Vicieuze cirkel: water en energie

Terwijl wij zorgen hebben over de stijgende zeespiegel, kampt het Middellandse Zeegebied met toenemende droogte. De toenemende vraag naar water leidt ook tot een grotere behoefte aan energie. Hoe kan een catastrofe voorkomen worden?

Volgens Plan Bleu, het regionale centrum van de VN-milieuprogramma UNEP, neemt de vraag naar water in het zuidelijke en oostelijke Middellandse Zeegebied tussen 2005 en 2025 met een derde toe: van 150 naar 200 km3 per jaar. Tegelijk groeit de energiebehoefte van 20 naar 200 TWh per jaar.

Het grootste deel van het water, 180 km3 per jaar, wordt gebruikt voor irrigatie. Dat water moet dan wel eerst naar de velden vervoerd worden, over steeds grotere afstanden. Dat vergt veel energie. Ook de industrie heeft veel water nodig, vooral de elektriciteitsproducenten. En ook huishoudens en de rioolzuivering gebruiken water. Het toenemend aantal waterkrachtcentrales gebruikt veel rivierwater. Er worden dammen en kanalen voor aangelegd, wat weer ingrijpende gevolgen heeft voor het waterleven en de morfologie van rivieren.

Het is duidelijk, stelt François Guerber, dat water en energie een vergelijkbare ontwikkeling doormaken en steeds meer onderling afhankelijk zijn. Simpel gesteld: voor de waterproductie heb je energie nodig en voor de energieproductie water, en beide worden schaarser. Willen we in de toekomst duurzame steden hebben, dan is beter watermanagement en verlaging van de energieconsumptie noodzakelijk.

De toenemende vraag naar water leidt tot een sterke groei van de energievraag. De bevolking neemt toe en de levensstandaard gaat omhoog. Bovendien leidt klimaatverandering vooral in de zomer tot een grotere behoefte aan water. Daardoor ontstaat overexploitatie van de beschikbare bronnen. Het gevolg is dat water over grotere afstand moet worden aangevoerd of intensiever behandeld moet worden. Beide vraagt energie. De traditionele energiebronnen worden echter schaarser. Klimaatverandering vraagt om duurzame energiebronnen, of om kernenergie. Voor kernenergie heb je echter veel koelwater nodig, waarmee ook de energiekosten sterk zullen stijgen.

Neem bijvoorbeeld Jordanië, een van de waterarmste gebieden in de regio. Men is bezig een pijpleiding aan te leggen vanuit het zuidelijke Disi naar de hoofdstad Amman om de miljoenen inwoners van drinkwater te voorzien. Een pijpleiding aanleggen over een afstand van 250 kilometer in grotendeels rotsige bodem vergt veel tijd en energie. Men overweegt daarnaast in het zuiden, aan de Rode Zee, een ontziltingscentrale te bouwen. Het Rode Zee-Dode Zeekanaal brengt het afvalwater naar de Dode Zee om wat te doen aan het drastisch dalende waterpeil. De route voert over meer dan 200 kilometer, voor een deel bergopwaarts. Jordanië beschikt bovendien nauwelijks over fossiele energievoorraden en is voor de invoer van olie en gas grotendeels afhankelijk van het buitenland. De voor al deze plannen benodigde energie moet komen van kerncentrales, die op hun beurt veel water nodig hebben.

Niet voor niets stelt Guerber dat de water-energie scenario’s voor het Middellandse Zeegebied zorgwekkend zijn, zo niet catastrofaal. De enige optie is een adaptatie-scenario: proactief toekomstgerichte stappen zetten in zowel de water- als de energiesector. Daarvoor is actie nodig op lokaal en landelijk niveau, en binnen de hele regio. Guerber noemt vier belangrijke acties.

De eerste is om voor elk waterlichaam vast te stellen wat de minimaal noodzakelijke hoeveelheid water is die erdoorheen moet vloeien en dat te handhaven ook als dat betekent dat je minder waterkracht kunt produceren. Op termijn bespaar je daardoor geld, want je hoeft je niet steeds aan veranderende klimaatomstandigheden aan te passen of nieuwe waterwerken aan te leggen.

Ook belangrijk is integraal watermanagement in samenhang met andere beleidsterreinen zoals: duurzame energie, landbouw, huisvesting en landgebruik.

Bovendien moet je anticiperen op klimaatverandering en je beleid daarop aanpassen, niet alleen op algemeen beleidsniveau maar evenzeer binnen de verschillende deelgebieden, ongeacht de toekomstige watervoorraden of energiekosten.

Tot slot pleit hij voor een herbeoordeling van investeringsbeslissingen in het licht van de toekomstige energievoorraad en -prijzen. Zo krijgen waterverbruikers steeds meer belang bij het monitoren van hun energieverbruik teneinde kosten te besparen. Investeringsbeslissingen dienen gebaseerd te zijn op toekomstige energiekosten en watertekorten. Denk bijvoorbeeld aan het optimaliseren van kosten en benodigde energie tijdens de levensduur van pompen en ander materieel. Of aan het energieneutraal maken van rioolzuiveringsinstallaties.

Willen we een catastrofe voorkomen, dan is snelle actie nodig, zegt Guerber. In 2010 zette de Union for the Meditarranean (UfM) een concept waterstrategie op, die anno 2012 om politieke redenen nog steeds niet vastgesteld is. Dat is wel noodzakelijk, zodat de lidstaten de strategie kunnen vertalen in nationaal beleid en vervolgens water-energieprojecten kunnen uitvoeren.

  1. 1

    “Ook de industrie heeft veel energie nodig” moet waarschijnlijk zijn: “Ook de industrie heeft veel water nodig”.

    Gerelateerd: zou het mogelijk zijn om de waterdamp die in energiecentrales vrijkomt weer te laten condenseren aan de buitenlucht? Je zit dan wel met nogal warm water, maar er zijn waarschijnlijk wel toepassingen voor.

  2. 2

    Onder ogen zien dat dit planeetje misschien een drie miljard mensen een bestaan kan geven wat wij in het westen als menswaardig beschouwen schijnt lastig te zijn.
    Ook lijkt lastig in te zien te zijn dat als we niet op één of andere beheerste manier de wereldbevolking tot deze omvang terugbrengen dat het dan onbeheerst zal gebeuren, een atoomoorlogje, voedseltekort, onwerkzame anti biotica, er zal nog wel wat de bedenken zijn, zoals het ploffen van Yellowstone.
    Aan het laatste kunnen we niets doen, overigens.

  3. 3

    Wat een nonsens. De enige beperkende factor in hoeveel mensen we in leven kunnen houden is de hoeveelheid beschikbare energie (met energie kun je immers ook water maken). We gebruiken pas een bijna onmeetbaar kleine fractie van de energie die onze planeet bereikt; er is meer dan genoeg ruimte voor groei en er zijn meer dan genoeg mogelijkheden om het waterprobleem op te lossen. Enige probleem is dat we een stel lamme takken zijn die er niet in slagen op een duurzame wijze te handelen. Maar we zouden het best kunnen.

    Niet dat ik graag meer mensen zou zien, liever veel minder natuurlijk. Ik hou wel van wat ruimte:P

  4. 4

    Dat was inderdaad een verschrijving van mijn kant, dat moet inderdaad zijn ‘de industrie heeft veel water nodig’. Dank voor de correctie, ik heb de tekst aangepast.

    Tegelijk klopt het wel wat ik schrijf, want de industrie is ook grootverbruiker van energie. Om die op te wekken is veel water nodig en zo is de cirkel weer rond.

  5. 5

    Reageerbuis leven spreekt mij niet aan.
    Verder is de vraag hoe lang we dat volhouden.
    Bodemkundigen vragen zich al af wannneer onze landbouw de grond zover zal hebben gedenaturaliseerd dat er niets meer groeit.

    Maar het experiment hoe lang één diersoort het op z’n eentje uithoudt op dit planeteje is natuurlijk boeiend.
    Ik hoef het niet mee te maken.

    Disneyland is leuk, maar de echte wereld is veel leuker.
    Aldous Huxley beschreef Brave New World.

  6. 6

    Reageerbuis leven spreekt mij niet aan.

    En voedsel uit kassen of dat onder kunstlicht is geweekt ook niet?

    Bodemkundigen vragen zich al af wannneer onze landbouw de grond zover zal hebben gedenaturaliseerd dat er niets meer groeit.

    Dat is ongeacht de intensiteit of wijze van gebruik toch wel aan de orde. Het enige wat je kunt beinvloeden is de tijdsschaal. Maar er gaat niks verloren; de bouwstenen van het leven verlaten de planeet niet, alleen wel dat bovenste laagje aardkorst dat we akker noemen omdat we onze (recycling-)zaken niet op orde hebben. Oftewel: de methode is het probleem. En er zijn alternatieven genoeg, ook al spreken die jou niet aan (en is de rest van de wereld te dom/kortzichtig/lam om er iets aan te doen).