Armoede in de aanbieding

Nederland heeft van boodschappen doen een soort laagbetaalde deeltijdbaan gemaakt. Niet aan de kassa, niet in het distributiecentrum, maar thuis aan de keukentafel, met folders, apps, bonuskaarten, hamsterweken, weekdeals, persoonlijke aanbiedingen en de vraag of het wc-papier deze week bij Albert Heijn, Jumbo of Dirk strategisch verantwoord is. Dat wordt verkocht als voordeel voor de consument. Wie oplet, wint. Wie slim koopt, bespaart. Wie aanbiedingen volgt, houdt geld over. Het probleem is dat zo’n systeem vooral vriendelijk lijkt vanuit het perspectief van iemand die genoeg geld, tijd, opslagruimte en mentale bandbreedte heeft. Voor wie weinig geld heeft, wordt die zogenaamde keuzevrijheid al snel een extra verplichting. De actie als rookgordijn Het meest gunstige verhaal over aanbiedingen is simpel: supermarkten concurreren, consumenten profiteren. Dat verhaal klopt voor losse producten, op losse momenten, voor consumenten die precies kopen wat toevallig scherp geprijsd is. Op systeemniveau wordt het minder overtuigend. Korting wordt gepresenteerd als cadeau, terwijl het eigenlijk vooral een prijsmechanisme is dat eerst ruimte moet maken om daarna royaal te kunnen ogen. Een supermarkt die structureel korting geeft, moet die korting ergens terugverdienen. Via andere producten. Via hogere reguliere prijzen. Via fabrikanten die betalen voor schapruimte, promoties of zichtbaarheid. Via klanten die geen tijd hebben om de folder uit te pluizen. Via mensen die de bonuskaart vergeten, de app niet gebruiken of het geld missen om groot in te slaan wanneer de aanbieding langskomt. Daarmee ontstaat een vorm van prijsdiscriminatie. Niet openlijk op inkomen, want dat zou te opzichtig zijn, maar op gedrag. De klant die genoeg ruimte heeft voor zes pakken koffie, vier flessen wasmiddel en een vriezer vol tweede producten met korting, kan het spel beter spelen dan de klant die per dag of per week moet rekenen. De korting beloont niet alleen zuinigheid, maar vooral liquiditeit. Armoede maakt boodschappen duurder Dat is de kern van het probleem voor minima. Zij hebben vaak het meeste belang bij lage prijzen, en tegelijk de minste middelen om het kortingssysteem optimaal te gebruiken. Wie weinig geld heeft, kan minder makkelijk voorraad kopen. Wie klein woont, kan minder opslaan. Wie afhankelijk is van openbaar vervoer of een fiets, kan minder meenemen. Wie onregelmatig werkt, mantelzorg verleent, formulieren moet invullen of simpelweg uitgeput is van financiële stress, heeft minder tijd en aandacht over om vier supermarktapps te vergelijken. Armoede is niet alleen een tekort aan geld. Het is ook een aanslag op tijd. Elke euro die bespaard moet worden, vraagt planning, vergelijking, uitstel, omfietsen en opletten. De “slimme consument” uit de reclamefolder lijkt vrij. De arme consument is vooral bezig met schadebeperking. Dat maakt de Nederlandse liefde voor acties sociaal scheef. De middenklasse kan er een sport van maken, of gewoon de volle mep betalen omdat voor hen onder de streep uiteindelijk niet zoveel uit maakt. Voor minima is het arbeid. Onbetaalde arbeid, verricht om toegang te krijgen tot prijzen die eigenlijk gewoon normaal hadden kunnen zijn. Dat betekent dat het niet gaat om een kleine budgettaire ongemakkelijkheid, maar om huishoudens die structureel tekortkomen voor noodzakelijke uitgaven. Wie dan zegt dat mensen “gewoon op aanbiedingen moeten letten”, schuift de verantwoordelijkheid subtiel naar beneden. Niet de prijsstructuur wordt het probleem, maar de consument die onvoldoende handig zou zijn. De markt maakt het boodschappen doen ingewikkeld, waarna de arme klant wordt aangesproken op onvoldoende marktvaardigheid. Geen echte winnaars Ook voor supermarkten zelf is het de vraag hoeveel er werkelijk gewonnen wordt. Als alle ketens tegelijk steeds meer acties voeren, wordt korting geen onderscheidend voordeel meer, maar een verplicht wapen in een loopgravenoorlog. In het NOS-stuk over de recordomzet aan aanbiedingen zei iemand uit de sector het bijna letterlijk: als wij die korting niet geven, doet de concurrent dat wel. Dat is geen teken van een gezonde consumentenmarkt. Het is een collectieve verslaving aan prijsschijn. De supermarkt houdt de klant bezig met tijdelijke voordeeltjes, de fabrikant koopt zichtbaarheid, de concurrentie reageert, en de consument leert dat de normale prijs misschien vooral de prijs is voor wie niet oplet. Intussen onderzoekt de ACM sinds september 2025 hoe prijzen van dagelijkse boodschappen in Nederlandse supermarkten tot stand komen, mede door signalen dat sommige producten hier duurder zijn dan in omringende landen. Dat onderzoek gaat over prijsvorming, kosten en marges in de keten. Precies daar hoort de discussie thuis: niet alleen bij de vraag of een pot appelmoes elders goedkoper is, maar bij het systeem dat prijzen ondoorzichtig maakt en consumenten tegen elkaar uitspeelt op tijd, informatie en koopkracht. Een gewone lage prijs Er bestaat een veel eenvoudiger consumentenvoordeel dan de eindeloze actie: een gewone lage prijs. Een prijs die vandaag geldt, morgen ook, en volgende week niet eerst kunstmatig hoeft te stijgen om daarna met tromgeroffel te dalen. Voor minima zou dat meer betekenen dan de zoveelste  tweede halve prijs op een product dat ze pas kunnen betalen als het salaris of de uitkering binnen is. Nederland heeft boodschappen doen veranderd in een wedstrijd waarin de prijsbewuste consument applaus krijgt. Alleen speelt niet iedereen met dezelfde hoeveelheid tijd, geld, vervoer, ruimte en rust. Wie het minst heeft, moet het hardst werken om dezelfde korting te krijgen. Daarom is de kortingscultuur geen democratisering van voordeel. Het is een systeem waarin de laagste inkomens behalve met geld ook betalen met iets wat zij altijd al tekortkomen: tijd.

Foto: Foto Nijwam Swargiary on Unsplash.

Bijstand of tegenstand

COLUMN - door Marcel Canoy, Sandra van Dijk

Wie niet kan voorzien in zijn of haar bestaan kan aanspraak maken op de bijstand. Het idee is dat de bijstand een strikt minimale voorziening is. Alle manieren om extra middelen te vergaren moeten worden gemeld, er mag geen relevant vermogen zijn en alle extra’s worden direct afgeroomd.

Boodschappenboete

De gevolgen bleken pijnlijk duidelijk bij een recente rechtszaak waar het neologisme boodschappenboete vandaan kwam. Een inwoonster van de gemeente Wijdemeren liet haar boodschappen voor een deel door haar moeder betalen en verzuimde dit te melden. Toen de gemeente daar achter kwam, was zij door de Participatiewet genoodzaakt ruim 7000 euro terug te vorderen.

Giften

Gemeenten hebben weliswaar enige beleidsvrijheid om te bepalen wat een bijstandsgerechtigde aan giften mag ontvangen, maar dat mag geen structureel karakter hebben dat tot kostenbesparing leidt. Kortom, de boodschappen gingen kennelijk te ver en de gemeente – en in navolging de rechter – legde een terugbetaling op.

Wat zit hier achter?

De casus leverde nogal wat ophef op, want voor velen voelt dit onrechtvaardig. Waarom geen boodschappen van je moeder, maar wel levensmiddelen van de Voedselbank? De gedachte is dat een bijstandsgerechtigde niet mag wat alle andere wereldburgers wel mogen: de hulp van familie gebruiken om een menswaardig bestaan te leiden. Kinderen van rijke ouders mogen zelfs een ton belastingvrij cashen om een huis te kopen.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Sjors Provoost (cc)

Boodschappenstemming

COLUMN - Heeft u voor de jaarwisseling ook gehamsterd, of komt u er nu ineens achter dat de boodschappen duurder zijn geworden?

Dat had u kunnen weten, want de BTW-verhoging op boodschappen is één van de veranderingen die per 1 januari van kracht zij geworden en aardig wat media-aandacht hadden.

Het is een voldongen feit en aan het eind van dit nieuwe jaar kunt u de balans opmaken en zien in welke mate dit uw koopkracht heeft aangetast. En mocht u dit mee willen wegen als u in mei ter stembus gaat (voor de Provinciale Verkiezingen, annex indirecte Eerste Kamerverkiezingen) dan is het volgende wetenswaardig.

Op 15 november stemde de Tweede Kamer over allerlei amendementen en moties op de Belastingwet. Eén van de amendementen, ingediend door GroenLinks, SP en PvdA,  betrof de boodschappen.

Citaat:

Met dit amendement wordt bewerkstelligd dat de voorgenomen verhoging van het verlaagde btw-tarief geen doorgang vindt.
Dit amendement zorgt ervoor dat er geen btw-verhoging komt op de dagelijkse boodschappen, de fietsenmaker, boeken, groente en fruit, geneesmiddelen, concertkaartjes en het openbaar vervoer.

Het amendement werd verworpen. Voor: 47 Kamerleden, tegen 103.
Voor: GroenLinks, SP, PvdA, PvdD, DENK, FvD
Tegen: VVD. PVV, CDA, D66, ChristenUnie, 50PLUS, SGP

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Boodschappen, nieuws en feiten.

Na de invoering van de euro, is meermalen geklaagd dat die munt  het leven duurder maakte. Dat valt reuze mee, zegt de Telegraaf. De doorsnee boodschappen zijn tussen 2002 en nu slechts 2 procent duurder geworden. Dat mag nieuws heten, want eerder constateerde de Telegraaf heel andere feiten.

15 november 2011: Boodschappen ruim 15 procent duurder, kopt diezelfde Telegraaf. Drie jaar eerder, 18 augustus 2008, zijn volgens de Telegraaf, de boodschappen 10 procent duurder dan het jaar ervoor. Tussendoor, in augustus 2010, vond de Telegraaf de dagelijkse boodschappen nog steeds aan de dure kant, dit keer zonder cijfers te publiceren.

Als die percentages over de langere periode uiteindelijk op de twee procent komen, dan moet het in de overige jaren wel erg goedkoop zijn geweest.
We kijken even bij het CBS en inderdaad: ten opzichte van 2002 waren de gemiddelde prijzen voor voedingsmiddelen 1,9 procent gestegen. In de boodschappenkar van het CBS zit wel een heel ander pakket dan De Telegraaf heeft ingeslagen. Het CBS keek naar 13 gangbare voedingsartikelen, waaronder aardappelen, eieren, melk, maar ook koffie, thee en suiker. De Telegraaf deed er ook toiletpaper en andere zaken bij.

Het CBS heeft ook cijfers over voedingmiddelen alleen. In 2011 waren die ruim 8 procent duurder dan in 2002. Volgens De Telegraaf moet je toch echt een lading frisdrank en wasmiddelen in je boodschappenkar storten om op die 2 procent te komen. Mits die producten in de aanbieding zijn.
Gooien we de boodschappentas van het CBS vol met groente, fruit, brood en wasmiddelen, dan zie je dat die wasmiddelen in 2011 zo’n 18 procent goedkoper zijn dan in 2002. Het hele pakket is echter ruim 4 procent duurder geworden.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.