BELAZERD

Vandaag plaatst Sargasso een gastbijdrage van ALO:

‘Goeiesmorgens, juffrouw Jannie’. De burgemeester betreedt aan het eind van de middag zijn kantoor en begroet zijn secretaresse op zijn gebruikelijke wijze. Hij hangt zijn jas op en gaat achter zijn bureau zitten. Hij ziet door het raam een waterig zonnetje dat, samen met het gezang van de vogels in de tuin achter het gemeentehuis, het begin van de lente aankondigt. Zijn werkdag was niet ongewoon geweest met een collegevergadering met zijn wethouders, gevolgd door de feestelijke opening van het nieuwe slachthuis aan de rand van de gemeente. De betoging van een paar inwoners was verwacht. De borden met ‘en toch zijn wij van mening dat de bio-industrie afgeschaft moet worden’ kwamen hem bekend voor. Ondanks dit protest was het gezellig gebleven, niet in de laatste plaats omdat slagers ook goede drinkers bleken te zijn.

Licht aangeschoten en in een goede bui was hij toe aan de afsluiting van de dag. Op de agenda stond alleen nog het doornemen van de post. De burgemeester reikte voorover en trok de stapel op zijn bureau naar zich toe. Toen hij het eerste document optilde en wat schuin hield om beter licht te hebben, kwam juffrouw Jannie naar hem toe. ‘Dat zat niet bij de post, dat komt ergens anders vandaan.’, zei ze tijdens het lopen. Ze was lichtelijk opgewonden, dat was hij niet van haar gewend.

Hij keek naar het papier en zag pagina 3 staan. Bovenaan 2 parafen gedateerd op 31/10 en 1/11. Je kon zien dat de tweede een foutje had gemaakt. Die was begonnen met een 3, had die licht doorgehaald en was iets verderop met de 1 van 1 november begonnen. Nieuwsgierig geworden begon hij te lezen:

De NCTb brengt de heer Wilders nogmaals op de hoogte van de politieke consequenties van zijn voornemen. Op zich acht de NCTb het juist dat de heer Wilders zijn plannen voortijdig aan hem bekend heeft gemaakt. De NCTb wil wel zeggen dat de heer Wilders hier toe verplicht is. Zijn beveiliging kan alleen dan adequaat worden uitgevoerd als het potentiële risico voortdurend en tijdig kan worden geëvalueerd. De heer Wilders deelt mede dat hem dat van af het begin duidelijk is geweest. Politieke gevolgen zijn hem minder duidelijk. De NCTb legt de heer Wilders uit dat zijn beveiliging door de samenleving weliswaar wordt gewenst maar dat dit hoge kosten met zich brengt. De Kamer zou er toe overgaan om deze niet langer te willen dragen als de gevolgen van zijn film gepaard gaat met een hoge maatschappelijke prijs. De NCTb wijst op parallellen met de Deense situatie die tot een boycot met economische gevolgen voor het land hebben geleid.

De burgemeester kijkt vragend naar zijn secretaresse. ‘U weet toch dat ter Horst u heeft gevraagd in de gemeente de noodzakelijke voorbereiding te treffen als de film uitkomt’, begon ze. ‘We hebben daarbij nog een dik papier gekregen met instructies, weet u nog wel? En gisteren zei u dat dit wel kon worden gearchiveerd, nu de reacties zo zijn meegevallen. Toen ik nog eens keek zat dit erbij. Weet u wat dit is?’ De burgemeester las verder zonder direct te reageren.

De heer Wilders deelt mede dat hij van zins is van een welverdiende vakantie te gaan genieten als de film is uitgegeven. Op de vraag waar de reis heen zal gaan antwoord de heer Wilders dat zijn bestemming Eilat is. De NCTb deelt de heer Wilders mee dat hij op de hoogte is dat de Israëlische Ambassade van plan is om hem te bedanken voor bewezen diensten maar raadt hem, gezien de veiligheidssituatie in dat deel van de wereld, sterk af om hier vakantie te vieren. De heer Wilders zegt toe om hier nog over na te denken.

‘Ik denk dat dit uiterst vertrouwelijk is. Je weet zeker dat hier maar 1 exemplaar van is?’ Hij zag de aarzeling bij juffrouw Jannie maar ging er niet op in. ‘Doe dit maar in de versnipperaar en doe er gelijk dat kopietje van jou maar bij’. Hij glimlachte naar haar en keek haar na toen ze wegliep om zijn opdracht uit te voeren.

Hij nam een sultana uit het pakje uit zijn bureaula en keek weer naar buiten. ‘Hoe kan je zo stom zijn om van een bespreking over je beveiliging, geen notulen te eisen?’, was zijn eerste gedachte. ‘Belazerd, nou nee. Klemgezet, dat past hier beter bij’. Hij zag het ontluikende groen in de bomen en glimlachte terug naar de zon. Hij kreeg zin in bloesjesdag.