Een eer voor iedereen

ANALYSE -
In deze reeks van artikelen nemen we begrippen onder de loep die gebruikt worden in het discours over migranten in Nederland, en met name over eergerelateerd geweld. Die termen zijn bijna allemaal erg vaag. Dit heeft grote gevolgen die we onder ogen moeten zien.

In de eerste vier bijdragen (hier, hier, hier en hier) beschrijf ik welke problemen er zijn met de termen cultuur, eer, eergerelateerd geweld en nieuwe termen als Schadelijke Traditionele Praktijken.

Definitieproblemen

De Nederlandse overheid heeft in de Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling (2013) een bestrijdingsprogramma van eergerelateerd geweld opgenomen.

Echter, bij gebrek aan definities moeten de overheidsinstanties en hulpverlening met culturenlijstjes en signalenlijstjes werken om mogelijke eerzaken te determineren. Zo kunnen ze zonder onderzoek o.a. het label ‘eergerelateerd’ aan een zaak toekennen.

Of een zaak wel of niet als eergerelateerd gelabeld wordt heeft vooral gevolgen voor burgers met een niet-westerse migratie-achtergrond en nagenoeg niet voor autochtone burgers.

Wat is eer?

In mijn vorige stukken heb ik aangetoond dat we niet weten wat eer specifiek voor niet-westerlingen betekent. Daarom stel ik voor de algemene betekenis van eer te gebruiken die in ons eigen taalgebruik wordt gehanteerd.

Eer wordt al gebruikt in onze rechtspraak. En eer komt voor in Artikel 12 van de Universele verklaring voor de Rechten van de mens:

Niemand zal onderworpen worden […] aan enige aantasting van zijn eer of goede naam. Tegen een dergelijke inmenging of aantasting heeft een ieder recht op bescherming door de wet.

Laster en smaad

Dit artikel roept alle staten op hun nationale wetgeving in te richten om de burgers te beschermen tegen laster en smaad. Dit artikel maakt geen onderscheid gemaakt naar geslacht, etnische afkomst of cultuur.

Met andere woorden: elk individu waar ook ter wereld wil graag verschoond blijven van een aantasting van zijn eer en goede naam en de wet behoort hem daarin te beschermen.

In alle rechtssystemen ter wereld bestaan soortgelijke voorzieningen tegen smaad en laster.

Ook in het recht van de weinige landen die de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens niet hebben ondertekend en in het ongeschreven gewoonterecht van volkeren staan bepalingen tegen smaad en laster.

In de sharia (het rechtssysteem van de islam) en het het canoniek recht (christelijk kerkelijk recht) bijvoorbeeld staan strenge straffen op laster en smaad.

Laster en smaad in het Nederlands recht

In Nederland is dat bepaald door artikel 261 van het Wetboek van Strafrecht. Er is sprake van smaad als men iemand opzettelijk “een bepaald feit ten laste legt” zonder te controleren of het waar is. Hierdoor wordt, aldus dit artikel, “iemands eer of goede naam” “aangerand”.

En in artikel 262 staat dat het om laster gaat wanneer men zelf al weet dat het ten laste gelegde niet waar is. Laster is dus erger dan smaad.

Waarom is bescherming van de eer zo belangrijk?

Laster en smaad zijn strafbaar, niet omdat ze bepaalde negatieve emoties of boosheid veroorzaken, maar omdat men er (ten onrechte) ernstige sociale problemen door kan krijgen.

Smaad en laster gaan over ‘bepaalde feiten’. Met die feiten worden immorele, slechte handelingen bedoeld die het slachtoffer gedaan zou hebben. Denk aan fraude, diefstal of geweldsdelicten.

Als mensen in je omgeving (ten onrechte) denken dat je moreel wangedrag hebt gepleegd, kun je sociaal geïsoleerd raken. Vrienden keren zich van je af. Je buren spreken niet meer met je. Je krijgt misschien ontslag. Kortom, je komt in sociale problemen, met als mogelijk gevolg emotionele problemen.

Iemand moedwillig door valse beschuldigingen in dergelijke sociale en morele problemen brengen is strafbaar.

(Het ligt wat mij betreft voor de hand om smaad en laster als eergerelateerde kwesties te categoriseren.)

Een voorbeeld

Stel, je werkt in een winkel. Je hebt een aardige cheffin, leuke collega’s en klanten. Maar met een collega botert het niet zo. Jullie liggen elkaar niet.

Op een dag beschuldigt een anoniem persoon je van fraude en schrijft op FaceBook dat je die persoon en tientallen anderen via Marktplaats hebt opgelicht.

Je vriendinnen en kennissen bellen en appen ongerust. Ze vragen zich af hoe dat zit. Je hebt maar één antwoord: geen idee! En: het is niet waar!

Dan belt je cheffin. Ze vraagt je om, gezien de omstandigheden, voorlopig thuis te blijven. Je verstopt je in je huis en trekt de gordijnen dicht. Na een dag verzamel je alle moed en doe je aangifte bij de politie.

De anonieme lasteraar moet nú worden gevonden. En streng worden aangepakt. Je wilt de klok terug zetten naar eergisteren. Je wilt eerherstel, koste wat het kost.

Sociale uitsluiting

Dit is wat uitsluiting (om morele redenen) emotioneel met je doet.
Uitgesloten, genegeerd worden, oftewel de ‘sociale dood’ wordt vanwege de enorme impact gezien als een van de ergste dingen die mensen kunnen overkomen.

Uit wetenschappelijk onderzoek van o.a. onderzoekster Naomi Eisenberger komt keer op keer naar voren dat sociale uitsluiting door mensen in dezelfde hersengebieden wordt waargenomen als fysieke pijn.

Schade aan de eer

Wat is er precies door de beschuldiging beschadigd?
Dat is je eer, oftewel je morele reputatie. Dat is je reputatie – in de ogen van anderen – als een goed en integer persoon. Bij eer gaat het dus niet om wat jij van jezelf vindt. Of wat jij voelt.

Mensen laten anderen pas toe in hun kring of groep als zíj denken dat je moreel deugt, zegt prof. dr. Naomi Ellemers. Zo gauw anderen twijfelen aan jouw morele reputatie, keren ze zich van je af. Want “over morele waarden valt niet te onderhandelen”.

Eer is zodoende een veel minder vaag concept dan iedereen denkt. Je kunt namelijk situaties objectief onderzoeken om te zien of ze eventueel kunnen leiden tot iemands sociale uitsluiting. En je kunt ook nagaan of iemand al of niet gerechtvaardigd bang is dat hij of zij wordt uitgesloten.

Eerverlies en geweld

Er is dus geen enkele twijfel dat verlies van de morele reputatie voor álle mensen ter wereld ingrijpende gevolgen heeft.

Eerverlies doet nog meer rare dingen met mensen. Uit onderzoek naar uitsluiting (ostracism) (van o.a. K. Williams) blijkt dat mensen die sociale stress ervaren vier typen basale reacties vertonen: vechten, vluchten, bevriezen of proberen de breuk te lijmen.

Het hangt van de persoon af welke reactie er komt. Het interessante is: dit is helemaal cultuur-onafhankelijk! Er is, zou je zeggen, geen enkele reden om voor niet-westerse culturen een ander soort eer te bedenken.

(Wordt vervolgd.)


Een gastbijdrage van Rob Ermers, als gastonderzoeker verbonden aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Via een eigen bureau (MO Perspectief) geeft hij trainingen en doet hij onderzoek naar de multiculturele samenleving. Hij heeft met name gepubliceerd over eergerelateerd geweld. Zijn laatste publicatie is Honor Related Violence. A New Social Psychological Perspective (Routledge, London).

Met dank aan oud-advocaat Jaap Bakker.

Reacties zijn uitgeschakeld