Kosovo zwaait toezichthouders uit
Op 17 februari 2008 riep Kosovo eenzijdig de onafhankelijkheid uit. Het land is door een flink aantal staten erkend, maar het grootste deel van de internationale gemeenschap beschouwt Kosovo echter nog steeds formeel als een deel van Servië. Van alle VN-leden tekenden er 91. Van de EU landen ontbreken Griekenland, Cyprus, Spanje, Slowakije en Roemenië. Een groep van 25 bevriende landen heeft in het International Civilian Office onder leiding van de Nederlandse diplomaat Pieter Feith vijf jaar toezicht gehouden op het onafhankelijkheidsproces. Het ICO stopt nu. Komende maandag is de laatste bestuursvergadering en dinsdag wordt de missie afgesloten met een conferentie onder de titel Chapter closed in the Balkans.
In het laatste nummer van Wordt vervolgd, het maandblad van Amnesty International, geeft Pieter Feith een weinig optimistisch beeld van de situatie onder de titel: “Kosovo wacht nog een lange barre tocht.” Hij geeft tal van voorbeelden waaruit blijkt dat de internationale gemeenschap in de afgelopen jaren weinig heeft kunnen betekenen. Kosovo heeft nog steeds een slechte internationale reputatie. Er is een grote criminele sector en veel corruptie. De helft van de bevolking leeft onder de armoedegrens. Investeerders blijven weg, ook omdat Servië een stel van sancties heeft opgelegd. De Servische inwoners weigeren te integreren in de nieuwe staat. Zo’n 200.000 Serviërs zijn gevlucht en komen niet terug omdat ze de situatie nog steeds niet veilig achten. Van een multiculturele samenleving is geen sprake. Bestuurlijk zijn er ook nog steeds grote problemen en de erkenning van de zelfstandigheid van Kosovo is gestopt.







Reclame is dan de liturgie van de commercie, maar ook in China regeert het geld. De advertentie- en reclamemarkt in China is dan ook booming. Wat wil je ook, zo’n grote consumentenmarkt in bloei, dat is toch de natte droom van iedere Paarse Broek? Alle grote bureau’s zijn er neergestreken en alle grote multinationals laten het geld wel rollen.


