In Roemenië is geen enkele politicus echt geliefd

ELDERS - Roemenië gaat zondag naar de stembus. Charismatische populisten hebben zich hier nog niet aangediend.

Met 5,1% groei doet de Roemeens economie het volgens de Wereldbank beter dan elk ander land in Europa. Salarissen stijgen en de BTW is onlangs verlaagd met als gevolg een enorme koopkrachtverhoging voor de bevolking. Het leidt echter nog niet tot grotere populariteit van de politici die zondag meedingen om een van de 412 zetels in het Huis van Afgevaardigden. In Roemenië worden politici door veel mensen in verband gebracht met fraude en corruptie. Alleen al in 2015 zijn 16 parlementsleden, 5 senatoren, 5 ministers en 97 burgemeesters en locoburgemeesters met die beschuldigingen voor de rechter gebracht. Zie hier de complete lijst van zondaars uit de afgelopen jaren. ‘Corruptie is zo normaal geworden, zegt socioloog Bruno Steffen in het FD, dat het voor de meeste kiezers geen rol van betekenis meer speelt’. Volgens hem laten mensen zich liever verleiden door beloften over lagere belastingen, hogere lonen en meer pensioen.

De groei van de economie heeft veel Roemenen nog niet bereikt. Het platteland blijft achter en ook onder lager opgeleiden is er een sterk sentiment tegen de EU en de westers georiënteerde politieke elite. De voortdurende sociaal-economische ongelijkheid en de omstandigheden waaronder Roemenen elders in Europa als gastarbeider moeten werken zullen bij veel Roemenen daarom belangrijker zijn bij het bepalen van hun stem dan de stand van zaken bij de corruptiebestrijding.

De PSD (Sociaaldemocraten, althans in naam) heeft een nieuwe leider, Liviu Dragnea, die in april een voorwaardelijke gevangenisstraf kreeg wegens fraude bij een referendum in 2012. Dragnea probeert de PSD opnieuw in de gunst van de kiezers te krijgen na het aftreden van zijn partijgenoot en regeringschef Ponta een jaar geleden. Die werd vorig jaar beschuldigd van hulp bij belastingontduiking.  Hij kon zich aanvankelijk nog beroepen op zijn onschendbaarheid, maar moest uiteindelijk na massale demonstraties het veld ruimen vanwege de brand in de discotheek ‘Colectiv’ in Boekarest waarbij tientallen mensen omkwamen omdat er met de veiligheidsvoorschriften was gesjoemeld.

De PSD, die in de polls leidt met 40%, speelt samen met haar ultrarechtse partner PRU (Partij Verenigd Roemenië) de nationalistische kaart uit. De tegenstanders, zoals president Johannis, afkomstig uit de Duitse minderheid, en huidig premier Dacian Ciolos worden afgeschilderd als agenten van vreemde machten. Ciolos, voormalig Eurocommissaris voor landbouw en formeel niet aan een partij gebonden, gaat voor de voortzetting van de tijdelijk waarnemende regering, een centrum-rechtse coalitie van de liberale partij PNL en de nieuwkomer, de Unie Red Roemenië (USR).

Nationalisme is zeker een punt bij de verkiezingen. De Roemeense vertegenwoordiging in de Hongaarse hoofdstad Boedapest voelde zich pijnlijk geschoffeerd door de oproep van de Hongaarse minister van Buitenlandse Zaken aan zijn diplomaten om niet aanwezig te zijn bij de viering van de Roemeense nationale feestdag op 1 december j.l. De Hongaren verwijten de Roemenen de Hongaarse minderheid in hun land te onderdrukken. Roemenië telt ongeveer 1,2 miljoen Hongaren, zo’n 6% van de totale bevolking van het land. Hongaarse politici bezoeken in de aanloop naar de verkiezingen de regio waar Hongaren wonen en steunen openlijk de kandidaten van de UDMR, de democratische unie van Hongaren in Roemenië. De Hongaarse vice-premier Zsolt Semjen provoceerde de Roemenen met de uitreiking van prijzen aan enkele Hongaarse politici tegen wie een onderzoek naar corruptie loopt. Volgens Semjen, die de Roemeense pers toegang weigerde tot de bijeenkomst, worden ze vervolgd omdat ze opkomen voor Hongaarse belangen. De Roemeense regering heeft niet gereageerd uit angst het etnische conflict verder op te blazen. De verhouding tussen de beide EU-lidstaten Hongarije en Roemenië  is voor Europese begrippen ongekend koel.

Anders dan in Hongarije, Tsjechië of Bulgarije gaan er in Roemenië weinig stemmen op voor het aanhalen van banden met Rusland. De Roemeense minister van Defensie Motoc heeft deze week op een NAVO-conferentie nog eens benadrukt dat er een grote dreiging uitgaat van de Russische aanwezigheid in de Zwarte Zee sinds de inname van De Krim, “op slechts enkele uren varen”.  Behalve op de Krim zijn de Russen actief in het nabijgelegen Abchazië en in Transnistrië, onderdeel van Moldavië. “We zijn een instabiele plek aan de oostgrens van Europa”, aldus Motoc. Hij moet het doen met zwaar verouderd materiaal, dus een verdere verhoging van de defensieuitgaven (relatief al hoger dan Nederland) ligt in het verschiet.