serie

Thuiszorg voor tussenmensen

Foto: Tom & Katrien (cc)

Thuiszorg voor tussenmensen – deel 3

REPORTAGE - De thuiszorg is de afgelopen jaren ingrijpend veranderd. Om te zien hoe, liep Sjors van Beek voor De Groene Amsterdammer een week mee met een Haarlemse thuiszorgorganisatie. Vandaag het laatste deel van zijn reportage.

De buitenwereld onderschat volgens Van Heerden wel eens hoe complex en fijngevoelig het thuiszorgwerk kan zijn. ‘Mensen denken: thuiszorg, dat is ramen zemen. Maar we doen zoveel meer, infusen en pompen aanleggen, terminale zorg. En trouwens: je hebt wassen en wassen. Bij een terminale patiënt die pijn en doorligwonden heeft en lijdt aan obstipatie is wassen echt verpleegkundig werk’.

De thuiszorg heeft de toekomst, denkt ook Van Heerden. Het is goedkoper dan opname in ziekenhuis of verpleeghuis. ‘Maar de politiek is er nog onvoldoende van doordrongen hoeveel aspecten er aan die thuiszorg zitten’.

Dat wordt even later al zichtbaar, als Van Heerden te hulp wordt geroepen door een verpleeghuis in de regio. Daar is ’s middags een dementerende man binnengebracht en het avondpersoneel van het tehuis weet niet hoe de sondevoeding moet worden verwisseld. Van Heerden heeft deze avond ‘AWB-dienst’, Avond-weekend-bereikbaarheid. Hulpverleners in de hele regio kunnen buiten kantoortijd bellen naar deze medische wegenwacht. Van Heerden rijdt naar het verpleeghuis waar tientallen hoogbejaarden onderuitgezakt in rolstoelen wezenloos de wereld inkijken. Ze brengt de infuuspomp weer aan de praat en legt het personeel de werking uit.

Foto: Tom & Katrien (cc)

Thuiszorg voor tussenmensen – deel 2

REPORTAGE - De thuiszorg is de afgelopen jaren ingrijpend veranderd. Om te zien hoe, liep Sjors van Beek voor De Groene Amsterdammer een week mee met een Haarlemse thuiszorgorganisatie. Vandaag deel 2 van zijn reportage.

Zorgbalans is in de regio (IJmuiden tot de Bollenstreek) een van de grootste thuiszorgaanbieders. Ruim 3300 werknemers (1900 fte’s), 3000 thuiszorgcliënten en 1500 cliënten in woonzorglocaties. Een zorgkolos zoals er de afgelopen decennia zovele zijn gegroeid. Maar, mede als gevolg van de successen van de kleinschalige ‘Buurtzorg’-projecten, keert Zorgbalans op haar schreden terug. Overal worden momenteel kleine buurtteams ingericht van maximaal vijftien medewerkers voor vijftig cliënten. Ze zijn zelfsturend, dus géén leidinggevende, en ze zetelen in kleine kantoortjes in de wijk. De planners die voorheen vanaf centraal de routes van de verpleegkundigen uitzetten, zijn overbodig geworden: de kleine teams maken hun eigen schema. Grootste voordeel voor de cliënt: minder verschillende gezichten aan het bed. Cliënt en verzorger wennen aan elkaar, er hoeft niet telkens van alles te worden overgedragen, vertellen de medewerkers.

In Aerdenhout loopt wijkverpleegkundige Anoek van Straten (26) vanuit het Buurtteam-kantoortje even twee straten verder naar een cliënt, de 71-jarige Ine. Ze heeft lelijk ontstoken wonden aan haar voeten. Van Straten verzorgt de wonden, ruimt een beetje op en klokt na 40 minuten weer uit – letterlijk. De thuiszorgmedewerksters houden bij binnenkomst en vertrek bij een cliënt hun telefoon bij een pasje, waardoor op de minuut wordt vastgelegd hoe lang ze ergens zijn geweest. Alleen de ‘zorg achter de voordeur’, de tijd die daadwerkelijk binnen is doorgebracht, wordt vergoed. ‘We maken mee dat we volgens schema ergens tien minuten hebben voor het verwisselen van een steunkous, maar dat het acht minuten duurt voordat een cliënt die slecht ter been is de deur heeft open gedaan. En dan..?’, vraagt Van Straten zich hardop af.

Foto: Tom & Katrien (cc)

Thuiszorg voor tussenmensen – deel 1

REPORTAGE - De thuiszorg is de afgelopen jaren ingrijpend veranderd. Om te zien hoe, liep Sjors van Beek voor De Groene Amsterdammer een week mee met een Haarlemse thuiszorgorganisatie. Vandaag deel 1 van zijn reportage.

Het klinkt zo simpel: hulpbehoevende mensen thuis ’s ochtends even ontbijt geven. Maar… wie betaalt het? De boterham alleen klaarzetten moet worden vergoed uit de WMO (Wet maatschappelijke ondersteuning), maar een stukje brood in de mond stoppen wordt bekostigd uit de AWBZ (Algemene wet bijzondere ziektekosten).

Franka Schnitger (55), medewerkster van de interne helpdesk bij de thuiszorg in Haarlem, legt het uit met een verontschuldigende glimlach, alsof ze de soms gekmakende hokjesgeest in die thuiszorg zelf heeft bedacht. Maar dat heeft ze niet, ze moet alleen de vele, vele regeltjes volgen die zijn opgesteld door ambtenaren, ministeries en zorgverzekeraars. Die hebben de thuiszorg opgeknipt in losse producten die één voor één worden gedeclareerd en afgerekend.

Hoe dit marktdenken soms uit de bocht kan vliegen wordt inzichtelijk tijdens een week meelopen met thuiszorg-organisatie Zorgbalans in de regio Haarlem. ‘In de praktijk zetten wij dat ontbijt dan toch maar klaar’, vertelt Schnitger. ‘Ik heb de WMO-mensen bij de gemeente wel eens gebeld dat het eigenlijk hùn taak is. Ze zeiden: “U denkt toch niet dat wij met busjes gaan rondrijden om overal de boterhammen klaar te zetten?”’.