervallen de verboden op onder andere het verstoren, het vangen en het vernielen van voortplantings- en vast rust- en verblijfplaatsen. Maar liefst ruim 80 diersoorten (waaronder zeehond, das, vuursalamander en vele bedreigde vlinders) en zo’n 100 plantensoorten (waaronder parnassia en vele orchideeën) zullen met het voorstel hun beschermde status verliezen, zonder dat deze soorten zichzelf intussen beter kunnen redden. Al deze soorten zullen enkel onderwerp worden van een  algemene zorgplicht en een verbod op opzettelijk doden. Hoe leggen wij dit uit aan studenten die weten dat er in de praktijk vrijwel geen mogelijkheden zijn om zo’n veel te algemene zorgplicht te handhaven? Hoe leggen we uit dat alle inzet, ook financieel, voor de  bescherming van bijvoorbeeld dassenburchten slechts een tijdelijke investering betrof? En hoe leggen we uit dat tientallen soorten die straks hun beschermde status verliezen op een ‘rode lijst’ van bedreigde soorten staan? Artikel 8 van het Biodiversiteitsverdrag en andere verdragen eisen juist dat wij die soorten goed beschermen en herstel mogelijk maken.

Opvallend is dat de lijn ‘alleen wat Europees moet’ niet gevolgd wordt bij onderwerpen waaraan het CDA in het verleden veel belang heeft gehecht. Een voorbeeld is het mogen doden van bepaalde schadelijke diersoorten door landeigenaren zoals boeren. Het CDA-amendement in artikel 65 van de Flora- en faunawet dat het voldoende is dat schadedreiging érgens in een gebied van een wildbeheerseenheid (gemiddeld 5000 ha) dreigt, en dat ook voldoende is dat die schade pas volgend jaar mogelijk zal optreden, is ook opgenomen in de natuurwet. Hoe leggen we uit dat overal de verschillen met het Europese recht worden geschrapt en een dergelijke ‘CDA-riedel’ letterlijk in artikel 3.12 van het voorstel is terug te vinden? En hoe leg ik ondernemers uit dat zij last blijven houden van het recht? De natuurdoelen die op grond van het Europese recht gehaa-ld moeten worden, worden door de plannen van Bleker juist minder goed bereikbaar. En wanneer de natuur er slecht voor blijft staan, blijven ondernemers last hebben van het recht: ieder mogelijk negatief  effect leidt dan immers al snel tot onderzoeksplichten en juridische discussies.

Niet uit te leggen aan kinderen

Onze grootste zorg is dat het niet aan kinderen is uit te leggen. Snappen zij het dat edelherten, wilde zwijnen, grauwe ganzen en enkele  andere diersoorten in de toekomst ook weer gewoon voor ‘de fun’ afgeschoten mogen worden? En hoe leggen we uit dat het opzettelijk verstoren van vogels niet langer verboden is wanneer dit het voortbestaan van de soort niet beïnvloed? En hoe leggen we het hen later uit? De essentie van duurzaamheid is dat we de soortenrijkdom ook voor toekomstige generaties laten voortbestaan. Zullen zij het begrijpen wanneer we veel bedreigde soorten uit Nederland laten verdwijnen omdat het van Europa niet hoefde?

Kees Bastmeijer is hoogleraar natuurbeschermings- en waterrecht aan de Tilburg University. Chris Backes is hoogleraar bestuursrecht, Universiteit van Maastricht. De auteurs zijn nauw betrokken bij de nationale discussie over de herziening van het natuurbeschermingsrecht door de rijksoverheid, ondermeer door lidmaatschap van adviescommissies.

(fotocredit)

  1. 3

    In dit geval lijkt de schrijver ervan uit te gaan dat kinderen beter met de natuur omgaan dan volwassenen, alleen maar omdat ze jong zijn. Een soort Rousseauiaans idee dat volgens mij niet strookt met de werkelijkheid. Er zijn veel dierenbeulen onder kinderen. Een van de bekendste is Jan Wolkers.

    Of iets niet aan kinderen is uit te leggen is geen echt argument. Ook wel belangrijke dingen zijn soms onmogelijk aan kinderen uit te leggen.

  2. 7

    Beesten worden afgeschoten omdat er regelmatig sprake is van een beestenplaag er zijn er regelmatig gewoon te veel. Die beesten worden niet voor de fun afgeschoten. http://www.depers.nl/binnenland/469565/Dierenoverschot-leidt-tot-beestenboel.html
    en dat is prima aan kinderen uit te leggen. En als er dan toch te veel zijn dan kan je dat vlees maar beter lekker op eten. Ook dat hoef je kinderen niet uit te leggen, je laat ze het vlees gewoon proeven !

  3. 8

    Toekomstige generaties zullen ook uitleg willen over wat er toch met Nederland aan de hand was toen het zo mis begon te gaan.
    Hoe hun ouders konden toestaan dat een stelletje charlatans de macht naar zich toe konden trekken.

  4. 9

    Dat is juist weer heel simpel uit te leggen: democratie = meeste stemmen gelden. En nu stemmen de meeste mensen voor die beleid. (Helaas.) Mensen waren wel boos op iemand als Donner toen hij zei dat zo ook de sharia kan worden ingevoerd, maar hij verwoordde slechts het democratische principe dat zijn partij en de Vereniging voor Vrijheid en Democratie huldigen: probeer een meerderheid van stemmen te verwerven voor je plannen. Doordat oppositiepartijen dit kabinet in stand houden omdat ze het kabinet steunen met andere plannen, kan Bleker gewoon zijn gang gaan.

  5. 14

    Lees dat stuk in de Pers en je weet wat er met “teveel” bedoeld wordt. Iedereen die met natuurbeheer te maken heeft kan zich dit voorstellen. En gewone tuiniers. Of mensen met muizen in hun huis.

  6. 17

    Ik had trouwens ook last van muizen en toen hebben we een kat genomen. Nou hebben we er vier. Katten bedoel ik. En dat doet wonderen: geen muis meer te zien. Ik moet ze dus wel bijvoeren. De katten natuurlijk.