Justitie mengt zich in bibliotheekproject

De Koninklijke Bibliotheek heeft een schat aan historisch materiaal toegankelijk gemaakt op de website Historische Kranten. Van 1618 tot 1939 is inmiddels een groot aantal gedigitaliseerde kranten doorzoekbaar. Een vervolgproject betreft periodieken die verschenen zijn in de Tweede Wereldoorlog. De KB wil uit deze periode alle kranten, de verzetsbladen, maar ook de nazi-periodieken voor zover beschikbaar digitaliseren en toegankelijk maken. Het laatste onderdeel van dit plan heeft geleid tot een waarschuwing van de kant van het ministerie van Justitie, in tweede instantie ook gesteund door de subsidiegever van de KB, het ministerie van OC&W. Het ministerie van Justitie heeft de KB afgeraden het ‘foute’ materiaal online beschikbaar te stellen, omdat ze niet kunnen garanderen dat het Openbaar Ministerie niet zal overgaan tot vervolging van wat het ziet als vermenigvuldiging van strafbare uitingen, zo valt op het Archievenforum te lezen.

Deze bemoeienis van Justitie is om een aantal redenen opmerkelijk. Op de eerste plaats vanwege het tijdstip. De vrijheid om te publiceren is in Nederland gegarandeerd door artikel 7 van de Grondwet waarin staat dat niemand vooraf toestemming nodig heeft om gedachten te openbaren behoudens ieders verantwoordelijkheid voor de wet. Die verantwoordelijkheid voor de wet wordt doorgaans achteraf getoetst als Justitie daar aanleiding voor vindt. Het voorafgaand aan publicatie dreigen met ingrijpen kan moeilijk opgevat worden als passend in de geest van dit grondrecht. Dat is dan ook zeer uitzonderlijk. Het feit dat het hier om inmenging van de staat gaat maakt de waarschuwing, die ook als verkapt dreigement opgevat kan worden, extra gevoelig. Een onafhankelijk jurist zou daartoe geraadpleegd de KB kunnen adviseren om voorzichtig te zijn. Maar hier treden twee ministeries namens de Nederlandse Staat op om een publicatie te ontmoedigen. Dat komt toch wel erg dichtbij censuur. Wie namens de staat optreedt zou zich beter kunnen onthouden van elke schijn van inmenging.

Dan kun je ook nog vraagtekens zetten bij de zin van een verbod van dit materiaal. In De Groene heeft historicus Frank van Vree er op gewezen dat veel periodieken die de KB wil digitaliseren al lang openbaar zijn en ook deels toegankelijk via het internet. Zou Justitie inzage van nazikranten in bibliotheken willen gedogen, maar willen verbieden dat ze doorzoekbaar zijn op het internet? In welke eeuw leven we?

De mogelijke strafbaarheid van antisemitische uitingen is een discussiepunt. De herhaling of vermenigvuldiging van antisemitisme uit het verleden in een hedendaagse sociaal-politieke context met duidelijke implicaties van haatzaaierij kan inderdaad in strijd komen met de wet. Maar in de context van een geschiedenisproject? Wie heeft er nog bezwaren tegen de publicatie van Mein Kampf voor historische doeleinden? De vorige minister van OC&W heeft drie jaar geleden, met vele anderen, nog openlijk gepleit voor het opheffen van het verbod op Mein Kampf.
Oud-hoogleraar Archiefwetenschap Ketelaar wijst er op dat je volgens de wet (waarvoor wij onze verantwoordelijkheid moeten nemen) strafbaar bent als je anders dan ten behoeve van zakelijke berichtgeving discrimineert of haat zaait. En hij concludeert dat het project van de Koninklijke Bibliotheek moet vallen onder de zakelijke berichtgeving. Dat lijkt mij ook meer dan vanzelfsprekend.
De grote vraag is waarom Justitie zich met dit KB-project heeft bemoeid. Was het angst voor klachten waarop gereageerd moet worden? Of worden de beoordelingskaders van de discriminatie-artikelen alvast wat aangescherpt om straks met des te meer daadkracht Wilders aan te kunnen pakken? Het lijkt meer politiek dan recht.

  1. 1

    Hirsch Ballin is goed bezig, zo blijkt maar weer. Het lijkt er nu op dat Justitie als een StaatsPolizei overal met de vingers aan zit, alvorens Artikel 7 wordt uitgevoerd. In een moderne “rechtsstaat” als de onze moeten gewoon alle archieven open, ook na 1939.
    De schrijver rept over Wilders, maar vlak niet uit wat het “koninklijk huis” te verbergen heeft. Wilhelmina had haar hele leven twee speciale archiefvernietigers in dienst; da’s niet voor niets.
    Open die archieven, Ernst, aan de kant jij!

  2. 2

    Misschien heeft het ministerie het al te druk en te moeilijk om dit er ook nog eens bij te krijgen. Moeilijke kwesties na klachten en het publiek dat vraagt hoe het ministerie het zover heeft kunnen laten komen. Met overheidsgeld nota bene. Misschien hoopten ze met dit advies dat het zou overwaaien. Nee geen bijster slimme zet, maar sinds wanneer werken de grootste lichten bij het ministerie?

  3. 4

    Hirsch Ballin geeft in zijn politieke nadagen nog een prachtige demonstratie van wat Nederland gedurende haar islamisering nog aan staatsbevoogding te wachten staat. Denk daarom goed na wat je met je politieke mandaatverstrekking doet.

  4. 5

    Oh, dat is allemaal in het kader van de islamisering. Het ministerie van Justitie is bang voor misbruik van Nazi-periodieken. En daar gaan ze voor waarschuwen, alsof ze zelf het idee hebben dat het gebruiken voor niet zakelijke doeleinden daadwerkelijk gaat gebeuren. Dan zou ik wel eens willen weten waar de ambtenaren dat op baseren. Zijn bijv. vergelijkbare gevallen bekend? Dat er nog wel eens dingen in staan die actueel kunnen zijn, dat is in de geschiedenis vrij normaal, omdat de maatschappij met haar denkbeelden over inrichting niet echt veranderen. Hoogstens het sausje, niet het hoofdmenu.

  5. 6

    @4: in het kader van de islamisering mogen geen nazi uitspraken bekend worden gemaakt? Gek idee, volgens mij. En ik maar denken, dat ie juist weer allerlei godwins wilde voorkomen, waarbij mensen uitspraken uit het verleden gaan vergelijken met uitspraken anno 2010.