Politieke partijen hebben geen toekomst

Op Sargasso bieden wij regelmatig plaats aan gastredacteurs. Vandaag een bijdrage Reinder Rustema. Dit stuk verscheen deze week ook in het NRC. Reinder is initiatiefnemer van onder andere petities.nl.

Ruud Koole vindt dat ‘opinieleiders’ een verkeerde analyse maken als ze afgeven op politieke partijen (Opiniepagina, 31 oktober). Hij corrigeert hen met een geschiedenisles om te voorkomen dat het politiek correct wordt politieke partijen niet als oplossing maar als probleem te zien.

Hij zegt dat partijen vandaag de dag bestaansrecht hebben omdat ze in het verleden belangrijk zijn geweest. Zoals ze nu functioneren moet misschien wat bijgesteld worden, maar dat doet niets af aan het belang van partijen volgens hem.

Het is precies dit soort denken – “zonder politieke partijen kunnen we niet omdat we zover zijn gekomen dankzij politieke partijen” – dat typerend is voor dergelijke ‘fossielen’.

Toegegeven, de recente nieuwe ‘partijen’ zijn geen goed voorbeeld voor de toekomst, maar dat komt vooral omdat nog weinig mensen voorbij dit systeem kunnen kijken naar een situatie zonder politieke partijen. Want hoe moet je anders, zoals Koole zegt, “kiezers mobiliseren, kandidaten rekruteren, politici ter verantwoording roepen en programmatische alternatieven aanbieden”?

Dit zijn inderdaad zaken die de nieuwe partijen al sinds Fortuyn slecht doen. Ze nemen kiezers mee uit een bestaande partij zonder een uitgewerkt alternatief te bieden. Ze zijn vooral bezig, zoals Koole terecht opmerkt, zich af te zetten tegen de bestaande politieke partijen en dat maakt nog geen verkiezingsprogramma. Veel verder dan veel Kamervragen stellen komen ze niet omdat ze niet in staat zijn coalities te smeden. Een zinloze exercitie, zou Koole dat terecht noemen.

Maar dat betekent niet dat om die reden politieke partijen het antwoord zijn. De verenigingsstructuur waarbinnen politieke partijen werken past heel goed bij de tijd van telegraaf en stoomtrein, toen het nog niet mogelijk was voor burgers om rechtstreeks, massaal met een centraal punt te communiceren.

De elektronische massamedia die daarna verschenen maken het mogelijk om vanuit het centrum slogans naar de individuele burgers te roepen, wat disciplinerend werkt voor de partijleden. Die slogans gaan snel rondzingen met inhoudelijke stilstand tot gevolg.

Adolf Hitler heeft zo bijvoorbeeld de radio slim gebruikt om zijn ‘beweging’ groot te krijgen; de Duitsers toen waren nog minder getraind in kritisch mediagebruik dan wij nu.

De politieke partijen weten nu niet om te gaan met internet en mobiele telefonie, behalve om campagne te voeren of om huidige structuren overeind te houden. Vooral de SP is hier heel goed in.
Ondertussen is de politieke partij op zich achterhaald als middel om contact met de burger te houden. De kloof wordt er eerder door vergroot.

Burgers hebben nu op grote schaal onderling contact met elkaar, iets wat in het telegraaf- en stoomtreintijdperk onmogelijk was. Helaas zijn er geen volksvertegenwoordigers die in staat zijn om hier aansluiting bij te zoeken, ook de nieuwe nog niet.

Kiezers moeten beginnen hun volksvertegenwoordiger, die zich individueel op internet presenteert met een coherent programma, aan te klikken. De meeste burgers zullen niet eens zelf politiek gaan winkelen, maar een kandidaat onthouden die in chat- of e-mailvenster verschijnt als tip door een andere burger.

Hoe de volksvertegenwoordiger daarna zijn communicatie moet organiseren is een nog onbekend en experimenteel terrein. Sommigen zullen zich beperken tot een periodieke preek tot de schaapjes, anderen zullen oude idealen als referenda en internetstemmen van stal halen.

Dat is allemaal prachtig zolang dat niet op nationaal niveau wordt gedaan, maar alleen wordt gebruikt tussen volksvertegenwoordiger en achterban. Zoals mensen ook meer of minder van autoritair optreden houden, zo kan men dan ook een passende volksvertegenwoordiger uitkiezen. Vooralsnog zitten de minder autoritaire volksvertegenwoordigers gevangen in politieke partijen.

Kern van de zaak is dat de mobilisatie meer rondom personen georganiseerd moet worden, niet rondom een partij. Dat sluit aan bij hoe wij als mensen gewend zijn te functioneren en hoe internet en mobiele telefonie dus ook het beste werken.

Iedereen die weleens via een telefonisch keuzemenu via een formulier op een website bij een callcenter terecht is gekomen weet hoe moeilijk het is voor organisaties om goed met individuen te communiceren op een natuurlijke manier. Heeft de burger eenmaal zijn volksvertegenwoordiger gevonden, dan blijft hij of zij daar elke vier jaar op stemmen zolang dat goed bevalt.

Zo blijft alleen nog het “ter verantwoording roepen van politici” zoals Koole dat noemt als belangrijke functie over. Helaas maken zowel de nieuwe Kamerleden zonder, als de oude Kamerleden met een partij nog geen onderscheid tussen volksvertegenwoordigers en bestuurders.

Ministers moeten niet langer voortkomen uit de volksvertegenwoordiging omdat dit aanzet tot clanvorming in de ouderwetse politieke partijen. Alleen als individuen kunnen Kamerleden hun vertegenwoordigende en controlerende werk goed uitvoeren.

Ze kunnen in vrijheid dagelijks andere coalities smeden. Zonder partijdiscipline, want er zitten in het kabinet dan geen ministers uit de eigen club, waarmee je die neiging tot organiseren in een partij voorkomt. Zolang volksvertegenwoordigers na de verkiezingen ministers mogen lanceren gaan ze zich onderling organiseren, ten koste van hun individuele profiel en hun vertegenwoordigende kracht.

Anderzijds moeten ministers zich ook individueel sterk profileren, maar dan voornamelijk als sollicitant. Ze solliciteren bij de volksvertegenwoordiging als goede bestuurder met kennis van zaken op de vacature van een soort politiek afrekenbare directeur-generaal van het ministerie. Zoals alle bestuurders solliciteren ze dan bij dezelfde mensen die ook tot ontslag kunnen besluiten: de plenaire Tweede Kamer.

Hoe de Tweede Kamer dit zou moeten organiseren is de vraag die nog opgelost moet worden.

Het artikel van Ruud Koole is na te lezen op op http://www.nrc.nl/opinie

  1. 2

    Past niet ons hele politieke bestel, met kamerleden die met elkaar in debat gaan “”openbaar”” terwijl niemand er iets van meekrijgt, goed bij de tijd van telegraaf en stoomtrein?

    En waarom indivualisering van politici daar dan het antwoord op zou zijn, heb ik nooit begrepen. Dat lijdt alleen maar tot verdere uitholing van het debat.

    Ons partijen systeem is prima en de vergelijking met een callcenter zwak.
    We en politici moeten alleen nog beter worden in onze mediagetraindheid. En een beetje politici van niveau zou ook geen kwaad kunnen.

  2. 4

    Volgens mij wordt hier een goed systeem voor debatteren via de moderne media gegeven. Geen goed systeem voor het organiseren van een kiesstelsel.

    Politiek organiseren rondom personen vind ik een zeer slecht idee. Lange termijn visie wordt dan vaak een ondergeschoven kindje omdat men zich moet profileren met korte termijn oplossingen en oneliners.

    “De meeste burgers zullen niet eens zelf politiek gaan winkelen, maar een kandidaat onthouden die in chat- of e-mailvenster verschijnt als tip door een andere burger.” Dit wil je toch niet?? Kiezen omdat een andere burger je dat aanraad.

  3. 5

    Een individualisering van de politiek gaat voorbij aan een essentie van politiek nl. het vormen van netwerken en draagvlak.

    Het gegeven dat politici niet met de nieuwe media (lees internet) om kunnen gaan zegt alleen dat ze niet met nieuwe media om kunnen gaan en niets anders. Niet dat ze zich moeten gaan gedragen als autistische lieden die in hun individuele handelen aantonen dat ze geen netwerk kunnen vormen en geen compromissen kunnen sluiten.

    De manier waarop men [geen] gebruik maakt van media zegt niets over hoe de politiek moet worden georganiseerd. En het is zeker geen argument om de structuur van politieke partijen maar overboord te gooien.

  4. 6

    Zelfstandige eenlingen kunnen minder goed gevolgen overzien dan een team van experts.

    Wilders denk alleen aan moslims, Marianne alleen aan diertjes. Doodeng. Wat gebeurt er als de kamer toevallig vol komt te zitten met alleen dit soort lui? Wie beslist dan over complexe economische vraagstukken?

    Ik vind dat iedere partij kandidaten voor iedere ministerpost in huis moet hebben, die als ze geen minister van Nederland worden, dan intussen wel minister binnen hun partij zijn.

    Dan kan de PvdD best bestaan, zolang ze maar ook macro-economen, juristen, enz in huis hebben om de gevolgen en uitvoerbaarheid van alles kunnen overwegen.

    Een grote groep enkelingen met ieder een eigen (verborgen) agenda is niet in staat met prinsjesdag een sluitend verhaal te presenteren.
    De huidige partijen weliswaar ook niet, maar dat komt niet door media en zo. Dat komt doordat de partijen zich juist te veel (en niet te weinig) als personen gedragen ipv als een partij.

  5. 7

    Elk kamerlid moet in deze opzet alle beleidsterreinen bijhouden. Dat zijn héél veel rapporten om te lezen. Dat kan alleen als elk kamerlid een grote staf krijgt. Goedkoop gaat het niet worden.

    Verder lijkt dit voorstel erg op het Amerikaanse systeem. Dat blijkt erg gevoelig voor druk door lobbygroepen en daarmee samenhangende corruptie.

  6. 8

    Interessante gedachten, maar helaas vrij oppervlakkig uitgewerkt en nog lang niet in al zijn consequenties doordacht. Bovendien nogal doorspekt met persoonlijke oordelen over de recente nieuwe partijen (maar dit kan het gevolg zijn van het feit dat het een reactie betreft op het stuk van Koole).

    Veel fundamentele vragen blijven onbeantwoord. Om er maar een paar te noemen: Blijven er in dit voorstel nou wel of niet politieke partijen (in nieuwe vorm) bestaan? Hoe vindt coalitievorming plaats en de vorming van een regeerakkoord? Gebeurt dit in een Poolse landdag door 150 bakkeleiende volksvertegenwoordigers op basis van hun “coherente” programma’s? Of toch door hun (toch nog bestaande) partijen die de individuele programma’s smeden tot een geintegreerd programma en op basis daarvan tot onderhandeling overgaan met andere partijen?

    Ik snap steeds minder van dit verhaal. Kan natuurlijk aan mij liggen, maar de uitwerking lijkt mij niet helder en doorwrocht. Zelfs niet op hoofdlijnen.

  7. 9

    Ik vroeg me ook al af of het nu aan mij lag dat ik dit verhaal nauwelijks kan volgen. Het komt op me over als een verzameling losse stellingen, zonder samenhang. De grote lijn in het verhaal komt volgens mij niet verder dan: “Het gaat niet goed met de politiek. Dus moet het anders. Partijen zijn ouderwets, dus daar moeten we vanaf. En in plaats daarvan moeten we iets moderns doen, met internet en mobiele telefoons en zo.”

  8. 11

    Je kunt geen 150 mensen op individuele basis laten kiezen, de meeste mensen kennen net 10 kamerleden, dus naar die 10 kamerleden die het best in de media komen zal 90% van de stemmen gaan, en dus krijgen die meer dan één zetel, want zo werkt dat in een proportioneel systeem. En op die extra zetels zitten dan mensen die hun baan aan de nummer 1 te danken hebben, en dus zijn er partijen en partijdiscipline.

    Of vindt de schrijver dat we over moeten stappen op een amerikaans districten/twee partijenstelsel?

  9. 12

    Reinder Rustema is de grootste woorduitbraker die ik (in het Nederlands) ooit heb gelezen. Hij ligt mijlenver voor op een René Diekstra bv. En je wordt er geen cent wijzer van.

  10. 15

    Die is al beter, maar daar zitten ook wel haken en ogen aan, bijvoorbeeld de financiering (bij onderwijs wordt de partij gekozen die er het meeste geld in wil steken, maar op financiën iemand die belasting wil verlagen). Het vraagt ook de nodige inspanning van de kiezer, dat kan zowel een nadeel (mensen haken af) als een voordeel (mensen informeren zich beter) zijn.

  11. 17

    Zelf heb ik dit voorgesteld:
    – De regering wordt rechtstreeks gekozen.
    – De Tweede Kamer wordt vervangen door rechtstreekse democratie.
    – Wie mee wil stemmen moet wel eerst een theoriediploma halen.
    – En lid worden van een partij. Als je niet zelf stemt of als je je actief onthoudt van stemmen, stem je met de partij mee.

    Bij dat laatste komt die partij toch weer om de hoek, maar je hoeft het dus niet eens te zijn met je partij, dus je commiteert je niet aan de denkbeelden van die club. Het is alleen een maatregel om te voorkomen dat onderwerpen die alleen voor een bepaalde groep belangrijk zijn, door fanatiek stemmen van die groep en desinteresse van de rest gekaapt kan worden. De partijen worden bovendien verplicht hun stemadvies te onderbouwen, zodat je je goed kan informeren over alle visies.

  12. 18

    Over dit onderwerp is zo veel te zeggen dat je er dagen over door kunt bomen. Maar een ding moet in verband met dit artikel van mijn hart. De laatste jaren bekruipt mij steeds meer het gevoel dat politici juist te veel naar de kiezers luisteren. Er wordt (op straat) luidkeels iets geroepen dat beter tot verjaardagsfeestjes beperkt had kunnen blijven en een meute politici haast zich om zich die kreten (populisme) eigen te maken en zo stemmen te trekken. Waar zijn de grote visies van weleer die je de zekerheid boden dat je automatisch op de goede weg zat als je daarop stemde.

  13. 19

    Een districtenstelsel invoeren. Dan krijg je een tweepartijensysteem. Dan hoeven politici ook minder snel een fractiediscipline of partijdiscipline te vertonen.

  14. 20

    @19: Nee, dat helpt tegen totaal corrupte politieke systemen! Dat even los van het feit dat je er de democratie mee van de regen in de drup helpt.

  15. 21

    Prietpraat-verhaal. De auteur vindt dat het anders moet maar hij weet nog niet hoe. Het moet meer om personen gaan dan om partijen. De auteur heeft weinig historisch besef. Ons politieke bestel draait al sinds jaar en dag om personen. Even de laatste 100 jaar in namen doornemen. Abraham Kuijper, Colijn, Drees, Den Uyl, Van Agt. Lubbers en Kok als regeringleiders met een sterke persoonlijke factor. Idem voor Oud, Bakker, Koekoek,Wiegel, Bolkenstein, Fortuijn en Marijnissen maar dan als partijleider en politicus. Ministers niet voortkomen uit de volksvertegenwoordiging? Maar dat is al sinds jaar en dag het geval. In theorie kan iedereen tot minister worden benoemd. Sterker nog. Bij de verkiezingen van 2003 maakt de PvdA veel stampij met Cohen als premier terwijl hij niet eens op de kieslijst stond. Politiek is altijd een kwestie van poppetjes geweest. Niks nieuws onder de zon. Het is wel zo dat de het werk van de politici meer zichtbaar is geworden dan vroeger waardoor er ook sneller een oordeel kan worden gevormd. Meer invloed voor de burger. Het mocht wat. Hoe lang zal het duren voor de eerste onafhankelijk gekozen kamerlid in het web van vastgoedmannetjes en mediafiguren wordt getrokken. Nee hoor. Aanpassen van het huidige systeem met meer openbare zichtbaarheid van de kamerleden.

  16. 22

    UIT DE LOSSE POLS

    Politieke partijen zouden meer leiderschap moeten tonen door:

    – daadwerkelijk besef en begrip te hebben voor de problemen in de maatschappij, zoals door burgers ervaren, op basis van gedegen en serieus onderzoek.

    – op basis van geconstateerde problemen en een goed onderbouwde toekomstvisie een doorwrocht en samenhangend programma te formuleren, waarbij eenduidig de link wordt gelegd met de geconstateerde uitdagingen. En waarbij een uitgebreide toelichting wordt gegeven waarom dit is gekozen en welke afwegingen daarbij een rol hebben gespeeld.

    – een intensieve, serieuze, transparante, open en blijvende communicatie met de kiezer (achterban en dus niet alleen met de leden) aan te gaan om te discussieren over het voorgenomen programma. Daarbij dient volop ruimte te zijn voor verstandige aanpassingen en dient elke serieus geopperde aanpassing met onderbouwing te worden aanvaard of verworpen.

    – consequent een afweging te maken of moet worden gereageerd op of gehandeld n.a.v. elke scheet of hype in de media. Daarbij moet wel steeds een uitleg worden gegeven waarom er wel of niet wordt gereageerd/gehandeld.

    – relatief eenvoudig te formuleren en te beschouwen onderwerpen via directe democratie aan de kiezer voor te leggen

    – bij bovengenoemde zaken uitgebreid en intensief communicatie instrumenten in te zetten die passen bij het mediagebruik van de kiezer.

    En als dit niet werkt dan moeten wij helaas een tijdje de directe invloed van de kiezer maximaal vergroten, waarbij er twee mogelijkheden zijn:

    a) het nieuwe systeem werkt naar behoren en brengt Nederland niet in de problemen (te beoordelen door de kiezer)

    b) het wordt na enige tijd alsnog duidelijk wat de toegevoegde waarde is van vertegenwoordigende democratie, waarbij wordt teruggegrepen op het hierboven geformuleerde (te beoordelen door de kiezer).

  17. 23

    @Cico:

    We blijven dus een parlement kiezen en regeringen vormen zoals dat nu al gebeurt?

    Hoe gaat de verantwoording en communicatie plaatsvinden naar de ongebonden kiezer?

    Hoe lang mag een traject van ‘wikken en wegen’ duren? Wordt zo’n systeem met directe democratie niet een beetje instabiel?

  18. 24

    @ Thijs:

    Ik zei al…uit de losse pols. Dit is geen onderwerp dat zonder grondige analyse en wikken wegen kan worden uitgeplozen.

    Wederom uit de losse pols, de antwoorden:

    Antwoord op je eerste vraag is: Ja (voorlopig wel)

    Antwoord op de tweede vraag: iedereen kan reageren, de partij maakt de eindafweging

    Antwoord op je derde vraag: lang genoeg om er serieus mee om te gaan. Niet alleen vlak voor de verkiezingen, maar ook tussentijds n.a.v. nieuwe zaken of behoefte aan herhaalde discussie.

  19. 25

    @Cico: Uit de losse pols wil zeggen dat je er geen vragen over mag stellen?

    Iedereen kan reageren maar de partij maakt de eindafweging. Dat biedt dus ruimte voor manipulatie of wordt het allemaal heel transparant? Wat als de partij een beslissing neemt tegen de wil van de geraadpleegde achterban?

    Er zitten gevaarlijke kantjes aan de directe democratie. Wat is de oorzaak van de roep om directe democratie? De kern lijkt toch iedere keer te liggen bij de wijze waarop de gevestigde partijen in de periode 1968-2002 de problemen met de multiculturele samenleving hebben aangepakt. Liever gezegd, niet aangepakt.

  20. 26

    Ze hebben wel toekomst. Er heeft alleen een herschikking plaatsgevonden.

    Politici willen enige zekerheid hebben (zoals iedereen). Wat ze dus nodig hebben in een loyale en trouwe achterban. Politieke partijen die daar het best in slagen zullen vanzelf weer boven komen drijven.

    Politieke parijen lijken log en ouderwets, maar log betekent ook stabiel en stabilteit is iets dat mensen uiteindelijk ook willen.

  21. 27

    @Ippe, 18:
    Dan ben ik met je eens. Ook een probleem is dat partijen en hun wetenschappelijke bureaus veelal genuanceerde en goed onderbouwde discussiestukken, nota’s en rapporten produceren die slechts in zeer beperkte kring bekend blijven of verworden of waar een of twee punten van verworden tot een hype/hetze.

  22. 28

    Thijs zegt:

    @Cico: Uit de losse pols wil zeggen dat je er geen vragen over mag stellen?

    Nee thijs, dat zeg ik niet. Iets minder verongelijkt graag.

    Verder zegt Thijs:

    “Iedereen kan reageren maar de partij maakt de eindafweging. Dat biedt dus ruimte voor manipulatie of wordt het allemaal heel transparant? Wat als de partij een beslissing neemt tegen de wil van de geraadpleegde achterban?”

    Heel transparant. En misleiding is er niet, want de partij maakt de eindafweging, weet je nog. En ja, als het moet tegen de wil van de geraadpleegden. Ze zullen dan een kleinere aanhang krijgen.

  23. 29

    @27:

    De media spelen hierin een kwalijke rol. De armoede in de politiek is zeker mede debet aan de verloederde journalistiek. Maar politici zouden er tegen in opstand kunnen (en moeten) komen!

  24. 31

    @Cico: Ik bedoel te zeggen dat er ruimte is voor creatieve perceptie van de geventileerde meningen. Partij verschaft zich zo een extra legitimatie want er is immers met de achterban overlegd.

    Strikt genomen is er altijd al beroerde journalistiek geweest. Alleen zien we het nu beter. Wie de verhalen van de oude journalisten leest of hoort kan de conclusie trekken dat er vroeger ook heel wat werd afgerommeld en gesjoemeld.

  25. 32

    @31:

    Het niet overnemen van de wil van het volk is goed te doen door er steeds duidelijk over te communiceren en met goede argumenten uit te leggen waarom dat niet gebeurt. Daarbij moeten alle ontvangstkanalen wel steeds blijven openstaan en moeten de geraadpleegden tot in het oneindige serieus worden genomen. Wedden dat die opstelling snel populair zal worden? Goed leiderschap is als appeltaart…je kunt er niet tegen zijn!

  26. 33

    En als het niet lukt is het nooit de schuld van de kiezer. De aanhang zal dan kleiner worden, gewoon omdat de kiezer het er niet mee eens is.

  27. 34

    Kan iemand mij uitleggen wat het probleem is dat de schrijver wil oplossen? Als het die bekende kloof is ben ik voorstander van een zekere afstand tussen kiezer en gekozene. Nadat de kiezer heeft gesproken wordt de gekozene immers geacht het landsbelang (of gemeente-, provincie- of Europees) te dienen en niet meer dat van zijn kiezer. (vrij naar Edmund Burke)

  28. 35

    #20
    Integendeel. Een districtenstelsel brengt de politiek dichter bij huis. Daarnaast heb je geen ellenlange coalitiebespreking meer, wordt de macht van het parlement groter (immers minder partijloyaliteit), en zul je minder verloop zien in kamerleden. Het enige minpunt is de mogelijkheid van ‘gerrymandering’.

  29. 36

    Ministers moeten niet langer voortkomen uit de volksvertegenwoordiging omdat dit aanzet tot clanvorming in de ouderwetse politieke partijen. Alleen als individuen kunnen Kamerleden hun vertegenwoordigende en controlerende werk goed uitvoeren.

    Je kunt toch ook in je eentje een clan vormen en belangenpolitiek bedrijven?

  30. 37

    @35: Ik vraag me af waar je die verminderde partijloyaliteit vandaan haalt. Daarnaast krijg je lokale dynastievorming, inderdaad geen onderhandelingen meer (want 1 partij heeft de meerderheid in het parlement), vaak een meerderheid in de de kamer die een minderheid van de bevolking representeert (zie England, Labour heeft een duidelijke meerderheid, met maar 35% van de stemmen, dat noem ik pas verlies aan democratie), veel lagere opkomsten en niet te vergeten vertegenwoordigers die meer geven om wat goed is voor hun eigen kiesdistrict dan wat goed is voor het land, vaak met als gevolg dat districten die “op het randje liggen” extreem onevenredig veel toebedeeld krijgen.

  31. 38

    @35.

    Je haalt een twee partijenstelsel en het districtenstelsel door elkaar. Om te beginnen zijn er geen tweepartijenstelsels. Ook niet in de VS. Al Gore had in 2000 zonder de deelname van Ralph Nader (Groenen) een ruime meerderheid gehad in Florida en nog een aantal andere staten en zou dus George Bush ook in het aantal kiesmannen ruim hebben verslagen.

    In GB zitten er zo’n 10 partijen in het lagerhuis. In NL ook (incl lijst Verdonk). Een districtenstelsel is minder democratisch. Op papier is een voltallig parlement met een partij met iets meer dan 5)5 van de stemmen mogelijk. De kiezers die niet op de winnende partij in een district hebben gestemd worden niet vertegenwoordigd in het parlement. Het grote voorbeeld van de aanhangers van het districtenstelsel is GB. Wie de politiek daar goed volgt ziet dat de gekozen leden vooral met parlementair theater bezig zijn om in hun district indruk te maken. Kortom, slecht idee.

  32. 40

    @32. Wil van het volk niet overnemen? Maar dan zijn we dus eigenlijk terug bij af. Immers nu wordt het land ook bestuurd op grond van een mandaat met de mogelijkheid tot beoordeling en waardering bij verkiezingen.

  33. 43

    #37
    Er is vermindere partijloyaliteit omdat een gekozenen niet meer op een landelijke partijlijst staat. Waarom zou de kiezer accepteren dat er dynastievorming plaatsvindt?

    #38
    De kans dat je met de invoering van een districtenstelsel slechts twee regeringspartijen zult krijgen, is vrij groot.

  34. 44

    Even een gedachteexperiment: Wat als er vandaag de dag helemaal geen partijen bestaan? Dus vanuit een nulsituatie.
    Hoe zouden we de ons dan organiseren rond de representatieve democratie?

    [img]http://images.vpro.nl/img.db?33252042+s(400)[/img]

  35. 45

    @Maarten Prinsen: Op zich een leuk gedachtenexperiment. Maar je haalt wel selectief slechts één factor weg. Je laat “democratie” en “representatieve” bijvoorbeeld in stand. Eigenlijk zou je helemaal van anarchie uit moeten gaan en dan kijken hoe je de boel het beste kan op tuigen.

    Maar goed, even dit experiment. Een deel zal zich waarschijnlijk toch nog rondom de traditionele zuilen (geloof, socialisme, liberalisme) organiseren. Maar ik denk dat je heden ten dagen een hele grote groep losse verbanden krijgt waarbij waarbij andere middelen gebruikt worden om een standpunt in te nemen dan een partijhiërarchie.

  36. 46

    Ondertussen is de politieke partij op zich achterhaald als middel om contact met de burger te houden. De kloof wordt er eerder door vergroot.

    Tsja. Dat is een these die rest moet bewijzen.
    Kortom een cirkelredenering.

    Mensen moeten voor idee opkomen en met middelen steun vergaren. Echt zijn! Dan krijg je een groep. Jee lijkt wel een..eh partij.

    Jammer maar gaat dus nergens over dit stuk. Bizar intern tegenstrijdig.

  37. 49

    @38/39: Het is nog veel erger. Met een first-past-the-post kiesdistrictenstelsel (zoals in VK en VS) kan je theoretisch ook met 10% van de stemmen 100% van de vertegenwoordiging halen, als er maar genoeg partijen/kandidaten meedoen. Kwestie van in elk district de grootste zijn (een meerderheid is niet nodig).

  38. 50

    @43: Maar je hebt de partij wel nodig om gekozen te worden.Vaak zie je in zo’n systeem dat de paar partijen die initieel de meerderheid krijgen de instituties dusdanig aanpassen dat nieuwkomers kansloos zijn.

    Waarom de kiezer dat toestaat? Omdat de kiezer gewoon een mens en dus een kuddedier is. Daarnaast heeft iemand die eenmaal zit een enorm voordeel over andere kandidaten in een district, omdat hij zich duidelijker kan profileren (en daadwerkelijke macht uitoefenen, hetgeen er vaak op neer komt dat hij zijn district probeert te begunstigen). In de praktijk blijkt dat ook, aangezien iemand die zit in heel veel meer dan 50% van de gevallen herkozen wordt. Als die dan na 5 keer herkozen worden eens met pensioen gaat, is degene die door hem gesteund wordt ook weer de kansrijkste kandidaat. Dat is dynastievorming.

    Bij invoering van een districtenstelsel heb je bijna altijd maar 1 regeringspartij. Dat is precies het ondemocratische aan dat stelsel, aangezien die partij zelden meer dan 50% van de stemmen kreeg (zie VK). De andere optie is een enorme vermagering van het reele partijenaanbod, met als gevolg dat steeds minder mensen zich goed vertegenwoordigd voelen door een partij (logisch, er zijn minder partijen, dus minder verschillende standpunten). Gevolg is dat de opkomst bij verkiezingen daalt. Zowel de VS als het VK halen bij lange na niet de verkiezingsopkomsten van landen met evenredige vertegenwoordiging (NL) of iets dat daarop lijkt (DL).