Zorgeloos

In plaats van kinderen heb ik katten genomen. Die zijn veel handiger in de omgang. Ze hoeven niet steeds naar de crèche als je van huis bent, ze zeuren nooit om zakgeld, ze eten altijd hun bordje leeg, en ze bedelen niet elk halfjaar om nieuwe Nikes. Ze komen nooit dronken thuis en hebben geen foute vriendjes. Zich wassen doen ze zonder enige aanmaning, zelfs achter hun oortjes en tussen hun tenen.

De laatste jaren ben heb ik een nieuwe reden om blij te zijn met mijn keus. De toekomst oogt somber: we raken door de gas- en olievoorraad heen, het klimaat verandert, onze rechtstaten kalven af, en nu zitten we nog middenin een economische crisis ook. Had ik kinderen, dan zou ik geheid nacht na nacht liggen woelen over hun toekomst. In wat voor wereld leven zij als ze volwassen zijn? Doe ik ze op pianoles, of is survival-training wellicht toch verstandiger?


Niet dat je kinderen de enige geldende reden zijn om te zorgen dat de wereld ook na ons bewoonbaar blijft. Maar zulk eigenbelang, in de vorm van persoonlijke nazaten, maakt de zaak wel een stuk minder abstract.

Het gekke is dat de kinderen die ik ken – pubers, en al bijna een beetje volwassen – zich zelf nergens zorgen over lijken te maken. Ze volgen goede opleidingen en gaan her en der studeren, Ze kunnen piano spelen en schaken. Ze spreken hun talen. Ze reizen dat het een aard heeft. Ze volgen de politiek. Ze hebben meningen en een volle agenda. Over de wereld zijn ze niet bezorgd, laat staan over de toekomst: die liggen immers gewoon waar ze horen, namelijk aan hun voeten. Ze zijn vast voornemens om beide te veroveren.

Natuurlijk scheelt het dat ’t kinderen van redelijk welstaande ouders zijn. Geld is nooit echt een probleem voor ze geweest, en het stond vast dat ze een goede opleiding kregen, plus cultuur per paplepel. Maar ook bij minder bevoorrechte jongeren zie ik diezelfde houding: ze gaan er wat van maken, de toekomst is aan hen.

Zodat ik me van de week afvroeg of ik het niet bij het verkeerde eind had. Misschien maakt het luttele feit dat je kinderen hébt, je automatisch optimistisch over de toekomst. Misschien somber ik vooral over de toekomst omdat ik zelf geen kinderen heb?

Vandaar dat ik nu serieus overweeg dan maar mijn katten te laten jongen.

Deze column is ook in het Parool verschenen.

Foto Flickr cc tarotastic

 

 

 

 

 

 

 

  1. 1

    Dat heet evolutie. Het is gunstig om niet over de toekomst na te denken, om geen visie te hebben en om alle bullshit van de zonnige kant te bekijken. Doe of kun je dat niet, dan ga je somberen, wordt je zorgelijk, hulpbehoevend of psychopathisch.

    Het positief met een bord voor je kop om je heen kijken en geen problemen zien is een overlevingsstrategie.

    Katten zijn een placebo voor antidepressiva.

    (NB ik schrijf dit klakkeloos op zonder na te denken over waarheid, humor of mijn eigen evolutionaire dan wel geestelijke status)

  2. 2

    Katten zeuren nooit over zakgeld of nieuwe Nikes nee, maar wel om eten, en dat tig keer per dag. De kattebak blijf je verschonen, kinderen worden zindelijk. Kinderen betalen je ouwedag als je pensioen over een paar decennia niet meer bestaat, katten daarentegen kosten je alleen maar geld. Kinderen wassen hun ouders als die bedlegerig worden en er geen zorg meer is, maar katten wassen slechts zichzelf.

  3. 3

    Jongeren hebben het besef van die toekomst ook nog niet.
    Enkel studeren en feest.
    De rest lezen ze wel maar snappen ze nog niet.
    Ofja, zo kijk ik er nu tegen aan.
    Zo liep ik namelijk ook rond. Maar op het moment dat je net klaar bent met studeren, een eigen plek hebt en nergens een baan met degelijk contract kan vinden snap je pas wat die onzekerheid is.
    meh.

    Maar ook dan zie ik alles nog positief in. Er is nog zoveel te beleven en te ontdekken. Ook wanneer de tijden wat duister zijn.
    + na regen komt zonneschijn ;)

  4. 4

    In het KRO-programma De Rekenkamer is berekend dat het 9,40 euro per huishouden kost om kattengrit, dat vervuild is door de poes, te verwerken.
    Een kleine vier procent van alle afval dat verwerkt wordt bestaat uit kattengrit. Kattenbezitters hoeven over hun huisdier geen belasting te betalen, zodat de gemaakte kosten over alle belastingbetalers verdeeld worden. Vandaar dat ieder huishouden jaarlijks ongeveer tien euro meebetaald aan de kattenbak.

    Dit zijn overigens niet de enige kosten die gemaakt worden. De gemeenschap betaalt ook nog eens handen vol met geld aan de weggelopen katjes. De brandweermannen die deze doerakken uit de boom moeten halen kosten ook nog eens een kleine tien miljoen euro op jaarbasis, aldus de Rekenkamer. (AD 18-2-2011)

  5. 7

    Wat betreft het katten grit. Dat gaat in de afvalcontainer en
    daar betaal je gemeente voor om die te laten ophalen en de inhoud te laten verwerken.

  6. 9

    Wow, wat kostte dat onderzoek?
    Voor de afvalheffing die je betaalt mag je toch zelf wel weten wat je in de kliko gooit?
    Brandweermannen die katten uit bomen halen bestaan alleen in de Donald Duck.

  7. 12

    Gaan je katten ook voor je AOW zorgen en je eventueel verplegen in een verzorgingstehuis? Ik kan me voorstellen dat je je enigszins zorgen maakt over hoe ze dat zullen doen.

  8. 13

    Die katten zorgen wel weer voor meer gezelligheid in het verzorgingshuis dan die paar familieleden die je nog hebt, en die je nooit komen opzoeken… Dat dan weer wel.