serie

Op weg naar Duurzaamheid

In onze rubriek Op weg naar duurzaamheid verkent SargassoredacteurJohanna oplossingen voor milieuvraagstukken naar aanleiding van de documentaireserie Earthrise van Al Jazeera.


Foto: Eric Heupel (cc)

Natuurbehoud in tijden van oorlog

Op weg naar duurzaamheidIn onze rubriek Op weg naar duurzaamheid verkennen we oplossingen voor milieuvraagstukken naar aanleiding van de documentaireserie Earthrise van Al Jazeera. Deze week: natuurpark Virunga in de Democratische Republiek Congo.

In de Democratische Republiek Congo leeft men nu al bijna twee decennia met oorlog en conflict. Dat kostte naar schatting tot nu toe aan vijf miljoen mensen het leven. Weliswaar werd in 2003 een vredesakkoord overeengekomen, maar toch gaat het conflict nog steeds door. Met ingrijpende gevolgen voor mensen én de natuur.

Virunga National Park

Vanwege de uitzonderlijke biodiversiteit plaatste Unesco het Virunga National Park in 1979 op de Werelderfgoedlijst. Het enorme gebied, maar liefst 7800 km2, omvat een diversiteit aan landschappen: de gletsjers in de Rwenzori bergen, tropisch regenwoud, de savannes van Rwindi en twee actieve vulkanen. Het voortduren van de conflicten heeft het park echter flink geteisterd. De exodus van vluchtelingen uit buurland Rwanda versnelde de verwoesting van de bossen. Tijdens het conflict in Kivu bezetten rebellen het hoofdkwartier van het park, medewerkers kwamen om. Ook aanvallen van gewapende stropers eisen hun tol. Recent liet een Britse oliemaatschappij haar oog op het gebied vallen.

Na meer dan vijftien jaar van conflict leek het park in 2008 ten dode opgeschreven. De fauna is gedecimeerd. Van de oorspronkelijke 27 duizend nijlpaarden bijvoorbeeld zijn er nog maar 350 over. Olifanten worden afgeslacht om hun slagtanden. Virunga heeft ook een van de grootste populaties berggorilla’s, maar die wordt ernstig in haar voortbestaan bedreigd door rooftochten van rondtrekkende stropers en milities. Willen we de berggorilla in stand houden, dan telt elke gorilla in het park die gered kan worden. Ondanks de moeilijke omstandigheden herleeft het park en neemt het aantal dieren weer toe, met onder meer steun van de Europese Unie.

Foto: Eric Heupel (cc)

Van afbraak naar herstel

Op weg naar duurzaamheidIn onze rubriek Op weg naar duurzaamheid verkennen we oplossingen voor milieuvraagstukken naar aanleiding van de documentaireserie Earthrise van Al Jazeera. Deze week: een ecologische corridor op Maleisisch Borneo, herstel van de koraalriffen en Filipijnse kokosnetten die de strijd aangaan met erosie en overstromingen.

Maleisisch Borneo: ecologische corridor

In het stroomgebied van de 560 kilometer lange Kinabatangan-rivier op Borneo is inmiddels 85 procent van het regenwoud gekapt. Eindeloze palmolieplantages kwamen ervoor in de plaats. Datzelfde regenwoud is een van de twee habitats van de orang-oetan, die dan ook zwaar in zijn voortbestaan bedreigd wordt. Hetzelfde geldt voor de Borneodwergolifant. Voor de lokale bevolking, die leefde van wat het land opbracht, is dat het einde van haar traditionele manier van leven.

Een jaar of tien geleden besloot het volk van Batu Peteh, in het hart van de Kinabatangan dat het genoeg was. Zij wilden opnieuw vreedzaam samenleven met het bos en hun omgeving. Herbebossing was daarvoor de beste manier, zo overwogen ze. Ze zetten een coöperatie op voor duurzaam toerisme en kweken nu zelf inheemse boomsoorten om ecologische verbindingen tot stand te brengen tussen de geïsoleerd geraakte restanten van dat eens zo majestueuze regenwoud.

Koraalriffen in ere herstellen

Foto: Eric Heupel (cc)

Duurzame landbouw

Op weg naar duurzaamheidIn onze rubriek Op weg naar duurzaamheid verkennen we oplossingen voor milieuvraagstukken naar aanleiding van de documentaireserie Earthrise van Al Jazeera. Deze week: parallelle bosaanplant, duurzame glastuinbouw, vergroening van LA en Oslo’s koolstofneutrale toekomst.

Kenia: parallelle bosaanplant

Jarenlange overexploitatie leidde tot decimering van Kenia’s inheemse bossen met bodemerosie, overstromingen en habitatverlies tot gevolg. Boeren planten vaker snelgroeiende uitheemse soorten aan. Dat is goed voor de economie, maar slecht voor de biodiversiteit. Volledig natuurlijk herstel van de inheemse bossen is voor boeren geen haalbare kaart.

African Forest ontwikkelde daarom in de Riftvallei een model voor parallelle aanplant. Men plant er snelgroeiende exotische bomen zij aan zij met langzaam groeiende inheemse soorten. De boeren kunnen de snelgroeiende soorten exploiteren en intussen worden de langzame soorten volwassen. Onderzoek naar de economische toepassing van inheemse soorten moet in de toekomst en duurzaam en stabiel inkomen bieden. Denk bijvoorbeeld aan cosmetica, medicijnen en culinair gebruik.

Australië: duurzame glastuinbouw

Landbouw legt een groot beslag op onze watervoorraden. In Australië, het droogste continent ter wereld, worstelen boeren vaak met extreme droogte en onvoorspelbare weersomstandigheden. Glastuinbouw biedt hen vanwege het veel efficiëntere watergebruik uitkomst. Het nadeel is alleen dat die gepaard gaat met een hoog energieverbruik.

Foto: Eric Heupel (cc)

De zon op aarde

Op weg naar duurzaamheidIn onze rubriek Op weg naar duurzaamheid verkennen we oplossingen voor milieuvraagstukken naar aanleiding van de documentaireserie Earthrise van Al Jazeera. Deze week: Rotterdamse afvalarchitecten, een reuzenpad die Australië schrik aanjaagt en fusie-energie.

Bouwafval: een teken van slecht design

In Zuid-Spanje bezocht ik ooit iemand die zijn huis opknapte met dingen die hij op de basura vond. Zoals een oude radiator die hij zwart verfde en op zijn dak legde. De zon leverde hem vervolgens warm water om te douchen. Aan hem moest ik denken toen ik zag wat het Rotterdamse bedrijf 2012architecten doet met constructie-afval. De bouwindustrie is een flinke vervuiler en wereldwijd verantwoordelijk voor een derde van de CO2-uitstoot.

Voor 2012architecten is ontwerpen niet het begin van een lineair proces, maar onderdeel van een continue cirkel van ontwerp en herontwerp, gebruik en hergebruik. Met slim ontwerpen minimaliseren ze het beslag op grondstoffen en besparen ze energie. Oude bouwmaterialen in de naaste omgeving krijgen bij hen nieuwe toepassingen. Hun uithangbord is Villa Welpeloo, bijna volledig gebouwd met hergebruikte materialen. ‘Milieuvriendelijk betekent niet dat je saai moet zijn.’

Dichter bij mijn huis bouwde Arcadis een nieuw kringloopcentrum in Houten. De gevel is bekleed met gebruikt hout van pallets en steigerplanken, in de plinten zijn oude Stelcon platen gebruikt. Zonnepanelen, warmte- en koudeopslag en een uitgekiend systeem om daglicht binnen te laten, maken het een zeer energiezuinig gebouw.

Foto: Eric Heupel (cc)

Van afval tot grondstof

Op weg naar duurzaamheidIn onze rubriek Op weg naar duurzaamheid verkennen we oplossingen voor milieuvraagstukken naar aanleiding van de documentaireserie Earthrise van Al Jazeera. Deze week: duurzame vis, oplaadbare driewielers, boerende koeien en de herintroductie van de kraanvogel.

Ecologie terugbrengen in de voedselketen: duurzame vis

Op het eerste gezicht lijkt Veta La Palma een natuurreservaat. Het is een gebied van meer dan 110 km2, waarin een netwerk van kleine vijvers en broeklanden onderdak biedt aan 250 diersoorten. In werkelijkheid is het echter een commerciële duurzame viskwekerij.

Jarenlang hebben we zeeën en rivieren leeggevist. Daardoor zijn we steeds meer aangewezen op viskwekerijen. Die hebben als nadeel dat het voer bestaat uit visjes die in het wild gevangen worden en de intensieve teelt het water vervuilt.

De kwekerij, die onderdeel is van het natuurpark Costa Doñana, ziet de vissen slechts als één element in het grotere ecosysteem. Ze hebben er de ruimte en mogen doorgroeien tot ze volwassen zijn. Dioxines en antibiotica zijn uit den boze. Het dieet bestaat uit microalgen en garnaaltjes die in de vijvers terecht komen langs kanalen die met de riviermonding in verbinding staan.

Oplaadbare driewielers

Een derde van de Filippijnse luchtvervuiling wordt veroorzaakt door transport. De 3,5 miljoen felgekleurde driewielers die er rondrijden produceren per jaar 10 miljoen ton kooldioxide. De Asian Development Bank kwam met een voordelige oplossing. De komende tien jaar introduceert zij samen met de overheid 5 miljoen e-trikes, elektrische driewielers.

Foto: Eric Heupel (cc)

De bij als vredestichter

Op weg naar duurzaamheidIn onze rubriek Op weg naar duurzaamheid verkennen we oplossingen voor milieuvraagstukken naar aanleiding van de documentaireserie Earthrise van Al Jazeera. Deze week: hoe een bijenhek vrede sticht tussen Keniaanse boeren en olifanten, ecotoiletten op Haïti en duiken naar hardhout in Belize.

Bijenhek

In de jaren tachtig werd de Keniaanse olifantenpopulatie gedecimeerd. Tegenwoordig neemt hij dankzij een succesvol beschermingsprogramma weer toe. Dat leidt echter tot flink wat problemen. Intussen is de mensenpopulatie namelijk verviervoudigd en treft de olifant op zijn traditionele migratieroute allerlei gebouwen en wegen aan. Olifanten hebben echter geen boodschap aan grenzen. Plunderende kuddes verwoesten huizen en oogsten. Ten einde raad grijpen de boeren naar extreme maatregelen als het vergiftigen of afschieten van de olifanten.

Een gezamenlijk project van de universiteit van Oxford en Save the Elephants biedt uitkomst. Het blijkt namelijk dat olifanten panisch zijn voor bijen. Zet om elk veld een hek en plaats om de tien meter een bijenkorf, en het aantal plunderingen door olifanten neemt drastisch af.

Ecotoiletten op Haïti

Na de natuurrampen die Haïti de afgelopen jaren teisterden, verblijven er nog steeds veel mensen in kampen voor ontheemden. Een groot probleem in die kampen is het ontbreken van een goed rioleringssysteem. Dat bedreigt de bevolkingsgezondheid, door onder andere uitbraken van cholera. Bovendien leidt het tot een groot milieuprobleem, want rivieren en meren raken zwaar vervuild.

Foto: Eric Heupel (cc)

Het tij keren

Op weg naar duurzaamheidIn onze rubriek Op weg naar duurzaamheid verkennen we oplossingen voor milieuvraagstukken naar aanleiding van de documentaireserie Earthrise van Al Jazeera. Deze week: hoe Kopenhagen de fiets opnieuw ontdekt, lenen bij de buren, getijdenenergie en een ark die duivels opvangt.

Herontdekking van de fiets

Het groeiende autoverkeer leidt tot steeds drukkere steden, meer luchtvervuiling en geluidsoverlast. In 2050 zal het aantal auto’s verdriedubbeld zijn, maar de infrastructuur van de meeste steden is daar niet op berekend. Kopenhagen werkt daarom aan een toekomst op twee wielen.

Kopenhagen wil de beste fietsstad ter wereld worden. Inmiddels zijn er 1000 kilometer fietspaden en speciale fietsbruggen aangelegd. Verkeerslichten zijn afgesteld op fietsers in plaats van auto’s. Daardoor pakt inmiddels één op de drie inwoners de fiets en in de binnenstad zelfs de helft. Om het succes te meten kijkt men vooral naar het aantal kinderen dat zich op de fiets waagt tijdens de spits, want kinderen in het verkeer betekenen dat het systeem goed en veilig is.

Lenen bij de buren

Onze huizen liggen vol met spullen die we nauwelijks gebruiken. Hoe vaak heb je bijvoorbeeld je boormachine, je elektrische heggenschaar of je kampeerspullen nodig? Dat bracht Londenaar Sam Stephens op het idee dat we duurzamer kunnen leven als we dat soort spullen met elkaar delen.

Foto: Eric Heupel (cc)

Bijen in de stad

Op weg naar duurzaamheidIn onze rubriek Op weg naar duurzaamheid verkennen we oplossingen voor milieuvraagstukken naar aanleiding van de documentaireserie Earthrise van Al Jazeera. Deze week: bescherming van het Canadese regenwoud, bijen houden in Berlijn en het verduurzamen van oude huizen in Londen.

Behoud van Canada’s regenwoud

Veel van onze oerbossen zijn inmiddels door grootschalige houtkap verloren gegaan. De kaalslag waar dat toe leidde, is ook zichtbaar in het Great Bear Rainforest in Brits-Columbia. Dit uitgestrekte gebied van meer dan 6 miljoen hectare, ongeveer net zo groot als Zwitserland, is een van de grootste gematigde regenwouden ter wereld. Je vindt er bomen van 1500 jaar oud. Niet voor niets wordt het ook wel de Amazone van Canada genoemd. Voor de inheemse volkeren heeft de houtkap grote gevolgen, net als voor de honderden diersoorten die er leven.

Na jarenlange protesten kwam twee jaar geleden de Great Bear Rainforest Agreement tot stand. Volgens die overeenkomst is nu een derde van het bos beschermd gebied waar niet meer gekapt wordt. In het resterende deel wordt selectiever en minder intensief gekapt. Een vijfjarenplan moet ervoor zorgen dat ook dit deel beter beheerd gaat worden. Daarnaast is 120 miljoen dollar beschikbaar gesteld aan de First Nations gemeenschappen, de inheemse volkeren die al meer dan 8000 jaar in dit regenwoud wonen, om een duurzame economie op te bouwen. De laatste berichten zijn echter niet hoopgevend: in het zuidelijk deel neemt de houtkap weer toe en dat bedreigt het conserveringsplan dat zo moeizaam tot stand kwam.

Foto: Eric Heupel (cc)

Een andere kijk op energie

Op weg naar duurzaamheidIn onze rubriek Op weg naar duurzaamheid verkennen we oplossingen voor milieuvraagstukken naar aanleiding van de documentaireserie Earthrise van Al Jazeera. Deze week: een energieproducerende afvalberg, witte daken in een metropool, een groene stad in de woestijn en een energieboer uit Wales.

Energie uit afval

De Braziliaanse stad São Paolo is met 20 miljoen inwoners de achtste stad ter wereld. Dat betekent ook dat de afvalberg dagelijks met 26 000 ton groeit. Bij de afbraak van het organische afval komen grote hoeveelheden methaan vrij, een biogas met twintig keer zoveel invloed op de opwarming van de aarde als koolstofdioxide.

Normaal wordt dat methaangas afgefakkeld, wat in Europa inmiddels verboden is, maar je kunt het ook omzetten in elektriciteit. Dat is precies wat ze bij Bandeirantes doen. De berg met 38 miljoen ton afval is nu een groene zone, maar ondergronds vind je een heel pijpleidingenstelsel dat het vrijkomende methaan opvangt zodat het kan worden omgezet in biogas, waarmee je elektriciteit opwekken. De centrale voorziet 400 000 mensen van elektriciteit. Sinds de start in 2004 voorkwam men er de uitstoot van 7,4 miljoen ton broeikasgassen mee. Moet Nederland zich trouwens ook niet eens aansluiten bij het Global Methane Initiative?

Foto: Eric Heupel (cc)

De natuur doet het werk

Op weg naar duurzaamheidIn onze rubriek Op weg naar duurzaamheid verkennen we oplossingen voor milieuvraagstukken naar aanleiding van de documentaireserie Earthrise van Al Jazeera. Deze week: hoe een Schots eiland zelfvoorzienend werd, groene daken in New York, een Australiër die de woestijn tot leven wil brengen en een moeras dat rioolwater zuivert.

Een zelfvoorzienend eiland

Aan de noordwestkust van Schotland ligt een eiland met de naam Eigg. Het ligt ongeveer 11 kilometer van het vasteland, te ver om aangesloten te worden op het Schotse elektriciteitsnetwerk. In 2008 besloten de inwoners dat ze minder afhankelijk wilden worden van steenkool en olie. Ze bouwden een eigen energienetwerk en wekken nu duurzame energie op uit wind, zon en water.

Bijzonder is vooral dat de eilandbewoners – driekwart van de bevolking doet actief mee – een manier gevonden hebben om de elektriciteit die uit deze drie bronnen wordt opgewekt, te combineren in één systeem, dat hen 24 uur per dag van stroom voorziet. Bovendien reduceert het systeem de CO2-uitstoot drastisch. Wie elektriciteit wil gebruiken, koop eenvoudig een energietegoed, net zoals wij pre-paidkaarten hebben voor onze mobiele telefoons. De website van het eiland Eigg geeft een overzicht van nog talloze andere maatregelen die men nam om de ecologische voetafdruk te verkleinen.

Foto: Eric Heupel (cc)

Zonne-energie als de zon niet schijnt

Op weg naar duurzaamheidIn onze rubriek Op weg naar duurzaamheid verkennen we oplossingen voor milieuvraagstukken naar aanleiding van de documentaireserie Earthrise van Al Jazeera. Deze week: de Maasai sluiten een verbond met de leeuwen, zonne-energie als de zon niet schijnt, duurzame wijnbouw en gedeeld autogebruik.

24 uur per dag zonne-energie

Fossiele brandstoffen worden schaarser en daardoor zullen de prijzen stijgen. Het zal straks onrendabel zijn om fossiele brandstoffen te stoken voor de elektriciteitsproductie. Het Internationaal Energie Agentschap prognosticeert dat in 2050 de helft van alle elektriciteit afkomstig is uit duurzame bronnen, en maximaal 11 procent uit zonne-energie. Het probleem is alleen dat zonnepanelen geen energie leveren als de zon niet schijnt. Bij Torresol Energy in het Spaanse Andalusië hebben ze daar nu wat op gevonden.

Torresol Energy ontwikkelde een systeem dat werkt als een grote batterij. Flexibele zonnepanelen reflecteren het zonlicht op een centrale ontvanger. Die geconcentreerde zonne-energie wordt geabsorbeerd door natrium- en kaliumnitraten, die men omlaag pompt en in gesmolten toestand opslaat in een tank, om ze op een later tijdstip weer om te zetten in energie. De tanks hebben voldoende opslagcapaciteit om de turbines 15 uur te laten draaien, zodat er ook zonne-energie geleverd wordt als de zon niet schijnt.

Foto: Eric Heupel (cc)

Ecocide: misdaad tegen de vrede

Op weg naar duurzaamheidIn onze rubriek Op weg naar duurzaamheid verkennen we oplossingen voor milieuvraagstukken naar aanleiding van de documentaireserie Earthrise van Al Jazeera. Deze week: behoud van de Iberische lynx, gemeenschapsbeheer van de Nepalese bossen, een milieu-advocaat die ecocide strafbaar wil stellen en het verloren paradijs van Nieuw-Zeeland.

Behoud van de Iberische lynx

De Iberische lynx komt, zijn naam zegt het al, alleen voor op het Iberisch Schiereiland. Ziektes onder zijn belangrijkste voedselbron (het konijn), versnippering van zijn leefomgeving, stroperij en aanrijdingen maakten hem een van de meest bedreigde katachtigen ter wereld.

In het Doñana Natuurpark, een van Unesco’s Werelderfgoedlocaties in zuid-west Spanje, fokt men nu lynxen in gevangenschap om ze straks in het wild uit te zetten. Contact tussen de lynx en de mens wordt zoveel mogelijk vermeden om hun natuurlijke gedrag te bevorderen, zodat ze straks in het wild kunnen overleven. Onderdeel van die overlevingstechnieken is het leren jagen op speciaal voor dat doel gefokte konijnen. El Acebuche is onderdeel van een groter fokprogramma, dat in totaal vijf centra heeft in Spanje en Portugal.

Gemeenschapsbeheer van Nepalese bossen

Bossen voorzien 300 miljoen mensen van onderdak en 1,6 miljard mensen zijn ervan afhankelijk. Veel van die bossen verdwijnen in rap tempo. In Nepal wordt jaarlijks 2 tot 4 procent van het bos gekapt, in twee decennia verdween zo een kwart van Nepals bossen. Opvallend detail: waar de overheid bossen beheert worden ze in hoog tempo gekapt, waar de lokale bevolking ze beheert floreren ze. Inmiddels staat anderhalf miljoen hectare bos onder lokaal beheer van in totaal zo’n 16 duizend groepen. 

Vorige Volgende